Bakfiets

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Bakfiets
Ouderwetse bakfiets
Ouderwetse bakfiets
Aandrijving spierkracht
Snelheid 20 km/h
Beschikbaarheid particulier bezit, tevens te huur bij verschillende verhuurders
Infrastructuur wegen
Doelgroep vrachtvervoer op korte afstand
Portaal  Portaalicoon   Verkeer & Vervoer
Beelden van de internationale races voor bak- en transportfietsen in de kom van Lith in Brabant (1979).

Een bakfiets is een transportfiets met twee of drie wielen en een grote bak voorop, waarmee bagage vervoerd kan worden. In Vlaanderen wordt de driewielige bakfiets soms met een gallicisme triporteur genoemd.

Kenmerken[bewerken]

Omtrent de eeuwwisseling werd de bakfiets in Nederland populair voor het vervoer van kinderen

Een gewone bakfiets 'de driewielerbakfiets' heeft twee wielen aan de voorkant, met daartussen de bak. De besturing geschiedt meestal om een enkele as (de spil) die in het midden onder de bak is. Hierdoor is een bakfiets bij hoge snelheden moeilijk te besturen. De bak heeft aan de achterkant een stang, die als stuur dienst doet. De bak kan een open platte bak zijn, maar ook een kist met een deksel of een grote mand.

Voordelen van een driewielige bakfiets:

  • Zeer stabiel, blijft gewoon staan bij op- en afstappen
  • Makkelijk te parkeren
  • Fietst licht, ook al zit de bak vol

Een gemotoriseerde bakfiets heeft meestal, net als een auto, wielen die elk om een eigen as kunnen sturen.

Er bestaan ook bakfietsen op twee wielen, zie Long John.

Veel oude bakfietsen hebben een lange levensduur. Toch nam het aantal bakfietsen jarenlang af. Dit wegens het logge formaat van de authentieke bakfiets en het gebruiksongemak. Na vele innovatieve aanpassingen aan de bakfiets worden er sinds ongeveer 1995 veel nieuwe bakfietsen geproduceerd. In het stadsverkeer wordt de bakfiets blijkbaar ervaren als een effectieve vervanger van de auto.

De bak kan ook vervangen worden door een stoel, zodat men daarmee passagiers kan vervoeren. Dit wordt onder meer in tropische landen gebruikt, zie fietstaxi. Een variant daarop is het model met een kleine bak waarin kinderen kunnen zitten. Sinds ongeveer 2000 heeft dit model in Nederland veel populariteit verworven. Vooral in steden zoals Amsterdam, waar het autoverkeer zeer moeilijk is, maar ook in de Verenigde Staten, rijden duizenden bakfietsmoeders en -vaders met hun kinderen en boodschappen in kleine, moderne bakfietsen van verschillende fabrikanten. De meest verkochte onder deze moderne bakfietsen is van het driewielige, Nederlandse model Babboe. Kinderen zitten op één of twee bankjes in de bak, en baby's in een kinderstoeltje of een Maxi-Cosi.[1]

Varianten van bakfietsen worden inmiddels voor veel toepassingen door enkele fabrikanten geproduceerd zoals o.a. intern vervoer in fabrieken, schoonmaakdienst, ijsverkoop en voor field marketing.

Tot in de jaren 50 was een bakfiets vooral een vervoermiddel voor beroepsmatig gebruik. Veel leveranciers, zoals bakkers en kruideniers gingen met de bakfiets langs de huizen. Zij gebruikten een houten bak of rieten mand met deksel. Tegenwoordig wordt de bakfiets voornamelijk door jonge gezinnen gebruikt in plaats van een auto.

Wetgeving (Nederland)[bewerken]

Plaats op de weg[bewerken]

Broodverkoper in Indonesië
Deense bakfiets op twee wielen, bijgenaamd Long John

Tot 1990 gold voor een 'fiets op meer dan twee wielen' dat de regels moesten worden gevolgd zoals ze golden voor onbespannen wagens. (RVV 1966 art 3, tweede lid). Dat betekende dat het gebruik van fietspaden verboden was, terwijl een bakfiets wel mocht rijden op een weg die voor fietsers gesloten was. Deze regeling was bij veel weggebruikers - en zelfs bij de politie - niet bekend. Iemand die (geheel volgens de regels) met de bakfiets op de rijbaan reed, werd dan ook vaak door de politie naar het veilige fietspad gestuurd (waar hij, na aanwijzing van de politie, mag en moet rijden).

Omstreeks 1985 was er een bakfietseigenaar die een zaak aanspande bij de Raad van State. Hij wenste met de bakfiets op fietspaden te mogen rijden. De Raad wees zijn verzoek af: snellere bestuurders zoals bromfietsers verwachten een obstakel als een bakfiets niet op hun weg.

In 1990 kreeg deze bakfietser toch zijn zin. Sedert 1990 geldt een bakfiets als fiets en mag dus op een fietspad rijden. Een bakfiets die breder is dan 75 cm mag eventueel een rijbaan gebruiken, zelfs als er een verplicht fietspad is (RVV 1990 art 5).

Passagiers[bewerken]

De voorschriften voor het meenemen van passagiers zijn dezelfde als voor fietsers. Sedert 1990 betekent dat dat kinderen tot acht jaar een doelmatige zitplaats moeten hebben met steun voor handen, voeten en rug. Tot 1990 was het aantal passagiers beperkt tot één (of twee kinderen onder tien jaar).

Op een brombakfiets mag één passagier worden meegenomen, en die moet achter de bestuurder zitten.

Verlichting[bewerken]

Bij nacht voert een gewone bakfiets (met twee voorwielen en een achterwiel) twee witte of gele koplampen vóór en een rood achterlicht en een rode reflector achter. Meer verlichting is niet toegestaan, meer reflectie wel.

Trivia[bewerken]

  • 'Bakfiets' is onder motorrijders een min of meer spottende benaming voor een motor met zijspan.
Bronnen, noten en/of referenties