Bedelen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Bedelaar in Venetië, 2008
Schilderij van Pieter Bruegel de Oudere, 1568
Sint Martinus en de bedelaar, El Greco, ca. 1597-1599
Beeld in de Pfarrkirche St. Ulrich in Gröden

Bedelen is aalmoezen vragen om in het levensonderhoud te voorzien..

Bedelaars zijn vaak mensen met weinig geld of inkomen die bijvoorbeeld dakloos zijn en op straat leven (zwervers) en door te gaan bedelen een beetje geld kunnen verdienen voor hun levensbehoeften.[bron?]

Bedelen wordt, hoewel vaak gezien als ongewenst, veelal stilzwijgend getolereerd. In de meeste religieuze en spirituele traditie wordt het als een deugd gezien om aan de armen te geven. In het Verre Oosten bestaan bovendien zogenaamde bedelmonniken, zij die spiritualiteit zoeken door een leven zonder geneugten. Er zijn ook bedelorden in de christelijke traditie.

Wettelijke status[bewerken]

Bedelen is in veel landen illegaal onder noemers als "landloperij" hoewel het veelal wordt getolereerd. Verschillende overheden hebben daarentegen wel wetgeving uitgevaardigd tegen "panhandling". Overigens valt er vaak niet erg effectief tegen bedelen op te treden. Boetes zijn immers niet inbaar en vrijheidsstraffen zullen meestal ook de bedelaar niet van verder bedelen afhouden. Soms worden bedelaars uit bepaalde stadsdelen geweerd, maar dit betekent vaak slechts een verplaatsing van het probleem naar andere wijken.

België[bewerken]

Tot 1993 was bedelen strafbaar gesteld.[1] Dankzij de wet van 12 januari 1993 werd het bedelen en de landloperij gedecriminaliseerd. In 2005 werd een nieuwe wet[2] goedgekeurd die de exploitatie van bedelarij strafbaar stelt (in het kader van mensenhandel).

Kritiek[bewerken]

Veelgehoorde kritiek op bedelen is dat bedelaars hun geld zouden besteden aan alcohol, drugs of tabak. Vaak wordt dit als een argument aangehaald om niets aan bedelaars te geven, of slechts giften in natura. Bovendien zou het geven van geld aan een bedelaar hem slechts aansporen te blijven bedelen in plaats van zijn situatie te proberen te verbeteren.

Bovendien zijn vaak gaarkeukens en schuilplaatsen beschikbaar gesteld door overheden en liefdadigheidsinstellingen. Daarbij trachten veel van deze instellingen vaak de daklozen te prikkelen los te komen van de straat en op een of andere manier weer te integreren in de maatschappij. Mensen die echt willen helpen, zouden beter geld aan deze stichtingen overmaken dan het direct aan bedelaars geven.

Ook het feit dat veel landen een goed ontwikkeld sociaal stelsel hebben en mensen dus niet op straat hoeven te leven wordt als argument aangehaald.

Een onderzoek in Toronto met betrekking tot 52 bedelaars gaf als resultaat dat gemiddeld op een maandinkomen van 638 Canadese dollar 192 Canadese dollar besteed zou worden aan alcohol, dugs en tabak. Volgens andere onderzoeken gehouden in Noord-Amerikaanse steden zou 75 tot 90% van de inkomsten besteed worden aan alcohol, drugs en tabak.

Zie ook[bewerken]

Acht bedelaars door Wenceslas Hollar (zeventiende eeuw)