Alpenkwastjesbloem

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Soldanella alpina
Soldanella alpina.jpeg
Taxonomische indeling
Rijk: Plantae (Planten)
Stam: Embryophyta (Landplanten)
Klasse: Spermatopsida (Zaadplanten)
Clade: Bedektzadigen
Clade: 'nieuwe' Tweezaadlobbigen
Clade: Asteriden
Orde: Ericales
Familie: Primulaceae (Sleutelbloemfamilie)
Geslacht: Soldanella
Soort
Soldanella alpina
L. (1753)
Alpenkwastjesbloem, habitus
Alpenkwastjesbloem, habitus
Afbeeldingen Soldanella alpina op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Soldanella alpina op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie

De alpenkwastjesbloem (Soldanella alpina) is een overblijvende plant uit de sleutelbloemfamilie (Primulaceae) die te vinden is in de alpiene zone van de Alpen, de Pyreneeën en de Balkan.

Naamgeving en etymologie[bewerken]

  • Frans: Soldanelle des Alpes
  • Duits: Alpen-Soldanelle, Alpentroddelblume, Gewöhnliches Alpenglöckche, Großes Alpenglöckchen
  • Engels: Alpine snowbell, blue moonwort

De botanische naam Soldanella stamt reeds uit de 16e eeuw, en zou afgeleid zijn van de Italiaanse soldi, naar de gelijkenis van de ronde rozetblaadjes met een muntstuk. De soortaanduiding alpina verwijst naar de Alpen.

Kenmerken[bewerken]

De alpenkwastjesbloem is een tot 15 cm hoge, overblijvende, kruidachtige plant met een onvertakte stengel en een basaal bladrozet van donkergroene, gesteelde, vlezige, ronde, hart- of niervormige grondbladeren, tot 3 cm in diameter. De alpenkwastjesbloem is een hemikryptofyte plant die overwintert met een vlezige wortelstok.

De bloemen staan per twee tot vier in een kleine tros op een lange, bladloze maar van klieren voorziene bloemsteel. De tweeslachtige bloemen zijn tot 15 mm lang, wijd klokvormig, met vijf violette tot paarsblauwe kroonblaadjes. De franje is lang, de kroonblaadjes zijn tot het midden ingesneden.

Na de bloei vormt zich een rechtopstaande, tientallige doosvrucht.

De plant bloeit van april tot augustus.

Habitat en verspreiding[bewerken]

De alpenkwastjesbloem groeit voornamelijk op natte hooilanden, bermen, ruigtes en stenige plaatsen, vooral op kalksteen, tot op 3.000 m hoogte.

De plant komt enkel voor in de alpiene zone van de Alpen, de Jura, de Pyreneeën en de Balkan.