Zorgverzekeringswet
De Zorgverzekeringswet (Zvw) is een Nederlandse wet die op 1 januari 2006 is ingevoerd. De Zvw maakt, naast de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten, deel uit van het Nederlandse zorgverzekeringsstelsel.
De Zvw stelt een zorgverzekering verplicht voor iedereen die verzekerd is voor de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten. Dit komt neer op alle Nederlandse ingezetenen en mensen die in het buitenland wonen maar vanuit Nederland inkomsten uit arbeid ontvangen.
De omvang van de dekking van de zorgverzekering wordt door de Zvw en de onderliggende wetgeving (Besluit zorgverzekering en Regeling zorgverzekering) bepaald. Tot slot bepaalt de Zvw dat verzekeraars verplicht zijn iedereen te accepteren en zorgverzekeringen niet mogen beëindigen bij slecht schadeverloop.
De mensen met een lager inkomen kunnen tegemoetkoming krijgen vanuit de Wet op de zorgtoeslag.
Inhoud |
[bewerken] Premie
De financiering van de zorgverzekering vindt plaats door middel van:
- De nominale premie: de premie die de verzekerde aan de verzekeraar betaalt. In 2010 is de nominale premie €1.107, in 2011 is de nominale premie €1.211. Verzekeraars kunnen hier van afwijken. Voor kinderen tot 18 jaar is geen premie verschuldigd;
- De inkomensafhankelijke bijdrage (IAB Zvw of bijdrage Zvw)[1], verschuldigd over een eerste bedrag (2011: €33.427, 2012: € 50.064) van de volgende inkomensbestanddelen (het "bijdrage-inkomen")[2][3] [4] :
- Op loon en uitkeringen werknemersverzekeringen wordt een percentage (2011: 7,75 %; 2012: 7,1%[5]) inkomensafhankelijke bijdrage ingehouden (voor de grondslag zie loonstrook). Voor de nadere berekening van de grondslag wordt de VCR-methode toegepast. De werkgever of uitkeringsinstantie is verplicht de inkomensafhankelijke bijdrage aan de werknemer te vergoeden. De werknemer is inkomstenbelasting in box 1 verschuldigd over de bijdrage. Na inwerkingtreding van de aanhangige Wet uniformering loonbegrip is de werknemer deze bijdrage niet meer verschuldigd en betaalt de werkgever of uitkeringsinstantie een werkgeversheffing aan het Zorgverzekeringsfonds.
- Op de volgende inkomensbestanddelen wordt een ander percentage (2011: 5,65%; 2012: 5%) inkomensafhankelijke bijdrage ingehouden of op aanslag betaald (en wordt de bijdrage meestal niet vergoed):
- de bijdrage wordt ingehouden op de volgende uitkeringen waarover ook loonheffing wordt ingehouden:
- Pensioen
- Termijnen van lijfrente (inclusief uitkeringen uit banksparen) voor zover de premie hiervoor destijds aftrekbaar was
- de bijdrage wordt op aanslag betaald op de volgende inkomsten:
- Resultaat uit overige werkzaamheden
- Winst uit onderneming
- Alimentatie (hiervoor geldt tijdelijk een overgangsregeling)
- de bijdrage wordt ingehouden op de volgende uitkeringen waarover ook loonheffing wordt ingehouden:
- Een algemene rijksbijdrage
De bijdragepercentages worden zodanig vastgesteld, dat de som van de inkomensafhankelijke bijdragen gelijk is aan 50% van de ten gunste van het Zorgverzekeringsfonds of van de zorgverzekeraars komende inkomsten.
AOW'ers ontvangen geen bijdrage van de uitkeringsinstantie (SVB). In plaats hiervan is de uitkering verhoogd. Het hoge tarief in van toepassing, maar na inwerkingtreding van de Wet uniformering loonbegrip in 2013 wordt dit, net als voor pensioen, het lage tarief. De bruto AOW wordt zodanig verlaagd dat er netto geen verandering is.
Vooruitlopend op de inwerkingtreding van de aangenomen Wet uniformering loonbegrip in 2013 wordt het maximum bijdrage-inkomen voor de inkomensafhankelijke bijdrage per 1 januari 2012 verhoogd tot € 50.064 met verlaging van de percentages met gemiddeld 10%. Vanaf 2013 geldt voor inkomensbestanddelen waarvoor de werkgever of uitkeringsinstantie de heffing betaalt het maximum per werkgever of uitkeringsinstantie, niet meer voor alle samen. Er vindt dan voor een werknemer met twee of meer banen dus geen correctie achteraf meer plaats als het totale loon hoger is dan het maximum bijdrage-inkomen. Wel blijft gelden dat de premie die de betrokkene zelf moet betalen berekend wordt over niet meer dan het maximum bijdrage-inkomen verminderd met het inkomen waarover zijn werkgevers en uitkeringsinstanties de heffing hebben betaald. Wat teveel is ingehouden op pensioenen en lijfrenten krijg de betrokkene rechtstreeks terug van de Belastingdienst.
Zeevarenden zijn geen inkomensafhankelijke bijdrage verschuldigd.
[bewerken] Achtergrond
De zorgverzekeringswet moest een antwoord bieden op de situatie die was ontstaan nadat het Europees Hof van Justitie van de EU in de jaren negentig van de 20e eeuw in een aantal arresten had bepaald dat verzekerden vrij waren om gebruik te maken van zorg in andere lidstaten van de EU. Lidstaten met een beperkt zorgaanbod en met wachtlijsten voor behandelingen - waaronder Nederland - vreesden dat daardoor een groot aantal verzekerden hun toevlucht zouden zoeken bij zorgaanbieders in andere lidstaten. Voor Nederland betrof dat met name België, Duitsland, en Frankrijk, waar het aantal huisartsen, specialisten, en ziekenhuisbedden per 100.000 inwoners twee tot vier maal hoger was (en is) dan in Nederland[6]. Het Hof van Justitie beoogde dat effect ook, omdat het in lijn was met de opvatting van de Europese Commissie dat, door verzekerden vrij te laten, de lidstaten gedwongen zouden worden hun gezondheidszorg op een zo hoog mogelijk niveau te brengen.
Nederland heeft in plaats van voor een vergroting van het zorgaanbod, gekozen voor een defensieve opstelling. Door de uitvoering van het wettelijk stelsel van gezondheidszorg over te dragen aan particuliere verzekeraars, en hun de mogelijkheid te bieden een naturapolis aan de verzekerden aan te bieden, waarbij verzekerden verplicht werden gebruik te maken van de door de zorgverzekeraar gecontracteerde zorgaanbieders, hoopte men het dreigende zorgtoerisme te kunnen beperken, zonder het zorgaanbod op een hoger niveau te hoeven brengen. Ook door de uitvoering van bepaalde zorgtaken, die daarvoor onder de AWBZ vielen, over te dragen aan particuliere verzekeraars en gemeenten, werd bewerkstelligd dat die zorg enkel in het eigen land behoefde te worden verstrekt.
[bewerken] Externe link
Bronnen, noten en/of referenties:
- Dijk, mr. J.W.S. van, M.J.A. Nikkels-Agema en H. Winters FFP (2006) Praktijkgids Zorg & Inkomen 2006. Deventer:Kluwer. ISBN 90-13-03380-6
- Hamilton, mr. G.J.A., (2005), Een zorgverzekering voor iedereen. PS-special Zorgverzekeringswet en Wet op de zorgtoeslag. Deventer: Kluwer. ISBN 90-13-03007-6
Referenties
|