Abdul Qadir Khan

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Abdul Khan
Afbeelding gewenst
Persoonlijke gegevens
Volledige naam Abdul Qadir Khan
Geboortedatum 1935 of 1936
Geboorteplaats Bhopal, Vlag van India India
Wetenschappelijk werk
Vakgebied kernfysica
Bekend van doorspelen atoomgeheimen aan Pakistan

Abdul Quadir Khan (Bhopal, India, 1935 of 1936) is een Pakistaanse atoomgeleerde.

Hij wordt beschouwd als de vader van de Pakistaanse atoombom. De kennis tot het bouwen van deze atoombom deed hij op in de jaren '70 toen hij in Nederland de techniek stal om uranium te verrijken tot splijtstof voor kernwapens door middel van de ultracentrifuge.

Biografie[bewerken]

Khan emigreerde in 1952 vanuit India naar Pakistan. Hij volgde een technische studie aan de Universiteit van Karachi.

In 1961 vertrok hij naar Europa om zijn studie te vervolgen, en startte zijn opleiding in West-Berlijn aan de Technische Universiteit Berlijn (Technische Universität Berlin). Twee jaar later kwam hij naar Delft, waar hij prof. dr. W.G. Burgers als mentor kreeg toegewezen.[1] In 1967[2] studeerde hij af in metaalkunde aan de Technische Hogeschool Delft (de huidige Technische Universiteit Delft), waarna hij naar België vertrok om daar in 1972 te promoveren aan de Katholieke Universiteit Leuven.

Na zijn promotie in 1972 kwam Khan in dienst bij het Fysisch Dynamisch Onderzoekslaboratorium (FDO) dat onderzoek deed voor Urenco. Omdat hij al elf jaar in Europa woonde en getrouwd was met een Nederlandssprekende vrouw (zij was Zuid-Afrikaanse), doorliep hij het veiligheidsonderzoek van de Binnenlandse Veiligheidsdienst (BVD) zonder problemen.

In 1975 kwam Khan niet terug van een vakantie naar Pakistan.

Op 14 november 1983 werd Khan door de Amsterdamse rechtbank bij verstek veroordeeld tot vier jaar gevangenisstraf wegens spionage in de jaren 1976 en 1977 (NJ 1984, 282). Dit vonnis werd op 28 maart 1985 door het gerechtshof vernietigd omdat de inleidende dagvaarding niet op de juiste wijze aan Khan was betekend.

In 1992 is aan Khan op humanitaire gronden een visum voor Nederland verleend. Begin 2004 verschenen er berichten dat Khan nucleaire kennis zou hebben verkocht aan landen geregeerd door dubieuze regimes, met name Libië, Iran en Noord-Korea. Daarop werd de atoomgeleerde op 4 februari 2004 door de Pakistaanse regering onder huisarrest geplaatst. Dit leek vooral bedoeld om hem af te schermen voor de wereldpers. Khan hield voor de Pakistaanse televisie een rede waarin hij spijt betuigde voor zijn handelwijze. Op 6 februari 2009 beval het hooggerechtshof dat het huisarrest moest worden opgeheven.

Argos[bewerken]

In het VPRO-radioprogramma Argos van 9 augustus 2005 stelde oud-premier Ruud Lubbers dat de spionage-activiteiten van Khan bekend waren bij de inlichtingendiensten. Op verzoek van de CIA is Khan niet vervolgd, mogelijk om zijn activiteiten beter na te kunnen gaan.

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

Bronnen

Voetnoten

  1. Edel, Peter De nucleaire politiek van Nederland en de kernproeven in Pakistan. URL bezocht op 7 september 2009
  2. (1997) Lustrumboek 'Het Gezelschap Tubalkaïn', afdeling Materiaalkunde, TU Delft