Container (kist)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Zeecontainer)
Ga naar: navigatie, zoeken
Samenvoegen van Iemand vindt dat de tekst van containerisatie in dit artikel ingevoegd zou moeten worden, of dat er een duidelijkere afbakening tussen beide artikelen dient te worden gemaakt. Als de tekst wordt ingevoegd, dient dat artikel een redirect te worden (hier melden).
Een container-vrachttrein in Groot-Brittannië
Een stuwadoor gooit een twistlock op een container
Containers in de haven van New Jersey
Een containerschip verlaat de haven van Curaçao

Een container of zeecontainer is een gestandaardiseerde metalen kist voor het transport van losse goederen. Door het gebruik van standaardafmetingen kan de container zowel via de weg, het water als per spoor worden vervoerd, zonder dat de goederen zelf hoeven te worden in- of uitgeladen. Het Engelse woord container betekent vat, recipiënt.

De standaardmaat van een container heet TEU (zie aldaar). Luchtcontainers, geschikt voor vliegtuigen, zijn in het algemeen smaller dan de standaardcontainers. Een TEU is 20 voet (ca. 6 meter) lang, 8 voet (2,44 meter) breed en 8 1/2 voet (2,60 meter) hoog. Er zijn ook containers van 10 (voornamelijk voor offshore en opslag), 30 (voornamelijk tankcontainers), 40 en 45 voet (respectievelijk ca 3, 9, 12 en 13,70 meter) lang, met dezelfde breedte en hoogte; deze worden voornamelijk voor transport over land gebruikt. De hoogte van een container kan 8 voet, 8 1/2 voet of 9 1/2 voet zijn.

Geschiedenis[bewerken]

De container als transporteenheid is in de jaren dertig uitgevonden door Malcolm McLean. Het duurde echter nog tot 1955 totdat containers echt werden gebruikt. Toen werden ze geïntroduceerd bij de White Pass & Yukon Route - die het eerste containerschip hadden laten bouwen, de Clifford J. Rogers - die ze gebruikte om goederen eenvoudig van hun treinen op hun schepen te kunnen overladen. In 1959 werd de eerste containerkraan in gebruik genomen.

In 1965 werd de eerste container gelost in de haven van Rotterdam. Deze werd gelost van de SS Fairland, het eerste schip in een lijndienst tussen New York en Rotterdam, van de moeder der containerrederijen, genaamd Sea-land Service, opgericht door Malcom McLean. Om de nodige voorzieningen te kunnen treffen richtten een aantal Rotterdamse verladers in 1966 de Europe Container Terminals (ECT) op. Tegenwoordig zijn containers onmisbaar geworden bij het vervoer van stukgoederen.

Hoewel de container al in de jaren dertig was uitgevonden, ontbrak aanvankelijk de noodzaak om deze algemeen in te voeren. Toenemende wereldhandel, congestie in de havens en arbeidsonrust deed in de jaren zestig de transporttijd tussen Europa en de Verenigde Staten echter toenemen tot enkele maanden. Mechanisering kon hierbij een oplossing bieden, maar de hiervoor benodigde standaardisatie van de laadmodules, zou de enorme flexibiliteit van het bestaande systeem van lijn- en wilde vaart tenietdoen. Onder de klassieke rederijen bestond er dan ook de nodige weerstand, maar op 23 april 1966 begon Sea-Land dan toch de eerste trans-Atlantische containerdienst. Het bleek nu mogelijk dezelfde lading in een week van kust tot kust te verschepen, waarbij de kans op schade ook nog eens aanzienlijk was afgenomen. Het maakte internationale handel op een tot dan toe ongekende schaal mogelijk en in dertig jaar tijd verdween het flexibele systeem van lijnvaart en wilde vaart met stukgoedschepen dat de koloniale rijken een eeuw lang zo goed had gediend.

Dit was alleen mogelijk door de ontwikkelingen in informatie- en communicatietechnologie. Zonder computersystemen was het niet mogelijk om de containerstromen en ladingpapieren te boeken en te volgen. De benodigde mainframes waren slechts te bekostigen door de grotere bedrijven, zodat veel kleine rederijen opgingen in grotere verbanden.

Gebruik[bewerken]

De container heeft het voordeel dat hij heel vlot van het ene transportmiddel op het andere kan worden overgeladen, onder meer in multimodale havens waar water-, spoor- en autowegen samenkomen. Er zijn speciale containerwagons en -vrachtauto's ontwikkeld die precies de juiste maat hebben. Bij het stapelen van containers maakt men gebruik van stackers, om het onderling verschuiven te voorkomen.

In 2013 kwam het grootste containerschepen in de vaart. De Maersk triple-E schepen kunnen iets meer dan 18.000 TEU meenemen. In de binnenvaart kan men elke hoeveelheid tussen de 1 en 842 TEU tegelijk vervoeren. Het grootste binnenvaartschip is de Ursa Montana een zogenaamd koppelverband.

Trimodale water- spoor- en wegterminal in de Zeebrugge

Binnen de gestandaardiseerde buitenafmetingen is het al lang niet meer de eenvoudige ‘metalen doos’ van de beginfase. Technisch is vrijwel alles mogelijk geworden: tankcontainer (voor vloeistoffen), open top containers (voor bulklading), koel- en vriescontainers (reefers, met of zonder eigen aggregaat), open side containers, flat-racks en flat beds. Je vindt nu containers met machines en aggregaten (onder meer voor de baggerindustrie), met stapelbare (nood)woningen of bouwketen. Het leger en de brandweer ontwikkelden mobiele commandocentrales in containers. Het aantal technische toepassingen is eindeloos.

Containers maken het vervoer van stukgoederen veel goedkoper dan vroeger. Het transport van een Chinese haven naar Antwerpen, Zeebrugge of Rotterdam kostte zo'n USD 978 per TEU in mei 2011. Brandstofkosten maakten hiervan de helft uit. Voor stukgoederen zijn ze dan ook bijna de enige manier van transport geworden in gespecialiseerde containerhavens zoals Rotterdam, Zeebrugge en Antwerpen. In 2006 was Rotterdam gastheer voor het Year of the Container naar aanleiding van de 50e verjaardag van de container. Het containervervoer blijft sneller toenemen, ook als de rest van de economie vertraagt.

Het nadeel van de container is dat ze leeg evenveel ruimte innemen als vol. Op haventerreinen, opslag- en overslagplaatsen en op de schepen neemt hij dus kostbare ruimte in waar geen betaalde lading staat. Proeven met opklapbare containers zijn tot op heden op niets uitgelopen: je kunt wel ruimte besparen, maar zulke containers zijn niet waterdicht en maakt ze dus ongeschikt voor transport op zee voor droge lading. Ook verslijten ze veel sneller en is de opklapfunctie verdwenen als de container een kleine beschadiging oploopt. Het vervoer van lege containers maakt een substantieel deel uit van het transportvolume en kost de bevrachters veel geld, al kunnen ze dit vaak wel gemakkelijk terugverdienen omdat het transport vol, in de andere richting (bv van China naar Europa) wel duur is.

Identificatie[bewerken]

Container-identificatie

Elke container draagt een label met identificatie en technische gegevens: een uniek identificatienummer (waarbij het laatste cijfer een controlecijfer is), het land waar hij is geregistreerd, de eigenaar, het tarra, het maximum netto- en het maximum brutogewicht.

De 4 letters (ook wel prefix genoemd) zeggen iets over de eigenaar van de container, enkele voorbeelden:

De code op de foto GB 2251 is inmiddels vervangen. De eerste twee letters die de plaats van herkomst kenbaar maakten (GB=Great Britain) is vervallen. Er rest nu nog slechts voor bijvoorbeeld een 40-voet 8,6: 42G1, een 20-voet 8,6: 22G1 en bijvoorbeeld een 40-voet reefer 9,6: 45R1.

Overslag[bewerken]

Containers kunnen op terminals worden overgeslagen door kadekranen en containerliften. Computerbestuurde kranen weten waar de containers met een bepaalde bestemming staan en zorgen ervoor dat die containers worden opgezocht als een schip met die bestemming wordt beladen.

Standaardafmetingen[bewerken]

De 40-voetcontainer is de populairste container wereldwijd. Grotere containertypes zijn meer gemeengoed geworden, in het bijzonder in Noord-Amerika. Kleinere containers (zoals 10-voetcontainers) zijn zeldzaam.

Onderstaande tabel laat de massa's en afmetingen zien van drie meest toegepaste containertypes, wereldwijd. De gewichten en afmetingen waarnaar verwezen wordt zijn gemiddelden; containers van een type kunnen lichte variaties in werkelijke afmetingen en gewichten vertonen, afhankelijk van de containerfabrikant.

20′ container 40′ container 45′ 'high-cube' container
imperial metrisch imperial metrisch imperial metrisch
buiten-
maten
lengte 19' 10½" 6,058 m 40′ 0″ 12,192 m 45′ 0″ 13,716 m
breedte 8′ 0″ 2,438 m 8′ 0″ 2,438 m 8′ 0″ 2,438 m
hoogte 8′ 6″ 2,591 m 8′ 6″ 2,591 m 9′ 6″ 2,896 m
binnen-
maten
lengte 18′ 10 ″ 5,867 m 39′ 5 ″ 12,032 m 44′ 4″ 13,556 m
breedte 7′ 8 ″ 2,352 m 7′ 8 ″ 2,352 m 7′ 8 ″ 2,352 m
hoogte 7′ 9 ″ 2,385 m 7′ 9 ″ 2,385 m 8′ 9 ″ 2,698 m
deuropening breedte 7′ 8 ⅛″ 2,343 m 7′ 8 ⅛″ 2,343 m 7′ 8 ⅛″ 2,343 m
hoogte 7′ 5 ¾″ 2,280 m 7′ 5 ¾″ 2,280 m 8′ 5 ″ 2,585 m
inhoud 1,169 ft³ 32,9 m³ 2,385 ft³ 67,5 m³ 3,040 ft³ 86,0 m³
maximum
geladen massa
52 910 lb 24 000 kg 67 200 lb 30 480 kg 67 200 lb 30 480 kg
leeg gewicht 4850 lb 2200 kg 8380 lb 3800 kg 10 580 lb 4800 kg
netto lading 48 060 lb 21 800 kg 58 820 lb 26 680 kg 56 620 lb 25 680 kg

Twenty-feet, "heavy tested" containers zijn verkrijgbaar voor zware goederen (zoals ijzererts, broodjes tin en aluminium). Deze containers hebben een toegestaan maximumgewicht van 30 480 kg, een leeggewicht van 2000 kg en een nettolading van 28 480 kg.

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]