Arthur Butterworth

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Arthur Eckersley Butterworth (Manchester, 4 augustus 1923- 20 november 2014) was een Brits componist, dirigent en trompettist.

Butterworth groeide op in een muzikaal gezin; zijn moeder speelde enigszins piano en vader en moeder waren betrokken bij het kerkkoor. De ouders zagen graag dat Butterworth rechten ging studeren, maar Butterworth bezocht al op jonge leeftijd concerten van het Hallé Orchestra (al dan niet onder dwang) waar hij voor een sixpence op de eerste rang zat. Hij maakte kennis met de klassieke muziek uit de dan 20e eeuw (19e eeuw). Door zijn ouders werd hij toch richting rechten gestimuleerd, maar dat werd onderbroken door zijn diensttijd in de Tweede Wereldoorlog.

Tijdens die Tweede Wereldoorlog vocht Butterworth mee en kwam na het oversteken van de geallieerden van de Rijn in aanraking met de cultuur van Duitsland; hij mocht zich verheugen in concerten van de orkesten uit Hannover en Hamburg. In 1947 schreef hij persoonlijk Ralph Vaughan Williams aan om enige lessen bij hem te mogen volgen; zijn grote voorbeelden waren toen Charles Hubert Parry en Charles Villiers Stanford. Door deze voorbeelden en ook Vaughan Williams was zijn muzikale smaak eigenlijk al bepaald toen hij aan het Royal Manchester College of Music ging studeren bij Richard Hall. Daar leerde hij naast componeren ook dirigeren en trompetspelen. Vervolgens vertrok hij naar het noorden; hij ging trompet spelen in het Scottish Orchestra (1949-1955). Daarna weer zuidwaarts; hij ging spelen in het orkest waar hij als jongeling vaak naar toe ging, het Hallé Orchestra. Later werd hij dirigent van het Huddersfield Philharmonic Orchestra, een post die hij dertig jaar behield.

Zijn eerste symfonie legde hij in zijn tijd bij het symfonieorkest uit Manchester bij John Barbirolli neer; veel later kwam Barbirolli weer bij hem terug en het werk kreeg haar eerste uitvoering tijdens een concert tijdens het Cheltenham festival op 19 juli 1957. Zijn werk wordt vaak vergeleken met dat van Jean Sibelius; het betekende voor de componist zowel een vloek als een compliment. Op 86-jarige leeftijd componeert en dirigent Butterworth nog steeds.

Arthur Butterworth was naamgenoot, geen familie van George Butterworth, eveneens componist. Hij overleed op 91-jarige leeftijd.[1]

Oeuvre[bewerken]

Hij componeerde onder meer:

  • Zes symfonieën:
    • 1 op. 15, 1957;
    • 2 op. 25, 1964;
    • 3 op. 52, Sinfonia Borealis, 1979 (in manuscript);
    • 4 op. 72, 1986;
    • 5 op. 115, 2003;
    • 6 op. 124, 2004
    • 7 op. 140
  • Concertos, waaronder
    • Altvioolconcert, op.82
    • Trompetconcert, op. 93 Alla veneziana
  • Koorwerken, waaronder
    • Haworth Moor, op. 110 voor koor en piano (2001)
  • Kamermuziek, waaronder
    • Hobosonate, op. 5 (1947)
    • Trio voor hobo, klarinet en fagot, op. 6 (1947)
    • Suite voor altviool en cello, op. 13 (1951)
    • Strijkkwartet, op. 100 (1997)

Bron[bewerken]

  • compact disc met zijn vierde symfonie met interview.

Externe link[bewerken]