Bossteenuil
| Bossteenuil IUCN-status: Bedreigd[1] (2018) | ||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Taxonomische indeling | ||||||||||||
| ||||||||||||
| Soort | ||||||||||||
| Athene blewitti (Hume, 1873) | ||||||||||||
| Verspreidingsgebied van de bossteenuil: rode stippen zijn recente waarnemingen, grijze stippen zijn oude waarnemingen. | ||||||||||||
| Afbeeldingen op | ||||||||||||
| Bossteenuil op | ||||||||||||
| ||||||||||||
De bossteenuil ( Athene blewitti synoniem:Heteroglaux blewitti) is een vogel uit de familie Strigidae (uilen). Het is een bedreigde, endemische vogelsoort uit India die na meer dan honderd jaar opnieuw werd ontdekt.
Kenmerken
[bewerken | brontekst bewerken]De vogel is 23 cm lang. Deze uil lijkt sterk op de Brahmaanse steenuil maar de bossteenuil heeft brede dwarsbanden op de staart en een egaal gekleurde kruin.[2]
Verspreiding en leefgebied
[bewerken | brontekst bewerken]Deze soort is endemisch in India en komt voor in Midden-India en in het noordwestelijke deel van de Westelijke Ghats. Bevestigde waarnemingen sinds 1997 zijn afkomstig uit het noorden van Maharashtra (onder andere Melghat Tijgerreservaat, Toranmal en Tansa Wildlife Sanctuary), het westen van Madhya Pradesh en sinds 2015 ook uit Gujarat (Purna Wildlife Sanctuary en de districten Dang, Navsari en Valsad). De totale verspreidingsoppervlakte wordt geschat op ongeveer 55.300 km². Het is een standvogel van vrij open, droog loofbos met als kenmerkende boomsoort de teakboom (Tectona grandis), met onderbegroeiing van grassen en kruiden. De meeste vindplaatsen liggen tussen 400 en 700 m, met enkele waarnemingen tot 920 m hoogte.[2]
Voedsel en voortplanting
[bewerken | brontekst bewerken]De bossteenuil is overwegend dagactief en jaagt vanaf goed zichtbare uitzichtposten op kale takken. Op het menu staan hagedissen, kleine knaagdieren, jongen van andere vogels, sprinkhanen, kikkers en rupsen; prooien worden vaak verstopt in holle takken. De soort verdeelt voedselbronnen met de nauw verwante en wijdverbreide Brahmaanse steenuil (Athene brama). Het broedseizoen loopt van oktober tot mei. De vogel legt twee eieren in een holte in een zachthoutboom en kan een vervanglegsel produceren als het eerste nest mislukt. De jongen vliegen uit na 30 tot 32 dagen en blijven daarna nog ten minste 40 tot 45 dagen afhankelijk van de ouders. De gemiddelde generatieduur wordt op 5,4 jaar geschat.[2]
Status
[bewerken | brontekst bewerken]De bossteenuil heeft een sterk versnipperd verspreidingsgebied en is daardoor kwetsbaar voor uitsterven. Tot 1997 was de soort enkel bekend van zeven museumexemplaren uit de 19de eeuw en enkele onbevestigde waarnemingen. In 1997 werd opnieuw aangetoond dat de uil nog voorkwam in het noordwesten van Maharashtra, waarna verdere veldwerk de soort op nieuwe locaties in Midden-India en in het noorden van de Westelijke Ghats vond. De populatie werd in 2016 geschat op 250 tot 999 volwassen individuen, met een dalende trend.[2] Belangrijke bedreigingen zijn illegale houtkap voor brandhout en timmerhout, ontginning van bos voor landbouw en bewoning, bosbranden en kleine irrigatiedammen. Lokaal worden uilen bejaagd en lichaamsdelen gebruikt in traditionele gebruiken, zoals het maken van trommels. Pesticiden en rodenticiden vormen een aanvullende, slecht gekwantificeerde bedreiging. De bossteenuil staat op de Rode Lijst van de IUCN sinds 2018 als bedreigd (afgewaardeerd van ernstig bedreigd) en is opgenomen in CITES-bijlage I.[2]
- ↑ (en) Bossteenuil op de IUCN Red List of Threatened Species.
- 1 2 3 4 5 Species factsheet: Forest Owlet Athene blewitti. BirdLife International (2025). Geraadpleegd op 21 mei 2026.