Boerenprotest 2019

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Boerenprotest
Trekker met protestbord in Den Haag, 1 oktober 2019
Trekker met protestbord in Den Haag, 1 oktober 2019
Datum 1 oktober 2019 - heden
Plaats Den Haag
Doel respect voor landbouwsector en geen halvering veestapel
Portaal  Portaalicoon   Politiek

Het boerenprotest is een protestactie van Nederlandse boeren die plaatsvond vanaf 1 oktober 2019. De boeren vroegen aandacht voor hun positie in de maatschappij, de "continu wijzigende regelgeving en het algemeen gebrek aan begrip en respect voor het boerenwerk".[1] De protestactie werd georganiseerd door Agractie en Farmers Defence Force.[2] LTO Nederland en haar regionale afdelingen ondersteunden de actie, al keerden ze zich wel af van geweld en vernielingen zoals in Groningen.[3][4]

Aanleiding[bewerken]

Directe aanleiding van het protest voor veel boeren was het voorstel van D66-parlementariër Tjeerd de Groot om de veestapel te halveren, naar aanleiding van de stikstofcrisis en het hierop volgende advies van de commissie-Remkes.[5] Ook gaf LTO-Nederland voorman Marc Calon aan dat met de bezetting van een varkenshouderij in Boxtel 'de lont van het grote verzet in het kruitvat is gestoken'.[6]

Het protest was vooral gericht op:[bron?]

  • Te vaak wijzigende regelgeving op het gebied van o.a. dierenwelzijn, kwaliteitseisen van de producten en stikstofreductie.
  • Het negatieve beeld over het boerenbedrijf dat zou worden verspreid door politici, media en milieu-activisten.

Acties[bewerken]

1 oktober[bewerken]

Den Haag[bewerken]

Trekkers op de Utrechtsebaan

Duizenden boeren vertrokken in de vroege ochtend per tractor in colonnes naar Den Haag. Dit zorgde voor de drukste ochtendspits in de Nederlandse geschiedenis met 1.136 kilometer file.[7] Op het Malieveld vond een demonstratie plaats. Van tevoren gaf de toenmalige Haagse burgemeester Pauline Krikke toestemming om maximaal 75 tractoren te stationeren op het Malieveld.[8] De overige tractoren konden worden gestald bij het stadion van ADO Den Haag of op het strand van Scheveningen. De boeren zouden vervolgens met pendelbussen naar het Malieveld worden gebracht.

De communicatie tussen de organisatie en het gemeentebestuur verliep echter slecht, aldus Agractie. De boeren reden vervolgens toch door naar het Malieveld, wat zorgde voor een verkeerschaos in het Haagse centrum. Tientallen tractoren reden door de berm alsnog het Malieveld op. Sommige boeren braken door de afzettingen, door hekken omver te rijden. Naar schatting waren er uiteindelijk minstens 2.200 tractoren aanwezig in Den Haag.[9][10]

Minister Carola Schouten van Landbouw sprak op het Malieveld de demonstrerende boeren toe, en beloofde dat er geen halvering van de veestapel komt onder haar ministerschap.[11] De week ervoor adviseerde de commissie-Remkes het kabinet echter om de veestapel fors in te krimpen vanwege de stikstofcrisis die ontstond naar aanleiding van een uitspraak van de Raad van State.[11][12]

De rest van het land[bewerken]

Naast het protest in Den Haag waren er ook acties op andere plekken in het land. In Groningen parkeerden protesterende boeren hun trekkers bij het treinstation.[13] Op de A28 tussen Hoogeveen en Zwolle vond een langzaamaanactie plaats. Hierbij blokkeerden de boeren de snelweg, doordat ze in een paar uur tijd langzaam van Hoogeveen richting Zwolle en weer terug reden.[14] In het Media Park in Hilversum protesteerden tientallen boeren bij het redactiegebouw van de NOS omdat politici, media en activisten 'ten onrechte een negatief beeld over boeren' zouden hebben geschetst.[15]

Reactie natuur en milieuorganisaties[bewerken]

Volgens Natuur- en Milieufederaties en GroenLinks richtten de boeren hun woede ten onrechte op burgers en politiek, terwijl volgens hen het landbouwsysteem, inclusief de boerenorganisaties, de Rabobank en de supermarkten, de boosdoener is.[16]

14 oktober[bewerken]

In het land vonden verschillende protesten door boeren plaats bij diverse provinciehuizen, waaronder die van Drenthe, Overijssel, Gelderland, Groningen en Noord-Holland. De provinciebesturen van Drenthe, Overijssel en Gelderland volgden die van Friesland en trokken hun besluiten ook weer in. In Groningen werd met een tractor een monumentale deur uit het gebouw van het provinciehuis gereden, nadat het provinciebestuur had besloten de maatregel niet in te trekken.[17] Ook viel er een gewonde tijdens een aanvaring tussen de politie en de boeren toen ze het provinciehuis probeerden te bestormen.[18][19] In verband met de protesten waren er ook boeren naar Haarlem en Middelburg vertrokken, maar deze provincies trokken hun stikstofaanpak niet in.[20] Wel vragen de Provinciale Staten om verduidelijking van het beleid aan de landelijke regering.

Reacties[bewerken]

Jan Brouwer, directeur van het Centrum voor Openbare Orde en Veiligheid, vond dat met het geweld in Groningen "de grenzen van het recht op demonstreren zijn overschreden". Diverse politici, waaronder ook Helma Lodders, woordvoerder Landbouw van de VVD, vonden dat de boeren te ver waren gegaan. Er was ook frustratie over "de 'slappe knieën' van sommige provinciale bestuurders."[21]

16 oktober[bewerken]

Op 16 oktober waren er protesten, onder meer in Den Haag, Utrecht en De Bilt, nabij het RIVM. In Den Haag werd het leger ingezet om te voorkomen dat boeren het Binnenhof zouden betreden, en om de veiligheid in de stad te waarborgen.[22]

De boeren zouden in Den Haag volgens afspraak op de Koekamp protesteren, maar ze braken al snel door de afzettingen en reden massaal met tractoren het Malieveld op. Vervolgens reden ze de binnenstad in. De boeren reden met tractoren door winkelstraten, en blokkeerden belangrijke kruispunten. Uiteindelijk was het centrum van Den Haag grotendeels lamgelegd, en moest het openbaar vervoer worden stilgelegd. De snelwegen rond de stad stonden volledig vast door de vele tractoren. Drie evenementen moesten worden afgelast omdat ze hierdoor onbereikbaar waren: een voorstelling van het Cirque du Soleil dat op dat moment op het Malieveld stond, de opening van een tentoonstelling in het Atrium van het stadhuis en de vergadering van Provinciale staten.[23] De gemeente Den Haag riep op tot extra oplettendheid "vanwege zwaar gemotoriseerd verkeer in de binnenstad". Sieta van Keimpema van Farmers Defence Force beschuldigde het kabinet "uit te zijn op een burgeroorlog met de boeren".[24]

Reacties[bewerken]

Premier Mark Rutte van de VVD gaf aan dat demonstranten zich aan de regels moeten houden. Gert-Jan Segers van de ChristenUnie benadrukte dat de boeren "niet over grenzen mogen gaan". Pieter Heerma van het CDA meldde dat boeren hun onvrede mogen uiten, maar dat ze "niet mogen intimideren en geen onveiligheid mogen veroorzaken."[25]

25 oktober[bewerken]

Op 25 oktober protesteerden voornamelijk boeren uit Noord-Brabant bij het Provinciehuis van Noord-Brabant tegen het provinciale stikstofbeleid. De provincie besloot uiteindelijk om de maatregelen toch in te voeren.[26]

Tevens werd er actie gevoerd tegen het voorgenomen beleid van de Zuivelsector, bestaande uit onder andere FrieslandCampina, NZO en ZuivelNL. Zo verspreidde Farmers Defence Force de persoonlijke telefoonnnummers van bestuurders van zuivelbedrijven en werd het hoofdkantoor van FrieslandCampina in Amersfoort geblokkeerd. Als reactie hierop lieten de zuivelbedrijven weten dat ze hun plannen hebben ingetrokken wegens een tekort aan draagvlak.[27]

18 december[bewerken]

Op 18 december voerden boeren een blokkade uit van het Albert Heijn distributiecentrum in Tilburg.[28] Eerder waren de aangekondigde blokkades van distributiecentra van supermarkten al door de rechter verboden.[29] Na korte tijd vertrokken de boeren naar het distributiecentrum van Jumbo in Breda.

Reacties[bewerken]

Het Openbaar Ministerie zegt dat de overheid gefaald heeft door dit najaar nauwelijks op te treden tegen tractoren op de snelweg. Het snelwegverbod kon volgens officier van justitie Linda Bregman door de politie onvoldoende worden gehandhaafd, onder meer door 'dreigende en intimiderende boeren' en overmatig alcoholgebruik.[30]

Trivia[bewerken]

  • De voorlaatste grote opstand onder boeren in Nederland was het akkerbouwersprotest in 1990. Dit protest richtte zich vooral op de dalende graanprijzen.[31]
  • Er vond op 22 oktober een boerenprotest plaats in Duitsland, waarbij 2000 tractoren en 6000 boeren naar het ministerie van Landbouw in Bonn waren gekomen.[32]
  • Bij de stakingsactie van bassisschoolleraren op woensdag 6 november hebben zij bij het Binnenhof kleine speelgoedtractoren neergezet, wat een referentie was naar het boerenprotest.