Blauwe breedscheenjuffer

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Blauwe breedscheenjuffer
IUCN-status: Niet bedreigd[1] (2007)
Mannetje blauwe breedscheenjuffer (Platycnemis pennipes)
Mannetje blauwe breedscheenjuffer (Platycnemis pennipes)
Taxonomische indeling
Rijk: Animalia (Dieren)
Stam: Arthropoda (Geleedpotigen)
Onderstam: Hexapoda (Zespotigen)
Klasse: Insecta (Insecten)
Orde: Odonata (Libellen)
Onderorde: Zygoptera (Juffers)
Familie: Platycnemididae (Breedscheenjuffers)
Geslacht: Platycnemis (Breedscheenjuffers)
Soort
Platycnemis pennipes
Pallas, 1771
Afbeeldingen Blauwe breedscheenjuffer op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Portaal  Portaalicoon   Biologie

De blauwe breedscheenjuffer (Platycnemis pennipes) is een juffer van de familie van de Breedscheenjuffers, de enige van die familie die in België en Nederland voorkomt. De blauwe breedscheenjuffer is vrij gemakkelijk te herkennen aan de bouw van haar poten, met opvallende verdikte tibia of schenen.

Beschrijving[bewerken]

Imago[bewerken]

Platycnemis pennipes (male) (5).JPG

De volwassen blauwe breedscheenjuffer (imago) is een typische voorbeeld voor de familie van de Breedscheenjuffers. De tibia of scheen van elke poot is opvallend verbreed, heeft een zwarte middenstreep en is met afstaande haren bezet

Ook de kleuren zijn kenmerkend: de mannetjes vaalblauw, de vrouwtjes wit, beige of lichtgroen.

Verder is de blauwe breedscheenjuffer een middelgrote juffer (lengte tot 32 mm). Het pterostigma is iets langer dan breed, ongeveer 1,5 vleugelcel lang, en opvallend roodbruin gekleurd. De kop is smal met bovenop twee lichte dwarsstrepen. Het borststuk heeft twee lichte schouderstrepen.

Larve[bewerken]

De larve van de blauwe breedscheenjuffer is makkelijk te onderscheiden van die van andere juffers door de staartlamellen die eindigen op een lange spits en aan de randen behaard zijn. Het vangmasker heeft aan de randen doornachtige haren.

Vliegtijd[bewerken]

Juni en juli, soms tot in augustus.

Gedrag en voortplanting[bewerken]

De eieren worden afgezet in stengels van drijvende waterplanten. De dieren vormen meestal een tandem voor de paring en de eileg. Het vrouwtje boort met haar legboor gaatjes in de stengel, en plaatst vervolgens in ieder gaatje een eitje.

Habitat[bewerken]

De blauwe breedscheenjuffer is wat het voortplantingsbiotoop betreft niet erg veeleisend. Ze is tevreden met licht stromend of stilstaand water, zoals beken, rivieren, kanalen en afgravingen, met veel oever- maar vooral waterplanten zoals de Waterlelie waarop de eieren gelegd worden.

Verspreiding en voorkomen[bewerken]

De soort komt voor in Midden- en Zuid-Europa tot in Midden-Azië. In België is ze algemeen, in Nederland op de hoge zandgronden en in Zuid-Limburg. Vermijdt kustgebieden.

Verwante en gelijkende soorten[bewerken]

De blauwe breedscheenjuffer heeft geen nauwe verwanten in België en Nederland.

Verder is ze vooral door de brede tibia, de vale kleuren en het roodbruine pterostigma vrij gemakkelijk te onderscheiden van de waterjuffers (Coenagrionidae), de dichtste verwanten van deze juffer.

Bedreigingen en bescherming[bewerken]

De blauwe breedscheenjuffer is nog vrij algemeen en wordt gekenmerkt op de Belgische Rode Lijst (libellen) als ‘niet bedreigd’. Ze wordt niet vermeld op de Nederlandse Rode Lijst (libellen).

De soort staat op de Rode Lijst van de IUCN als niet bedreigd, beoordelingsjaar 2007.[1]

Afbeeldingen[bewerken]

Externe link[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  • A. Wendler & J-H Nüss, 2002.: Libellen van Noordwest-Europa, Jeugdbondsuitgeverij, Utrecht, ISBN 90-5107-031-4
  • R.R. Askew, 1988.: The Dragonflies of Europe, Harley Books Colchester
  • N. De Pauw & R. Vannevel, 1990.: Macro-invertebraten en waterkwaliteit, Stichting Leefmilieu, Antwerpen