Boudewijn van België (1869-1891)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Boudewijn van België
1869-1891
Prince Baudouin of Belgium.jpg
Vermoedelijke troonopvolger
Periode 1869-1891
Voorganger Leopold, prins van België
Opvolger Albert I, derde koning der Belgen
Vader Filips, graaf van Vlaanderen
Moeder Maria Gravin van Vlaanderen
Coat of Arms of Prince Baudouin of Flanders (1869-1891).svg
Wapen als prins van België

Boudewijn Leopold Filips Marie Karel Anton Jozef Lodewijk (Brussel, 3 juni 1869 - aldaar, 23 januari 1891), prins van België, hertog van Saksen, prins van Saksen-Coburg en Gotha, was de oudste zoon van prins Filips. Naar hem werd de Prins Boudewijnkazerne aan het Daillyplein in Schaarbeek genoemd. Hij leende zijn naam ook aan het Bataljon Carabiniers Prins Boudewijn - Grenadiers van het Belgisch leger. Ook de Congolese stad Moba was in de koloniale periode naar hem vernoemd.

Familie[bewerken]

Na de dood van zijn enige zoon prins Leopold in 1869 zag Leopold II in zijn broer Filips, de graaf van Vlaanderen, niet de geschikte troonopvolger: Filips was doof en had geen ambitie om te regeren. Daarom vestigde koning Leopold zijn hoop op prins Boudewijn, de oudste zoon van Filips.

Zijn ouders kozen de naam Boudewijn niet toevallig. Ze verwezen hiermee naar de eerste graaf van Vlaanderen; Boudewijn I van Vlaanderen en de eerste keizer van het Latijnse Keizerrijk uit Constantinopel.

De jonge prins groeide op met zijn zusters en broer Albert in het paleis van Filips in de Regentschapsstraat in Brussel en werd voorbereid op zijn toekomstige taak. De jongste dochter van koning Leopold, prinses Clementine, was verliefd op haar neef, zo blijkt uit de correspondentie met haar zuster, aartshertogin Stefanie. Leopold zag in Clementine een goede koningin en was het idee van een huwelijk niet ongenegen, in tegenstelling tot Boudewijn zelf en zijn vader.

In 1884 schrijft de prins zich in aan de Koninklijke Militaire School te Brussel waar hij een legeropleiding krijgt. Hij spreekt goed Frans, Engels en Duits. Tijdens een bezoek aan Brugge in 1887 slaagt hij er zelfs in om Nederlands te spreken. Hier werd de mythe van de 'tweetalige prins' geboren, wat zijn populariteit ten goede kwam.[1]

Levenseinde[bewerken]

Begin 1891 wordt Boudewijns zuster Henriëtte zwaar ziek, een longontsteking. Boudewijn, die griep heeft, bleef bij haar in de koude gangen bidden voor haar spoedig herstel. Op 23 januari overleed Boudewijn aan een longoedeem.

De plotse dood zorgt voor wantrouwen; in de pers verschenen verhalen die naar het Mayerlingdrama verwezen.[2] In 1889 te Mayerling pleegde Leopolds II schoonzoon, man van zijn dochter Stefanie van België, de Oostenrijkse kroonprins Rudolf samen met zijn jeugdige maîtresse zelfmoord. Een publiek geheim is dat hij op 22 januari een nierbloeding opliep, een gevolg van een verwonding in een duel met de echtgenoot van zijn maitresse in het kasteelpark van het kasteel van Bovelingen.

Boudewijn werd op 29 januari bijgezet in de Crypte van Laken.

Varia[bewerken]

Literatuur[bewerken]

  • Bilteryst, Damien, Le prince Baudouin, frère du Roi-Chevalier, Bruxelles, Editions Racine, 2013, 336 p. ISBN 9782873868475