Benedictus van Nursia

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Benedictus
Pietro Perugino cat48l.jpg
Geboren 480 te Nursia
Gestorven 547
Schrijn Abdij van Monte Cassino
Naamdag 11 juli
Attributen Beker met slang
Lijst van christelijke heiligen
Portaal  Portaalicoon   Christendom
Deel van de serie over
kloosters
en het christelijke monastieke leven

Monnik

De heilige Benedictus (480-547) wordt algemeen beschouwd als vader van het kloosterleven in de Latijnse Kerk. Hij is vooral bekend vanwege de regel van Benedictus. Deze is in het hele kloosterleven een belangrijk uitgangspunt geworden, ook buiten de Benedictijner kloosters. Het is een leven van het gemeenschappelijk delen van alle bezittingen. Centraal staat het werken voor de gemeenschap en spirituele verdieping.

Zijn leven[bewerken]

Benedictus werd geboren in een tijd van onrust en volksverhuizingen. Aanvallen van de Hunnen, de Vandalen of de Germanen hingen steeds in de lucht. Hij werd geboren in Nursia, het huidige Italiaanse Norcia in de buurt van Perugia. Al op veertienjarige leeftijd sloot hij zich aan bij een groep kluizenaars. Toen Benedictus 20 jaar oud was, ontvluchtte hij Rome en stopte met studeren. Hij trok zich terug in de eenzaamheid van een grot, drie jaar lang. Zijn kleding was een haren hemd en een vriend bracht hem voedsel (brood), dat hij in een mandje naar beneden zond.

Uiteindelijk belandde deze groep in Subiaco, ten oosten van Rome, waar het klooster Santo Speco ontstond. Hij werd tot overste gekozen in Vicovaro, maar was volgens een legende uit de 12e eeuw zo streng dat de monniken het benauwd kregen en zelfs probeerden hem te vermoorden door hem een gifbeker voor te zetten. Toen hij die echter zegende, brak de beker. Daarom wordt hij in de kunst veelal afgebeeld met een beker in de hand waaruit een slang tevoorschijn komt. Om dit soort conflicten te vermijden trok hij met enkele medestanders naar Monte Cassino. In 529 stichtte hij zijn eigen gemeenschap die bekend werd als de Abdij van Monte Cassino, waar hij zijn later beroemd geworden regels schreef.[1] Maurus (de latere heilige) was een van zijn eerste volgelingen. Andere beroemde volgelingen waren zijn tweelingzus Scholastica en Placidus, de 7e-eeuwse Frankische kloosterstichter. Vooral de biografie van Benedictus in de Dialogen van Paus Gregorius de Grote droeg al vroeg bij tot zijn reputatie.

Bestaande en nieuwe kloosters[bewerken]

In de 4e eeuw werden steeds meer kloosters gebouwd op afgelegen plaatsen waar men zich kon richten op het ervaren van God. Verder waren er veel verschillende en soms onduidelijke regels. Kloosters in het westen van Europa gingen steeds meer hun aandacht verleggen vanwege de maatschappelijke onrust en de daarmee gepaard gaande volksverhuizingen. Ze kregen steeds meer de taak om de resten van de westerse cultuur te bewaren sinds die in de loop van de 5e eeuw uiteenviel. In afgelegen gebouwen bevond zich steeds meer een voorraad geschreven boeken, ook van heidense schrijvers.[2] Benedictus stimuleerde daarmee Cassiodorus, iemand in een hoge positie onder de Oost-Gothische koning Theodorik de Grote die zich ook ging toeleggen op het kopiëren van manuscripten en het bestuderen van antieke geschriften. Door deze nadruk op de waarde van oude geschriften raakte dankzij de kloosters de Grieks-Romeinse cultuur in de Middeleeuwen niet geheel verloren.[3]

De regel van Benedictus[bewerken]

De Heilige Benedictus van Nursia (schilderij van Antonello da Messina)

De enorme invloed van Benedictus is vooral toe te schrijven aan zijn kloosterregel, de Regula Benedicti. Er bestonden al wel dergelijke regels, zoals de anonieme Regula Magistri, maar deze werden bijna allemaal als te streng of onevenwichtig ervaren, zoals later ook die van de Heilige Columbanus. Volgens Benedictus moesten de monniken drie geloften afleggen: armoede, kuisheid en gehoorzaamheid aan de abt. De monniken moesten zich toeleggen op "ora et labora", waarmee het bidden en de handenarbeid bedoeld wordt. Het bidden werd gedaan door acht maal per dag deel te nemen aan het koorgebed. Ten slotte moesten de monniken zich bezighouden met de lectio divina, het mediterend lezen van de Bijbel en de Kerkvaders. De regel van Benedictus is een afgewogen ritme van acht uur bidden, acht uur werken en acht uur rusten. Hierdoor verspreidde de orde der Benedictijnen, zoals ze naar Benedictus zouden gaan heten, zich in snel tempo over heel Europa. Dit gebeurde zowel door het invoeren van de regel in reeds bestaande kloosters als het stichten van nieuwe kloosters. Zo is Benedictus ook een van de patroon-heiligen van Europa geworden.

Ora et labora[bewerken]

Benedictus schreef zijn regel, waaruit de aanbeveling Ora et Labora (= Bid en Werk) wereldberoemd is geworden. Vooral 'werk' was in die tijd een doorbraak. lmmers werk was voorbehouden aan de laagstgeplaatsten in de maatschappij: aan slaven en lijfeigenen. Adel en geestelijkheid werkten niet. Wanneer nu Benedictus niet alleen studie, maar ook werk voorschrijft naast gebed, vraagt hij daarmee van zijn monniken een houding van de minste der mensen; zij waren vaak van adellijke afkomst en voor hen was werken beneden hun rang en waardigheid. Tegelijk zou je achteraf kunnen opmerken, dat 'werk' sindsdien een steeds hoger maatschappelijke waarde is geworden![4]

Enkele regels van Benedictus[bewerken]

Een fragmenten uit de regels over de zieken:

Voor alles dient voor de zieken gezorgd te worden… Zij mogen zo vaak als nodig is in bad; de gezonden en met name de jongeren moeten zich hierin beperken. De zieken en herstellenden mogen ook vlees eten om sneller op kracht te komen. Als zij weer beter zijn moeten zij zich weer onthouden van het eten van vlees. .[5]

Een ander fragment over luiheid:

Luiheid is de vijand van de ziel. Daarom moeten de broeders op vaste tijden handarbeid verrichten en op andere tijden heilige geschriften lezen. .[6]

Verering[bewerken]

Zijn feest werd vroeger op 21 maart gevierd maar tegenwoordig op 11 juli. Hij wordt aangeroepen als

  • patriarch der monniken van het westen
  • spiegel van gehoorzaamheid, armoede en zuiverheid.

Literatuur[bewerken]

  • Gregorius de Grote, Het leven van Benedictus, vert. en inl. door F.v.d.Meer en G.Bartelink, Nijmegen, 1980.
  • Benedictus van Nursia, Regel. Richtsnoer voor monastiek leven, vertaling Vincent Hunink. Inleiding en annotatie Thomas Quartier en Guerric Aerden ocso, Damon, Budel 2014 (serie middeleeuwse Monastieke Teksten)

Externe links[bewerken]