Ameiva's

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Ameiva's
Een jong exemplaar van de gewone ameiva (Ameiva ameiva), nabij de stad Santa Fé in Panama.
Een jong exemplaar van de gewone ameiva (Ameiva ameiva), nabij de stad Santa Fé in Panama.
Taxonomische indeling
Rijk: Animalia (Dieren)
Stam: Chordata (Chordadieren)
Klasse: Reptilia (Reptielen)
Orde: Squamata (Schubreptielen)
Onderorde: Lacertilia (Hagedissen)
Infraorde: Scincomorpha (Skinkachtigen)
Familie: Teiidae (Tejuhagedissen)
Geslacht
Ameiva
Meyer, 1795
Afbeeldingen Ameiva's op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Ameiva's op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Herpetologie

Ameiva's[1] (Ameiva) zijn een geslacht van hagedissen die behoren tot de familie tejuhagedissen (Teiidae).

Ameiva's zijn middelgrote hagedissen die een halve meter tot een meter lang worden. De lichaamskleur is vaak groen of bruin met strepen en vlekken. Het voedsel bestaat uit insecten en andere kleinere dieren en daarnaast worden ook plantendelen gegeten. Ameiva's worden zelf gegeten door roofdieren als slangen en rovende zoogdieren.

Ameiva's komen voor in de Nieuwe Wereld; in delen van Noord-, Midden- en Zuid-Amerika. De habitat bestaat uit open gebieden; dichte bossen zijn ongeschikt als leefgebied.

Verspreidingsgebied[bewerken]

Er zijn dertig soorten die voorkomen in delen van Midden- en Zuid-Amerika.[2] Ameiva's zijn te vinden in de landen Argentinië, Bolivia, Brazilië, Colombia, Cuba, Dominicaanse Republiek, Ecuador, Frans-Guyana, Guyana, Haïti, Isla de la Juventud, Kleine Antillen, Paraguay, Peru, Puerto Rico, Suriname, Trinidad en Venezuela.

De grootte van het verspreidingsgebied verschilt sterk per soort. De gewone ameiva is zonder meer de wijdst verspreide ameiva, deze soort komt voor in geheel noord- en centraal Zuid-Amerika. Sommige soorten hebben echter een aanmerkelijk kleiner areaal en komen endemisch voor in een enkel land. Een voorbeeld is de soort Ameiva jacuba die alleen in centraal Brazilië voorkomt in de deelstaat Goiás en de soorten Ameiva concolor en Ameiva nodam die alleen in delen van Peru te vinden zijn.
Sommige soorten zijn aan te merken als echte eilandbewoners. Dergelijke soorten hebben vaak verschillende ondersoorten die zich aangepast hebben door hun geïsoleerde verspreidingsgebieden. Een goed voorbeeld hiervan is de soort Ameiva auberi die maar liefst 43 ondersoorten kent. Veel ondersoorten hebben een klein, specifiek en geïsoleerd verspreidingsgebied bestaande uit één of enkele eilanden.

De gewone ameiva is uitgezet in de Verenigde Staten in de staat Florida. Hier is de hagedis al sinds 1954 in het zuiden te vinden in de county Miami-Dade en de soort heeft zich verspreid naar andere county's.[3] Ook de soort Ameiva praesignis is in deze staat geïntroduceerd en wordt al aangetroffen sinds de jaren 80 van de vorige eeuw.[4]

Habitat en beschermingsstatus[bewerken]

Ameiva plei op het eiland Sint-Maarten.

De habitat verschilt per soort, de bandstaartameiva (Ameiva taeniura) komt voor in vochtige omgevingen met veel plantengroei, deze ameiva wordt vaak in mangrovebossen gevonden. De soort Haïtiaanse ameiva (Ameiva chrysolaema) daarentegen heeft een sterke voorkeur voor kalere, rotsige omgevingen en drogere steppen met cactussen als begroeiing.[1] In streken aan de kust komen vaak gravende krabben voor, de holen van de krabben worden gebruikt door ameiva's om in te schuilen.[5]

Het natuurlijk leefgebied van veel soorten wordt aangetast door de mens door onder andere de illegale houtkap. Voor veel dieren betekent het kappen van bossen het verlies van het leefgebied, maar sommige ameiva's zijn gebaat bij ontbossing. Dichte bossen zijn namelijk ongeschikt voor de bodembewonende en zonneminnende ameiva's, van de gewone ameiva is bekend dat het dier zich graag vestigt in gebieden die recentelijk zijn ontbost.[5]

Ameiva's komen binnen hun areaal vaak algemeen voor. De internationale natuurbeschermingsorganisatie IUCN heeft van acht soorten een beschermingsstatus geformuleerd. Twee soorten worden aangemerkt als algemeen voorkomend (Least Concern of LC); dit zijn Ameiva chrysolaema en Ameiva lineolata. Drie soorten worden beschouwd als kwetsbaar (Vulnerable of VU); te weten Ameiva corax, Ameiva corvina en Ameiva maynardii.
De soort Ameiva polops is de enige ameiva die als ernstig bedreigd wordt gezien (Critically Endangered of CR). Deze soort komt alleen voor op vier kleine eilanden en is grotendeels verdwenen nadat de Indische ichneumon (Herpestes edwardsii) in het verspreidingsgebied werd geïntroduceerd in de negentiende eeuw.

Tenslotte zijn er twee soorten die hoogstwaarschijnlijk zijn uitgestorven. De bekendste is Ameiva major die alleen op het eiland Martinique leefde en wellicht is uitgeroeid door door de mens geïntroduceerde roofdieren.[6]
De tweede uitgestorven soort is Ameiva cineracea, die alleen bekend is van het eiland Guadeloupe.[7]

Uiterlijke kenmerken[bewerken]

Ameiva plei op het eiland Sint Maarten.

Ameiva's zijn relatief grote hagedissen, de lichaamslengte inclusief staart is vaak langer dan 50 centimeter. Het zijn typische hagedissen, met een grote kop, een lang en gestroomlijnd lichaam, vier krachtige, zijwaarts staande poten en een lange, dunne staart. De staart is meer dan twee keer zo lang als de kopromp-lengte. Ameiva's lijken sterk op de echte hagedissen (familie Lacertidae), die in andere werelddelen voorkomen. Ook zijn ze te verwarren met andere tejuhagedissen in Amerika, zoals soorten uit de geslachten Callopistes en de reuzenteju's uit het geslacht Tupinambis. Soorten uit deze twee groepen hebben een grovere lichaamsbouw en een langere staart, ze hebben een enigszins varaanachtig uiterlijk.

Het uiteinde van de tong van ameiva's is gespleten, op de tong bevinden zich geurreceptoren die gebruikt worden om de lucht te proeven, zie ook het artikel orgaan van Jacobson. De tong van ameiva's kan relatief ver worden uitgestoken. De tong van ameiva's is omgeven door een vlezige schede aan de onderzijde van de bek. Dit is een belangrijk verschil met verwante geslachten van hagedissen, zoals de renhagedissen uit het geslacht Cnemidophorus.[8]

De lichaamskleur is meestal groen tot bruin, veel soorten hebben afstekende vlekkenrijen of lichtere strepen in de lengte of een bandering. Ameiva's zijn vaak zeer bont gekleurd, de bandstaartameiva bijvoorbeeld heeft een donkere bovenzijde maar een goud glanzende onderzijde. De Haïtiaanse ameiva heeft een opvallende roze tot rode snuitpunt.[1]

Levenswijze[bewerken]

Ameiva exsul eet een rat.

Ameiva's zijn overdag actief, het zijn allemaal bodembewoners maar soms wordt in bomen en struiken geklommen om aan vijanden te ontkomen. Ameiva's zijn zeer snelle renners die als het moet ook op de achterpoten weg kunnen rennen.[3] Alle soorten zijn eierleggend, de vrouwtjes zetten in het voortplantingsseizoen eieren af die begraven worden in holletjes in de grond. Als na enkele maanden de jongen uit het ei kruipen zijn ze al zo'n 15 tot 17 centimeter lang inclusief staart.

Het voedsel bestaat uit kleine dieren zoals insecten en hun larven en andere ongewervelden. Voorbeelden van dergelijke prooien zijn sprinkhanen, kevers, vlinders, kleine kreeftjes, mieren, termieten, kakkerlakken, spinnen en heremietkreeften. Naarmate die dieren groter worden kunnen ook grotere prooidieren zoals kleine gewervelde dieren worden buitgemaakt, zoals andere hagedissen. Van de soort Ameiva polops is bekend dat voornamelijk jonge anolissen worden gegeten, en ook de eieren van anolissen staan op het menu.[9]

Naamgeving en taxonomie[bewerken]

Het geslacht Ameiva werd voor het eerst wetenschappelijk beschreven door Friedrich Albrecht Anton Meyer in 1795. Waar de wetenschappelijke geslachtsnaam vandaan komt is niet geheel duidelijk. Waarschijnlijk is het woord afkomstig uit het Portugees, de term 'ameiva' is sinds 1742 bekend.[10]
In de Engelse taal worden de hagedissen aangeduid met 'jungle-runners', wat jungle-renners betekent. In het Spaans wordt de naam 'lagartijas metálicas' of metaalhagedissen gebruikt.

Ameiva's behoren tot de hagedissen en de familie tejuhagedissen (Teiidae). Binnen de familie zijn de ameiva's de grootste groep. Er zijn tegenwoordig dertig beschreven soorten, inclusief drie soorten die pas voor het eerst in 2013 voor het eerst wetenschappelijk zijn beschreven; Ameiva aggerecusans, Ameiva jacuba en Ameiva nodam. Ameiva's hebben zich ongeveer 50 miljoen jaar geleden afgesplitst van de soorten uit het geslacht van de reuzenteju's (geslacht Tupinambis). Ongeveer 30 miljoen jaar geleden splitsten de huidige soorten zich op in verschillende subgroepen.[11]

Een aantal hagedissen werd vroeger tot de ameiva's gerekend, maar tegenwoordig niet meer. in de literatuur wordt deze verouderde status nog wel gebruikt. Een voorbeeld is de soort Holcosus festivus en ook andere soorten uit het geslacht Holcosus werden vroeger tot de ameiva's gerekend.

Soorten[bewerken]

Het geslacht omvat tegenwoordig de volgende soorten:

Lijst van soorten ameiva's
Afbeelding Naam Auteur Verspreiding
Ameiva aggerecusans Koch, Venegas, Rödder, Flecks & Böhme, 2013 Peru
Ameiva ameiva in Lençóis Maranhenses National Park - ZooKeys-246-051-g005-G.jpeg Gewone ameiva
(Ameiva ameiva)
Carolus Linnaeus, 1758 Argentinië, Bolivia, Brazilië, Colombia, Ecuador, Frans-Guyana, Guyana, Paraguay, Peru, Suriname en Venezuela
Ameiva atrata Garman, 1888 Redonda
Ameiva atrigularis.jpg Ameiva atrigularis Garman, 1887 Trinidad en Venezuela
Cuban Ameiva (Ameiva auberi) (8597924852).jpg Ameiva auberi Cocteau in Cocteau & Bibron, 1838 Cuba, Isla de la Juventud, Cat Island, Grand Bahama Bank
Ameiva bifrontata Cope, 1862 Peru, Colombia, Venezuela, Aruba
Haïtiaanse ameiva
(Ameiva chrysolaema)
Cope, 1868 Dominicaanse Republiek, Haïti
Ameiva cineracea Barbour & Noble, 1915 Kleine Antillen
Ameiva concolor Ruthven, 1924 Peru
Ameiva corax Censky & Paulson, 1992 Kleine Antillen
Ameiva corvina Cope, 1861 Kleine Antillen (Sombrero)
Ameiva dorsalis Gray, 1838 Jamaica
Ameiva erythrocephala Shaw, 1802 Kleine Antillen
Puerto rican ameiva.jpg Ameiva exsul Cope, 1862 Puerto Rico en omliggende eilanden
Ameiva fuscata (lateral).jpg Ameiva fuscata Garman, 1887 Kleine Antillen (Dominica)
Griswold's Ameiva.jpg Ameiva griswoldi Barbour, 1916 Kleine Antillen (Antigua)
Ameiva jacuba Giugliano, Nogueira, Valdujo, Collevatti & Colli, 2013 Brazilië
Ameiva lineolata.jpg Dwergameiva
(Ameiva lineolata)
Duméril & Bibron, 1839 Dominicaanse Republiek, Haïti
Ameiva major Duméril & Bibron, 1839 Kleine Antillen (Dominica)
Ameiva maynardi Garman, 1888 Bahama's
Ameiva nodam Koch, Venegas, Rödder, Flecks & Böhme, 2013 Peru
Ameiva pantherina Ugueto & Harvey, 2011 Venezuela
Ameiva parecis Colli, Costa, Garda, Kopp, Mesquita, Péres, Valdujo, Vieira & Wiederhecker, 2003 Brazilië
Ameiva Plei on Saint Martin.jpg Ameiva plei Duméril & Bibron, 1839 Kleine Antillen
Ameiva pluvianotata Garman, 1887 Kleine Antillen; Montserrat
Ameiva polops St. Croix Ground Lizard.JPG Ameiva polops Cope, 1862 Puerto Rico en omliggende eilanden
Ameiva praesignis Baird & Girard, 1852 Colombia, Costa Rica, Panama en Venezuela
Ameiva provitaae Garcia-Perez, 1995 Venezuela
Bandstaartameiva
(Ameiva taeniura)
Cope, 1862 Dominicaanse Republiek, Haïti
Ameiva wetmorei Stejneger, 1913 Puerto Rico

Bronvermelding[bewerken]