9e Legerkorps (Wehrmacht)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
9e Legerkorps
Oprichting 1 oktober 1934
Ontbinding 8 mei 1945
Land Vlag van nazi-Duitsland nazi-Duitsland
Krijgsmachtonderdeel Balkenkreuz.svg Heer
Onderdeel van Wehrmacht
Type Legerkorps
Veldslagen Tweede Wereldoorlog
Commandanten zie commandanten

Het Duitse 9e Legerkorps (Duits: 9. Armeekorps) was een Duits legerkorps van de Wehrmacht tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Krijgsgeschiedenis[bewerken]

Aanval op België[bewerken]

Het 9e legerkorps werd gemobiliseerd op 26 augustus 1939 en als deel van het 1ste leger achter de Westwall gelegerd. In het voorjaar van 1940 werd het korps uitgebreid naar drie infanteriedivisies. Bij de inval in België vormde het 9e korps de rechtervleugel van het 6de leger. De divisies braken zonder problemen door de verdediging, staken het Alberkanaal over en braken bij Lier door de KW-linie. Eenheden van het korps geraakten verwikkeld in zware gevechten rond Gent en de Leie. Na de capitulatie van België werd het korps tijdelijk aan het 18de leger toevoegd. De divisies werden ingezet bij de vernietiging van de geallieerde troepen in Duinkerken. Bij de slag om Frankrijk fungeerde het korps als reserve van het 6de leger. Na de capitulatie van Frankrijk vormde het korps een deel van de bezettingstroepen in Normandië, maar na enkele maanden werden ze naar Polen verplaatst.

Operatie Barbarossa[bewerken]

Bij het begin van operatie Barbarossa, de inval in de Sovjet-Unie, vormde het 9de korps samen met het 7e korps, het 13e korps en 43e korps het 4de leger. Het 4de leger moest in het spoor van de pantserdivisies van Pantsergroep 2 oprukken en de zuidelijke flank van Legergroep Centrum beschermen. Op 22 juni 1941 staken de drie divisies van het 9de korps de Boeg over, braken door de stellingen van het 10de leger en omsingelden de Sovjetlegers bij Bialystock. Na de vernietiging van de omsingelde Sovjetdivisies hervatte het korps de opmars naar het oosten. Bij de slag om Smolensk beschermde het korps de zuidelijk flank. Op 23 juli ondernamen de Sovjet een poging om de omsingeling te doorbreken. Beide divisies van het korps werden ingezet om de aanval bij Roslavl af te stoppen.

Op 2 oktober 1941 begon de aanval op Moskou. Het 9de korps vormde de noordelijke vleugel van het 4de leger. In het spoor van de tankdivisies braken de vier divisies door de Sovjetlinie en ze zwenkten naar het noorden. Op 7 oktober werd de omsingeling gesloten. Na de vernietiging van de Sovjetdivisies bij Vzjama, staken ze de Ruza over en probeerden in het spoor van de tanks van het 4de pantserleger Moskou te bereiken. Hun aanval liep vast tussen Istra en de weg Smolensk-Moskou. Tijdens het winteroffensief was het korps gedwongen zich terug te trekken naar Ghzatsk, waar de divisies zich ingroeven. In deze versterkte stellingen hield het korps als deel van 3de pantserleger gedurende 1942 stand tegen verschillende Sovjet aanvallen. Pas in maart 1943 ontruimden ze hun stellingen. Het korps trok zich geleidelijk terug naar het westen. In augustus 1943 gaven ze Yelna op en in september bevond het korps zich tussen Orsha en Mogilev. Toen de Sovjets bij Nevel de verbinding tussen Legergroep Noord en Legergroep Centrum dreigden te verbreken, verschoof het Duitse opperbevel het 9de korps naar posities ten noorden van Vitbesk.

Operatie Bagration[bewerken]

Op 22 juni 1944 begon operatie Bagration. Het 9de korps, bestaande uit één enkele infanteriedivisie en een versterkte gevechtsgroep, verdedigde de noordrand van de saillant bij Vitbesk. Ze werden aangevallen door 29 divisies en 9 tankdivisies. Op de avond van 23 juni was de gevechtsgroep vernietigd en had de infanteriedivisie het contact verloren met zijn buren. De Sovjetlegers zwenkten naar het zuiden om het 53ste korps bij Vitbesk te omsingelen. Generaal Wuthmann probeerde van de adempauze gebruik te maken om zijn verdediging aan de Westelijke Dvina te organiseren. Uit de reserve van het 16de leger kreeg hij de 212de infanteriedivisie, die het verkeersknooppunt Lepel moest verdedigen.

Op 30 juni 1944 begon het 1ste Baltische Front Polotsk offensief. Twee Sovjetlegers liepen de Duitse posities onder de voet. De restanten van het korps konden weinig weerstand bieden en ze werden naar het westen gedreven door snelle opmars van twee tankkorpsen. Op 2 juli viel een spoorwegbrug over de Dvina onbeschadigd in handen van de Sovjets en op 4 juli werd Polotsk bevrijd. Het 9de korps stortte ineen en sloeg op de vlucht.

In september 1944 stabiliseerde het front zich langzaam aan de grens van Oost-Pruisen. Het 9de korps werd opnieuw opgebouwd en versterkt met drie volksgrenadierdivisies. Een volksgrenadierdivisie beschikte over drie regimenten met slechts twee bataljons in plaats van drie bataljons. Met deze drie volksgrenadierdivisies en twee infanteriedivisies, die niet op volle sterkte waren, was het korps verantwoordelijk voor de verdediging van Tilsit tot Schlossberg. Generaal Wuthmann legerde de drie volksgrenadierdivisies achter de Memel en waar de frontlijn van de rivier naar het zuiden boog, plaatste hij de reguliere infanteriedivisies. Gedurende de wintermaanden legden de Duitsers een sterke verdedigingslinie aan.

Op 13 januari 1945 begon het 3de Witrussische Front het Oost-Pruisen offensief. Hoewel het zwaartepunt tegen zijn rechterbuur, het 26ste korps, was gericht, kreeg het 9de korps enkele aanvallen te verduren. De eenheden hielden echter stand. Na vier dagen van zware gevechten braken de Sovjets door de verdedigingslinie van het 26ste korps, waardoor het 9de korps verplicht was om zich ook terug te trekken. Op 20 januari 1945 viel Tilsit in handen van het Rode Leger. De divisies trokken zich terug naar Koningsberg. In maart 1945 verdedigde het 9de korps een smalle strook ten noorden van Koningsbergen. Samen met het 28ste korps vormde het 9de korps Armee-Abteilung Samland. Na de val van Koningsbergen begonnen de Sovjets hun aanval op Samland. Op 13 april 1945 braken ze door de Duitse verdediging en begonnen met de zuivering van het schiereiland. De restanten van het 9de korps hielden zo lang mogelijk stand om zoveel mogelijk burgers te laten ontsnappen langs de haven van Pillau. Bij Palmnicken werden de laatste eenheden van het 9de korps vernietigd. Op 25 april trokken de Duitsers zich terug naar de Wislaschoorwal en het hoofdkwartier van het 9de korps verplaatste zich naar Bornholm, waar het zichzelf ontbond op 8 mei 1945.

Commandanten[bewerken]

Rang Naam Begin Eind
Generaal der Infanterie Friedrich Dollmann 1 oktober 1934 24 augustus 1939
Generaal der Infanterie Hermann Geyer 25 augustus 1939 14 september 1942
Luitenant-generaal Martin Dehmel 15 september 1942 oktober 1942
Generaal der Infanterie Hermann Geyer oktober 1942 31 december 1942
Generaal der Infanterie Hans Schmidt 1 januari 1943 14 oktober 1943
Generaal der Infanterie Heinrich Clößner 15 oktober 1943 2 december 1943
Generaal der Artillerie Rolf Wuthmann 3 december 1943 19 april 1945
Luitenant-generaal Hermann Hohn 20 april 1945 8 mei 1945

Luitenant-generaal Martin Dehmel en generaal Heinrich Clößner voerden slechts tijdelijk het bevel over het korps. In de chaos van de laatste dagen van Nazi-Duitsland werd luitenant-generaal Hohn slechts benoemd tot tijdelijke bevelhebber. Zijn aanstelling werd nooit definitief bekrachtigd door het Duitse opperbevel.

Bronnen[bewerken]

  • Robert Kirchubel - Atlas of the Eastern Front
  • Earl F Ziemke – Moscow to Stalingrad: Decision in the East
  • Samuel Mitcham - The German Defeat in the East