Algemeen bijzonder onderwijs

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Algemeen bijzonder onderwijs, afgekort ABO, is een onderwijstype in Nederland. Kenmerkend is dat algemeen bijzonder onderwijs neutraal onderwijs is, neutraal in de zin van de gelijkwaardige betekenis van alle levensbeschouwingen en maatschappelijke stromingen.

Achtergrond[bewerken]

De meeste scholen in Nederland hebben bijzonder onderwijs. De term bijzonder geeft aan hoe de school bestuurd wordt. Deze scholen zijn veelal verenigingen met ouders in het bestuur. Zij worden dus niet, in tegenstelling tot openbare scholen direct door de overheid beheerd. Bijzondere scholen worden vaak opgedeeld in twee onderdelen:

Confessionele bijzondere scholen zijn scholen gebaseerd op een levensbeschouwelijke overtuiging, zoals Rooms-katholieke, protestantse of islamitische scholen. Algemeen bijzonder onderwijs is in tegenstelling tot het confessioneel bijzonder onderwijs niet gebonden aan levensbeschouwingen of maatschappelijke stromingen.

Onderwijssoorten[bewerken]

Vanwege de brede denominatie binnen het algemeen bijzonder onderwijs worden er verschillende typen onderwijs aangeboden. Naast regulier onderwijs worden er onder deze denominatie ook traditionele vernieuwingsscholen zoals Montessori-, Dalton- en Jenaplanscholen opgericht. De vrijeschool vormt hierop een uitzondering, omdat deze gebaseerd is op antroposofie en daarmee dus gebaseerd op een levensbeschouwelijke visie.