Buis van Crookes

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Een buis van Crookes: onder verlicht. Elektronen (kathodestralen) reizen in een rechte lijn van de kathode (links) naar de rechterzijde glazen voorzijde van de buis die door de aangebrachte fosforlaag oplicht. De anode is de elektrode in de bodem.

De buis van Crookes of Crookes-buis is een geëvacueerde glazen, conusvormige buis waarmee men de "looprichting" van kathodestralen kan demonstreren. Deze gasontladingsbuis werd eind negentiende eeuw gemaakt door de Brit William Crookes, op basis van de Geisslerbuis.

Werking[bewerken]

Crookes ontwikkelde de naar hem vernoemde buis om de lichtgevende effecten te onderzoeken die werden waargenomen in de Geisslerbuis. Een vacuüm gezogen langwerpige buis, voorzien van een anode en een kathode, is aan de binnenzijde voorzien van een fosforescerend materiaal. Onder invloed van elektriciteit zal dit materiaal door de lage druk gaan opgloeien, echter maar aan één elektrode. Het opgloeien van het fosfor werd volgens Crookes veroorzaakt door wat hij kathodestralen noemde, onzichtbare straling afkomstig van de negatieve elektrode, de kathode. Tegenwoordig is bekend dat kathodestralen uit negatief geladen deeltjes, ofwel elektronen, bestaan.

De buis van Crookes is veelal voorzien van een beweegbaar Maltezer kruis van metaal die – wanneer hij rechtop staat – een schaduw laat zien in het projecteerde beeld. Daarnaast bewees Crookes dat hij met een magneet de richting van de kathodestralen kon beïnvloeden. Hoewel de buis van Crookes alleen voor experimentele doeleinden wordt gebruikt, was de ontwikkeling ervan een belangrijke stap tot de latere uitvinding van zowel de röntgenbuis (Röntgen, 1895) als die van de kathodestraalbuis.

Externe link[bewerken]