Bedburg

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Bedburg
Stad in Duitsland Vlag van Duitsland
Wapen van Bedburg
Bedburg (Noordrijn-Westfalen)
Bedburg
Situering
Deelstaat Vlag van de Duitse deelstaat Noordrijn-Westfalen Noordrijn-Westfalen
Kreis Rhein-Erft-Kreis
Regierungsbezirk Keulen
Coördinaten 51° 0′ 0″ NB, 6° 33′ 45″ OL
Algemeen
Oppervlakte 80,33 km²
Inwoners (31-12-2018[1]) 23.531
(293 inw./km²)
Nederlanders (09-05-2011[2]) 67 (0,29%)
Hoogte 70 m
Burgemeester Sascha Solbach (SPD)
Overig
Postcode 50181
Netnummers 02272, 02463 (Kirchherten en Grottenherten)
Kenteken BM
Gemeentenummer 05 3 62 004
Website www.bedburg.de
Locatie van Bedburg in Rhein-Erft-Kreis
Kaart van Bedburg
Portaal  Portaalicoon   Duitsland

Bedburg is een stad en gemeente in de Duitse deelstaat Noordrijn-Westfalen, gelegen in de Rhein-Erft-Kreis. De gemeente telt 23.531 inwoners (31 december 2018)[1] op een oppervlakte van 80,33 km².

Plaatsen in de gemeente Bedburg[bewerken | brontekst bewerken]

  • Bedburg met:
    • Bedburg-West, een in 1983 ontstane wijk
  • Blerichen ,enkele kilometers ten zuiden van Bedburg-stad
  • Broich, direct aan de noordkant van het stadscentrum
  • Kaster [3], ten westen van Bedburg, aan de A61; direct ten noordoosten van Kaster liggen de kleinere plaatsen:
    • Epprath
    • Alt-Kaster, ten N van Epprath
  • Kirchherten met Grottenherten, ten westen van de A61 en Kaster
  • Kirchtroisdorf met Kleintroisdorf, iets ten zuiden van Kirchherten
  • Kirdorf, zuidelijk aansluitend op Blerichen
  • Königshoven, ten westen van Kaster, aan de A61
  • Lipp met aan zijn westkant Millendorf, direct ten westen van Bedburg-stad
  • Pütz, dichtbij Kleintroisdorf
  • Rath met Garsdorf, enige kilometers ten oosten van de stad

Bevolkingsstatistiek[bewerken | brontekst bewerken]

Aantal inwoners van ieder der 11 stadsdelen:

  • Bedburg 4.973
  • Blerichen 2.646
  • Broich 1.063
  • Kaster 6.302
  • Kirch-/Grottenherten:
    • Kirchherten 1.966
    • Grottenherten 412
  • Kirch-/Kleintroisdorf:
    • Kirchtroisdorf 1.113
    • Kleintroisdorf 174
  • Kirdorf 1.092
  • Königshoven 1.858
  • Lipp-Millendorf:
    • Lipp-Millendorf zelf: 2.182
    • Oppendorf 73
  • Pütz 310
  • Rath 919

Totaal: 25.083.

Peildatum: 30 juni 2021.[4]

Geografie en infrastructuur[bewerken | brontekst bewerken]

De gemeente ligt in het gebied van de linker (zuidwestelijke) oever van de Rijn, in de Keulse Bocht. Het Naturpark Rheinland, met daarin het stroomgebied van de Erft, ligt ook dichtbij. Bedburg zelf ligt ook aan de Erft.

Bedburg maakt deel uit van het Rijnlands bruinkoolgebied. De bruinkoolwinning heeft sedert 1953 het landschap en de infrastructuur van dit gebied wezenlijk veranderd.

Nabij gelegen grote steden[bewerken | brontekst bewerken]

Buurgemeentes[bewerken | brontekst bewerken]

Ook Erkelenz is niet ver weg.

Wegverkeer[bewerken | brontekst bewerken]

De gemeente ligt aan de Autobahn A61. Bij stadsdeel Kaster ligt afrit 17 van deze snelweg. Enkele kilometers ten noordwesten van deze afrit ligt Dreieck Jackerath, waar de A61 de Autobahn A44 kruist.

Openbaar vervoer[bewerken | brontekst bewerken]

In Bedburg staat sedert 1869 een station (Station Bedburg (Erft)), dat ligt aan de spoorlijn Düren - Neuss en aan de spoorlijn Bedburg- Horrem naar station Horrem. De voormalige spoorlijn Bedburg - Ameln werd tussen 1953 en 1966 verwijderd vanwege de bruinkoolwinning.

Nabij station Bedburg (Erft) ligt een busstation. Dit is het begin- en eindpunt van twee stadsbuslijnen te Bedburg, en van enige school- en streekbuslijnen. De meeste van deze buslijnen rijden buiten de spitsuren (op werk- en schooldagen) in een zeer beperkte frequentie. De plaatselijke busmaatschappij heet REVG, een dochteronderneming van VRS AG, die overkoepelend in een grotere regio werkzaam is.[5]

Economie[bewerken | brontekst bewerken]

De bruinkoolwinning door RWE zal tot aan de sluiting van de laatste groeve, voorzien circa 2040, van belang blijven voor de gemeente en voor de werkgelegenheid daarbinnen.

Bedburg deelt met de buurgemeente Bergheim een uitgestrekt, in de periode 2020-2035 nog verder uit te breiden, bedrijventerrein met de naam Mühlenerft. Hier is voornamelijk midden- en kleinbedrijf van lokaal en hoogstens regionaal belang gevestigd.

De gemeente investeert grootschalig in windturbines voor energie-opwekking. Windmolenparken zijn, en worden in de toekomst, gebouwd op locaties van gesloten bruinkoolgroeven.

Geschiedenis[bewerken | brontekst bewerken]

Bedburg ontstond in de middeleeuwen als Kuurkeuls grensstadje tegen het Graafschap en later Hertogdom Gulik aan. De oudste vermelding, uit 893, is een document van de Abdij van Prüm. In 1235 verkreeg Bedburg stadsrechten.

In de middeleeuwen vormden Kerpen en het daartoe behorende Blatzheim samen met Kirdorf en Blerichen een Kuurkeulse exclave te midden van gebied dat aan het Graafschap en latere Hertogdom Gulik toebehoorde. Deze ligging bewerkte, dat de streek rond deze plaatsen in de godsdienstoorlogen van de 16e en 17e eeuw regelmatig toneel van krijgshandelingen en de daarmee samenhangende ellende was. In de Keulse Oorlog (Truchsessische Krieg) werd Bedburg, dat toen een sterke vestingstad was, meerdere malen belegerd, en in 1584[7] ingenomen en verwoest. Ook in de Dertigjarige Oorlog had Bedburg veel te lijden.

In Epprath zou in 1589 een weerwolf hebben rondgewaard, Peter Stubbe of Stubben-Peter. In het kader van een heksenproces werd een man van die naam, die hieraan schuldig was bevonden, in oktober van dat jaar gefolterd en ter dood gebracht. Veel geleerden gaan ervan uit, dat de talrijke moorden en verkrachtingen, waarvan Stubbe werd beschuldigd, in werkelijkheid door rondzwervende rovers (veelal (ex-)soldaten) zijn gepleegd.

Van 1883 tot 1997 had Bedburg een zeer grote, aan vele honderden arbeiders werk biedende, suikerfabriek, die over eigen goederenspoorwegfaciliteiten beschikte.

Aan het eind van de Tweede Wereldoorlog is in het gebied ten westen van de stad Bedburg nog zwaar gevochten tussen terugtrekkende Duitsers, aan wie Adolf Hitler persoonlijk had verboden, zich over te geven, en oprukkende geallieerde soldaten. Na enige dagen van gevechten met zware artillerie, waarbij in verscheidene dorpen, vooral in Grottenherten, waar een Duitse tankdivisie was gestationeerd, veel gebouwen zwaar beschadigd of zelfs geheel verwoest werden, behaalden de geallieerden eind februari 1945 de overwinning.

Dichtbij Bedburg werd van 1953 tot 1993 in de bruinkoolgroeve Fortuna-Garsdorf op grote schaal bruinkool gewonnen in dagbouw. Een gedeelte van Bedburg moest hiervoor gesloopt worden en werd elders herbouwd (zie roze vlek Bedburg-West op bovenstaande kaart). Ook de vroegere bij Bedburg behorende dorpen Garsdorf, Frauweiler en Wiedenfeld zijn aan de bruinkoolwinning ten offer gevallen. De inwoners van Garsdorf en Frauweiler verhuisden naar nieuwbouwwijken te Rath, dat van een gehucht van enkele boerderijen zo ineens een dorp met ruim 1.000 inwoners werd. De inwoners van Wiedenfeld verhuisden naar de buurstad Bergheim. In 1983 werd in Bedburg zelf de nieuwe wijk Bedburg-West gebouwd ter huisvesting van de inwoners van Geddenberg, Muchhaus, Tollhausen, Oberschlag, Blerichen (Ost), Winkelheim, en Buchholz (Bedburg). Al deze plaatsjes moesten ook verdwijnen vanwege de bruinkoolwinning.

Na de beëindiging van de bruinkoolwinning werd de groeve deels dichtgestort, waarna daar nieuw natuur-, recreatie- en landbouwgebied werd ingericht. Een ander deel van de groeve liet men met water vollopen, waardoor het meer Peringsmaar ontstond. Er zijn plannen, om een waterverbinding tussen dit meer en de rivier de Erft te creëren.

Kaster (Caster) was vanaf de 14e eeuw een Guliks grensstadje tegen het gebied van het Prinsbisdom Keulen aan. Het had ook stadsrechten, die na de verwoesting van het bij het stadje behorende kasteel in 1648 vermoedelijk zijn vervallen, en kreeg deze stadsrechten in 1939 terug. Onderscheiden wordt dit oude stadje (Alt-Kaster), en de na de Tweede Wereldoorlog gerealiseerde nieuwbouw ten zuiden daarvan (Kaster).

Bezienswaardigheden[bewerken | brontekst bewerken]

  • Het oude stadje Alt-Kaster heeft zijn middeleeuws karakter goeddeels behouden. Er staat een kasteelruïne en ook een aantal oude huizen, waarvan enkele uit de 17e eeuw. Ook de stadsommuring met poorten en torens is grotendeels bewaard gebleven.
  • Kasteel Bedburg, aan de zuidkant van het centrum van Bedburg, is een fraai, deels 16e- en 17e-eeuws gebouwencomplex. Het is als congrescentrum voor universiteiten e.d., het bedrijfsleven en de overheid in gebruik. De tuinen zijn vrij toegankelijk. In het verleden, in de eerste helft van de 19e eeuw, was er een elitaire middelbare school voor adellijke jongens, de Rheinische Ritterakademie, en later een "gewoon" gymnasium in gehuisvest. Dit gedeelte van het kasteel is in 2011 wegens bouwvalligheid, en onvoldoende geldmiddelen voor renovatie, gesloopt.
  • Bezienswaardig is de deels romaanse, deels gotische, Sint-Ursulakerk van Lipp.
  • Ten oosten van Kirchtroisdorf ligt nog een uit 1605 daterend kasteeltje, Gut Etgendorf in een schilderachtige omgeving. Het kasteeltje zelf kan niet bezichtigd worden.
  • Het automuseum te Bedburg-Rath, gewijd aan het Franse automerk Rosengart
  • Eén kilometer ten oosten van het dorp Kirch-Grottenherten ligt de windmolen Grottenhertener Windmühle. Dit is een bovenkruier, die nog maalvaardig is en in beperkte mate, op aanvraag, bezichtigd kan worden; daarbij wordt ook een demonstratie gegeven.
  • Het landhuis Haus of Gut Hohenholz, enige kilometers ten noordwesten van Königshoven, waarvan de geschiedenis teruggaat tot de 14e eeuw, werd in 2011 verbouwd tot hotel met faciliteiten voor bruiloften, congressen en sportieve activiteiten.
  • De plas Peringsmaar is grotendeels een natuurgebied. Het is een ondergelopen bruinkoolgroeve. Er lopen fiets- en wandelpaden omheen. Vanwege het hoge fosforgehalte van het water in het meer kan er niet in gezwommen of op gekanood worden. Langs het water broeden veel futen.
  • Ten noorden van het stadje Alt-Kaster ligt een fraai bos aan een zijarm van de Erft. In dit bos bevindt zich de recreatieplas Kasterer See.
  • Door de gemeente lopen verscheidene langeafstands-fietsroutes, waarvan één de Erft van bron tot monding volgt.
  • In en om Epprath is een aan de vermeende weerwolf Stubbe-Peter herinnerende, van 7 informatiepanelen voorziene, wandelroute uitgezet.
  • Ten oosten van het stadje en van de Erft lag tot circa 1997 een terrein met vijvers, waar de suikerfabriek spoelwater van de als grondstof gebruikte suikerbieten loosde. Deze Klärteiche werden na de sluiting van de fabriek met rust gelaten en ontwikkelden zich tot een waterrijk, ecologisch waardevol vogelreservaat. Er loopt een fiets- en wandelpad omheen.

Belangrijke personen in relatie tot de gemeente[bewerken | brontekst bewerken]

Geboren in Bedburg[bewerken | brontekst bewerken]

  • Peter Stump, ook wel Stubbe-Peter genaamd, geboren in 1525, bij Bedburg terechtgesteld d.m.v. radbraken op 31 oktober 1589, vermeend weerwolf en mannelijk heks. Hij was de bekendste der in de 16e en 17e eeuw van dit soort praktijken betichte mensen; over zijn leven, heksenproces en terdoodveroordeling zijn in binnen- en buitenland verscheidene houtsnedes en pamfletten verschenen. Mede naar hem heette de weerwolf in het regionale dialect van toen af Stüpp.
  • Mathias Koenen (geb. 3 maart 1849 te Bedburg; overl. 26 december 1924 te Berlijn), beroemd Duits bouwkundig ingenieur.[8]
  • Paul Silverberg (geb. 6 mei 1876 te Bedburg; overl. 5 oktober 1959 te Lugano, Zwitserland), politiek invloedrijk grootindustrieel in met name de bruinkoolmijnbouw; ondersteunde, anders dan veel collega's, in 1926 de Weimarrepubliek en was voorstander van coöperatie tussen overheid, werkgevers en vakbonden.
  • Katharina Molitor (1983), atlete en volleybalster

Overigen[bewerken | brontekst bewerken]

  • Adolf Silverberg (geb. 14 augustus 1845 te Goch; overl. 9 september 1903 te Keulen), vader van Paul Silverberg, belangrijk Duits-joods grootindustrieel; richtte rond 1870 te Bedburg, waar zijn schoonfamilie vandaan kwam, (niet meer bestaande) fabrieken van wol en linoleum op; kocht in 1898 samen met Salomon Oppenheim, een Keulse bankier, de bruinkoolmijn Fortuna AG op en leidde deze tot aan zijn dood. Naar hem is een straat en een middelbare school te Bedburg genoemd.

Afbeeldingen[bewerken | brontekst bewerken]

Partnergemeentes[bewerken | brontekst bewerken]

Er bestaan jumelages met:

Weblinks[bewerken | brontekst bewerken]

Zie ook[bewerken | brontekst bewerken]

Zie de categorie Bedburg van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.