Beweging (sociologie)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een beweging in de sociologie, een sociale beweging, is een diffuus netwerk van groepen mensen en organisaties die sympathie hebben voor een bepaald ideaal en doel, met name om een verandering te bewerkstelligen, dan wel voor de activiteiten die door een dergelijk netwerk worden ondernomen (Tilly, 2004; Tarrow, 1994). Leden van een beweging hebben een gemeenschappelijk doel en een gedeelde overtuiging, maar daarbinnen bestaat vaak variatie. Bekende sociale bewegingen uit de negentiende eeuw zijn de arbeidersbeweging, vrouwenbeweging, vredesbeweging, natuurbeschermingsbeweging en dierenbeschermingsbeweging. De new agebeweging, antikernenergiebeweging en de studentenbeweging worden wel als 20e-eeuwse sociale bewegingen aangeduid.

Er bestaan diverse onderverdelingen van sociale bewegingen op grond van strategische en inhoudelijke kenmerken (Cramer,1989; Duyvendak et al., 1992; Kriesi et al., 1995). Zo zijn er de zogenaamde instrumentele of reformistische bewegingen die met gematigde actievormen direct resultaat nastreven op nationaal-politiek niveau, al dan niet ondersteund door maatschappelijke acties. In Nederland zijn de FNV of de Stichting Natuur & Milieu hiervan de belichaming. Voor dergelijke instituties wordt de term movement organization gebruikt. Daarnaast zijn er de subculturele bewegingen, zoals de op kleinschaligheid en leefgemeenschappen gerichte groepen. Ten slotte onderscheiden genoemde auteurs de tegenculturele of maatschappijkritische bewegingen die uit zijn op fundamentele veranderingen. Hiertoe kan ook het feminisme gerekend worden met als movement organization het tijdschrift Opzij. De meest radicale groepen passen ook hun actierepertoire aan, zoals is te zien bij Black Power, de Ziedende Bintjes en natuurbeschermers die zich vastketenen aan bomen.

Het is niet altijd duidelijk wie er tot een beweging hoort: men kan lid van een beweging zijn zonder lid te zijn van een movement organization. Het is zelfs mogelijk dat sociologen iemand zien als lid, alhoewel de persoon dat zelf ontkent. Zo nemen sommige vrouwen afstand van het feminisme, alhoewel sociologen hen daar op grond van hun contacten, interesses en overtuigingen wel als lid van de feministische beweging zien.

Bronnen[bewerken]

  • Cramer, J.M. (1989): De groene golf, geschiedenis en toekomst van de milieubeweging, Utrecht,
  • Duyvendak, J.W.; Heyden, H.A. van de; Koopmans, R.; Wijmans, L. (1992): Tussen verbeelding en macht, Amsterdam,
  • Kriesi, H.P.; Koopmans, R.; Duyvendak, J.W.; Giugni, M.G. (1995): New social movements in Europe, Minneapolis,
  • Tarrow, S. (1994): Power in movement: social movements, collective action and politics, Cambridge,
  • Tilly, Ch. (2004): Social Movements 1768–2004, Boulder.