Wolf Biermann

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Wolf Biermann

Karl Wolf Biermann (Hamburg, 15 november 1936) is een politieke dichter en zanger uit Duitsland. Het werk van Biermann staat in het teken van het gedeelde Duitsland en uitte fundamentele kritiek op het stalinistische regime van het voormalige Oost-Duitsland.

Wolf Biermann werd geboren in de havenstad Hamburg in een communistische arbeidersfamilie met joodse wortels. Vader Dagobert Biermann, arbeider op een scheepswerf en verraden na sabotage van oorlogsschepen, werd als jood en verzetsman afgevoerd naar Auschwitz en is daar in 1943 omgebracht. Wolf overleefde het Bombardement op Hamburg -codenaam Operation Gomorrah- in de zomer van 1943 omdat zijn moeder Emma met hem in een kanaal sprong toen hun stadswijk in brand stond. In 1950 was de 14-jarige Biermann als lid van de communistische jeugdorganisatie FDJ een van de vertegenwoordigers van de Bondsrepubliek op het Weltjugendtreffen in de kersverse DDR. In 1953 verhuist de 17-jarige Biermann naar de DDR met de hulp van Margot Honecker, vrouw van de DDR-partijleider, die hij reeds van zijn kinderjaren kende.

Biermann studeerde in Oost-Berlijn politieke economie aan de Humboldt-Universiteit, maar brak die studie na twee jaar af om als regie-assistent te gaan werken bij het Berliner Ensemble. Van 1959 tot 1963 hervatte hij daar zijn studie met filosofie en wiskunde. In die tijd kwam Biermann in contact met de componist Hanns Eisler en begon liederen en gedichten te schrijven. In 1963 leidde het stuk Berliner Brautgang tot het eerste conflict met de autoriteiten. Het door hem opgerichte Berliner Arbeiter- und Studententheater wilde dit stuk spelen, dat over de bouw van de Berlijnse Muur handelde. Het mocht niet worden opgevoerd en het theater -een verbouwd cinemazaaltje- werd gesloten voordat de première kon plaatsvinden. In datzelfde jaar werd hij, na 2 jaar kandidaat-lid, ook geweigerd als partijlid van de Sozialistische Einheitspartei Deutschlands (SED), de communistische partij van de DDR.

Nadat in 1965 zijn gedichtenbundel "Die Drahtharfe" en zijn eerste langspeelplaat "Wolf Biermann (Ost) zu Gast bei Wolfgang Neuss (West)" worden uitgegeven in de Bondsrepubliek, verbiedt de DDR-overheid Biermann om nog op te treden, te publiceren of buiten de DDR te reizen. De SED beschuldigt hem van klassenverraad en obsceniteit.

In 1965 start de Stasi onder de codenaam "Lyriker" één van haar uitgebreidste en meest geheime spionage-acties tegen een DDR-burger. Tot in 1989 werden 69 verzamelmappen met gegevens over Wolf Biermann gevuld. Dit materiaal werd door 197 Stasi-beambten en 213 burger-informanten bijeengebracht.

In de volgende jaren kwamen meer platen en boeken van Biermann uit in het Westen, die dan ook clandestien hun weg vonden naar Oost-Duitsland. In 1969 verschijnt zijn LP "Chausseestraße 131". Het is waarschijnlijk zijn beste werk. De muziek is met een Grundig bandrecorder opgenomen in zijn woning in Oost-Berlijn. Op de achtergrond zijn straatgeluiden en zelfs luidsprekers van de grenspolitie aan de Berlijnse Muur te horen. De liederen op deze langspeler zijn ironisch, af en toe sarcastisch, maar "leggen de vinger op de zere plek". Biermanns woning aan de Chausseestraße 131 werd in die tijd een trefpunt voor mensen uit de oppositie en critici van het regime.

In september 1976 mocht Biermann na 11 jaar "Berufsverbot" voor het eerst weer optreden in een kerk in het Oost-Duitse Prenzlau. Op 13 november begint hij met een concert in Keulen aan een tournee door de Bondsrepubliek, op uitnodiging van de West-Duitse metaal-vakbond IG Metall. Op 16 november besluit het Politbureau van de Oost-Duitse communistische partij dat Wolf Biermann zijn staatsburgerschap verliest en niet meer mag terugkeren omdat hij zich "tijdens zijn optredens in een kapitalistisch land tegen de DDR en het socialisme had gericht en aldus zijn staatsburgerlijke plichten ernstig geschaad had". Biermanns "Ausbürgerung" leidde tot protesten van West-Duitse kunstenaars en op 17 november tot een petitie van 13 leidende intellectuelen in de DDR, waaronder schrijfster Christa Wolf en auteur Stefan Heym. Het protest breidde zich uit en kreeg schriftelijke steun van vele gewone DDR-burgers en kunstenaars, waarvan er velen later daarvoor werden vervolgd.

Meteen na de "verbanning" van Biermann zond de West-Duitse ARD het concert in de Keulse Sportarena opnieuw uit. Omdat de live-uitzending op 13 november was uitgezonden door de WDR, een regionaal TV-kanaal dat niet kon ontvangen worden in de DDR, konden vele DDR-burgers via het eerste West-Duitse kanaal pas voor het eerst kennismaken met Biermann en zijn liederen.

In 1977 voegde zijn partner Eva-Maria Hagen zich bij hem in het Westen, met haar dochter Nina Hagen. Biermann zette zijn carrière verder met optreden en nieuwe teksten, waarin hij de DDR op de korrel bleef nemen en tegelijk ook zijn geloof in een vorm van socialisme en communisme tegen het stalinisme uitte. Hij brak later met zijn socialistische overtuiging, terwijl er eind jaren 80 ook een zekere actie-moeheid zichtbaar werd.

Niettemin maakte Wolf Biermann op 21 november 1981 als een van de belangrijkste optredende kunstenaars grote indruk op de honderdduizenden demonstranten tegen de kernwapens op het Amsterdamse Museumplein. Hij was daar uitgenodigd door het IKV, na enig tegenstribbelen van het door de CPN geleide comité Stop de Neutronenbom. In april 1982 kreeg Biermann een eenmalige inreisvergunning in de DDR en bezocht zijn doodzieke vriend, de oorlogsverzetsman, uit de partij gezette communist en criticus van het DDR-regime Robert Havemann in Oost-Berlijn.

In december 1989, kort na de val van de Muur, kon Biermann weer in de DDR optreden en deed dat in een afgeladen hal in Leipzig. Hij rekende op zijn manier af met de bonzen van de DDR: Wir werden euch nicht ins Verderben stürzen - ihr seid schon verdorben genug. De DDR was verleden tijd. In 1990 werd het niettemin tijd voor een afrekening met de Staatssicherheitsdienst (Stasi): Hij nam deel aan de bezetting van het Stasi-ministerie en klaagde de dichter Sascha Anderson, het opperhoofd van de "alternatieven", aan als spion. Later volgen aanklachten tegen de schrijver Stefan Heym en PDS-politicus Gregor Gysi. Biermann begon een stichting, die mensen ondersteunt die door de Oost-Duitse staat zijn beschadigd.

In de loop van de jaren 90 krijgt Biermann meer oog voor zijn joodse roots, reist regelmatig naar Israël, treedt daar op en vertaalt joodse poëzie en liederen. Hij neemt stellingen in m.b.t. de eerste Golfoorlog, het NAVO-optreden in Kosovo en de oorlog in Irak, waarbij hij het "hoera-pacifisme" op de korrel neemt. Biermann ontving veel prijzen voor zijn werk, zoals de Georg-Büchner-Preis in 1991, en is sinds zijn zeventigste verjaardag in 2006 drager van het Groβes Bundesverdienstkreuz.

Hij is op 26 maart 2007 ook ereburger van de stad Berlijn geworden, maar daar moest voor gemanoeuvreerd worden. Het voorstel om Biermann tot 115de ereburger van Berlijn te benoemen was afkomstig van de christendemocratische, liberale en groene fracties in het Berlijnse stadsparlement: "Biermann had als geen ander de stad bezongen, de deling van de stad en het onrecht door de SED gehekeld." Het kostte overredingskracht om de rood-rode coalitie (van sociaaldemocraten en postcommunisten) over de streep te krijgen. Nadat bekend werd dat er reeds in 2003 discreet was geïnformeerd naar de kansen van Biermann bij burgemeester Wowereit (SPD), ging ook de Berlijnse SPD overstag. Als enigen onthielden zich de afgevaardigden van de PDS zich tijdens de stemming, waarna Wolf Biermann zich erg kritisch uitliet over deze coalitie.

In november 2008 ontving hij het eredoctoraat van de Humboldt-Universiteit en werd hem ook de bul voor psychologie uitgereikt.

Wolf Biermann woont en werkt tegenwoordig in Hamburg.

Externe links[bewerken]