Begijnhof Lier

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Begijnhof van Lier
Onderdeel van de werelderfgoedinschrijving:
Vlaamse Begijnhoven
Toegangspoort van het Lierse begijnhof
Toegangspoort van het Lierse begijnhof
Land Vlag van België België
Coördinaten 51° 8′ NB, 4° 34′ OL
UNESCO-regio Europa en Noord-Amerika
Criteria ii, iii, iv
Inschrijvingsverloop
UNESCO-volgnr. 855-002
Inschrijving 1998 (22e sessie)
Kaart
Begijnhof Lier
Begijnhof Lier
UNESCO-werelderfgoedlijst

Het Lierse begijnhof is een typisch voorbeeld van een stratenbegijnhof.

Ontstaan[bewerken]

Het begijnhof van Lier ontstond, vermoedelijk, in de eerste helft van de 13e eeuw. Dan gingen spontaan een aantal ongehuwde vrouwen buiten de eerste omwalling samenwonen in de buurt van het huidige begijnhof, waar zich toen een jachtslot van de hertog van Brabant bevond. Aleidis, de echtgenote van Hendrik III, schonk aan de religieuze vrouwen grond voor een kapel. Zo groeide het Lierse begijnhof. In 1258 kregen de begijnen de toelating om over een eigen kerk en pastoor te beschikken.

Het begijnhof ontstond in de 13e eeuw, maar de meeste huizen dateren uit de 17e en het begin van de 18e eeuw. In de jaren negentig werden grote delen gerestaureerd. Zo werd de oostelijke "grachtkant" volledig vernieuwd, inbegrepen het interieur van de huisjes. Ze hebben hun voorgevel richting begijnhof, terwijl hun achtergevel (die grenst aan de Kleine Nete) volledig vensterloos is.

De laatste begijn overleed er in 1994.

Stratenplan van het Liers begijnhof anno 1828

Gebouwen[bewerken]

De dubbele renaissancepoort met bovenaan het beeld van de Heilige Begga van beeldhouwer M.J. d'Heur dat dateert van 1777, verleent toegang tot het begijnhof, dat tot op heden nog volledig omsloten is. Tot het einde van de Tweede Wereldoorlog werden beide poorten bij zonsondergang gesloten. Wie te laat kwam, diende aan het nachtpoortje aan te bellen. Twee begijntjes betrokken het portiershuisje dat rechts tegen de poort aanleunt.

Het begijnhof telde ongeveer 150 begijnenhuisjes. Aangezien huisnummers vroeger onbekend waren, gaven ook de begijntjes hun woning een naam van een heilige of naar een Bijbels tafereel zoals het Stalleken van Bethlehem, Vijf Wondekens, Wijngaert des Heren, de Calvarieberg en het Soete Naemken. Ook de infirmerie uit 1760 is nog aanwezig, maar heeft helaas grote beschadiging opgelopen bij een brand in 1970.
Het Hemdsmouwken was oorspronkelijk een brandstraatje en gezien zijn eigenaardige vorm, vooraan slechts 98 cm breed, heeft het zijn naam niet gestolen.
Achteraan staat het Convent uit 1595, de opleidingsschool voor novicen.
Het Hellestraatje, de naam heeft niets te maken met de hel, wel met helling! Naast het straatje "helde" de dam van de tweede omwalling. Hier bevindt zich ook het Ruusbroechuisje, een woning zonder verdieping, zoals oorspronkelijk vele begijnhuisjes geweest moeten zijn, maar dan in hout en met een rieten dak. Daartegenover een huis met een hekje ervoor, wat uitzonderlijk is.

De "grachtkant" in het Lierse begijnhof

De Grachtkant, dit is de laatste uitbreiding van het begijnhof rond 1720. Het huizenblok werd in 5 jaar gebouwd in regionale Brabantse stijl: baksteen en speklagen van zachte witte steen. De huizen zijn ruim, 4 ramen onderaan! Deze werden door welstellende dames of dames van adel betrokken.

De driebeukige Sint-Margaritakerk heeft een barokgevel uit de 17e eeuw, waarboven in de 18e eeuw volutes en een lantaarn zijn geplaatst. De pastorie (ca. 1690) bevindt zich in de Begijnhofstraat. Her en der zijn staties van de kruisweg verspreid over het begijnhof.

Varia[bewerken]

Het Lierse begijnhof was een van de grote inspiratiebronnen voor Felix Timmermans die het de bijnaam d'amandelboon van Lier gaf (Begijnhofsproken (1912), De zeer schoone uren van Juffrouw Symforosa begijntjen (1918)).

Ook de historische thrillers van Lydia Verbeeck spelen zich af in en rond het begijnhof van Lier.

Werelderfgoed[bewerken]

Samen met 12 andere Vlaamse begijnhoven werd het op 2 december 1998 op de Werelderfgoedlijst van de UNESCO geplaatst.