Yuezhi

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Yuezhi
Naam (taalvarianten)
Traditioneel 月氏 of 月支
Vereenvoudigd idem
Hanyu pinyin Yuèzhī
Wade-Giles Yüeh-Chih

Yuezhi was de naam die in Chinese historische bronnen wordt gegeven aan een Indo-Europees nomadenvolk uit Centraal-Azië.

Geschiedenis[bewerken]

Vaak worden de Yuezhi geïdentificeerd met de Tocharen (Τοχάριοι), die staan vermeld in Griekse historische bronnen. Volgens anderen zou de vorm Yuezhi een verkeerde lezing van het oud-Chinese schrift zijn, en eigenlijk als Ruzhi uitgesproken moeten worden. Dit zou de Chinese transcriptie van de in Tochaarse documenten vermelde Arshi zijn.[1]

De trek van de Yuezhi door Centraal-Azië,
tussen 176 v.Chr. en 30 na Chr.
N.B.: De Wusun woonden oorspronkelijk verder naar het oosten

De belangrijkste Chinese historische bronnen vormen de Shiji[2] en de Hanshu,[3] de officiële kronieken van de Han-dynastie.

Volgens deze bronnen waren de Yuezhi afkomstig uit het westelijk deel van de huidige Chinese provincie Gansu. De Yuezhi waren eind 3e eeuw v.Chr. in een langdurige strijd met de Xiongnu verwikkeld. Na een vernietigende nederlaag, waarbij de schedel van de Yuezhi heerser eindigde als drinkbeker van de Xiongnu heerser Mao Dun, vluchtten de Yuezhi naar het westen, in het stamgebied van de Wusun, die zij op hun beurt versloegen. De Wusun sloten een bondgenootschap met de Xiongnu en dreven de Yuezhi verder naar het westen, in de Ili-vallei. De daar woonachtige Saken (Sai, 塞) werden door hen verdreven.

Vervolgens trokken de Yuezhi naar het zuiden, vestigden zich ten noorden van de rivier Amu Darja en oefenden de heerschappij uit over Bactrië (Daxia, 大夏). Daar vestigden zij vijf staten (yabgu). Eén van die vijf, de Kushanen, werd oppermachtig.

Meest wordt aangenomen dat ook de overige vier stamhoofden tot de Yuezhi behoorden. Het kan echter ook gaan om inheemse stamhoofden uit Bactrië die onderworpen waren door de Yuezhi.[4]

Beide volkeren worden in de Hanshu met verschillende Chinese karakters weergegeven, Yuezhi als 月氏 en Kushan als 貴霜 (Guishuang).[5]

Yuezhi en jade[bewerken]

In de Guanzi worden de Yuzhi vermeld. Zij waren bekend vanwege de productie van en handel in jade, een door de Chinezen zeer begeerd product. Volgens Griekse bronnen uit de 1e eeuw na Chr. werd er jade geproduceerd in het Kunlun gebergte in het zuidelijk deel van het Tarimbekken. De Grieken noemden dit gebied Casia.

De oude uitspraak van Yuezhi zou gebaseerd zijn op zguzja, dat erg veel lijkt op gutscha, het woord waarmee rond het huidige Khotan jade wordt aangeduid.[6] Het is dus mogelijk dat Yuzhi, Yuezhi en Casia hetzelfde begrip weergaven, namelijk de jade die door de Yuezhi werd geproduceerd of verhandeld.

Yuezhi en Tocharen[bewerken]

Een identificatie van de Yuezhi met de Tocharen is gebaseerd op een combinatie van de volgende historische bronnen:

  • Volgens de Shiji werd Daxia veroverd door de Yuezhi.
  • Volgens Strabo werd het koninkrijk Bactrië verwoest door een invasie van vier volkeren: de Asioi, de Pasianoi, de Tocharoi en de Sakarauloi (Saken). Zij kwamen allen van de overkant van de Syr Darja (Jaxartes). In dat geval zijn de Yuezhi één van de vier door Strabo genoemde volkeren.
  • Claudius Ptolemaeus noemde het westelijk deel van Gansu Thogara. Omdat de Yuezhi uit dat gebied afkomstig waren kunnen de Tochari gelijk zijn aan de Yuezhi.
  • Volgens Pompeius Trogus waren de Asiani de heersers over de Tochari en vernietigden zij de Sacaraucae. Asioi, Asiani en Pasianoi kunnen benamingen voor hetzelfde volk zijn geweest. Volgens sommigen zouden ze gelijk zijn aan de Issedonen van Herodotus en de Wusun uit de Chinese bronnen.

Daxia is mogelijk een transcriptie van Tocharië, het gebied in Bactrië waar het Grieks-Baktrische koninkrijk had gelegen. In dat geval beschreef Sima Qian daadwerkelijk de verovering van dat koninkrijk door de Yuezhi.

Kritiek op de theorie[bewerken]

Volgens Sima Qian werd Daxia niet door één koning bestuurd, maar was het land verdeeld in vele kleine staten en steden. Hun legers waren zwak en men hield niet van oorlog voeren. Volgens de Japanse wetenschapper Kazuo Enoki kon dit geen beschrijving zijn geweest van het centraal bestuurde en militair machtige Griekse koninkrijk Bactrië. Sima Qian had wel de verovering van het gebied Tochara beschreven, maar niet de verovering van het Griekse koninkrijk. Dat zou al vernietigd zijn voordat de Yuezhi dat land in bezit namen. Die vernietiging was veroorzaakt door de vier door Strabo genoemde stammen, mogelijk rond 141 v.Chr. Dat was volgens Enoki het jaar waarin Heliocles, de laatste Griekse koning in Bactrië, stierf. De invasie door de Yuezhi zou dan tussen 136 en 128 v.Chr. hebben plaatsgevonden. Het is echter niet bekend wanneer Heliocles exact stierf (vermoedelijk tussen 141 en 130 v.Chr.), zodat, ondanks de kritiek van Enoki, de identificatie Yuezhi-Tocharen door de meeste wetenschappers toch wordt geaccepteerd.

Yuezhi en Scythen[bewerken]

Volgens de Franse sinoloog Haloun was Yuezhi slechts de Chinese benaming van de Scythen. De uitspraak van Yuezhi in archaïsch Chinees luidde zngi-wǎt-t'ia, dat weer was gebaseerd op zguzja, een mogelijke transcriptie van Scythen. Ook volgens Enoki waren de Yuezhi Scythen. Hij baseert zich hierbij op Herodotus die bericht over Skythen die zich van de Koninklijke Scythen hebben afgesplitst, toen laatstgenoemden vanuit het oosten de russische steppen gingen bezetten. Enoki ziet in die afgesplitste Skythen de voorgangers van de Yuezhi.

Zie ook[bewerken]

Bronnen en noten
  1. SOME ANCIENT CHINESE NAMES IN EAST TURKESTAN AND CENTRAL ASIA AND THE TOCHARIAN QUESTION
  2. Shiji, hoofdstuk 123
  3. Hanshu (漢書), hoofdstuk 61 en 96
  4. Volgens de Japanner Tamura Jitzuzo
  5. De Engelse historicus William W. Tarn verwierp deze theorie, "een ongelukkig gevolg van een kapitale blunder", 'unhappy offshoot of an elementary blunder', p. 287 (Tarn, William W., The Greeks in Bactria and India, Cambridge 1951, ISBN 0890055246) en in navolging van Tarn wordt het relaas van de Hanshu nu algemeen als betrouwbaar gezien.
  6. Volgens de Tsjechische sinoloog Gustav Haloun (1937)