Beachkorfbal

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Beachkorfbal is een relatief nieuwe variant van het spel korfbal, ontstaan om en nabij het jaar 2000. Het spel is in principe bedoeld voor op zand, maar zou zich ook goed lenen voor andere ondergronden.

Beachkorfbal wordt 4 tegen 4 gespeeld.

Het NK Beachkorfbal wordt sinds 2014 georganiseerd in en rond het Beachstadion op het strand van Scheveningen. Elk jaar doen hier ongeveer 100 teams aan mee. Voor de jeugd is er open inschrijving en voor de topklasse in de senioren en junioren is plaatsing via een ranking toernooi vereist.

Beachkorfbal 4 tegen 4[bewerken]

Beachkorfbal in deze vorm wordt gespeeld op een veld van 9x18 meter met twee korven op 3,5 meter uit de achterlijn. Er wordt vier tegen vier gespeeld. Een team bestaat uit twee dames en twee heren of uit vier dames(alleen bij dameskorfbal). Het is handig om met méér dan vier personen een team te vormen aangezien spelen op zand erg zwaar is en er door het kleine veld snel overgeschakeld moet worden van aanvallen naar verdedigen. Wisselen mag dan ook onbeperkt en op elk moment vanuit de wisselzone.

Spelregels[bewerken]

De regels van het spel zijn vastgelegd door de IKF. De belangrijkste regels die afwijken van veld- en zaalkorfbal, zijn:

  • Beachkorfbal wordt gespeeld in één vak van 9 bij 18 meter met twee korven op 3,5 meter uit de achterlijn.
  • Er wordt gespeeld met vier tegen vier, 2 dames en 2 heren of 4 dames (alleen bij dameskorfbal).
  • Wisselen mag onbeperkt en op elk moment. Terugwisselen mag. Wisselen dient te gebeuren vanuit de eigen wisselzone, die zich naast het veld bevindt. De 'wissel' heeft met de gewisselde, buiten het speelveld, handcontact ten teken dat zij gaan wisselen. Een heer mag alleen voor een heer gewisseld worden, een dame alleen voor een dame, zodat er altijd 2 dames en 2 heren in de ploeg staan.
  • De thuisploeg neemt de bal uit onder de eigen paal. De tweede helft neemt de uitploeg de bal uit.
  • De wedstrijdduur bedraagt 2 x 6 minuten.
  • Na een lichte overtreding volgt een spelhervatting op de plaats van de overtreding. Een directe doelpoging is niet toegestaan. De scheidsrechter hoeft niet in te fluiten en dus kan er direct worden doorgespeeld.
  • Na een zware overtreding volgt een vrije bal op de plaats van de overtreding of op 3 meter van de paal. De keuze is aan de speler waartegen de overtreding is gemaakt die tevens de vrije bal dient te nemen. Een directe doelpoging is wel toegestaan. De speler die de bal neemt, mag niet gehinderd worden. De scheidsrechter geeft aan wanneer de vrije bal genomen mag worden middels een opgestoken arm.
  • Een doelpoging uit beweging is nooit verdedigd.
  • Na een doelpunt mag de niet scorende partij direct doorspelen.
  • Mocht het tijdens een finalewedstrijd eindigen in een gelijkspel, wordt er een Golden Goal verlenging gespeeld. De speelduur hiervan is 3 minuten en er wordt begonnen met een sprongbal tussen twee door de teams gekozen spelers. Als er geen winnaar komt in de 3 minuten, volgen er vrije worpen van 3 meter door 2 dames en 2 heren per team. Indien er dan nog geen winnaar is, volgt er een Sudden Death.
  • De scheidsrechter kan een gele kaart tonen bij een te zware overtreding of commentaar op de leiding. Een gele kaart betekent een straftijd van 2 minuten of tot de volgende tegengoal. Hierbij mag de speler speler pas gewisseld worden na twee minuten of de eerstvolgende tegengoal. De speler zelf mag er pas na 2 minuten terug in. Een vrije bal die uit dezelfde gele kaart volgt telt niet als tegengoal. Bij twee gele kaarten wordt er een rode kaart gegeven.
  • In het geval van een rode kaart, moet de speler het speelveld verlaten en mag pas gewisseld worden na 2 minuten.