Zusters Franciscanessen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De Zusters Franciscanessen zijn vrouwen van verschillende kloostercongregaties die als Derde Orde de regel van Sint-Franciscus volgen. De Franciscanessen ontplooien meestal wereldlijke activiteiten, zoals in zorg en onderwijs ("actieve" zusters). Daarin verschillen zij van de Clarissen, die als Tweede Orde een contemplatief leven leiden.

Algemeen[bewerken]

Er bestaat een zeer groot aantal Rooms-katholieke congregaties die behoren tot de Zusters Franciscanessen. Het (Spaanstalige) Directorio vermeldt 25 congregaties voor België en 18 congregaties voor Nederland; voor Nederland kan men verder de Pius-Almanak raadplegen. Hun betekenis voor de zorgverlening moet zeer groot geweest zijn.

Congregaties van Franciscanessen in Nederland[bewerken]

Zusters Franciscanessen der Onbevlekte Ontvangenis van de Heilige Moeder Gods[bewerken]

De Zusters Franciscanessen der Onbevlekte Ontvangenis van de Heilige Moeder Gods vormen een katholieke Franciscaanse kloostercongregatie te Veghel. Momenteel wordt de congregatie aangeduid als Zusters Franciscanessen SFIC (Franciscan Sisters of the Immaculate Conception). Volgens de traditie van de Congregatie willen de zusters speciale aandacht geven aan de minder bevoorrechten in de maatschappij. Hun regel is gebaseerd op die van de heilige Franciscus van Assisi.

Geschiedenis[bewerken]

Aanzet tot de vorming van deze kloostercongregatie werd gegeven door deken Bernadinus Johannes van Miert, pastoor te Veghel. Vanaf 1834 werkten er in Veghel zusters van de Bossche congregatie van de Choorstraat. Van Miert wilde een onafhankelijke congregatie te Veghel en verkreeg van de apostolisch vicaris van Bisdom 's-Hertogenbosch, de bekende Mgr. Joannes Zwijsen na veel verwikkelingen toestemming over te gaan tot het stichten van een eigen zustercongregatie.

De eerste novicen van de congregatie waren drie jonge vrouwen: Koosje van Miert, nichtje van deken van Miert, Bernardina van Hoof uit Veghel en Maria Francisca de Rooy uit Oirschot. Zij werden naar het noviciaat van de Franciscanessen van Roosendaal gestuurd, onder de zorg van Overste Marie Joseph Raaymakers.

Op 23 juni 1844 worden de drie novicen met een warm welkom in Veghel onthaald. Onder leiding van Mgr. Joannes Zwijsen doen de drie zusters op 19 september 1844 hun plechtige professie. Mgr. Zwijsen benoemt Koosje van Miert, onder de naam Zuster Maria Teresia, tot de eerste overste van het nieuwe klooster. Met hun vestiging te Veghel wordt 1844 beschouwd als stichtingsjaar van de congregatie.

In de jaren na de stichting ging de congregatie een tijd van gigantische groei tegemoet. In eerste instantie was dat te Veghel, waar scholen en gasthuizen gesticht werden. In 1856 verrees een liefdehuis naast de Sint-Willibrorduskerk te Deurne dat later onderdeel werd van Huize St. Joseph aan de Visser, waardoor de eerste nevenvestiging van Veghel ontstond. Na de dood van Pastoor van Miert, op 2 juni 1870, stond Moeder Teresia rechtstreeks aan het hoofd van de Congregatie, die zij met veel kracht bestuurde. Het aantal zusters van de congregatie nam flink toe en liep in de loop der tijd op tot meer dan 2000 leden. Dat zorgde voor de verspreiding van de congregatie over andere steden en dorpen in Nederland. Het gaat om de volgende kloosters[1]: Veghel (1844), Deurne (1856; waaruit de Deurnese vestiging van het Elkerliek Ziekenhuis en een deel van het Hub van Doornecollege zijn voortgekomen), Dinther (1867), Erp (1868), Mierlo (1874), Oisterwijk (1877), Lith (1878), Reusel (1879), Nistelrode (1881), Helenaveen (1884), Zeeland (1886), Wanroij (1889), Herpen (1896), Bladel (1898), Veldhoven (1900), Zijtaart (1901), Griendtsveen (1904), Voorhout (1906), Nieuwkuijk (1907), Haarsteeg (1908), Uden (1909), Aalst-Waalre (1909), Heesch (1910), Weurt (1911), Mariaheide (1912), Langeweg (1913), Volkel (1914), Zeilberg (1914), Hengelo (1916), Neerkant (1917), Babberich (1917), Reek (1919), Ugchelen (1923), Rotterdam-Hillegersberg (1931), Luyksgestel (1933), 'De Klokkenberg' (1945) en Lage Mierde (1983).

Onderwijs[bewerken]

Gedurende de 19e eeuw werd de vraag naar opvoeding groter. Er werden scholen opgericht voor wezen en gehandicapten, voor godsdienstige en praktische vorming van de jeugd. De uitbreiding van het onderwijs vroeg aandacht voor de opleiding van leerkrachten. Dit zorgde voor de stichting van een R.K. Kweekschool in Veghel. Deze school, tegenwoordig aangeduid met pedagogische academie, is met haar stichting in 1872 een van de oudste onderwijsinstellingen van de regio. In 1903 volgde de officiële erkenning van het opleidingsinstituut. Sinds 1996 is deze HBO-instelling gefuseerd tot Fontys Hogescholen Pabo Eindhoven-Veghel.

Ziekenzorg[bewerken]

Onder de eerste taken van de zusters werd de zorg verstaan voor hulpbehoevende zieken en ouderen. Met name te Veghel werd hier intensief en doeltreffend aan gewerkt. Het moederhuis was reeds vanaf 1845 een plek, waar hulpbehoevenden verzorgd werden. Een eerste aanzet tot de gezondheidszorg was de oprichting van het Rochushuis te Veghel in 1873 ter behandeling van besmettelijke ziekten. Dit gebouw stond direct achter het klooster. Het bood weinig ruimte en lag te dicht bij het Veghels centrum. In 1900 werd door de Franciscanessen het eerste grote Veghelse gasthuis, een van de weinige ziekenhuizen in de wijde omtrek, aan de Gasthuisstraat (toentertijd Middegaal) opgericht. Dit Sint-Joseph-gesticht werd een begrip voor Veghel en omstreken. Het bood gedurende de Eerste Wereldoorlog onderdak aan veel Belgische vluchtelingen en militairen. In 1935 werd het aanzienlijk uitgebreid en in 1980-1990 vond een algehele nieuwbouw plaats. In 2000 vond echter een fusie plaats tussen het Veghelse ziekenhuis en het Sint-Annaziekenhuis te Oss tot het nieuwe Ziekenhuis Bernhoven.

In 2006 werd het besluit genomen tot de toekomstige oprichting van een nieuw ziekenhuis voor de Regio Oss-Veghel-Uden in Uden. Met pijn in het hart zal Veghel afscheid nemen van "haar Sint-Joseph", een echt dorpsziekenhuis dat meer dan 100 jaar de zorg voor de medemens heeft geboden.

De Missie[bewerken]

Naast de zorg voor de medemens in het thuisland, waren de Veghelse Franciscanessen ook betrokken met de medemens in het buitenland. Op 10 oktober 1906 vond de eerste missie plaats naar Borneo. De missionarissen gingen met de paters Kapucijnen naar Indië. Wederom in 1929 vond een tweede missie plaats. Op uitnodiging van Mgr. Constand Jurgens, Nederlands missionaris, vestigden de zusters zich in Filipijnen. Beide missies groeiden uit tot onafhankelijke provincies. Op 30 november 1985 werd het Generaal Bestuur gekozen om toezicht te houden op de algemene toestand van de hele Congregatie. Een missie naar Tanzania in 1962 eindigde in 1975. De missie in Kenia werd gesticht in 1994.

De toekomst als SFIC[bewerken]

De congregatie heeft in de loop der tijd een internationaal karakter gekregen. Op 17 april 2000, werd een internationale communiteit opgericht in 's-Hertogenbosch. De communiteit bestaat uit een Nederlandse, een Indonesische en een Filipijnse zuster. Gezien het internationale karakter van deze congregatie is deze communiteit een nieuwe vorm van SFIC aanwezigheid in Nederland, waarbij men probeert te werken aan hedendaagse armoede.

Lijst van zorginstellingen van het SFIC[bewerken]

  • Het Sint-Josephziekenhuis te Deurne, 1924-1969, als afsplitsing van het Liefdehuis Sancta Maria uit 1857, waarin deze taak was opgenomen.
  • Het Sint-Willibrordusziekenhuis te Deurne, sinds 1969.
  • Het Sint-Josephziekenhuis te Veghel, sinds 1900, tegenwoordig Bernhovenziekenhuis.
  • De Stichting Teresia van Miert te Veghel, sinds 2001, een zorginstelling voor de eigen religieuzen.
  • Het Huis van het Heilig Hart van Maria te Breda, sinds 1945, een ziekenhuis dat tegenwoordig 'De Klokkenberg' heet.

Franciscanessen van Oirschot[bewerken]

De Franciscanessen van Oirschot vormen een congregatie met een contemplatief karakter. De congregatie werd gesticht door Moeder Johanna van Jezus (1576-1648). De geschiedenis van het Klooster Nazareth aan de Beekpoort te Weert gaat terug tot 1662. In 1692 werd de regel van de Derde Orde van Sint-Franciscus aangenomen: die der penitenten-recollectinen. Dit vereiste afzondering en stilte, en de instelling van een clausuur. Om in hun levensonderhoud te voorzien gaven ze onderricht aan meisjes. In 1797 werden de zusters door de Fransen uit hun klooster te Weert verjaagd, waarna ze zich te Oirschot vestigden. Tot aan de Tweede Wereldoorlog betrof het voornamelijk slotzusters, hoewel er ook 'wereldse' activiteiten waren op het gebied van onderwijs en bejaardenzorg. Na de Tweede Wereldoorlog brak een tijd van herbezinning aan, waarin ook wijzigingen in de leefregel werden doorgevoerd. Sedert 1967 waren er geen roepingen meer, waardoor de orde langzaam vergrijsde. Op 11 maart 2013 doet de commissie Deetman verslag over meldingen van onder meer het gedwongen opeten van eigen braaksel, het langdurig knielen met blote knieën op stenen vloer, en seksueel misbruik door een zuster in de periode 1980 en 1982.

Zusters Franciscanessen ‘Alles voor Allen’, Breda[bewerken]

Deze zusters beheerden de volgende zorginstellingen:

  • Het Ignatiusziekenhuis te Breda sinds 1923, tegenwoordig onderdeel van het Amphiaziekenhuis.
  • De Leystroom te Breda, sinds 1993, waar de eigen en andere religieuzen worden verzorgd.
  • Het R.K. Gasthuis te Breda, tegenwoordig Verpleeg- en Verzorgingshuis Elisabeth.
  • Het Sint-Luciagesticht te Princenhage, sinds 1908, een verpleeghuis voor psychogeriatrische patiënten, tegenwoordig onderdeel van de Oranjehoeve.
  • Sint-Elisabethgasthuis te Zundert, sinds 1905, een verplegings- en verzorgingstehuis, tegenwoordig 'De Willaert' genaamd.
  • Sint-Antoniusziekenhuis te Etten-Leur, sinds 1923, tegenwoordig Stichting 'Het Hooghuys'.
  • Maria-Oord te Vinkeveen, sinds 1937, een verplegings- en verzorgingstehuis.

Zusters Franciscanessen Denekamp[bewerken]

Deze zusters hebben de volgende zorginstellingen opgericht:

  • Enschede, verpleging tyfuspatiënten, sinds 1882.
  • Enschede, R.K. Ziekenhuis Sint-Joseph, sinds 1889, tegenwoordig Medisch Centrum Twente.
  • Lochem, Huize Gudula, sinds 1900, voor verzorging en verpleging van ouderen.
  • Lochem, Rusthuis Sint Joseph, sinds 1907, voor verzorging en verpleging van ouderen, tegenwoordig Huize Sint-Jozef.
  • Acht, Sint Antoniushuis, sinds 1910, voor wijkverpleging, verzorging en opvoeding van voogdijkinderen, en verzorging en verpleging van ouderen, tegenwoordig Woon- en zorgcentrum Antoniushuis.
  • Denekamp, Verpleging van zieken en ouderen, sinds 1912, tegenwoordig Verzorgings- en verpleeghuis Sint-Gerardus Majella.
  • Apeldoorn, Sint Liduina Ziekenhuis, sinds 1921, tegenwoordig onderdeel van Gelre Ziekenhuizen.
  • Almelo, Ziekenhuis Sint Elisabeth, sinds 1922, tegenwoordig ZGT Almelo.
  • Weerselo, Wijkverpleging en verzorging van ouderen, sinds 1925, tegenwoordig Bejaardenverzorgingshuis Sint-Jozef.
  • Harmelen, Wijkverpleging en verzorging van ouderen, sinds 1926, tegenwoordig Woon-zorgcentrum Huize Gaza.
  • Bornerbroek, Wijkverpleging en verzorging van ouderen, sinds 1927, tegenwoordig Bejaardenverzorgingshuis Sint-Theresia
  • Haaksbergen, Sint-Antoniusziekenhuis, sinds 1929, tegenwoordig Verpleeghuis Het Wiedenbroek.
  • Tubbergen, Huize Sint-Jozef, sinds 1932, voor verzorging van ouderen en wijkverpleging, tegenwoordig Woon-zorgcentrum De Eeshof.
  • Sappemeer, Sint-Jozefstichting, sinds 1937, voor verpleging en verzorging van oudere, en kraamkliniek, tegenwoordig Woon-zorgcentrum Sint-Jozef.
  • Coevorden, Sint-Franciscusstichting, sinds 1937, voor verzorging van ouderen, tegenwoordig Woon-zorgcentrum Sint-Franciscus.
  • Heerenveen, Verzorging van ouderen, sinds 1951, tegenwoordig Woon-zorgcentrum Mariënbosch.
  • Rijswijk, Bejaardenhuis Vredenburch, sinds 1955, tegenwoordig Woon-zorgcentrum Vredenburch.
  • Luttenberg, Bejaardenverzorgingshuis Maria-Oord, sinds 1955, tegenwoordig dependance van Zorggroep Raalte.
  • Enschede, Dr. Ariënstehuis, sinds 1959, voor verzorging van ouderen, tegenwoordig deel van Stichting dr. Ariënshuizen.
  • Oldenzaal, Ziekenhuis Heil der Kranken, sinds 1960, tegenwoordig Onderdeel van Medisch Spectrum Enschede.
  • Oldenzaal, Bejaardenverzorgingshuis De Molenkamp, sinds 1975, voor bejaardenverzorging, tegenwoordig Woon-zorgcentrum De Molenkamp.

Franciscanessen van de Heilige Familie[bewerken]

  • Klooster uit 1901 aan de Van Oldenbarneveltstraat te Nijmegen.

Franciscanessen-missionarissen van Maria (Witte Zusters)[bewerken]

Deze orde werd in 1877 in India opgericht door Hélène de Chapottin de Neuville. In 1890 volgde de pauselijke goedkeuring; in 1896 werd de orderegel goedgekeurd De hoofdtaak van de zusters is de verering van het Allerheiligst Sacrament. Daarnaast doen zij aan zieken- en bejaardenzorg en zijn ze actief in de missie. De kleding bestaat uit een wit habijt en een witte sluier. Om het middel dragen ze een franciscaans koord met de rozenkrans van de Zeven Vreugden van Maria. Deze zusters hadden onder meer een klooster in Maastricht van 1907-1968 en in Weiteveen van 1930-1995. In België is er onder andere het Franciscanessenklooster in de Lange Kongostraat te Antwerpen.

Voormalig liefdesgesticht van de Zusters Franciscanessen van Bennebroek, met bewaar-, leer-, en naaischool voor meisjes, in Zoeterwoude (1881-ca 1970

Overige congregaties in Nederland[bewerken]

Naast deze congregaties vindt men in Nederland nog:

Congregaties van Franciscanessen in België[bewerken]

Externe links[bewerken]

Noot
  1. Opgenomen op een monument, dat voor het Moederhuis te Veghel werd opgericht op 26 juni 1994 naar aanleiding van het 150-jarig bestaan