Arie de Jong (arts)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Arie de Jong

Arie de Jong (Batavia (het huidige Jakarta), 18 oktober 1865Putten, 12 oktober 1957) was een Nederlands arts en hervormer van de kunsttaal Volapük.

Biografie[bewerken]

Jonge jaren[bewerken]

Arie de Jong werd geboren in Nederlands-Indië. In 1873 verhuisde zijn familie naar Leiden, waar De Jong naar de grammaticaschool ging (1873-1883) en medicijnen studeerde (1883-1891) aan de Universiteit van Leiden. In februari 1891 ontving hij zijn artsendiploma. In maart 1891 werkte hij als militair arts in India. Op 8 september van dat jaar promoveerde hij in Freiburg op het proefschrift "Über Diuretin".

Medische carrière[bewerken]

Op 18 februari 1892 trouwde De Jong met Maria Elisabeth Wilhelmina Clarkson in Ginneken. Het koppel vertrok op 22 maart 1892 per schip naar Nederlands-Indië. Onderweg stierf Maria echter. Toen De Jong in Batavia aankwam, besloot hij te vertrekken naar zijn werkplaats in Makassar.

In 1893 werd hij overgeplaatst naar Bonthain (het huidige Bantaeng); in 1896, naar Padang en in 1898 naar Sintang. In Sintang trouwde hij met Elise Marie Wilhelmine Gerardine Chavannes. De twee kregen twee kinderen. Een stierf echter een jaar na de geboorte, en de andere werd dood geboren. In 1900 werd De Jong eerste-klas arts. In de jaren erop werd hij nog een paar keer overgeplaatst.

In 1904 nam De Jong een jaar vrij. Hij bracht deze tijd door in Europa. In 1905 keerde hij terug naar Nederlands-Indië. Hij werd overgeplaatst naar Plantungan, in 1908 naar Jogjakarta, en in 1911 naar Magelang, Eind 1914 werd hij een hoge rangs eerste-klas arts. Hij werd in 1915 naar Malano gestuurd.

Rond deze tijd moest Nederlands-Indië een grote verbetering ondergaan qua organisatie. Arie de Jong speelde hierbij een belangrijke rol, vooral in de strijd tegen veel tropische ziektes. Na de dood van zijn tweede vrouw in 1919 keerde Arie de Jong terug naar Nederland. Hij vestigde zich in Den Haag. In 1921 trouwde hij voor de derde keer, ditmaal met Louise van Dissel. Samen kregen ze drie kinderen: Louisa Cornelia (1922), Arie de Jong, Jr. (1924), en Gijsbertus Hendrienus (1926).

Volapük[bewerken]

Tijdens zijn studie in Leiden had Arie de Jong kennisgemaakt met de kunsttaal Volapük, en begon deze te leren. Op 20 maart 1891 kreeg hij zijn diploma als onderwijzer in Volapük. Op 15 mei 1893 werd hij een professor in Volapük.

Tijdens zijn verblijf in Nederlands-Indië behield hij zijn interesse in de taal, wat ook terug te zien is aan zijn correspondenties met verschillende Volapükisten. Op 5 juni 1901 werd hij een Volapük-academicus. In 1930 kreeg hij de rang van cifal, de hoogst mogelijke rang in de wereld van Volapük.

Samen met de bedenker van Volapük, Johann Martin Schleyer, hielp De Jong een sterke aanhang van Volapük op te bouwen. Hij stichtte de Volapükaklub Valemik Nedänik (Nederlandse Universele Volapük Club). Hij was tevens oprichter van de Volapükagased pro Nedänapükans, een onafhankelijke krant geschreven in Volapük, welke van 1932 tot 1963 werd uitgebracht.

De Jong was de schrijver van een grammaticaboek over Volapük, en een Duits-Volapük-woordenboek getiteld Wörterbuch der Weltsprache (Woordenboek van de Wereldtaal). Hij vertaalde het Nieuwe Testament in het Volapük vanuit het Grieks, evenals vele andere literaire werken.

In de geschiedenis van Volapük wordt De Jong gezien als een van de belangrijkste personen.

Werken[bewerken]