Afghanistan

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Islamitisch Emiraat Afghanistan
امارت اسلامی افغانستان (Dari)
Imārat-i Islāmī-yi Afghānistān
د افغانستان اسلامي امارت (Pasjtoe)
Də Afġānistān Islāmī Imārat
Flag of the Taliban.svg Arms of the Islamic Emirate of Afghanistan.svg
(Details) (Details)
Kaart
Basisgegevens
Officiële landstaal Dari, Pasjtoe
Hoofdstad Kabul
Religie 99% islam
(80% soennisme,
19% sjiisme)
1% overig (waaronder christendom)
Oppervlakte 652.864 km² [1] (0% water)
Inwoners 13.051.358 (1979)[2]
36.643.815 (2020)[3] (56,1/km² (2020))
Bijv. naamwoord Afghaans
Inwoneraanduiding Afghaan (m)
Afghaanse (v)
Afghanen (mv)
Overige
Volkslied Dā də bātorāno kor
Munteenheid Afghaanse afghani (AFN)
UTC +4:30 (geen zomertijd)
Nationale feestdag 19 augustus (Onafhankelijkheidsdag)
Web | Code | Tel. .af | AFG | 93
Voorgaande staten
Islamitische Republiek Afghanistan Islamitische Republiek Afghanistan 2004
Detailkaart
Kaart van Afghanistan
Portaal  Portaalpictogram  Landen & Volken
Uitzicht over Kaboel

Afghanistan (Pasjtoe / Dari: افغانستان; Pasjtoe: Afġānistān, IPA:[avɣɒnisˈtɒn]; Dari: Afġānestān, IPA: [avɣɒnesˈtɒn]), officieel het Islamitisch Emiraat Afghanistan, is een land dat zowel tot Centraal-Azië als Zuid-Azië wordt gerekend.[4] Het land heeft een bevolking van bijna 37 miljoen mensen, die wonen op een grondgebied van ruim 652.000 km². Het land wordt begrensd door Pakistan in het zuiden en oosten, Iran in het westen, Turkmenistan, Oezbekistan en Tadzjikistan in het noorden en China in het verre noordoosten (de Wachan-corridor in de provincie Badakhshan). Het land hoort ook bij de MENA-landen.

Naam[bewerken | brontekst bewerken]

De naam Afghanistan betekent letterlijk Land van de Afghanen. De Pathanen begonnen de benaming Afghaan voor zichzelf te gebruiken vanaf de islamitische periode. Volgens W.K. Frazier Tyler, M.C. Gillet en andere geleerden, "Het woord Afghaan komt voor het eerst in de geschiedenis voor in de Hudud-al-Alam in 982" Het laatste deel van de naam Afghanistan stamt af van het Perzische woord stān (staat of land). De Engelse benaming Afghanland die in verschillende verdragen tussen Kadjaren en Engeland voorkomt over de landen bewoond door Pathaanse stammen (modern Zuidoost-Afghanistan) tussen Perzië en Brits-Indië werd door de Afghanen overgenomen en werd Afghanistan.

Vanaf de 18e eeuw, toen Ahmad Shah Durrani een regering vormde op basis van het Pashtunwali, werd Afghanistan bij zijn huidige naam genoemd; Afghanistan werd internationaal als officiële naam erkend tijdens de heerschappij van Abdoer Rahman Khan. Vóór de 18e eeuw werd Afghanistan aangeduid als Khorasan en nog vroeger als Aryana (ook wel gespeld als Ariana).

Geschiedenis[bewerken | brontekst bewerken]

Zie de hoofdartikelen: Geschiedenis van Afghanistan en Tijdlijn van Afghanistan

De oudste menselijke bewoning in Afghanistan dateert uit het Middenpaleolithicum. Het land was dankzij de strategische ligging langs de Zijderoute sinds de Oudheid verbonden met de culturen van het Midden-Oosten en andere delen van Azië. Door de eeuwen heen vormde het land het strijdperk van sterk uiteenlopende mogendheden, zoals de Grieken van Alexander de Grote, islamitische Arabieren van het kalifaat van de Omajjaden en Abbasiden, Mongolen van Dzjengis Khan, Britten en Russen. Het land vormde de bakermat van de rijken van de Bactriërs, Kushans, Hephthalieten, Samaniden, Saffariden, Ghaznaviden, Ghowriden, Khilji's, Mogols, Hotakiden en de Durraniden.

De politieke geschiedenis van de moderne staat van Afghanistan begon in de 18e eeuw met de Hotakiden en Durraniden. In de late 19e eeuw werd Afghanistan een bufferstaat in 'The Great Game' tussen de Britse en Russische koloniale rijken. Na de Anglo-Afghaanse Oorlog van 1919 ondernamen Amanoellah Khan en Mohammed Zahir Sjah de modernisering van het land. Een reeks staatsgrepen in de jaren zeventig werd gevolgd door een Russische invasie, die werd tegengewerkt door de Amerikanen. Na de Russische terugtrekking volgde in de jaren tachtig een reeks burgeroorlogen die een groot deel van het land verwoestte. Uiteindelijk maakte dit de weg vrij voor de taliban, een groepering van religieuze extremisten, die kortstondig vrijwel het hele land wisten te veroveren.

Situatie sinds 2001[bewerken | brontekst bewerken]

Zie ook het artikel Oorlog in Afghanistan (2001-2021)

In 2001 vielen de Verenigde Staten Afghanistan binnen, op zoek naar Osama bin Laden. Directe aanleiding waren de aanslagen van 11 september. De Amerikaanse aanvallen ondersteunden de opmars van de Noordelijke Alliantie, een alliantie van gewapende tegenstanders van de taliban, die voorheen gesteund waren vanuit de noordelijke buurlanden. Lokale krijgsheren kozen de zijde van de Amerikanen en keerden zich tegen de taliban. Binnen enkele maanden was de talibanregering verdreven en was Al-Quaïda na hevige gevechten bij Tora Bora een gevoelige slag toegebracht. De in Afghanistan verblijvende Arabische Al-Quaida-leider Osama Bin Laden ontkwam en zou later opgespoord worden in Pakistan. Bij de toekomstbesprekingen die plaatsvonden op de Internationale Afghanistan-conferentie te Bonn in 2001 ontstond consensus over een door de internationale gemeenschap gesteunde overgangsregering onder Hamid Karzai. Karzai werd in 2004 als president bevestigd in de eerste vrije verkiezingen van het land. In 2004 werd ook een nieuwe grondwet opgesteld. De val van de taliban werd door de bevolking met opluchting begroet. Mannen lieten massaal hun baarden afscheren; vrouwen en meisjes maakten in grote getalen gebruik van de herwonnen vrijheden, zoals de mogelijkheid zonder begeleider in het openbaar te begeven, of het recht naar school te gaan.

Tussen 2001 en 2021 was er een buitenlandse veiligheidsmacht in Afghanistan aanwezig, de ISAF, die bestond uit de Amerikanen en hun bondgenoten. Tot 2003 was de leiding in handen van Nederland en Duitsland, daarna nam, tegen de zin van Afghanistan zelf, de NAVO die taak over.

Ondanks enorme hoeveelheid ontwikkelingsgeld en militaire steun lukte het de Amerikanen en hun bondgenoten niet blijvend een democratisch bestuur of een enigszins functionerende burgermaatschappij in het land te vestigen. De veiligheidssituatie verslechterde door militaire blunders, de wederopstanding van de taliban en de activiteiten van lokale strijdheren. Westers ontwikkelingsgeld viel ten prooi aan de wijdverspreide corruptie, in plaats van te worden gebruikt voor de aanleg van goede infrastructuur of bestrijding van de grootschalige armoede onder de bevolking. Miljoenen naar huis terugkerende vluchtelingen en binnenlandse ontheemden versterkten de problemen op het gebied van schaarste aan voedsel en drinkwater extra.

De taliban streden naar eigen zeggen tegen de aanwezigheid van 'ongelovigen' in Afghanistan, en ook tegen de Afghaanse regering, die zij als een marionet beschouwden. Ze opereerden vaak vanuit het Pakistaanse grensgebied. Deze burgeroorlog kostte het leven aan burgers, medewerkers van het Rode Kruis en andere NGO's, en ISAF-soldaten. Ondanks de uitbreiding van de NAVO-troepenmacht tijdens Barack Obama konden de taliban zich overal in het land handhaven en hun gebied zelfs geleidelijk uitbreiden. Toen de na Tora Bora naar Pakistan gevluchte Bin Laden in 2011 werd geliquideerd door Amerikaanse commando's werd dit echter als een belangrijke Amerikaanse overwinning gezien.

Een probleem voor de Afghaanse regering was dat vrijwel onafhankelijke krijgsheren zich weinig aan het centrale gezag gelegen lieten liggen. De gouverneurs verrijkten zich, streden met elkaar en onderdrukten de bevolking, terwijl de centrale regering vrijwel bankroet bleef. Het met westers geld opgeleide Afghaanse leger was slecht in staat de taliban te bestrijden zonder steun van ISAF. De regering hoopte daarom dat ISAF haar mandaat naar de provincies wilde uitbreiden, maar de Westerse coalitie weigerde dit. Karzai werd in 2009 herkozen als president. Nadat hij de door de grondwet toegestane twee termijnen had afgerond werd Ashraf Ghani in 2014 tot zijn opvolger gekozen. De verkiezingen hadden een chaotische afloop waarbij de kandidaten beiden de overwinning claimden. Uiteindelijk werd onder Amerikaanse druk tot een verdeling van de macht in de nieuwe regering besloten, met Ghani als president. Ghani had een egocentrische stijl van regeren en bleek slecht in staat groepen te verbinden, waardoor de Afghaanse regering verder geïsoleerd raakte. Ondertussen breidden de taliban hun macht in de provincies uit en pleegden ze geregeld bomaanslagen in Kabul. De Amerikaanse publieke opinie was geleidelijk aan tegen de "missie" in Afghanistan gekeerd, na bijna 20 jaar aanwezigheid zonder concrete verbeteringen. In 2020 sloot de regering-Trump een overeenkomst met de taliban, die het de Amerikanen mogelijk maakte zich geheel uit Afghanistan terug te trekken.

De terugtrekking van de Amerikaanse troepen werd bevolen door president Biden in juni 2021. Binnen twee maanden stortte de weerstand van het Afghaanse leger tegen de taliban in. Een voor een vielen provinciehoofdsteden in hun handen. In augustus 2021 verliet president Ashraf Ghani het land zonder formeel te zijn afgetreden, toen de hoofdstad Kaboel werd ingenomen door de Taliban. Op dat moment hadden de Amerikanen en hun bondgenoten hun terugtrekking nog niet afgerond. De Afghaanse vice-president Amrullah Saleh wierp zich op als interim-president. Door het grote aantal personen die het land uit probeerden te vluchten, ontwikkelde zich snel een grote humanitaire crisis.[5]

Op 30 augustus verliet het laatste Amerikaanse vliegtuig Kabul, waarmee een einde kwam aan de westerse aanwezigheid in Afghanistan.[6]

Geografie[bewerken | brontekst bewerken]

Satellietfoto zandstorm in Afghanistan

Afghanistan vormt het noordoostelijk deel van het Hoogland van Iran. Het land heeft vele steil hellende bergen en uitlopers van het Hindoekoesj-hooggebergte (met toppen hoger dan 7300 m) in het centrum van het land. De hoogste berg is de Noshaq (7492 m). Er zijn echter, binnen de bergwaaiers en op hun randen, vele vruchtbare valleien en vlaktes. In het zuiden, en in het bijzonder in het zuidwesten, zijn grote woestijnen in het Helmendbekken, waaronder de gebieden van Seistan en Registan. In het noorden, tussen de centrale bergketens en de rivier Amu Darja liggen de hooglanden van Badachsjan, Afghaans Turkestan, de vlakte van Amu Darja, en de rijke vallei van Hari Rud (Arius) in de noordwesthoek van het land (het hart van het oude Ariana). In het midden van het land ligt het nationaal park Band-e Amir.

Klimaat[bewerken | brontekst bewerken]

Het klimaat van het land varieert sterk, hoewel het grootste deel van het land droog is. In Afghanistan komen onder andere een steppeklimaat (noordwesten en noordoosten), woestijnklimaat (zuiden en midden) en landklimaat (noordoosten) voor. Door de grote afstand tot de oceanen houdt dit droge, hete zomers en koude winters in. De meeste regen valt in het oosten en in de bergstreken. Het land kent gedurende de seizoenen problemen met plaatselijke overstromingen (met name in het voorjaar als in de bergen de dooi intreedt) en droogte (met name in de zomer en het najaar).

Afghanistan geldt een van de meest kwetsbare landen ter wereld als het gaat om de gevolgen van klimaatverandering, op basis van zijn geografie, gevoeligheid voor en vermogen om het hoofd te bieden aan de opwarming van de aarde. [7][8][9] [10]

Water[bewerken | brontekst bewerken]

De in 1953 gebouwde Kajakidam in de Helmand

Het centrale bergland vormt de scheiding tussen een drietal rivierbekkens. In het noorden stroomt de Kunduz naar de Amu Darja. Deze laatste vormt over meer dan 1000 km de grens met Tadzjikistan en Oezbekistan. Het oosten behoort tot het stroomgebied van de Indus, met als hoofdrivier de Kabul, en als zijrivieren Panjshir, Alisjang en Kunar. Het water wordt sinds tijden gebruikt voor irrigatie. In het westen stromen de Hari Rud en de Helmand, die grotendeels ten zuidwesten van de Hindoekoesj aan de Iraanse grens stroomt. Deze bevatten slechts af en toe water. De rivieren zijn meestal onbevaarbaar.

Het droge Afghanistan telt weinig grote natuurlijke meren. Er zijn wel meerdere stuwmeren, die zowel voor de stroomvoorziening van de grote steden moeten zorgen als voor drink- en irrigatiewater.

Grenzen en grensovergangen[bewerken | brontekst bewerken]

De zuidoostelijke grens met het buurland Pakistan wordt de facto gevormd door de Durandlijn, een overblijfsel van de Britse koloniale overheersing van India, waarvan Pakistan zich na de onafhankelijkheid in 1948 afsplitste. Sindsdien is Afghanistan er niet in geslaagd deze status quo te veranderen. Op oude kaarten hoort Beluchistan met onder meer de havenstad Karachi eveneens bij Afghanistan. Er zijn in het noorden officiële grensovergangen met Turkmenistan te Andkhoy en Towrgondi (provincie Herat), met Oezbekistan te Hairatan {Mazar) en met Tadjikistan te Takhar en Sher Khan Bandar, In het westen zijn er grensovergangen met Iran te Islam Qala (Herat), Doghroun, Milak en Abo Nasir Farahee. In het oosten zijn er de grensovergangen met Pakistan te Chaman (Spin Boldak) in de provincie Kandahar, te Torkham (bij Jalalabad in de provincie Nangarhar), te Ghulam KhanWesh Pathan (Paktia) en te Urgon (Paktika).

Geografische statistieken[bewerken | brontekst bewerken]

  • Oppervlakte: 652.864 km².
  • Hoofdstad: Kabul (5 miljoen inwoners - 2021)
  • Aantal inwoners: 38,93 miljoen (2020)

Grote steden[bewerken | brontekst bewerken]

Zie Lijst van grote Afghaanse steden voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

De tien grootste steden van Afghanistan telden volgens een schatting van het Bureau voor de Statistiek van Afghanistan in 2006 alle meer dan 50.000 inwoners. Deze zijn hieronder weergegeven, alsook hun inwoneraantal bij de laatste volkstelling van 1979:[11]

Plaats 1979 2006
Kabul 913.164 2.536.300
Herat 140.323 350.000
Kandahar 178.409 324.800
Mazar-i-Sharif 103.372 300.600
Jalalabad 53.915 204.423
Kunduz 53.251 117.500
Pol-e Chomri 31.101 87.400
Maymana 38.251 67.800
Sjeberghan 18.955 66.200
Taloqan 19.925 59.300

Steden die sinds 1979 uit de top 10 zijn verdwenen zijn Baghlan (in 2006: 56.200 inwoners) en Ghazni (48.700).

Bestuurlijke indeling[bewerken | brontekst bewerken]

Zie Provincies van Afghanistan en Districten van Afghanistan voor de hoofdartikelen over dit onderwerp.

Afghanistan kent naast de centrale overheid ook andere bestuurslagen, territoriale onderdelen waar regels vastgesteld en/of beslissingen worden genomen over bepaalde gebieden en/of hun bewoners. Het betreft de volgende bestuurslagen:

Bestuurslagen[12][a]
centraal niveau[b] provincieniveau[c] districtsniveau[d] lokaal niveau[e]
Islamitische Republiek Afghanistan
  • خارجه جمهوری اسلامی افغانستان
Jamhūrī-ye Islāmī-ye Afġānistān
  • د افغانستان اسلامي جمهوریت
De Afġānistān Islāmī Jomhoriyat
provincies
  • ولایت, wilāya
  • ولایت, wilāya
districten
  • ولسوالی‌, vulusvāli
  • ولسوالۍ, wuləswāləi
dorpen

gemeenten
  • شهرداری, sharwali
  • ښاروالۍ
  1. De aanduidingen zijn in de ambtstalen Dari (Perzisch) en Pasjtoe. De aanduidingen voor dorpen zijn in de ambtstalen niet beschikbaar.
  2. Een deel van het grondgebied is geheel of gedeeltelijk niet in handen van de centrale overheid door de burgeroorlog.
  3. De provincies zijn onderdeel van de centrale overheid, maar hebben wel raden.
  4. De districten zijn onderdeel van de centrale overheid, maar hebben wel raden.
  5. De gemeenten lijken naast de districten te bestaan. Binnen de districten bestaan dorpen met een eigen bestuur. Wellicht bestaan binnen gemeenten ook dorpen met een eigen bestuur.

Afghanistan heeft 34 provincies, die weer zijn onderverdeeld in totaal 398 districten.

Bevolking[bewerken | brontekst bewerken]

Demografische ontwikkeling van Afghanistan
Etnische groepen (per district)
Dominante talen per district
 Dari
 Pasjtoe
 Pasjai

Bij het begin van de 20e eeuw telde Afghanistan ongeveer vier miljoen inwoners; sinds 2020 zijn er negen keer zoveel.

Hoewel oorlogvoering in de laatste eeuw een wezenlijke bevolkingsverplaatsing veroorzaakte (miljoenen vluchtelingen trokken naar Pakistan en Iran) is de bevolkingssamenstelling niet veel veranderd door de jaren heen. Tadzjieken, die de tweede grootste etnische groep van het land vormen, wonen rond het Hart en in het noordoosten; Oezbeken wonen in het noorden, en nomadische Turkmenen wonen langs de grens met Turkmenistan. In de centrale bergen wonen de Hazara, van Mongoolse oorsprong. In de oostelijke en zuidelijke centrale gedeelten wonen de Pathanen, die de grootste etnische groep van het land vormen. Beloetsji wonen in het uiterste zuiden.

Dari (of Oostelijk Perzisch), Pasjtoe, Oezbeeks, Engels, Arabisch, Turkmeens en Urdu zijn de belangrijkste talen van het land.[13]

Godsdienst[bewerken | brontekst bewerken]

Bijna alle (meer dan 99,7%) inwoners zijn moslim. De grote meerderheid (80 tot 85%) is soenniet, een minderheid (15 tot 19%, meer dan twee miljoen en hoofdzakelijk Hazara) sjiiet. 1% hangt een andere godsdienst aan (hindoe, sikh, christendom of jodendom)

Bevolkingsstatistieken[bewerken | brontekst bewerken]

Deze cijfers zijn gebaseerd op gegevens uit het World Factbook van de CIA, zoals geraadpleegd op 30 juni 2020. Andere bronnen, zoals bijvoorbeeld te vinden op Hewad.com,[14] geven soms beduidend andere cijfers.

Levensverwachting[bewerken | brontekst bewerken]

20% van de Afghaanse kinderen sterft voor het bereiken van de leeftijd van 5 jaar. 1 op 7 kinderen sterft tijdens het eerste levensjaar door ziekte of ondervoeding. Toch is de jaarlijkse bevolkingsgroei hoog.[bron?]

Uit gegevens van UNICEF blijkt dat de situatie van vrouwen en meisjes in Afghanistan anno 2005 nog steeds zorgwekkend is.[15]

  • De laatste 3 jaar tot 2005 bedroeg de inschrijving van meisjes in secundaire scholen slechts 10%.
  • 40% der vrouwen trouwt voor de leeftijd van 18 jaar bereikt te hebben. Van hen heeft een derde dan reeds zelf kinderen.
  • 1600 (en in sommige streken 6000) vrouwen per 100.000 sterven tijdens het bevallen of wegens optredende verwikkelingen.

Drugsgebruik[bewerken | brontekst bewerken]

Een wijdverbreid probleem in Afghanistan is de productie en het gebruik van drugs. Volgens een onderzoek van de VN-organisatie UNODC gebruikten er in 2005 zo'n 920.000 Afghanen drugs als heroïne, hasjiesj en opium. Volgens het 2009 International Narcotics Control Strategy Report van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken zouden er naar schatting twee miljoen drugsgebruikers in Afghanistan zijn. De hoofdstad Kabul zou al 50.000-60.000 drugsverslaafden tellen.[16]

Geletterdheid[bewerken | brontekst bewerken]

De geletterdheid van de volledige bevolking wordt geschat op 36%. Het percentage geletterde vrouwen is in 2005 15%.

In de lente van 2003 schatte men dat 30% van de 7000 scholen van Afghanistan ernstig was beschadigd tijdens meer dan twee decennia van Sovjetoverheersing en burgeroorlog. Slechts de helft van de scholen had schoon water en naar schatting minder dan 40% had adequate hygiëne. Het onderwijs voor jongens was geen prioriteit tijdens het talibanregime en meisjes mochten helemaal niet naar school.

Er wordt verondersteld dat tot vier miljoen Afghaanse kinderen, misschien het grootste aantal ooit, voor het schooljaar ingeschreven staan dat in maart 2003 begon. Het onderwijs is beschikbaar voor zowel meisjes als jongens.

Sinds de omverwerping van de taliban zijn meer dan 40 meisjesscholen opgeblazen, verbrand of aangevallen.

Bestuur[bewerken | brontekst bewerken]

Sinds de strijd van de Moedjahedien tegen de bezetting door de Sovjet-Unie en de omverwerping van het talibanregime in 2001 is er veel veranderd. Vanaf december 2001 was Hamid Karzai regeringsleider en voorlopig staatshoofd.

Nadat het land enige tijd door een voorlopige overgangsregering werd bestuurd, werd een nieuwe grondwet voor de Islamitische Republiek Afghanistan opgesteld en in januari 2004 goedgekeurd door de 502 leden tellende Loya Jirga. Er werd een presidentieel systeem met twee vicepresidenten ingesteld. Zowel Dari als Pasjtoe is tot nationale taal bestempeld. 77% van de bevolking spreekt Dari, 48% spreekt Pasjtoe.[13] Andere etnische talen zullen als officiële talen gelden in de gebieden waar ze gesproken worden.

Op 9 oktober 2004 won Karzai de presidentsverkiezingen. Het overgangskabinet bleef aan het bewind tot 24 december 2004. Op die dag werd een nieuwe regering onder leiding van Hamid Karzai beëdigd. Deze regering diende wel nog goedgekeurd te worden door het nog te verkiezen Afghaanse parlement. De parlementsverkiezingen stonden oorspronkelijk gepland voor juni 2004, maar werden verscheidene malen uitgesteld en vonden uiteindelijk plaats in september 2005.

In september 2014 werd Karzai opgevolgd door Ashraf Ghani. In augustus 2021 vluchtte hij naar de Verenigde Arabische Emiraten om aan de oprukkende Taliban-troepen te ontkomen. De Taliban nam bij de val van Kabul het presidentieel paleis in. Vicepresident Amrullah Saleh riep zich op 17 augustus uit tot interim-president om de strijd aan te gaan met de Talib Sindsdien worden de Taliban wereldwijd aangeduid als de facto-machthebbers van het land. Het buurland Pakistan bepleit wel erkenning van het Taliban-regime.

Economie[bewerken | brontekst bewerken]

Afghaanse granaatappels
Een handgemaakt Afghaans tapijt

Afghanistan is een arm land, het merendeel van de economische activiteit is akkerbouw en veeteelt. Er wordt ook lapis lazuli gevonden. Van deze intens blauwe edelsteen is het land de leverancier van de hoogste kwaliteit steen. Het bnp per hoofd is slechts $649 per jaar (IMF-schatting voor 2014).

Een van de weinige gebieden waarop de Afghaanse economie wel succesvol is, is de (illegale) productie en export van opium. In dat kader heeft zij zelfs het beruchte opiumgebied van de in Zuidoost-Azië gelegen Gouden Driehoek achter zich gelaten. Met naar schatting 3400 ton (2002) is Afghanistan 's werelds grootste opiumproducent. In 1999 was de productie nog 5000 ton, maar onder de taliban werd de productie formeel verboden, en zakte volgens de officiële statistieken ineen tot "minder dan 200 ton". Een actie van de regering-Karzai om een einde te maken aan de opiumproductie, mislukte, doordat de compensatie voor de boeren onvoldoende was, en door sterk verzet van de met de opiumhandel vervlochten krijgsheren.

De economie van Afghanistan heeft het zwaar te verduren gehad tijdens de oorlog. In het kader van de wederopbouw na de oorlog, werd Afghanistan een groot bedrag aan hulpgelden toegezegd; het daadwerkelijk geschonken bedrag blijft daarbij echter achter. Bovendien is de hulp voornamelijk nodig geweest voor humanitaire noodhulp, en investeringen in infrastructuur, gezondheidszorg en onderwijs, zowel als ondersteuning van de noodlijdende Afghaanse staatskas, hebben daardoor onvoldoende plaatsgevonden.

De lokale munteenheid is de afghani (Af, AFN), koers: 1 Af = € 0,014 (september 2015). De oude afghani (ISO-4217-Code: AFA) is in 2002 vervangen door de nieuwe afghani (AFN), waarbij drie nullen achter de komma werden geschrapt.

Economische statistieken[bewerken | brontekst bewerken]

Deze cijfers zijn gebaseerd op gegevens uit het World Factbook[17] van de CIA.

Transport[bewerken | brontekst bewerken]

Luchttransport[bewerken | brontekst bewerken]

Afghanistan heeft ongeveer 53 vliegvelden. De grootste hiervan zijn de luchthaven Kabul, nabij de hoofdstad en de nabijgelegen regio, Kandahar International Airport in het zuiden, Herat International Airport in het westen en Mazar-i-Sharif Airport de luchthaven in het noorden. Ariana Afghan Airlines is de nationale luchtvaartmaatschappij met binnenlandse vluchten tussen Kabul, Kandahar, Herat en Mazar-i-Sharif. Internationale vluchten zijn onder andere naar Verenigde Arabische Emiraten, Saudi-Arabië, Duitsland, Turkije, India, Iran, Pakistan en een aantal andere Aziatische bestemmingen.

Er zijn ook binnenlandse en internationale vluchten die worden uitgevoerd door de lokale maatschappijen Kam Air, Pamir Airways en Safi Airways. Uit de regio bieden de luchtvaartmaatschappijen zoals Turkish Airlines, Gulf Air, Air Arabia, Air India, PIA en diverse anderen diensten aan naar Afghanistan.

In de periode 2001-2021 speelden binnenlandse lijndiensten een belangrijke rol in het personenvervoer tussen de grote steden wegens de onveilige situatie op de grond.

Spoorwegen[bewerken | brontekst bewerken]

Het land heeft beperkt treinverkeer met Oezbekistan en Turkmenistan in het noorden. De regering is van plan om de spoorlijn uit te breiden naar de hoofdstad en dan naar de oostelijke grensplaats Torkham in 2014 een verbinding met Pakistan Railways te realiseren.

Armoede[bewerken | brontekst bewerken]

In Afghanistan leeft 36% van de bevolking onder de armoedegrens.[18]

Cultuur[bewerken | brontekst bewerken]

De Afghaanse cultuur bestaat al meer dan twee millennia en gaat in ieder geval terug tot de tijd van de Achaemeniden rond 500 v. Chr. Het is vooral een nomadische en tribale samenleving, met in verschillende regio's van het land een eigen traditie, als gevolg van het multiculturele en multilinguale karakter van de natie. In de zuidelijke en oostelijke regio, maar ook in West-Pakistan dat in het verleden deel uitmaakte van Afghanistan, leven de mensen volgens de Pashtun-cultuur door het volgen van Pashtunwali, een oude manier van leven die nog steeds bewaard is gebleven. De rest van het land is cultureel Perzisch en Turks. Sommige niet-Pashtuns die wonen in de nabijheid van de Pashtuns hebben de Pashtunwali aangenomen, terwijl sommige Pashtuns de Perzische cultuur hebben overgenomen. Miljoenen Afghanen die in Pakistan en Iran leven zijn in de afgelopen 30 jaar beïnvloed door de culturen van de naburige landen.

Afghanen zijn trots op hun cultuur, land, afkomst en vooral hun religie en onafhankelijkheid. Net als andere hooglanders worden ze beschouwd met een mengeling van vrees en neerbuigendheid, om hun hoge achting voor persoonlijke eer, voor hun loyaliteit aan hun stam en voor hun bereidheid om geweld te gebruiken om geschillen te beslechten. Stammenoorlogen en moorddadige vetes is iets waar ze zich sinds mensenheugenis mee bezig hebben gehouden. Deze eigenschap maakte het moeilijk voor buitenlanders om het land te veroveren. Tony Heathcote beschouwt het tribale systeem als de beste manier voor het organiseren van grote groepen mensen in een land dat geografisch moeilijk begaanbaar is en in een samenleving die vanuit een materialistisch standpunt een ongecompliceerde levensstijl heeft. Er zijn naar schatting 60 grote Pashtunstammen en het aantal Afghaanse nomaden wordt geschat op ongeveer 2 tot 3 miljoen.

Het land heeft een ingewikkelde geschiedenis die terugkomt in zijn huidige cultuur en in de vorm van verschillende talen en monumenten. Veel van de historische monumenten zijn beschadigd in de recente oorlogen. De twee beroemde boeddha's in de provincie Bamyan werden vernietigd door de taliban die hen beschouwden als afgoderij. Desondanks vinden archeologen nog steeds boeddhistische relikwieën in verschillende delen van het land, waarvan sommige dateren uit de 2e eeuw. Dit geeft aan dat het boeddhisme wijdverbreid was in Afghanistan. Andere historische plaatsen zijn onder andere de steden Herat, Kandahar, Ghazni, Mazar-i-Sharif en Zarang. De Minaret van Jam bij de Haririvier is UNESCO Werelderfgoed. Een mantel die naar men zegt gedragen werd door de profeet Mohammed wordt bewaard in het Heiligdom van de mantel in Kandahar, een stad gesticht door Alexander de Grote en de eerste hoofdstad van Afghanistan. De citadel van Alexander in de westelijke stad Herat is in de afgelopen jaren gerenoveerd en is een populaire attractie voor toeristen. In het noorden van het land is de blauwe moskee van Mazar-i-Sharif door velen gezien als de plaats waar Ali ibn Abu Talib werd begraven. Het Afghaanse ministerie van Informatie en Cultuur is tot 2013 bezig geweest met de renovatie van 42 historische plekken in Ghazni, toen de provincie tot hoofdstad van de islamitische beschaving werd verklaard.[19] Het Nationaal Museum van Afghanistan ligt in Kabul.

Hoewel de geletterdheid laag is, spelen de klassieke Perzische en Pashto poëzie een belangrijke rol in de Afghaanse cultuur. Poëzie is altijd een van de belangrijkste educatieve pijlers geweest in de regio en heeft zich geïntegreerd in de cultuur. Enkele opmerkelijke dichters zijn onder andere Rumi, Rabi'a Balkhi, Sanai, Jami, Khoshal Khan Khattak, Rahman Baba, Khalilullah Khalili en Parwin Pazhwak.[20]

De inwoners van Afghanistan zijn van oorsprong paardrijders, waardoor de sport bekend als Buzkashi daar populair is.

Media en entertainment[bewerken | brontekst bewerken]

De eerste Afghaanse krant verscheen in 1906. In de jaren 1920 begon Radio Kabul met uitzendingen van lokale radiodiensten. Afghanistan National Television werd gelanceerd in 1974, maar werd gesloten in 1996, toen de media streng werden gecontroleerd door de taliban. Sinds 2002 zijn de beperkingen geleidelijk opgeheven en de particuliere media gediversifieerd. Vrijheid van meningsuiting van de pers is in 2004 in de grondwet opgenomen en censuur is verboden, hoewel het belasteren van personen of het produceren van materiaal dat in strijd met de principes van de islam is verboden. Er zijn ten minste 400 publicaties, 15 lokale Afghaanse tv-zenders en 60 radiozenders. Buitenlandse radiostations, zoals de Voice of America, BBC World Service en Radio Free Europe / Radio Liberty (RFE / RL) worden uitgezonden in het land.

Kabul was in het verleden de thuisbasis van vele musici, die meesters waren van zowel de traditionele als de moderne Afghaanse muziek, vooral tijdens Nowruz (Nieuwjaar) en de Nationale Dag van de Onafhankelijkheidfeesten. Ahmad Zahir, Nashenas, Ustad Sarahang, Sarban, Ubaidullah Jan, Farhad Darya en Naghma zijn enkele van de opmerkelijke Afghaanse muzikanten, maar er zijn vele anderen. De meeste Afghanen zijn gewend aan het kijken naar Bollywoodfilms uit India en het luisteren naar de filmhits. Veel van de Bollywoodfilmsterren hebben hun wortels in Afghanistan, waaronder Madhubala, Feroz Khan, Shahrukh Khan, Aamir Khan, Salman Khan, Naseeruddin Shah, Fardeen Khan, Sohail Khan, Celina Jaitley en vele anderen. Bovendien zijn verschillende Bollywoodfilms zoals Dharmatma, Khuda Gawah, Escape from Taliban en Kabul Express opgenomen in Afghanistan.

Kleding[bewerken | brontekst bewerken]

De traditionele mannelijke kleding omvat meestal een salwar kameez (jurk), lungee (tulband), karakul, pakol, topi, kufi (hoed) en een chapan (jas). Sommige mannen dragen af en toe een keffiyeh (wikkel) op hun hoofd. Traditionele Afghaanse kleding verschilt per regio en soms ook per etniciteit of per stam. De meeste traditionele Afghaanse kledij voor vrouwen bestaat uit een lange kleurrijke jurk met ronde rok. Meisjes beginnen op zeer jonge leeftijd hun haar te bedekken met een zeer licht, kleurrijk stuk doek. Velen doen dit zelfs thuis bij hun eigen familie.

Het dragen van de boerka door vrouwen, meestal verkocht in blauwtinten, werd eind jaren negentig tijdens het Taliban-regime afgedwongen. Het niet dragen van een in het openbaar kon vrouwen zware straffen en openbare zweepslagen opleveren. Na de verdrijving van de Taliban in 2001 uit grote delen van het land bleef het dragen van dit kledingstuk voor vrouwen een manier om onopvallend en onherkend over straat te gaan. Sinds de nieuwe machtsovername door de Taliban in augustus 2021 keren nog meer vrouwen terug naar het dragen van de boerka uit angst om anders de aandacht te trekken van Taliban-strijders.

Sport[bewerken | brontekst bewerken]

Het Afghaans voetbalelftal speelt mee in het internationale voetbal sinds 1941. De nationale ploeg speelt zijn thuiswedstrijden in het Ghazi Stadion in Kabul. De nationale ploeg heeft nooit meegedaan aan of zich gekwalificeerd voor het wereldkampioenschap. Het land heeft ook een nationaal zaalvoetbalteam. Enkele andere populaire sporten in Afghanistan zijn cricket, volleybal, basketbal, taekwondo, boksen, worstelen, gewichtheffen en bodybuilding. De eerste Olympische medaille werd behaald door de taekwondo-beoefenaar Rohullah Nikpai bij de Olympische Zomerspelen van 2008.

Buzkashi is een traditionele sport, vooral onder de noordelijke Afghanen. Het is vergelijkbaar met polo, gespeeld door ruiters in twee teams, die elk proberen in het bezit van een geitenkarkas te komen.

Feestdagen[bewerken | brontekst bewerken]

In Afghanistan gelden islamitische feestdagen van zowel soennieten als sjiieten. De nationale feestdag op "28 Asad" volgens de Afghaanse kalender valt doorgaans op 19 augustus omgerekend naar de westelijke kalender, maar soms op 18 augustus. Ook worden er traditioele feestdagen van pre-islamitische oorspong gevierd, zoals Noroez.

Keuken[bewerken | brontekst bewerken]

De Afghaanse keuken is grotendeels gebaseerd op granen zoals tarwe, maïs, gerst en rijst, die de belangrijkste gewassen van het land zijn. Er zijn overeenkomsten met de Iraanse en Indiase keuken.

Populaire Afghaanse gerechten zijn:

Populaire Afghaanse desserts zijn:

Bekende Afghanen[bewerken | brontekst bewerken]

Lijst van presidenten van Afghanistan
Monarchen van Afghanistan
Voormalig president Hamid Karzai

Bezienswaardigheden[bewerken | brontekst bewerken]

Diversen[bewerken | brontekst bewerken]

  • Landcode voertuigen: AFG
  • Het domein .af was in oktober 1997 aangevraagd door Abdul Razeeq, maar werd aanvankelijk niet in gebruik genomen.
  • Op dinsdag 31 maart 2009 vond te Den Haag een internationale conferentie over de toekomst van Afghanistan plaats, The Afghanistan Conference 2009: A Comprehensive Strategy in a Regional Context
Zie Internationale Afghanistan-conferentie te Den Haag op 31 maart 2009 voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Zie ook[bewerken | brontekst bewerken]

Op andere Wikimedia-projecten