Artemisprogramma

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Het Artemisprogramma is een ruimtevaartprogramma van de Amerikaanse lucht- en ruimtevaartorganisatie NASA om tegen 2024 opnieuw mensen op de maan te laten landen. Op 26 maart 2019 kondigde de Amerikaanse vicepresident Mike Pence het project tijdens de vijfde vergadering van de National Space Council aan.[1] De regering Trump kondigde vervolgens in mei 2019 aan 1,6 miljard dollar extra vrij te maken voor het programma.[2]

De bedoeling van dit ruimteprogramma is om ook een eerste vrouw op de maan te brengen. Het project werd daarom op 13 mei 2019 door NASA-directeur Jim Bridenstine vernoemd naar Artemis, de tweelingzus van Apollo in de Griekse mythologie.[3] Apollo was de naam van het eerste Amerikaanse bemande maanprogramma in de jaren 1960 en 1970. Artemis was ook de godin van de maan. De planning van het Artemisprogramma behelst anno mei 2019 tot en met 2028 37 lanceringen waaronder zes bemande vluchten waarvan er vijf tot een bemande maanlanding moeten leiden.[4] Het Artemisprogramma wordt ook gezien als voorbereiding op bemande ruimtevaart naar Mars. In een later stadium zal het programma internationaliseren.

Geschiedenis[bewerken]

Voorgeschiedenis[bewerken]

De voorlopig laatste bemande maanmissie vond plaats in 1972 met Apollo 17. Na het Apolloprogramma werd met Skylab en het Spaceshuttleprogramma de nadruk verlegd naar bemande ruimtevaart in een lage baan om de aarde. Voor missies verder van de aarde werden onbemande ruimtesondes gebruikt. In de jaren 2000 werd onder president George W. Bush het Constellationprogramma opgestart dat een terugkeer naar de maan moest bewerkstelligen. Dit programma werd in 2010 door de regering Obama voortijdig stil gelegd omdat het veel duurder dan beoogd was, tegen technische en veiligheidsproblemen aanliep en president Obama de nadruk op de ontwikkeling van commerciële ruimtevaartuigen wilde leggen (Commercial Crew-programma). Wel werd in opdracht van de Amerikaanse senaat de ontwikkeling van de ruimtecapsule Orion uit het Constellationprogramma in 2011 hervat en de ontwikkeling van een serie nieuwe, zeer zware draagraketten genaamd Space Launch System met daarin bestaande technologie van de Space Shuttle en de Delta IV-raket ingezet waarmee bemande ruimtevaart naar Mars mogelijk moest worden. Het gebruik van bestaande techniek werd door het congres als een snelle en goedkope manier gezien om een Mars-raket te ontwikkelen. In de praktijk bleek het project echter veel duurder en langduriger te zijn. Desondanks werd de ontwikkeling toch doorgezet.

Plannen Trump[bewerken]

Bij het aantreden van president Trump in 2017 verlegde hij de plannen van “ruimtevaart naar Mars” naar een terugkeer naar de maan. SLS en Orion zijn ook daarvoor geschikt dus ging die ontwikkeling door. Trumps vicepresident Mike Pence heeft de aansturing van NASA en de ruimtevaartindustrie tot een van zijn persoonlijke taken gemaakt. In 2018 werd een aanbestedingsprogramma voor kleine commerciële bevoorradingslanders geopend het Commercial Lunar Payload Services-programma (CLPS). In februari 2019 nodigde NASA-directeur Bridenstine internationale ruimtevaartorganisaties en bedrijven uit om aan te haken bij NASA’s initiatief om in 2028 terug te keren naar de maan en daar een internationale permanent bemande maanbasis te bouwen. De Lunar Gateway, een ruimtestation dat in een baan om de maan draait moet daarin een belangrijke rol spelen. Het Canadese ruimtevaartagentschap sloot zich enkele dagen na die oproep aan bij dat programma. Slechts enkele weken later kondigde Mike Pence een versnelde terugkeer naar de maan aan dat twee maanden later de naam Artemis kreeg. Dit project is in eerste instantie een Amerikaans project en er lijken geen buitenlandse agentschappen bij betrokken te worden. Canada zal een robotarm voor de Lunar Gateway bouwen. Eerder leverde Canada de robotarmen van de Spaceshuttle en het ISS.

Op 7 juni 2019 zorgde president Trump voor verwarring door op Twitter te schrijven dat NASA moet stoppen te praten over een terugkeer naar de Maan.[5] Hij bedoelde hiermee te zeggen dat de maan een tussenstap in de reis naar Mars is en dat dat hoofddoel duidelijk moet worden. In de weken daarna bezigde NASA de slagzin Moon to Mars.

In oktober 2019 sloot ook Japan zich aan bij het Artemisprogramma.

Draagraket, capsule, ruimtehabitat en maanlander[bewerken]

Het is de bedoeling dat astronauten in een Orion capsule door een SLS-raket worden gelanceerd. De Orion zal vervolgens aankoppelen bij een verkleinde versie van de eerder voorgestelde Lunar Gateway die in een later stadium wordt uitgebouwd tot een groter systeem. De Lunar Gateway zal als ruimtehabitat in een baan om de maan zweven en communicatie met de mensen en systemen op de maan onderhouden en doorsturen. Ook de maanlander zal daarbij zijn aangekoppeld.

Er is nog geen ontwerp voor een maanlander gekozen datzelfde geldt voor de Lunar Gateway. NASA heeft inmiddels 45,5 miljoen dollar aan subsidies aan elf ruimtevaartbedrijven verstrekt voor het onderzoeken van mogelijkheden voor de bouw van een habitat en/of een maanlander of onderdelen daarvan. NASA heeft een maanlanderconcept dat uit drie trappen moet bestaan voor ogen. De drie delen zijn een landingstrap, een opstijgtrap om mee terug te keren naar de Lunar Gateway en een bemanningscapsule. De bedrijven die studie subsidies ontvingen zijn:

Op 23 mei 2019, werd Maxar geselecteerd om het Power and Propulsion Element (PPE), oftewel de servicemodule van de Lunar Orbital Platform-Gateway te bouwen.[6] Het bedrijf wordt daarin bijgestaan door de bedrijven Blue Origin en Draper. De PPE heeft drie taken:

  • zorgen voor de voortstuwing van de Lunar Gateway met een ionenmotor,
  • elektriciteitsvoorziening door middel van zonnepanelen
  • communicatiesantennes

Er bestaan reeds een aantal conceptontwerpen waarvan niet duidelijk is gemaakt of ze ook voor dit project worden meegenomen in de beraadslaging van NASA. Northrop Grumman Innovation Systems heeft een concept-ontwerp voor een kleine Lunar Gateway die is gebaseerd op hun onbemande ruimtevaartuig Cygnus. Ook Bigelow Aerospace werkt aan een (opblaasbare) ruimtehabitat waarvan een verkleinde testversie al enkele jaren aan het ISS is gekoppeld. Lockheed Martin heeft in oktober 2018 een conceptontwerp voor een maanlander die op de Orion-capsule is gebaseerd gepresenteerd. Blue Origin presenteerde in mei 2019 een maanlander genaamd Blue Moon die in aangepaste vorm ook met een bemanningsmodule kan worden uitgerust. De ontwikkeling daarvan was drie jaar daarvoor al begonnen en CEO Jeff Bezos hoopt deze in 2024 aan NASA te kunnen en mogen leveren. Verder is er een taak weggelegd voor commerciële draagraketten die de meeste onbemande lanceringen zullen uitvoeren.

In een informatiesheet van NASA wordt de maanlander in drie delen gelanceerd. Het is echter niet ondenkbaar dat een maanlander als een geheel met een super heavy lift-raket als de Falcon Heavy of de New Glenn wordt gelanceerd. Voor latere missies wil NASA de maanlander en de Lunar Gateway in de ruimte kunnen bijtanken. Daarom wordt ook die mogelijkheid bestudeerd. In augustus 2019 meldde Jim Bridenstine dat de bouw van de maanlander door NASA’s Marshall Space Flight Center in Huntsville Alabama zal worden gecoördineerd. De Texaanse senators Ted Cruz, Brian Babin en John Cornyn waren het er hartgrondig mee oneens. Zij hadden graag gezien dat deze opdracht naar het Johnson Space Center in Houston Texas was gegaan.

Hoewel NASA voor de bemande lanceringen een voorkeur heeft voor de door NASA ontwikkelde SLS-Orion heeft Mike Pence fabrikanten Boeing en Lockheed Martin gewaarschuwd dat bij verdere vertragingen mogelijk voor een commercieel alternatief wordt gekozen. Met name het door Boeing gebouwde Space Launch System heeft veel tegenslag en vertraging in de ontwikkeling gehad en ligt anno 2019 reeds vier jaar achter op de originele planning. Om die reden liet NASA begin 2019 onderzoeken of Orionvlucht EM-1 (nu Artemis 1) door een of meer commerciële raketten kon worden gelanceerd. Hierbij kwam een Falcon Heavy met een extra Delta IV-upperstage als enige alternative mogelijkheid naar voren. De conclusie was dat dat technisch mogelijk is maar geen tijdwinst zou opleveren. Dit zou namelijk nieuwe grondsystemen en windtunneltesten vereisen. Wel werkt NASA dit plan verder uit om het mogelijk in een later stadium te gebruiken.[7] Het is ook niet uitgesloten dat SpaceX’ volgende generatie draagraket- en ruimteschip genaamd Starship in 2024 in staat zal zijn tot een maanlanding.

In oktober 2019 maakte NASA bekend met Boeing in onderhandeling te zijn over een bestelling van tien SLS-raketten.

In Oktober 2019 werd duidelijk dat Blue Origin een samenwerking met Lockheed Martin, Northrop Grumman en Draper heeft geïnitieerd voor de ontwikkeling van een bemande maanlander. Blue Origin’s Blue Moon zal de landingsmodule vormen en Lockheed Martin zal de herbruikbare terugkeermodule leveren en Northrop Grumman levert de eveneens herbruikbare bemanningscapsule. Het navigatiesysteem zal door Draper worden ontwikkeld. Het plan is erop gericht het NASA contract voor de Artemis lander in de wacht te slepen en voldoet aan de specificaties die NASA eerder vrijgaf.[8] De lander blijft in dit plan eigendom van de vier bedrijven en NASA

Ook Boeing heeft een conceptontwerp ingediend. De lander van Boeing gebruikt een SLS-IB-raket waarvan de aangepaste upperstage als servicemodule functioneert. Deze lander hoeft geen gebruik van de Lunar Gateway te maken.[9]

Kritiek[bewerken]

Er is veel kritiek op het plan. Het ontbreken van een concreet ontwerp voor essentiële hardware is een van die punten. De vraag is of 2024 haalbaar is. Zo is er volgens velen onvoldoende budget beschikbaar en wordt er gewezen op de vertragingen bij andere grote projecten van NASA (SLS, Orion, Commercial Crew en de James Webb-ruimtetelescoop). Ook vragen sommigen zich af of de Lunar Gateway als schakel voor dit programma nodig is. Een directe vlucht naar de maan in de stijl van de Apollovluchten lijkt de kortste slag. Het Artemisprogramma zou het eerder door NASA geïnitieerde internationale ruimtevaartprogramma om vanaf 2028 een permanent bemande basis op de zuidpool van de maan te hebben ondermijnen. Ook wordt het door politieke tegenstanders als een geld verslindende en politieke stunt van Donald Trump gezien. NASA zou voor dit project volgens tech-website Ars Technica jaarlijks zes tot acht miljard dollar extra nodig hebben bovenop de jaarlijkse begroting van 20 miljard. Vanaf vlucht Artemis 3 zou als draagraket een SLS-Block IB gebruikt moeten worden. De ontwikkeling van de tweede rakettrap daarvan, de Exploration Upper Stage, werd in juist 2018 stilgelegd om geld vrij te maken voor de voltooiing van de veel duurder dan beoogde Block I variant te bekostigen.

Missies[bewerken]

De al eerder geplande testvluchten van SLS-Orion Exploration Mission 1 en Exploration Mission 2 werden na de aankondiging van het Artemisprogramma omgedoopt tot Artemis 1 en Artemis 2. Artemis 1 (verwacht 2021) zal een onbemande testvlucht om de maan zijn en Artemis 2 zal een bemande testvlucht zijn.

Artemis 3 zou in de plannen zoals die er anno mei 2019 voor staan dan de eerste bemande maanlanding van het Artemisprogramma moeten zijn.

Zie ook[bewerken]