Zeeslag bij Navarino

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Slag bij Navarino

De Zeeslag bij Navarino of Slag in de Baai van Navarino op 20 oktober 1827 bracht een beslissende wending in de Griekse vrijheidsstrijd. Het was de laatste grote zeeslag die uitsluitend met zeilschepen werd bevochten.

Voorgeschiedenis[bewerken]

De huidige stad Pylos heette in de middeleeuwen Navaríno, een verbastering van de Griekse woorden "των Αβαρίνων" (ton Avarínon), wat "van de Avaren" betekent, een herinnering aan de nomadische stam die dit gebied in de 6e eeuw binnenviel. Het Neokastro ("Nieuw Fort") aan het zuideinde van de Baai van Pylos (of Baai van Navarino) is in 1573 gebouwd door de Turken, en was tussen 1686 en 1715 in Venetiaanse handen.

Tijdens de Griekse Onafhankelijkheidsoorlog konden Griekse vrijheidsstrijders tijdelijk de vesting veroveren, maar zij moesten zich in 1825 overgeven aan Ibrahim Pasja. Deze sloeg er zijn hoofdkwartier op en ondernam vandaar uit vergeldingsacties in het gehele achterland van Messenië.

Lodewijk van Heiden

Zeeslag[bewerken]

De Ottomaanse sultan bleef koppig iedere vorm van bestand met de Griekse opstandelingen afwijzen, terwijl onder meer Frankrijk, Groot-Brittannië en Rusland de feitelijke onafhankelijkheid van Griekenland reeds erkend hadden, en er officiële betrekkingen mee onderhielden. Daarom besloten zij bij Navarino tot een demonstratie van hun macht en hun overtuiging over te gaan, teneinde de Grieks-Turkse impasse te doorbreken. De geallieerde vloot stond onder het bevel van de admiraals Henri de Rigny (voor Frankrijk), Edward Codrington (voor Groot-Brittannië) en Lodewijk van Heiden (een Nederlander, in dienst van de Russen). De drie zijn in Griekenland tot heden toe nog steeds beter bekend als de Tris Navárchi ("de Drie Admiraals"); elke Griekse stad heeft wel een Platía Tríon Navárchon ("Plein der Drie Admiraals"). Zij beschikten over 27 schepen met in totaal 1276 kanonnen. De Turks-Egyptische vloot van Ibrahim Pasja lag in een halve cirkel in de Baai van Navarino, met 89 schepen en 2438 kanonnen.

De geallieerden wilden enkel Ibrahim intimideren, zodat hij zich uit de baai zou terugtrekken, maar nadat de Turken enkele salvo's hadden gelost, hetgeen beschouwd werd als begin van de strijd, volgde een heuse zeeslag. Tegen de avond was driekwart van de Turkse vloot gekelderd. De Griekse onafhankelijkheid was nu onafwendbaar.

Op het eiland Sphacteria staan een aantal monumenten die de gesneuvelden in de Slag van Navarino gedenken. Wie door de baai vaart kan, naar verluidt, de wrakken van de Turks-Egyptische vloot op de zeebodem zien liggen.