Abraham van Beijeren

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Monogram van Abraham van Beijeren
Pronkstilleven. 1650-1669. Karlsruhe, Staatliche Kunsthalle Karlsruhe.

Abraham van Beijeren (Den Haag, ca. 1620 - Overschie (nu Rotterdam), maart 1690), was een Noord-Nederlands schilder behorend tot de Hollandse School. Hij werd matig erkend in zijn eigen tijd maar wordt nu beschouwd als een van de grootste stillevenschilders.

Levensloop[bewerken]

Van Beijeren, ook gespeld als Beyeren of Bergaren, is geboren in Den Haag en woonde verder in Delft, Amsterdam, Alkmaar en Gouda. In 1677 vestigde hij zich in Overschie, waar hij overleed in 1690. In 1647 hertrouwde hij met Anna van den Queborn.

Abraham van Beyeren behoort tot de belangrijkste stillevenschilders van de Nederlandse Gouden Eeuw. Samen met Willem Kalf behoort hij tot de generatie stillevenschilders ná Jan Davidsz. de Heem, die het genre van het zogenaamde pronkstilleven verder ontwikkelden door er hun geheel eigen stijl en interpretatie aan te geven, Terwijl Kalf dit vooral deed door een sterk contrast tussen licht en donker, deed Van Beijeren dit door zijn uitermate verfijnde composities en zijn zachte en tevens rijke kleurgebruik. Van Beijeren schilderde zijn belangrijkste pronkstillevens in de jaren zestig van de 17e eeuw. Hij woonde toen in Den Haag.

Als voorbeelden van Van Beijerens kunst in deze jaren gelden het stilleven in het Los Angeles County Museum, dat gesigneerd en gedateerd is 1667[1] en die in de collectie van het Instituut Collectie Nederland.[2]

Pronkstillevens zoals van Van Beijeren en Willem Kalf raakte hier te lande enigszins 'uit de mode' maar werden omstreeks 1750 'herontdekt' in Frankrijk en Engeland. Het is om die reden dat de belangrijkste voorbeelden van deze meesters zich nog altijd in genoemde landen bevinden.

Handtekening[bewerken]

Van Beijeren ondertekende zijn doeken met het monogram "AVB" en liet altijd na een datum toe te voegen. Hierdoor is het moeilijk een chronologie op te stellen van zijn werken.

Artistieke stijl[bewerken]

Stilleven met vissen. Ca. 1650-1670. Amsterdam, Rijksmuseum.

Terwijl in de jaren 1640 de meeste van zijn schilderijen nog zeegezichten waren, begon Van Beijeren zich te ontwikkelen als een bekwame stillevenschilder van vis. In de jaren 1650 en 1660 richtte hij zich op stillevens met fijn zilverwerk, Chinees porselein, glas en selecties van fruit. Hij schilderde ook een aantal stillevens van bloemen. Van Beijeren was lid van het Sint-Lucasgilde.

Pronkstilleven Scottish National Gallery; permanente uitleen Ger Eenens Collection The Netherlands

Van Beijeren schilderde ook het vissersbord in 1649 in opdracht van Maassluise stuurlieden. Het bord is nu eigendom van de Groote of Nieuwe kerk in Maassluis.[3]

Beroemd is zijn pronkstilleven in de Scottish National Gallery. Op dit pronkstilleven staan vruchten in een wanlischaal, façon-de-Veniseglaswerk, een aardewerkkruik (Raerens steengoed), en dode konijnen en gevogelte op een gedekte tafel met fluwelen doek voor een stenen muur met een nis waarin een vijzel staat. Op deze vijzel heeft de schilder zichzelf afgebeeld staande achter de schildersezel. Dit stilleven is permanent uitgeleend aan de National Galleries of Scotland.

Publieke collecties[bewerken]

Werken van Abraham van Beieren zijn in de openbare collecties van: