Wow!-signaal

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Het "Wow!" signaal

Het Wow!-signaal was een sterk smalbandig radiosignaal dat werd gedetecteerd door Jerry R. Ehman op 15 augustus 1977 in het kader van een SETI-project bij de inmiddels ontmantelde Big Ear-radiotelescoop van de universiteit van Ohio.

Het signaal droeg tekens van potentiële niet-aardse en niet-zonnestelselachtige oorsprong, duurde 72 seconden en was nooit daarvoor gedetecteerd.

Verbaasd over hoe de exacte productie van de intensiteitsvariatie van een gelokaliseerd signaal in de gebruikte antenne had kunnen plaatsvinden printte Ehman het signaal: 6EQUJ5 en schreef in de marge Wow!. Dit commentaar gaf dan ook de naam aan dit signaal.

De eis die SETI echter stelde teneinde het Wow!-signaal als waarlijk bijzonder te kenmerken, namelijk dat het ook in de herhaling moest kunnen worden waargenomen, werd niet beantwoord.

Technische details[bewerken]

De lettercode "6EQUJ5" geeft de variatie in intensiteit van het signaal weer. Een spatie geeft een intensiteit aan van 0,0 tot 0,999, de getallen 1 tot en met 9 geven intensiteitsvariaties aan tussen 1,000 en 9,999. Boven de 10 wordt de intensiteit weergegeven door letters (A voor 10,0 tot 10,999, B voor 11,0 tot 11,999 enz.) De door Big Ear opgevangen U (met een intensiteit van tussen 30,0 en 30,999) was de hoogste gemeten intensiteit die ooit door een radiotelescoop was opgevangen. De intensiteit is in dit geval een dimensieloos getal, gebruikt om de verhouding tussen signaal en ruis weer te geven. De ruis was gemeten en uitgemiddeld over een aantal minuten zodat deze kon worden weggefilterd.

De bandbreedte van het signaal was minder dan 10 kHz. Er zijn twee verschillende waardes gegeven voor de frequentie ervan: 1420,356 MHz (door J. D. Kraus) en 1420,456 MHz (door J. R. Ehman). Beiden op 50 kHz van de frequentie van de "waterstoflijn" (een spectraallijn), die zich bevindt op 1420,406 MHz. Er werden twee mogelijke hemelcoördinaten gegeven, beide gelegen in het sterrenbeeld Boogschutter:

  • R.A. = 19h22m22s ± 5s
  • R.A. = 19h25m12s ± 5s

Beide coördinaten geven een declinatie = -27°03´ ± 20´ (epoche B1950.0).

De Big Ear-telescoop is een vaste telescoop die de aardrotatie gebruikt om de ruimte af te tasten. Aangezien de telescoop ten opzichte van de ruimte dus "beweegt" met de snelheid van de aardrotatie, en gezien het feit dat een telescoop een beperkt observatiebereik heeft, was de maximale observatietijd per object 72 seconden. Wanneer Big Ear dus buitenaardse signalen zou opvangen zou men verwachten dat dat signaal exact 72 seconden zou duren, met gedurende de eerste 36 seconden een stijgende intensiteit - op welk moment het signaal in het centrum van het observatievenster van de telescoop valt - en na deze piek vervolgens een afnemende intensiteit.

Zowel de lengte van het signaal (72 seconden) als de gedurende de eerste helft van het signaal stijgende en daarna dalende intensiteit, komt overeen met het te verwachten patroon voor een signaal van buitenaardse oorsprong.[1]

Zoektocht naar herhaling[bewerken]

Big Ear maakte gebruik van twee hoornvormige antennes die de ruimte afzochten naar signalen. De antennes wezen elk in een iets andere richting. Het Wow!-signaal werd wel door de ene, maar niet door de andere antenne opgevangen, echter door de manier van informatieverwerking was niet te achterhalen door welke van de twee het signaal was opgevangen. Door de manier van opstelling zou echter worden verwacht dat na drie minuten het signaal door de andere antenne zou zijn opgevangen, maar dit gebeurde niet. Ehman bleef nog een maand speuren naar een herhaling van het Wow!-signaal maar vond niets.

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Shostak, Seth. "Interstellar Signal From the 70s Continues to Puzzle Researchers", Space.com, 2002-12-05.