Antropomorfisme

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Antropomorfisme betekent 'van menselijke gedaante'. Het is een samenstelling van de Griekse woorden voor 'mens' (ἄνϑρωπος / ánthrōpos) en 'uiterlijke vorm' (μορφή / morphē).

In wetenschap en filosofie wordt de term gebruikt als menselijke eigenschappen en waardeoordelen worden toegeschreven aan niet-menselijke wezens (dieren, planten, goden) of dingen. In de moderne wetenschap wordt er meestal van uitgegaan dat deze manier van denken onjuist is.

De humanoïde robot Asimo lijkt op een astronaut

Voorbeelden zijn: het 'edele paard', de 'dappere wolf', de 'ongenaakbare Mount Everest'.

Levensbeschouwelijk antropomorfisme[bewerken]

Ook binnen de theologie kent men dit begrip. Over God of goden kan ook gedacht worden, alsof deze kenmerken hebben die op die van mensen lijken. In de Griekse mythologie vertoonden goden bijvoorbeeld zeer menselijke trekken.

In de esoterie en theosofie gaat men er vanuit dat iedere aanduiding, woord of gedachte over het "onnoembare" antropomorfisch denken is. Daarom wordt daar niet over "God" gesproken zoals in de theologie. Men spreekt daar wel over goddelijke wezens, vergelijkbaar zoals bij de Griekse mythologie, maar men beschrijft dan eigenlijk bewust aspecten van de mens zelf. Bijvoorbeeld de god Eros als "de begeerte naar schoonheid" (zie Plato) en niet als antropomorfe godheid.

In literaire vorm komt het antropomorfisch denken vooral voor in fabels. Maar ook in strips, tekenfilms en advertenties worden dieren, planten en voorwerpen vaak geantropomorfiseerd.

Zie ook[bewerken]