Anatomische terminologie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Anatomische terminologie (mens))
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Zie artikel Voor terminologie zoals die in gebruik is bij de beschrijving van mollusken, zie Anatomische terminologie (mollusken)
Zie artikel Voor terminologie zoals die in gebruik is bij de beschrijving van planten en mossen, zie Beschrijvende plantkunde

In de anatomie van dieren wordt een groot aantal termen gebruikt die voor de leek niet meteen begrijpelijk zijn. Hieronder worden er kort een aantal verklaard.

Anatomische stand[bewerken | brontekst bewerken]

Anterior view of human female and male, with labels 2.png

De anatomische stand is een rechtopstaand mens met de voeten licht gespreid en de tenen naar voren wijzend, de armen afhangend maar iets van het lichaam gehouden en waarbij de handpalmen naar voren worden gehouden. Bij plaatsaanduidingen kan men deze stand als referentiekader gebruiken.

De vlakken[bewerken | brontekst bewerken]

We kunnen ons een aantal doorsneden door het lichaam voorstellen, waarvan de belangrijkste zijn:

  • het coronale vlak, verticaal en van links naar rechts, verdeelt het lichaam in voor- en achterkant.
  • het mediane vlak, verticaal, van voor naar achter, verdeelt het lichaam in twee gelijke, linker en rechter, delen.
  • het sagittale vlak, (paramediaan vlak) verticaal, van voor naar achter. Evenwijdig aan het mediane vlak, verdeelt het lichaam in twee ongelijke delen.
  • het transversale vlak, horizontaal door het lichaam, verdeelt het lichaam in boven en onder.

Voor de indeling van de hersenen wordt een iets andere terminologie gebruikt, zie hiervoor anatomie hersenen.

Proximaal en distaal[bewerken | brontekst bewerken]

  • proximaal is dichter naar het lichaam toe;
  • distaal is er verder vanaf.

(De vingers zitten distaal van de pols).

Pronatie en supinatie[bewerken | brontekst bewerken]

pronatie is het naar boven draaien van de handrug; supinatie de beweging waarmee men in de handpalm kijkt, of naar de voetzool.

Valgus en varus[bewerken | brontekst bewerken]

een ledemaat staat in valgusstand als het distale deel van de lichaamsas afwijst; in varusstand als het distale deel naar de lichaamsas toewijst.
(genu = knie; genua valga zijn X-benen; genua vara zijn O-benen).

Centraal en perifeer[bewerken | brontekst bewerken]

Centraal is naar het midden van het lichaam toe; perifeer van het midden af.

Links en rechts[bewerken | brontekst bewerken]

Links en rechts worden altijd benoemd vanuit de patiënt gezien: de spreker stelt zich in de plaats van de patiënt. Voor links wordt sinister gebruikt en voor rechts dexter.

Bekijken van röntgenfoto's[bewerken | brontekst bewerken]

Röntgenfoto's worden zo beoordeeld dat het is of men voor de patiënt staat en hem aankijkt. Op een thoraxfoto staat het hart dus aan de rechterkant.
CT-scans en MRI-scans in het transversale vlak worden in rugligging en van onderen bekeken, de lever zit op een doorsnede van de buik dus links.

Zie ook[bewerken | brontekst bewerken]