Woedoe

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Enkele moslims verrichten de woedoe
Moslims die hun voeten wassen in Istanboel

De woedoe (Arabisch: وضوء) is de kleine rituele wassing die verricht wordt door een moslim voor de salat, indien hij ritueel onrein is. Deze wassing leidt hem af van zijn wereldse aangelegenheden. Daarnaast heeft het wassen ook een symbolische betekenis; het zijn die delen, die in het algemeen deel nemen aan de dagelijkse werkzaamheden. Het uiterlijke wordt gereinigd. Het is een soort berouw, dat men toont aan God. Zonder dit berouw heeft het wassen niet veel betekenis.

Daarnaast bestaat ook de mindervoorkomende grote wassing, de ghoesl, of de wassing zonder water, de tayammum.

Afkeuringswaardige zaken met betrekking tot woedoe[bewerken]

  • Wat soennah is, nalaten;
  • Meer of minder water gebruiken dan nodig is;
  • De wassing in onreine plaatsen verrichten.

Zaken die woedoe ongeldig maken (volgens de hanafitische madhhab)[bewerken]

Als een van de bovenstaande zaken zich heeft voorgedaan, moet de woedoe weer opnieuw verricht worden.

Er is ook een overlevering waaruit blijkt dat de woedoe ook verplicht is als men iets gegeten heeft dat in aanraking is gekomen met vuur[1]

Voorwaarden bij het verrichten van woedoe[bewerken]

  • Het onderscheidingsvermogen tussen het goede en het kwade. Dit is rond het zevende jaar.
  • De intentie, an-niyyah, bevindt zich in het hart en het uitspreken ervan is een "bid'ah" (Het verzinnen van nieuwigheden in de religie waarvan geen voorschriften zijn.). Volgens de woorden van Mohammed: "Handelingen worden alleen door hun intentie bepaald".
  • Water voor woedoe moet rein zijn en mag niet met dwang verkregen noch gestolen zijn. Indien het niet vindbaar is, verricht dan at-tayammoem.
  • Het verwijderen van hetgeen het water doet tegenhouden van het bereiken van de huid, zoals deeg, was en klei.

De woedoe[bewerken]

Hoewel de woedoe altijd naar het voorbeeld van Mohammed is, zijn er kleine verschillen tussen de verschillende madhhabs. De woedoe kent in principe de volgende onderdelen, alleen het aantal keren waarop bijvoorbeeld de armen wordt gewassen of de manier waarop men door het haar strijkt kan verschillen:

Eerst maakt een moslim een intentie (voornemen van gehoorzaamheid aan Gods wil) en daarna zegt hij: Bismi Allahi a Rahmanir a Rahiem (In de naam van God, de Barmhartige, de Genadevolle).

Als hij toch vergeet "Bismi Allah" te zeggen voor aan de woedoe te beginnen, dan zal het niet kwalijk worden genomen.

Het is soennah vlak voor en tijdens de woedoe steeds de geloofsbelijdenis te herhalen.

De wassing wordt vervolgens in deze volgorde gedaan:

  1. Het wassen van de handen
    Drie keer de handen grondig te wassen.
  2. Het spoelen van de mond
    De mond wordt drie keer gereinigd. Men neemt een handjevol water in de rechterhand, waarbij de tanden door er overheen te wrijven schoon wordt gemaakt met vingers van linkerhand. Wenselijk is voor de randen gebruik te maken van een misvak of tandenborstel.
  3. Het reinigen van de neus
    Vervolgens worden eveneens drie keer de neusgaten gewassen. Men neemt een handjevol water in de rechterhand en snuift door adem in te halen via de neusgaten. Vervolgens snuit hij of zij dit water uit met de linkerhand.
    Het is aan te raden dat men overdrijft in het opsnuiven, dus met kracht opsnuift, behalve als men vast. Dan dient niet te worden overdreven uit vrees dat het water via de neusholte naar binnen gaat.
    Mohammed heeft gezegd: "En overdrijf bij het opsnuiven, behalve als je vast."
    (Overgeleverd door Aboe Dawoed en is goed gekwalificeerd door Al-Albaanie in Sah'ih' Aboe Daawoed)
  4. Het wassen van het gezicht
    Daarna wordt het gezicht drie keer gewassen, van voorhoofd tot kin en van oor tot oor. Een dichtbehaarde baard mag bevochtigd worden.
  5. Het wassen van de onderarmen
    Vervolgens worden de armen drie keer tot aan de ellebogen gewassen. Men begint met zijn rechterarm.
  6. Het vegen over het hoofd
    Hierna veegt men met de palm van beide handen een keer over het hoofd. Dat doet men door te beginnen bij het voorhoofd en te eindigen bij het einde van de haargroei op de nek. Vervolgens gaat men weer met zijn handenpalmen terug tot het voorhoofd. Dit doet men één keer.
  7. Het wassen van de oren
    Dan worden de oren gewassen. Met de wijsvinger maakt men de binnenkant schoon en met de duim de buitenkant van de oren. Ook dit doet men één keer.
  8. Het wassen van de voeten
    Tenslotte wast men de voeten tot aan de enkels drie keer. Men begint met zijn rechtervoet.
Verschillende overleveringen maken duidelijk dat onder bepaalde voorwaarden ook over de schoenen of sokken gestreken mag worden[2]

Aan het einde van de kleine wassing zegt een moslim: "Ash'hadoe anna laa ilaha illa Allah wa ash'hadoe anna laa sharieka lahoe wa ash'hadoe anna Mohammadan 'abdoehoe wa rasoeloeh"(Ik getuig dat er geen andere godheid is dan God. Hij is de Enige, Hij heeft geen deelgenoten en dat Mohammed Zijn dienaar en profeet is). "Allaahoema dj'alnie mina a-ttawaabiena wa dj'alnie miena al-moetatahirien" (God, laat mij behoren tot degenen, die berouw tonen en zich reinigen).

Het is een plicht voor degene die de kleine wassing verricht om zijn ledematen in deze volgorde te doen. Men mag het wassen van de daarop volgende ledemaat niet vertragen; zodanig dat het vorige ledemaat droog is.

Het is toegestaan ledematen achteraf te drogen. Hierbij begint men weer met de rechterledematen.

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Leidraad voor het leven, de tradities van de profeet Mohammed, Wim Raven, Uitgeverij Bulaaq, 2006, blz. 53, ISBN 90 5460 0101
  2. Leidraad voor het leven, de tradities van de profeet Mohammed, Wim Raven, Uitgeverij Bulaaq, 2006, blz. 60-61, ISBN 90 5460 0101