Zorgtoeslag

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De zorgtoeslag, een inkomensafhankelijke toeslag, is een persoonlijke tegemoetkoming van de Nederlandse overheid om de premie voor de zorgverzekering voor iedereen betaalbaar te houden.

Regels[bewerken]

Of de aanvrager recht heeft op zorgtoeslag en hoeveel is in hoofdzaak afhankelijk van:

  • de huishoudsamenstelling (zoals alleenstaande, gezin, partner) en
  • de hoogte van het (gezamenlijke) toetsingsinkomen.

Indien de normpremie voor een verzekerde minder bedraagt dan de standaardpremie heeft de verzekerde aanspraak op een zorgtoeslag ter grootte van dat verschil. De normpremie is 2,93% van het drempelinkomen, vermeerderd met 5,435% van het toetsingsinkomen voor zover dat boven het drempelinkomen uitgaat (2012). Het drempelinkomen is ruwweg het minimumloon. Als het inkomen lager is of nihil (bijvoorbeeld als voor een werkloze de WW-duur verstreken is en hij meer vermogen heeft dan vrijgelaten is in de bijstand) dan hangt de hoogte van de zorgtoeslag verder niet van dat inkomen af.

De Belastingdienst/Toeslagen zorgt voor de uitbetaling van de zorgtoeslag. Bijkomend gevolg van dat de Belastingdienst de zorgtoeslag regelt is dat de zorgverzekeraars hierdoor geen inzage hoeven te hebben in het inkomen van de zorgverzekerden wat mogelijk als onwenselijk beschouwd kan worden. Recht op zorgtoeslag hebben alleen mensen met een niet te hoog toetsinginkomen: voor een alleenstaande in 2014 maximaal € 28.482, voor iemand met een toeslagpartner is het maximale gezamenlijke toetsingsinkomen € 37.145, fors lager dan in 2013.[1]

Geschiedenis[bewerken]

De zorgtoeslag is ingevoerd in 2006, als onderdeel van het nieuwe zorgstelsel. In 2006 hebben ongeveer 5,1 miljoen Nederlanders de zorgtoeslag aangevraagd. Veel Nederlanders hebben geen toeslag aangevraagd omdat ze uitgaan van het brutoloon, terwijl de toeslag wordt gegeven op basis van het toetsingsinkomen, hetgeen vaak lager is door de aftrek van de betaalde hypotheekrente. Het Besluit van 6 december 2011, houdende wijziging van de percentages van het drempel- en het toetsingsinkomen voor de berekening van de zorgtoeslag (Besluit percentages drempel- en toetsingsinkomen zorgtoeslag) bepaalt voor elk van de jaren 2012 t/m 2040 wat het normpercentage is dat verzekerden over het wettelijk minimumloon zelf dienen te betalen en wat het normpercentage is dat verzekerden over het overig inkomen moeten betalen. Deze percentages worden elk jaar hoger.

De Wet van 5 april 2012 tot wijziging van de Wet op de zorgtoeslag, in verband met de introductie van een vermogenstoets bepaalt dat met ingang van 2013 een aanvullende voorwaarde voor zorgtoeslag is dat het huishouden in box 3 niet meer dan € 80.000 meer belastbaar vermogen heeft dan het vrijgestelde bedrag. De Overige fiscale maatregelen 2013 bepalen dat daarbij meetellen de groene beleggingen, zie vermogenstoets. Nog steeds is deze vermogenstoets minder streng dan voor de huurtoeslag. Zorgtoeslag kan zowel via internet (DigiD vereist) als met een papieren formulier (verkrijgbaar via de BelastingTelefoon) aangevraagd worden.

Uitbetaling[bewerken]

Zorgtoeslag ontvang je in maandelijkse termijnen. De zorgtoeslag voor de komende maand ontvang je rond de 20e van de maand ervoor. Dat betekent dat je zorgtoeslag ontvangt voor een maand nog voordat die maand begint. Mocht de datum van uitbetaling zorgtoeslag in het weekend of op een feestdag vallen, dan geldt dat je de zorgtoeslag ontvangt op de eerste werkdag daarna.

Toekomst[bewerken]

De regering is van plan in 2015 de ouderenkorting samen met de MKOB om te zetten in een inkomensafhankelijke kop op de zorgtoeslag (ouderencomponent huishoudentoeslag). Deze kop wordt afhankelijk van de AOW-opbouw. De vermogenstoets die nu nog op de zorgtoeslag en het kindgebonden budget wordt toegepast, wordt vervangen door een gestaffelde vermogenstoets, die ook gaat gelden voor de ouderencomponent.

Externe link[bewerken]

  • [1], Belastingdienst
Bronnen, noten en/of referenties
  1. www.toeslagen.nl/2014