1340-1349

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De jaren 1340-1349 (van de christelijke jaartelling) zijn een decennium in de 14e eeuw.

Gebeurtenissen en trends[bewerken]

Europa
  • Het begin van de Zwarte Dood in Europa. In Parijs vallen 50.000 doden, de helft van het aantal inwoners, op het hoogtepunt 800 per dag. In Florence een stad met 100.000 inwoners sterft bijna tweederde van de inwoners.
  • De pest wordt door velen toegeschreven aan de joden, en er vinden dan ook veel pogroms plaats. In Brabant laat hertog Jan III alle vindbare joden in Brussel terechtstellen.
  • De Bretonse Successie-Oorlog woedt van 1341 tot 1345 en gaat tussen de schoonzoon en de halfbroer van de overleden hertog Jan III. Karel van Blois wordt gesteund door de Franse koning, Jan van Montfort door de Engelsen. Hij sterft in 1345 op de vlucht.
  • Engelse troepen landen onverwacht in Normandië; militair begin van de Honderdjarige Oorlog.
  • In 1347 onderneemt de Engelse koning opnieuw een expeditie tegen Frankrijk en belegert samen met Hendrik van Grosmont de stad Calais. Dit beleg zal later door de beeldhouwer August Rodin worden vereeuwigd in het standbeeld De Burgers van Calais.
Nederlanden
Azië
  • De Marokkaanse ontdekkingsreiziger Ibn Battuta bezoekt Malabar, Ceylon en Bengalen voor hij uiteindelijk via Sumatra en Cambodja, Zayton (thans Quanzhou) bereikt (circa 1346). Hij beweert ook via het Grote Kanaal naar Cambaluc (Peking) gereisd te zijn, maar dit deel van de reis wordt door moderne historici als verzonnen beschouwd. Via Calicut, Hormuz, Bagdad, en Caïro, bereikt hij voor de vierde maal Mekka. Daarna keert hij, met nog een bezoek aan Sardinië, terug naar Marokko, waar hij aankomt in 1349, bijna 25 jaar na zijn vertrek.