Amsterdamsche Football Club Ajax, kortweg AFC Ajax of gewoon Ajax, is een Nederlandseprofvoetbalclub uit Amsterdam. De club is opgericht op 18 maart 1900 en is een van de drie traditionele topclubs in Nederland. Sinds de oprichting van de Eredivisie speelt Ajax onafgebroken in deze hoogste divisie. Ajax werd vijfendertig keer kampioen van Nederland, waarvan zevenentwintig keer sinds de invoering van de Eredivisie medio 1956.
Op de UEFA-ranglijst van de beste clubs in Europa staat AFC Ajax in het seizoen 2020/21 op 7 juni 2021 als beste Nederlandse club op de zeventiende plaats met een totaal van 82.500 punten.[5] Het Duitse Kicker Sportmagazin noemde Ajax de op een na beste voetbalclub van de twintigste eeuw. Volgens de IFFHS is Ajax de op zes na succesvolste Europese club van de twintigste eeuw en werd het in 1992 door de IFFHS verkozen als Wereldclubteam van het Jaar.
In 1995 werd Ajax door het Engelse voetbaltijdschrift World Soccer uitgeroepen tot Wereldteam van het Jaar. In 2000 eindigde Ajax tijdens de FIFA Club of the Century-verkiezing, samen met het Braziliaanse Santos, op een gedeelde vijfde plaats van beste voetbalclubs van de twintigste eeuw. Daarnaast werd Ajax viermaal uitgeroepen tot Europees team van het Jaar in 1969, 1971, 1972, en 1973 en vijfmaal uitgeroepen tot Nederlands Sportploeg van het Jaar in 1968, 1969, 1972, 1987 en 1995.[6] Het is een van de zes Europese clubs die het recht heeft de Badge of Honour op de mouw te dragen door drie keer winst op rij van de Europacup I in 1971, 1972 en 1973. Die drie keer winst op rij is ook reden om als een van vijf clubs de beker te behouden. In 1995 werd de derde editie van de UEFA Champions League gewonnen en is het hiermee anno 2021 de enige club die de Europacup I/UEFA Champions League viermaal wist te winnen. Enkel FC Barcelona (vijf titels), Bayern München (zes titels), Liverpool (zes titels), AC Milan (zeven titels) en Real Madrid (dertien titels) wisten het belangrijkste Europese clubtoernooi vaker te winnen.
De club heeft sinds 1998 een beursnotering, AFC Ajax NV. In april 2021 stond Ajax op plek 20 van rijkste voetbalclubs ter wereld met een geschatte waarde van ongeveer 346 miljoen euro (413 miljoen dollar).[7][8]
Sinds 1996 speelt de club haar thuiswedstrijden in de Johan Cruijff ArenA. Ajax slaagde er als een van de weinige Europese topclubs in om samen met Manchester United, Chelsea, Juventus en Bayern München alle drie de UEFA-hoofdcompetities (Europacup I/UEFA Champions League, Europacup II, en UEFA Cup/UEFA Europa League) te winnen. Ook won Ajax als een van de weinige Europese clubs, in 1972, de continentale treble (winst van het landskampioenschap, de nationale beker en de Europacup I). In datzelfde jaar werd voor de eerste keer de wereldbeker voor clubteams gewonnen. Het is hiermee, samen met Manchester United (1999), Bayern München (2013, 2020) en FC Barcelona (2009, 2015) een van de vier clubs die de continentale treble en de wereldbeker wist te winnen in hetzelfde seizoen. Nationaal gezien won Ajax negenmaal de dubbel – winst van het landskampioenschap en de KNVB beker in hetzelfde seizoen – en is het de enige club die het lukte om het landskampioenschap, de KNVB beker en de Johan Cruijff Schaal te winnen in hetzelfde seizoen; in 2001/02 en 2018/19.
Een aantal vrienden richtte in 1894 een voetbalclub op. Ze noemden de club aanvankelijk Union, maar doopten hem nog datzelfde jaar om naar Footh-Ball Club Ajax, inclusief de spelfout, naar de Griekse held. In deze periode werden in heel Nederland en vooral in Amsterdam veel voetbalclubs opgericht. De Amsterdamse voetbalbond stelde om chaos te vermijden strikte regels op, de club kon hier niet aan voldoen en in 1896 ging de club praktisch ter ziele.
Vier jaar later besloot Floris Stempel samen met Han Dade en Carl Bruno Reeser wederom een poging te wagen en op 18 maart 1900 werd Ajax opgericht in café Oost-Indië aan het begin van de Kalverstraat bij de Dam, op de plek waar tot 2012 muziekzaak Fame was gevestigd. Floris Stempel werd de eerste voorzitter van de club, waarvan de naam ditmaal wél goed gespeld werd.[9] Om verwarring met een gelijknamige voetbalclub uit Leiden – die inmiddels bekend is als Ajax Sportman Combinatie – te vermijden werd later Amsterdamsche nog voor de naam gezet.
De volledige organisatie bestond destijds uit voorzitter Floris Stempel, vicevoorzitter H.D. Dade, secretaris C.B. Reeser, eerste secretaris C.J. Groothoff, tweede secretaris J.A. Hatzman, penningmeester C.G. Hertel en de commissarissen J.B. Geisler en F.N. Kramer.[10]
In 1902 werd Ajax toegelaten in de derde klasse, waarna het direct promoveerde naar de tweede klasse. In 1908 werd gefuseerd met derdeklasser AFC Holland, opgericht in 1899, die opging in Ajax.[11] Vier spelers van het oude Holland waren belangrijk in het latere succes in 1911.[12]
Ajax heeft in de loop der jaren op verschillende locaties gespeeld. Het begon op een veld in de toenmalige gemeente Nieuwer-Amstel, nog voordat de club officieel werd opgericht (in 1893). Voor vijftien gulden per half jaar werd er een weiland gehuurd. In 1896 werd het veldje bij de gemeente Amsterdam gevoegd.[13]
In 1900 verhuisde de club naar Amsterdam-Noord, waar tot 1907 tussen de weilanden werd gespeeld.[13] In 1907 nam Ajax intrek in het eerste voetbalstadion van Amsterdam, in de volksmond Het Houten Stadion genoemd. Het stadion lag dichter bij het centrum dan de vorige locaties, maar er ontbraken nog steeds tribunes, die er pas in 1911 kwamen, kleedkamers en stromend water. Het stadion bleek toch te klein te zijn: na vier opeenvolgende landstitels in de jaren 1930 werd er verhuisd naar stadion De Meer.[13]
Dit stadion zou het meest legendarische stadion uit dit rijtje worden: er speelden voetballers als Johan Cruijff, Sjaak Swart en Marco van Basten. De gemeente Amsterdam wilde bouwen in het geannexeerde Watergraafsmeer, dus liet Ajax een stadion bouwen in Betondorp. Het stadion mocht maximaal 300.000 gulden kosten, en zelfs de spelers betaalden mee. De openingswedstrijd was op 9 december 1934 tegen Stade français, een wedstrijd die met 5-1 werd gewonnen. Het duurde tot 1971 tot er lichtmasten werden geplaatst.
In 1996 vertrok Ajax, na er 62 jaar gespeeld te hebben, uit De Meer. Het stadion had, onder andere door nieuwe veiligheidsregels van de UEFA, zijn langste tijd gehad.[13] In die jaren gebruikte Ajax het Olympisch Stadion als uitvalsbasis voor zijn belangrijkste duels: stadion De Meer kon niet meer dan 29.500 personen herbergen, terwijl het Olympisch Stadion vanaf 1937 64.000 plaatsen kende. Met de bouw van de Amsterdam ArenA werd het Olympisch Stadion in 1996 gedag gezegd.[13] In dit stadion werd op 14 augustus 1996 geopend met een vriendschappelijk duel tegen AC Milan, er werd met 0-3 verloren. Tot op heden speelt Ajax zijn wedstrijden in de Amsterdam ArenA.[13] Op 15 mei 2013 werd in de Amsterdam ArenA de finale van de Europa League 2012/13 gespeeld.
Financiën
Ajax NV
Zie AFC Ajax NV voor het hoofdartikel over dit onderwerp.
Ajax is de enige Nederlandse voetbalclub met een beursnotering. De emissie op de Amsterdamse effecten beurs vond plaats op 11 mei 1998. Met een introductiekoers van 25 gulden haalde de club omgerekend 54 miljoen euro op.[14] Na een lichte opleving zakte de koers naar een dieptepunt van €3,50. Kritiek werd gegeven dat het juridisch stramien van een naamloze vennootschap een voetbalclub niet past. Supporters maakten zich zorgen dat de sportieve belangen van de club zouden botsen met de commerciële belangen van het beursgenoteerde Ajax. Een Ajax-aandeel was anno 2008 ongeveer €5,90 waard.[15]
In 2008 concludeerde een commissie onder leiding van erelid Uri Coronel dat de beursnotering geen waarde heeft voor de club en overwogen zou moeten worden om de beursnotering te beëindigen.[16] De haalbaarheid en wenselijkheid van het terugkopen van de aandelen wordt echter betwijfeld.[17]
Sponsors
De eerste grote shirtsponsor van de club was het Japanse elektronicaconcern TDK (1982/1983-1990/1991). Daarna waren de ABN AMRO-bank en verzekeraar AEGON sponsor. Op 1 januari 2015 werd Ziggo hoofdsponsor van Ajax. De overeenkomst met Ziggo heeft een looptijd tot en met juni 2023.[18] De eerste kledingsponsoren waren Le Coq Sportif (begin 1973-1976/1977; 1980/1981-eind 1984), Puma (1977/1978-1978/1979) en Cor du Buy (1979/1980). De huidige kledingsponsor is adidas, dat een contract heeft tot medio 2025.
Ajax heeft een paar keer met een alternatieve shirtsponsor gespeeld. Op 1 april 2007 droeg Ajax in de wedstrijd tegen Heracles Almelo de naam Florius op het shirt.[19] Florius is een onderdeel van ABN AMRO en was destijds net gelanceerd. De laatste competitiewedstrijd in het seizoen 2007/2008, eveneens thuis tegen Heracles Almelo, stond Dance4Life op het tenue.[20][21] Dit was een gebaar van ABN AMRO, die na dat seizoen stopte met sponsoring en de laatste wedstrijd het hele sponsorpakket aan Dance4Life doneerde.
Op 24 januari 2010, bij de wedstrijd Ajax-AZ, speelden beide ploegen met Giro 555 op het shirt om aandacht te vragen voor het gironummer van de samenwerkende hulporganisaties, ten bate van de aardbeving in Haïti.[22] Hetzelfde gebeurde op 13 april 2011 toen Ajax een benefietwedstrijd speelde tegen Shimizu S-Pulse ten bate van de ramp in Japan.[23] De shirts met Giro 6868 werden later geveild.[24]
Op 1 april 2012 speelde Ajax wederom tegen Heracles Almelo met een andere shirtsponsor. Op deze dag prijkte het logo van "Fonds Gehandicaptensport" op het shirt. Ajax' shirtsponsor AEGON ondersteunt al jaren het Fonds Gehandicaptensport en wilde met deze actie samen met Ajax en de Ajax foundation aandacht vragen voor de start van de jaarlijkse collecteweek.[25]
Ook op 7 april 2013 speelde Ajax met Fonds Gehandicaptensport op het shirt, weer was Heracles Almelo de tegenstander. Op 30 maart 2014 prijkte het Fonds Gehandicaptensport wederom op het shirt. Ditmaal was FC Twente de tegenstander.[26]
Supporters
Ajax heeft enkele fanatieke supporterskernen, waaronder de F-Side (opgericht in oktober 1976). In de Arena zit de F-Side pal achter het doel aan de zuidkant van het stadion in de vakken 125 tot en met 129. De supporters van de F-Side zorgen voor sfeer in het stadion, maar ook vaak voor rellen tijdens en na wedstrijden. Als de toss het toelaat speelt Ajax altijd de tweede helft richting de F-Side. F-Side heeft geen eigen zitplaatsen maar staat tijdens de wedstrijd.[27]
Een andere bekende supporterskern was VAK410 (opgericht in 2001). De supporters van VAK410 bevonden zich lange tijd in de zuidhoek van het stadion op de bovenste ring, vak 424 en 425. Vanaf het begin tot 2008 stonden zij echter aan de noordwestkant, in vak 410 (vandaar de naam). De supporters van VAK410 maakten meer sfeeracties in het stadion met onder meer grote spandoeken. Mede door een, door opzeggingen en stadionverboden, kleiner wordende groep, én de aankomende nieuwe verhuizing naar de zuidkant, werd in 2016 besloten te stoppen met VAK410 als supporterskern.[28]
Uit de Football Top 20 van onderzoeksbureau SPORT+MARKT is gebleken dat Ajax in 2010 ongeveer 7,1 miljoen supporters in Europa heeft, een stuk meer dan rivalen Feyenoord en PSV met respectievelijk 1,6 en 1,3 miljoen. Deze 7,1 miljoen supporters leveren Ajax een 15e plaats op de Europese ranglijst op. Daarnaast is volgens het onderzoek 39% van de Nederlandse voetballiefhebbers Ajacied.[29] Ajax heeft niet alleen veel supporters, maar ook veel fans gaan naar Europese wedstrijden. Met gemiddeld 53.056 toeschouwers per wedstrijd stond Ajax in 2019 op de dertiende plek in Europa, boven grote clubs zoals Paris SG, Liverpool FC en Chelsea FC.[30] Kanttekening hierbij is dat niet alle clubs de capaciteit van de Johan Cruijff ArenA bezitten.
Joden
Spelers en supporters van Ajax werden in het verleden al aangesproken als Joden. Supporters hebben dit als geuzennaam overgenomen. De herkomst van deze naam is onderwerp van discussie, omdat Ajax van oorsprong geen Joodse voetbalclub is. Voor de Tweede Wereldoorlog waren Wilhelmina Vooruit en Hortus Eendracht Doet Winnen, tegenwoordig gefuseerd onder de naam WV-HEDW, dé Joodse clubs van Amsterdam. Al voor de oorlog speelden er Joodse voetballers bij Ajax, alleen niet significant méér dan bij de andere Amsterdamse clubs. De aanhang was echter wel van meer Joodse afkomst en zo hing er in de jaren 1930 al een Joods imago rond de club. Aanhangers van bezoekende teams zagen dat er veel Joodse supporters aanwezig waren.[31] Het bestuur van Ajax en het CIDI hebben zich altijd verzet tegen het gekoketteer met het jodendom.[32]
Volgens Amsterdammers is de bijnaam afkomstig van de vele supporters die vroeger per fiets naar de wedstrijden reden. Daarbij passeerden zij de Nieuwmarkt/Waterloopleinbuurt (de Jodenhoek) en de Transvaalbuurt waar ook veel Joodse mensen woonden. Men gebruikte dan vaak de uitdrukking Wij gaan naar de Joden.
Negatief gebruik
Tegenwoordig heeft de geuzennaam weinig meer met het joodse geloof te maken. Daarom wordt de geuzennaam Joden ook steeds minder gebruikt, aangezien dit kwetsend is voor de Joodse gemeenschap van Amsterdam.
Daarnaast wordt de geuzennaam negatief gebruikt door supporters van rivaliserende clubs. Een enkele keer ook door tegenstanders, zoals in maart 2011 na de wedstrijd tussen ADO Den Haag en Ajax. Na afloop van de door ADO gewonnen wedstrijd gingen de spelers Lex Immers en Charlton Vicento en de trainers John van den Brom en Maurice Steijn te ver mee in het enthousiasme van de supporters. Volgens verschillende bronnen was vooral Immers de aanstichter door de geuzennaam op een negatieve manier te gebruiken. Zo werd "we gaan op jodenjacht" naar voren gebracht. Alle betrokkenen hebben na afloop hun excuses aangeboden, maar werden alsnog door de eigen club en de KNVB gestraft.[33]
Supportersvereniging Ajax
Supportersvereniging Ajax is een vereniging ruim 90.000 leden,[34] opgericht op 7 mei 1992. De vereniging organiseert tientallen keren per jaar grote activiteiten en evenementen binnen Nederland. Variërend van de open dag, die jaarlijks door tienduizenden bezoekers wordt bezocht, tot regionale supportersfeesten, een website en een krant Ajaxlife die twintig keer per seizoen toegestuurd wordt.
Gemiddeld toeschouwersaantal 1978-2019
Deze grafiek laat zien hoeveel supporters de thuiswedstrijden van Ajax gemiddeld bezochten in de loop der jaren. Er is een duidelijk verschil tussen De Meer en de Amsterdam ArenA (vanaf 1996/97).
11765
14994
11085
21665
17582
12641
13006
14273
12889
10467
11823
17000
22479
18994
21429
22724
23584
21992
48069
48423
41275
40873
36339
35809
47571
48996
49595
47737
48561
49125
49014
48677
47316
50146
50490
50871
49403
49201
49551
49670
52987
53342
78/79
79/80
80/81
81/82
82/83
83/84
84/85
85/86
86/87
87/88
88/89
89/90
90/91
91/92
92/93
93/94
94/95
95/96
96/97
97/98
98/99
99/00
00/01
01/02
02/03
03/04
04/05
05/06
06/07
07/08
08/09
09/10
10/11
11/12
12/13
13/14
14/15
15/16
16/17
17/18
18/19
19/20
Rivaliteit
Ajaxfans eren Sjaak Wolfs in de wedstrijd tegen PSV
Als een van de drie traditionele topclubs heeft Ajax in de loop der jaren veel rivaliteit ondervonden van andere clubs in de Eredivisie.
Rivaliteit met Feyenoord
De rivaliteit tussen Ajax en Feyenoord is bekender dan alle andere rivaliteiten tussen Nederlandse voetbalclubs. De onderlinge duels (De Klassieker) behoren tot de belangrijkste wedstrijden van het jaar en zijn altijd uitverkocht. Tot en met het seizoen 1973-1974 waren Ajax en Feyenoord de enige Nederlandse clubs die met regelmaat landskampioen werden en zich met de wereldtop konden meten. Een wedstrijd tussen beide clubs kwam in die dagen neer op een strijd om welke club de beste van Nederland was. Het is in de publieke beleving een botsing tussen het sierlijke en elegante voetbal van Ajax en de onverzettelijke strijdlust van Feyenoord. Daarnaast is het een botsing van de twee grootste steden van Nederland: de zelfbewuste uitstraling van de hoofdstad strijdt tegen de Rotterdamse arbeidersmentaliteit. In de praktijk valt er op de stereotypering van het voetbal van beide clubs veel af te dingen, deze stereotypering ging alleen zeer duidelijk op in de 5 seizoenen 1977/78 tot en met 1981/82.[35]
Zowel binnen als buiten het stadion hebben er in het verleden supportersrellen plaatsgevonden. Het dieptepunt is de afgesproken confrontatie geweest tussen hardekernaanhangers van de beide clubs in 1997 in een weiland nabij Beverwijk, waarbij Ajax-supporter Carlo Picornie om het leven kwam (de Slag bij Beverwijk).
Rivaliteit met PSV
PSV is een rivaal op sportief gebied. De wedstrijden tegen PSV worden ook als toppers bestempeld sinds het seizoen 1973-1974. De rivaliteit met PSV bestaat al geruime tijd en komt voort uit diverse oorzaken, zoals de verschillende interpretatie van al dan niet recente nationale en internationale successen van beide clubs en de veronderstelde tegenstelling tussen de Randstad en de provincie.
Rivaliteit met andere clubs
Behalve Feyenoord en PSV heeft Ajax nog een aantal andere rivalen. Eén daarvan is FC Utrecht. Hoewel de Utrecht-supporters Ajax meer als rivaal beschouwen dan andersom, zijn deze duels altijd beladen: twee fanatieke supportersgroepen staan tegenover elkaar en wedstrijden waarin aan beide kanten strijd geleverd wordt, zijn eerder regel dan uitzondering. Hetzelfde geldt ook voor ADO Den Haag. De confrontaties tussen de beide supportersgroeperingen zorgen voor beladen wedstrijden. De vermeende brandstichting in het supportershome van Ajax door ADO-hooligans en de inval van Ajacieden in het clubhuis van ADO als wraakactie hebben de onderlinge spanningen verder opgevoerd. In 2006 werd besloten dat beide clubs vijf jaar lang geen uitsupporters mochten meenemen in onderlinge duels.[36]
Met FC Twente, FC Groningen en het nabijgelegen AZ heersen daarnaast enige spanningen. Supporters van andere clubs vertonen soms een afkeer van Ajax en trekken dan samen op tegen de club. In het verleden waren Amsterdamse rivalen Blauw-Wit, DWS en De Volewijckers, die in 1972 opgingen in FC Amsterdam en dat na tien jaar failliet ging in 1982.
Verbonden aan Ajax
Bestuursraad, directie en RvC
De vereniging AFC Ajax telt ruim 700 leden met stemrecht en bezit 73% van de aandelen van AFC Ajax NV. De vereniging wordt geleid door de bestuursraad, die bestaat uit zeven personen, onder leiding van voorzitter Frank Eijken.
De directie van het bedrijf AFC Ajax NV bestaat uit vier leden: Edwin van der Sar (algemeen directeur), Susan Lenderink (financieel directeur), Marc Overmars (directeur voetbalzaken) en Menno Geelen (commercieel directeur).
De Raad van commissarissen (RvC) bestaat uit vijf leden, waaronder Leen Meijaard (president-commissaris) en Danny Blind.
Ereleden
Ajax kent 46 ereleden, van mensen die zich bestuurlijk voor de club hebben ingezet tot spelers die Ajax sportief naar grotere hoogten hebben getild.[13] Inmiddels zijn 40 van hen overleden en bestaat de huidige groep uit 6 ereleden. Piet Keizer was erelid van januari 2010 tot mei 2011; hij gaf zelf te kennen geen erelid meer te willen zijn.[37]Joop Pelser werd geroyeerd wegens zijn gedrag tijdens de Tweede Wereldoorlog.
In de beginjaren van Ajax had de club louter Engelse trainers aan het roer. Na de eerste trainer John Kirwan kwam in 1915 de legendarische Jack Reynolds. Onderbroken door een kortstondig verblijf van drie jaar bij de Amsterdamse rivaal Blauw-Wit, zou hij tot het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog aan het roer staan van alle elftallen van Ajax. Naar Jack Reynolds is later in Stadion De Meer een tribune vernoemd. Toen hij in juni 1940 door de Duitse bezetter werd geïnterneerd in een krijgsgevangenkamp in Silezië kwamen de eerste Nederlandse trainers aan het hoofd te staan.
Jan Distelbrink was de eerste Nederlander die het trainerschap overnam, hoewel dit slechts op interim basis was. De eerste echte Nederlandse trainers waren het duo Wim Volkers en Arie de Wit en daarna, voor een langere periode van drie jaar, Dolf van Kol. Na de oorlog keerde Jack Reynolds terug op de bank. Hij zou nog twee korte termijnen coach zijn, opgevolgd door andere Britten zoals Vic Buckingham. Het zou nog twintig jaar duren alvorens er weer een Nederlander aan het roer kwam te staan.
Rinus Michels was in januari 1965 na Dolf van Kol de eerste Nederlandse coach. Als midvoor had Rinus Michels al 264 wedstrijden in het eerste gespeeld. Na de succesvolle periode onder De Generaal, die in juli 1971 na 6 jaar en 6 maanden naar FC Barcelona vertrok, veranderde het trainersbeleid van Ajax. Het vizier verschoof van Engelse trainers naar oefenmeesters van Hollandse bodem. Slechts sporadisch is er daarna nog gebruikgemaakt van de diensten van een buitenlandse trainer (Ștefan Kovács, 1971-1972 en 1972-1973; Tomislav Ivić, 1976-1977 en 1977-1978; Kurt Linder, voornamelijk 1981-1982; Spitz Kohn 3× tussen half 1984 en half 1989; Morten Olsen).
Na het vertrek van Michels in 1971 hebben er ongeveer twintig trainers aan het roer gestaan. Gemiddeld hebben ze het minder dan twee jaar uitgehouden. Zes coaches hebben het langer dan twee jaar volgehouden: Louis van Gaal (5 jaar en 9 maanden), Ronald Koeman (3 jaar en 3 maanden), Frank de Boer (5 jaar en 5 maanden), Aad de Mos (2 jaar en 10 maanden), Johan Cruijff (2 jaar en 7 maanden) en Leo Beenhakker (2 jaar en 3 maanden, in zijn tweede periode bij Ajax, 1 juli 1989 tot en met eind september 1991). Marco van Basten was de 46e trainer in de clubgeschiedenis. Op 6 mei 2009 stapte Van Basten op. Na een 4-0 uitnederlaag tegen Sparta en het voor de tweede keer op rij missen van de voorronde van de Champions League, zag hij geen kans meer op verbetering en vroeg ontslag aan.
Martin Jol tekende op dinsdag 26 mei 2009 een contract voor drie jaar en nam op maandag 6 december 2010 ontslag, omdat hij volgens zichzelf niet aan de verwachtingen kon voldoen. Met Jol vertrokken ook zijn assistenten Cock Jol en Michael Lindeman. Jols opvolger Frank de Boer tekende op 3 januari 2011 een in eerste instantie tot de zomer van 2014 lopend contract bij de hoofdstedelingen. Hij bleef uiteindelijk tot en met seizoen 2015/16.
Ajax heeft sinds de oprichting van de vereniging vijftien verschillende voorzitters gehad. De eerste voorzitter was de oprichter Floris Stempel. Sinds 2020 is Frank Eijken voorzitter van de club. Tussen hen in hebben bekende namen zoals Jaap van Praag en later zijn zoon Michael van Praag onder andere de club geleid. Sinds de oprichting van de NV in 1998 is de rol van voorzitter van de vereniging aanzienlijk kleiner dan voorheen, omdat de dagelijkse leiding van de profafdeling volledig in handen is van de directie.
Rugnummer 14
Sinds het begin van het seizoen 2007/08 is dit rugnummer niet meer gebruikt door Ajax. Het rugnummer dat Johan Cruijff vroeger droeg is van onschatbare waarde zei John Jaakke. Ajax heeft tenslotte naam gemaakt met Johan Cruijff. Ter ere van Johan is het rugnummer bevroren. De laatste speler die met het rugnummer 14 mocht spelen was Roger García, in de voorbereiding van het seizoen 2010/11 speelde Marvin Zeegelaar een duel met het rugnummer 14. Dit bleek een fout te zijn.[40] Ook in de voorbereiding op het seizoen 2011/12 werd rugnummer 14 opnieuw vergeven, ditmaal aan Aras Özbiliz. De club gaf aan dat dit geen misverstand was.[41]
Lijst van spelers na Johan Cruijff met het rugnummer 14:[42]
In het seizoen 1983-1984 was Jesper Olsen in de eerste drie competitiewedstrijden tussen 21 augustus 1983 en 28 augustus 1983 aanvoerder wegens een blessure van Dick Schoenaker. Van ronde 7 tot en met 9 was Jesper Olsen wederom aanvoerder van 18 september 1983 tot en met 2 oktober 1983, onder anderen in de wedstrijd Ajax-Feyenoord (8-2, 18 september 1983), wegens schorsing van Dick Schoenaker. Ook tijdens de bekerwedstrijd HOV-Ajax (0-5) op 9 oktober 1983 verving Jesper Olsen de geschorste Dick Schoenaker als aanvoerder. Ook was Ronald Koeman eenmaal aanvoerder tijdens Ajax-FC Den Bosch 5-2 op 1 april 1984 wegens een blessure van zowel Dick Schoenaker als Jesper Olsen.
In het seizoen 1984-1985 was Ronald Spelbos een keer aanvoerder in de kampioenswedstrijd Roda JC-Ajax (2-3, 25 mei 1985), omdat Dick Schoenaker wegens familieomstandigheden ontbrak.
In het seizoen 1985-1986 was Ronald Koeman in de tweede competitiehelft in de eerste helft van 1986 eenmaal aanvoerder als vervanger van Marco van Basten.
Wedstrijd statistieken zijn bijgewerkt t/m 18 oktober 2020. Jong Ajax spelers worden toegevoegd zodra ze minuten maken in een officiële Ajax1 wedstrijd in 2021/2022.
Ajax kent vanouds een jeugdopleiding. Deze opleiding volgt het Ajax-systeem van "Techniek, Inzicht, Persoonlijkheid en Snelheid" (TIPS). De jeugdelftallen spelen volgens hetzelfde 4-3-3 systeem met vleugelspelers als het eerste elftal. Hierdoor wordt de doorstroming vergemakkelijkt. Jaarlijks stromen echter maar ongeveer twee a drie voetballers uit de jeugd door naar het eerste elftal. Spelers die de top bij Ajax uiteindelijk niet weten te halen belanden vaak bij andere clubs in de Eredivisie waardoor de jeugdopleiding van Ajax ook wel een kweekvijver van het Nederlandse voetbal genoemd wordt. De jeugdopleiding stond van 2008 tot 2011 onder leiding van voormalig profvoetballer Jan Olde Riekerink. Zijn rol werd overgenomen door Wim Jonk en Dennis Bergkamp.
Jong Ajax
Zie Jong Ajax voor het hoofdartikel over dit onderwerp.
Jong AFC Ajax, komt vanaf het seizoen 2013/2014 uit in de Jupiler League. De club mag van de KNVB niet promoveren naar de Eredivisie.
In mei 2012 maakte Ajax bekend dat het een team zou laten spelen in de nieuw opgerichte Women's BeNe League 2012/13. Ajax heeft voor de oprichting en begeleiding van zijn vrouwenelftal oud-international Marleen Molenaar aangesteld.[51]
Vrouwenteam
Het eerste vrouwenteam van Ajax bestond uit de volgende speelsters:
Lucky Ajax is een gelegenheidsteam van oud-profspelers van de Amsterdamse voetbalclub. Drijvende kracht achter het team is Sjaak Swart, die in het eerste van Ajax stond ten tijde van de succesreeks in de tweede helft van de jaren 1960 en in het eerste trimester van de jaren 1970. Tot de deelnemers aan de regelmatig wisselende formatie behoren verder onder andere Barry Hulshoff, Sonny Silooy, Simon Tahamata, Ronald Koeman, Tscheu La Ling, Gerrie Mühren, John van 't Schip, Brian Roy, Stanley Menzo, Peter van Vossen en Fred Grim. De naam is afgeleid van het gezegde "lucky Ajax", dat wordt gebezigd als Ajax door gelukkig toeval of een scheidsrechterlijke dwaling een wedstrijd winnend beëindigt.
In de Club van 100 van Ajax, waarin alle spelers zijn vermeld die 100 officiële wedstrijden of meer voor Ajax hebben gespeeld, staan de volgende tien namen het hoogste in de lijst.
Er zijn in totaal zeventien spelers die 100 keer of meer in het Ajax-shirt hebben gescoord in officiële wedstrijden. Hiervan zijn er 14 sinds de invoering van het betaald voetbal en de overige 3 (voor 1954) voordat er betaald voetbal was in Nederland.[52]Goaltjes Piet van Reenen staat met 273 treffers bovenaan.
Een overzicht van de behaalde punten vanaf de oprichting van de Eredivisie in 1956/57, omgerekend naar 34 wedstrijden per seizoen en 3 punten voor een overwinning. In de donkergroene jaren behaalde Ajax ook het landskampioenschap.
71
59
52
72
73
55
63
53
39
86
82
85
79
87
77
93
90
72
70
71
77
69
78
72
70
82
84
73
78
77
78
83
72
68
75
80
69
80
88
83
61
89
57
61
61
73
83
80
77
60
75
69
68
85
73
76
76
71
71
82
81
79
86
56*
88
74.2
57
58
59
60
61
62
63
64
65
66
67
68
69
70
71
72
73
74
75
76
77
78
79
80
81
82
83
84
85
86
87
88
89
90
91
92
93
94
95
96
97
98
99
00
01
02
03
04
05
06
07
08
09
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
gem.
2019/20: Dit seizoen werd na 26 speelrondes stopgezet vanwege de uitbraak van het coronavirus (puntenaantal na 25 wedstrijden vanwege een inhaalwedstrijd).
#Q = #Kwalificatieronde, PO = Play Offs, GR = Groepsfase, #R = #Ronde, AF = Achtste Finale, KF = Kwartfinale, HF = Halve Finale, F = Finale, W = Winnaar
UEFA Ranking
In de UEFA Ranking wordt het puntentotaal (twee per overwinning, een voor elk gelijkspel plus eventuele bonuspunten voor het bereiken van bepaalde fases in een toernooi) van de afgelopen vijf seizoenen bij elkaar opgeteld, waar dan vervolgens een ranglijst van gemaakt wordt. Deze lijst wordt gehanteerd bij lotingen van de voorrondes en groepsfases van de UEFA Champions League en de UEFA Europa League.
Ajax is een van de succesvolste clubs ooit in Europees verband. Het won viermaal de Europacup I / Champions League. Slechts vijf clubs hebben deze prestatie weten te overtreffen: Real Madrid (13x), AC Milan (7x), Liverpool FC (6x), FC Barcelona (5x) en Bayern München (5x). Daarnaast won Ajax eenmaal de Europacup II, eenmaal de UEFA Cup, driemaal de UEFA Super Cup en eenmaal de International Football Cup. Verder speelde de club nog vier Europa Cup-finales die verloren werden, en werd de editie van de UEFA Super Cup 1987 verloren (0-1, 0-1, totaal 0-2 in 2 duels). Ook werd daarnaast nog tweemaal de wereldbeker voor clubteams gewonnen. In onderstaande tabel staan de uitslagen van de gewonnen finales vet en van de verloren finales cursief vermeld.
Ajax speelt sinds 1957 in diverse Europese competities. Hieronder staan de competities en in welke seizoenen de club deelnam. De edities die Ajax heeft gewonnen zijn dik gedrukt:
↑ abAjax.nl, 7 juni 2018 Ajax vernoemt talentenprijs naar Abdelhak Nouri, “... Donny van de Beek (winnaar in 2015) reikte de 1e ‘Abdelhak Nouri Trofee’ uit aan Gravenberch, de middenvelder die donderdagmiddag zijn 1e contract tekende. Bij de overhandiging op sportcomplex de Toekomst waren ook de vader en de broer van Abdelhak Nouri aanwezig ...”
↑Roy Jadi, “Lucky ajax golfdag Maandag 14 mei 2007”, "... Ten tweede werd bekend gemaakt dat de trofee die Lucky Ajax jaarlijks uitreikt aan het grootste talent van Ajax, vanaf heden de ‘Sjaak Swart trofee’ zal heten ..."