Bulgarije

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Република България
Repoeblika Balgarija
Vlag van Bulgarije Wapen van Bulgarije
(Details) (Details)
Bulgarije
Basisgegevens
Officiële landstaal Bulgaars
Hoofdstad Sofia
Regeringsvorm Republiek met een parlementair stelsel
Staatsvorm Gedecentraliseerde eenheidsstaat
Religie Bulgaars-orthodox 85%, Islam 12%
Oppervlakte 110.900 km² [1] (0,3% water)
Inwoners 7.364.570 (2011)[2]
7.101.510 (2017)[3] (64/km² (2017))
Overige
Volkslied Mila Rodino
Munteenheid Lev (BGN)
UTC +2 (zomertijd +3)
Nationale feestdag 3 maart
Web | Code | Tel. .bg | BGR | 359
Voorgaande staten
Eerste Bulgaarse Rijk Eerste Bulgaarse Rijk 681
Topografie
Bulgarije
Portaal  Portaalicoon   Bulgarije
Portaal  Portaalpictogram  Landen & Volken

Bulgarije (Bulgaars: България, Balgarija), officieel de Republiek Bulgarije (Bulgaars: Република България, Repoeblika Balgarija), is een land in Zuidoost-Europa, gelegen in het oosten van de Balkan en ten zuiden van de rivier de Donau.

Het land heeft een bevolking van 7.101.510 (2017) inwoners en een oppervlakte van 110.900 km². Sofia is de hoofdstad en met ruim 1 miljoen inwoners de grootste stad van het land. Andere belangrijke steden zijn Varna en Boergas (de belangrijkste havens van Bulgarije aan de Zwarte Zee), Plovdiv en Roese.

Geschiedenis[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Geschiedenis van Bulgarije voor het hoofdartikel over dit onderwerp.
Het Romeinse theater in Plovdiv

Tussen 1762 en de onafhankelijkheid in 1878 was er sprake van de Bulgaarse Renaissance. Na de ondergang van het Groot-Bulgaarse Rijk vormden de Bulgaren, een Turkse stam uit Centraal-Azië en de lokale Slavische bevolking, onder leiding van khan Asparoech in de zevende eeuw het Eerste Bulgaarse Rijk. In de veertiende eeuw werd het land veroverd door het Ottomaanse Rijk. Tussen 1762 en totstandkoming van de onafhankelijkheid in 1878 was er sprake van de Bulgaarse Renaissance. Op 3 maart 1878 herkreeg Bulgarije zijn zelfbestuur als zelfstandig vorstendom binnen het Ottomaanse Rijk, en op 22 september 1908 werd het een volledig onafhankelijk koninkrijk. Het won en verloor gebied gedurende de Balkanoorlogen en de Eerste Wereldoorlog.

Na de Tweede Wereldoorlog kwam Bulgarije in de invloedssfeer van de Sovjet-Unie en werd het een communistische volksrepubliek. In 1989 ontvluchtten honderdduizenden etnische Turken en Pomakken het land vanwege de zware repressieve houding van de regering ten opzichte van de islamitische minderheden. Zo werden Turkse namen in 1984 verboden en werden moskeeën gesloten[4]. Na een paleiscoup door de minister van Buitenlandse Zaken in 1989 werd het land een democratische meerpartijenstaat en kon het zich langzaam richting de EU bewegen. Ook werden in 1989 de repressieve maatregelen tegen de minderheden opgeschort.

Op 7 mei 1992 werd Bulgarije lid van de Raad van Europa en daarmee van de OVSE. Het land werd op 29 maart 2004 officieel lid van de NAVO en op 1 januari 2007 trad het ook toe tot de Europese Unie, nadat het eerst in 2004 de boot van de uitbreiding van de EU had gemist. Het associatieverdrag was op 25 april 2005 ondertekend.

Geografie[bewerken]

Fysieke kenmerken[bewerken]

Bulgarije heeft in het oosten 378 km kustlijn aan de Zwarte Zee. Verder wordt het land begrensd door Roemenië in het noorden (608 km), door Servië (318 km) en Macedonië (148 km) in het westen, door Griekenland (494 km) in het zuiden en door Europees-Turkije (240 km) in het zuidoosten.

Centraal-Bulgarije wordt van oost naar west overgestoken door waaiers van het Balkangebergte. Tussen de Balkan en de Donau ligt een vruchtbaar plateau. Dit vlakke gebied in het noordoosten van het land heet de Dobroedzja en loopt door in Roemenië. De Donau vormt het grootste deel van de noordelijke grens. In het zuiden ligt het Rodopegebergte. Verder zijn er in het westen de Rila met het hoogste punt van Bulgarije (en het Balkanschiereiland), de berg Moesala (2925 m), en in het zuidwesten de Pirin met als hoogste berg de Vichren (2920 m). Ten zuiden van de Balkan en ten noorden van de Rodopegebergte is het Bulgaarse landschap vlak. Het zuidoosten van Bulgarije wordt Thracië genoemd, naar de Thraciërs die er in de oudheid woonden. De stad Plovdiv ligt in de Thracische vlakte. Dit gebied zet zich ten zuiden van Bulgarije voort.

De Donau, de Iskar, de Maritsa en de Struma zijn de belangrijkste rivieren. Het noorden en oosten van het land wateren, al dan niet via de Donau, af op de Zwarte Zee. De Maritsa en de Struma en hun zijrivieren wateren af op de Egeïsche Zee.

Klimaat[bewerken]

Bulgarije heeft een Midden-Europees landklimaat met warme zomers en koude winters. Ten zuiden van het Balkangebergte heerst een zachter klimaat met mediterrane kenmerken.

De gemiddelde temperatuur op een zomerdag ligt in het binnenland rond de 24 °C. Juli en augustus zijn de warmste maanden van het jaar. Het is dan gemiddeld circa 27 °C warm; langs de Zwarte Zeekust lopen de temperaturen op tot 30 °C.

De neerslag bedraagt gemiddeld 600 mm per jaar, maar in de bergen valt vaak meer dan 1000 mm per jaar, vaak in de vorm van sneeuw. De meeste regen valt op veel plekken in de zomer, maar in het zuiden is dit in de herfst.

Bevolking[bewerken]

Sofia, naast de hoofdstad ook de stad met de meeste inwoners van Bulgarije

In Bulgarije wonen 7.101.859 mensen volgens een telling in eind 2016. De bevolking neemt al vanaf het midden van de jaren 80 af.

De bevolkingsontwikkeling sinds de onafhankelijkheid in 1878:

Jaar 1887 1900 1920 1934 1946 1956 1965 1975 1985 1992 2001 2011 2016
Bulgarije (totaal) Gestegen 3.154.375 Gestegen 3.744.283 Gestegen 4.846.971 Gestegen 6.077.939 Gestegen 7.029.349 Gestegen 7.629.254 Gestegen 8.227.966 Gestegen 8.727.771 Gestegen8.948.649 Gedaald 8.487.317 Gedaald 7.932.984 Gedaald 7.364.570 Gedaald 7.101.859
Stedelijke bevolking Gestegen 593.547 Gestegen 742.435 Gestegen 966.375 Gestegen 1.302.551 Gestegen 1.735.188 Gestegen 2.556.071 Gestegen 3.822.824 Gestegen 5.061.087 Gestegen 5.799.939 Gedaald 5.704.552 Gedaald 5.474.534 Gedaald 5.339.001 Gedaald 5.204.385
Plattelandsbevolking Gestegen 2.560.828 Gestegen 3.001.848 Gestegen 3.880.596 Gestegen 4.775.388 Gestegen 5.294.161 Gedaald 5.057.638 Gedaald 4.405.042 Gedaald 3.666.684 Gedaald 3.148.710 Gedaald 2.782.765 Gedaald 2.454.367 Gedaald 2.025.569 Gedaald 1.897.474

Bulgarije en Letland zijn de enige twee landen ter wereld die in de 21ste eeuw minder inwoners tellen dan in het jaar 1950.

Bulgarije bevindt zich in een 'demografische crisis': het land wordt ook wel een 'demografische tijdbom' genoemd. Bulgarije heeft een laag geboortecijfer. In 2016 werden er 65446 kinderen geboren, waarvan 64984 levendgeborenen en 462 doodgeborenen. Het geboortecijfer bedraagt daarmee 9,1‰. De oblast Sliven (12,2‰) en de stad Sofia (10,2‰) hebben het hoogste geboortecijfer, gevolgd door Boergas en Varna (beide 9,6‰). De oblasten Vidin (6,2‰), Gabrovo (6,4‰), Kjoestendil (6,9‰) en Smoljan (7,0‰) hebben daarentegen het laagste geboortecijfer. Het geboortecijfer in stedelijke nederzettingen is iets hoger (9,3‰) vergeleken met de plattelandsgebieden (8,8‰). De reden hiervoor is de oudere leeftijdsstructuur van de plattelandsbevolking: er bevinden zich minder vrouwen in de zogenaamde 'vruchtbare leeftijd' (15 tot en met 49 jaar).

Het sterftecijfer in Bulgarije is één van de hoogste ter wereld en vergelijkbaar met landen die door AIDS, hoge kindersterftes en oorlogen worden geteisterd, zoals Swaziland, Lesotho en de Centraal-Afrikaanse Republiek. In 2016 stierven er alleen al 107580 mensen, waarvan 25606 mensen 85 jaar of ouder waren. Het sterftecijfer bedraagt 15,1‰. De oblasten Vidin (23,1‰), Montana (21,3‰) en Kjoestendil (19,9‰) hebben het hoogste sterftecijfer. De oblasten met de laagste sterftecijfers zijn de stad Sofia (11,7‰), Kardzjali en Blagoevgrad (beide 12,6‰). Over het algemeen hebben stedelijke gebieden een lager sterftecijfer (12,9‰) vergeleken met de plattelandsgebieden (21,1‰). In sommige plattelandsgebieden is het sterftecijfer hoger dan periodes waarin oorlogen en epidemieën plaatsvonden.

De natuurlijke bevolkingsgroei bedraagt -6,0‰ volgens de statistieken uit 2016. Alle oblasten hebben een negatieve natuurlijke bevolkingsgroei. De oblasten met de hoogste natuurlijke bevolkingsgroei zijn Sofia (-1,5‰), Sliven (-2,4‰), Kardzjali en Varna (beide -3,3‰). De oblasten Vidin (-16,9‰), Montana (-13,2‰) en Kjoestendil (-13,0‰) hebben de laagste natuurlijke bevolkingsgroei. Het geboortesurplus in de plattelandsgebieden (-12,6‰) is veel lager dan in de stedelijke gebieden (-3,6‰).

Een vrouw in Bulgarije krijgt gemiddeld 1.54 kinderen. In stedelijke gebieden is dat 1.45 per vrouw en op het platteland 1.79 kinderen per vrouw. De oblasten Sliven (2.24 kinderen per vrouw) en Jambol (1.98 kinderen per vrouw) hebben de hoogste vruchtbaarheidscijfers, voornamelijk door de aanwezigheid van de Roma-zigeuners. De minst vruchtbare oblasten zijn naast de stad Sofia met 1.27 kinderen per vrouw, Roese en Veliko Tarnovo met 1.40 kinderen per vrouw en Gabrovo met 1.41 kinderen per vrouw.

Gemiddeld is een vrouw 27,0 jaar bij de geboorte van haar eerste kind. In Sliven en Montana, de oblasten die relatief gezien de grootste Roma-bevolking hebben, is de gemiddelde leeftijd van de moeders 23,4 jaar en 24,3 jaar respectievelijk. In Sofia-stad krijgen vrouwen gemiddeld het oudst hun eerste kind, namelijk op dertig jarige leeftijd. De moeders in Varna (27,9 jaar) en Gabrovo (27,6 jaar) worden ook een stuk later moeder van hun eerste kind.

In de leeftijdsgroep 0-9 jaar behoort 73% tot de Bulgaarse etniciteit, 12% tot de Romabevolking en 11% tot de Turkse minderheid in Bulgarije. Het hoge aandeel Roma (en in mindere mate Turken) in de jongste leeftijdscategorie is het gevolg van een hogere geboortecijfer onder die bevolkingsgroep(en). In sommige plaatsen is zelfs meer dan de helft van de kinderen van Romani komaf.

Etniciteit[bewerken]

De meeste inwoners van Bulgarije zijn etnische Bulgaren (84,8 procent). Bulgaren vormen de meerderheid in 26 van de 28 oblasten. Er is een aanzienlijke minderheid van Turken (8,8 procent), voornamelijk in de oblasten Kardzjali (66%) en Razgrad (50%). De Roma vormen 4,9% van de bevolking en wonen verspreid over het hele land. De oblasten met de hoogste concentratie etnische Roma zijn Montana (12,7%) en Sliven (11,8%). De minste Roma wonen in de oblast Smoljan (0,5%). Er wonen tevens kleinere groepen Russen (0,2 procent), Armeniërs (0,1 procent) en Macedoniërs. Bulgarije, met zijn historische claims in Macedonië, beschouwt de Macedoniërs niet als een aparte bevolkingsgroep en ziet hun sterk aan het Bulgaars verwante taal als een Bulgaars dialect.

Religie[bewerken]

Bulgarije is traditioneel gezien een christelijk land. Onder leiding van Boris I van Bulgarije werd Bulgarije in de negende eeuw gekerstend. In de volkstelling van 2011 verklaarde zo'n 77,9% van de bevolking christelijk te zijn. Dat is een daling ten opzichte van 83,7% in de volkstelling van 2001.

De grootste denominatie is de orthodoxe kerk en met name de Bulgaars-orthodoxe Kerk. Ongeveer 76,0% van de bevolking gaf aan tot deze kerk te behoren.

Zo'n 0,8% van de bevolking rooms-katholiek: dat zijn ongeveer 50.000 katholieken. De meeste katholieken wonen in oblast Plovdiv. In de gemeente Rakovski vormen katholieken zelfs een meerderheid van de bevolking met 53,2%.

Het protestantisme is de snelstgroeiende religie in Bulgarije. Binnen minder dan twintig jaar tijd is het aantal protestanten bijna verdrievoudigd. In de volkstelling van 1992 gaven 21.878 mensen zich als protestanten aan. Dat aantal verdubbelde naar 42.308 in de volkstelling van 2001 en vervolgens groeide dat aantal verder naar 64.476 in de volkstelling van 2011. De groei van het protestantisme is vooral te danken aan de massale bekering van Roma tot de pinksterbeweging, ook wel de zogenaamde 'zigeunerkerken' genoemd. Tegenwoordig is zo'n 1,1% van de bevolking lid van één van de verschillende protestantse denominaties. De protestanten wonen verspreid over het hele land. De protestanten bestaan zowel uit etnische Bulgaren als etnische Roma.

De islam arriveerde in de veertiende eeuw dankzij de Ottomaanse overheersing. Bulgarije heeft tegenwoordig één van de grootste moslimpopulaties van Europa. In de volkstelling van 2011 verklaarde 10,1% van de bevolking moslim te zijn. De meeste moslims behoren tot de Turkse minderheid, maar er bestaat ook een grote gemeenschap van geïslamiseerde Bulgaren (de zogenaamde 'Pomaken') en Roma. In twee oblasten vormen moslims zelfs een meerderheid: Kardzjali (76,2%) en Razgrad (50,6%). Er woont tevens ook een grote islamitsche minderheid in de oblasten Smoljan (39,7%), Targovisjte (38,1%), Silistra (37,7%) en Sjoemen (33,9%). Er zijn vier gemeenten waar moslims meer dan 90% van de bevolking uitmaken: Tsjernootsjene, Venets, Ardino en Kaolinovo.

Er woont een kleine joodse gemeenschap van 706 mensen, waarvan bijna allen in de stad Sofia woonachtig zijn. In de volkstelling van 1992 verklaarden nog 3461 mensen aanhanger van het jodendom te zijn. Voor de Tweede Wereldoorlog leefden er bijna vijftigduizend joden in Bulgarije.

Slechts een klein deel van de bevolking praktiseert zijn religie. Onder het communistisch regime is de invloed van religie enorm gedaald. Het zondagse kerkbezoek onder christenen schommelt rond de tien procent, terwijl veel moslims gewoon alcohol drinken, niet vasten en niet bidden. In de volkstelling van 2011 gaf zo'n 22% geen antwoord op de vraag welk geloof ze aanhangen, terwijl ruim 9% atheïstisch/agnostisch is.

Taal[bewerken]

De officiële taal van het land is het Bulgaars, dat met het cyrillische alfabet wordt geschreven. Minderheden spreken Turks en Romani.

Urbanisatie[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Lijst van steden in Bulgarije voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Bulgarije telt 5278 nederzettingen, waarvan 257 steden en 5021 dorpen. De grootste stad is Sofia met circa 1,2 miljoen inwoners, en de kleinste stad is Melnik met ruim tweehonderd inwoners. Het grootste dorp is Lozen, nabij oblast Sofia, gevolgd door het dorp Aydemir in oblast Silistra. Beide dorpen hebben ongeveer zesduizend inwoners.

De urbanisatiegraad is 73% in 2016. Van de 7,1 miljoen inwoners wonen er 5,2 miljoen in steden en 1,9 miljoen op het platteland. De oblasten met de hoogste urbanisatiegraad zijn: de stad Sofia, Varna en Gabrovo. Daarentegen hebben de oblasten Kardzjali, Silistra en Razgrad de laagste urbanisatiegraad.

Economie[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Economie van Bulgarije voor het hoofdartikel over dit onderwerp.
Export

Traditioneel is Bulgarije een landbouwland. Na de Tweede Wereldoorlog is het land door de communisten echter aanzienlijk geïndustrialiseerd. De belangrijke industrieën zijn de machinebouw, metaalbewerking, voedselverwerking, techniek en de productie van chemische producten, textiel en elektronica. De belangrijkste mineralen van Bulgarije zijn bauxiet, koper, lood, zink, steenkool, bruinkool, ijzererts, olie en aardgas.

De landbouw vertegenwoordigt meer dan 20 procent van het bruto nationaal product en stelt hetzelfde percentage van het aantal arbeidskrachten te werk. De belangrijkste gewassen zijn tarwe, koolzaad, graan, gerst, groenten en tabak. Druiven en ander fruit, evenals rozen, worden ook gekweekt, en de productie van wijn en brandewijn is belangrijk voor de economie.

Tot 1989 had het land een economie in de Sovjetstijl, waarin bijna alle landbouw en industriële ondernemingen door de staat beheerd werden. Een stagnerende economie, tekort aan voedsel, energie, en consumptiegoederen, een enorme buitenlandse schuld en verouderde en inefficiënte industriële complexen spoorden pogingen aan tot marktgerichte hervorming in de jaren 90. De economie van Bulgarije zakte na 1989 door het uiteenvallen van de Sovjet-Unie aanvankelijk sterk in, waarbij de levensstandaard daalde met 40 procent.

De Bulgaarse munteenheid is de lev, die een vaste koers heeft ten opzichte van de euro: 1 euro = 1,95583 lev.

Cultuur[bewerken]

De Bulgaarse muziek is onder liefhebbers van wereldmuziek of volksmuziek zeer geliefd vanwege het voorkomen van zeer onregelmatige maatsoorten. De Bulgaarse muziek heeft al heel veel moderne muziekstijlen beïnvloed.

Bulgarijes voornaamste (klassieke) componist was Pancho Vladigerov, wiens werk grote populariteit geniet. Het Conservatorium in Sofia is naar hem genoemd, alsmede een tweejaarlijks terugkerend muziekconcours in Sjoemen.

Een aantal operazangers (Nicolai Ghiaurov, Boris Christoff, Raina Kabaivanska, Ghena Dimitrova), Anna Veleva, de wereldberoemde harpist Anna-Maria Ravnopolska-Dean en succesvolle kunstenaars (Christo, Pascin, Vladimir Dimitrov, Boyan Kirkov) hebben de cultuur van Bulgarije in het buitenland populair gemaakt.

De Bulgaren gebruiken het cyrillisch alfabet. Methodius en Cyrillus van Saloniki die het alfabet ontwikkelden zijn belangrijke personen in de geschiedenis van Bulgarije. Ze kwamen uit Thessaloniki, dat destijds tot het Bulgaarse rijk behoorde.

De laatste tijd is de Bulgaarse volkspop, ook wel 'chalga' genoemd (uitgesproken als 'tsjalka'), erg populair geworden. Chalga staat volledig los van traditionele muziek en bevat veel Arabische, Turkse, Romani en Griekse invloeden. Chalga is vergelijkbaar met 'manele' uit Roemenië, arabeskpop uit Turkije en 'turbofolk' in Servië. Het dansritme wordt 'kuchek' genoemd en bestaat ook in de rest van de Balkan. De meeste chalga-muziekanten zijn etnische Roma of Turken. De populairste chalgazangers zijn: Azis, Toni Storaro en zijn zoon Fiki Storaro, Andrea, Anelia, Emilia, Galena, Galin, Kamelia, Preslava, Desi Slava, Sofi Marinova, Gergana, Malina, Tanya Boeva en Dzhena.

UNESCO Werelderfgoedlocaties[bewerken]

Bestuur en instellingen[bewerken]

Politiek systeem[bewerken]

Het gebouw van de Nationale Vergadering

Bulgarije is een parlementaire democratie met als staatshoofd een president die elke vijf jaar direct wordt gekozen. Sinds januari 2017 wordt deze functie bekleed door peRumen Radev die op 13 november 2016 is gekozen als opvolger van Rosen Plevneliev.[6] De volksvertegenwoordiging bestaat uit een eenkamerparlement, de Nationale Vergadering (Narodno Sobranie). Deze bestaat uit 240 leden die gekozen worden via algemeen en enkelvoudig kiesrecht voor een periode van vier jaar. De verkiezing van de Nationale Vergadering verloopt via het stelsel van evenredige vertegenwoordiging.

1rightarrow blue.svg Zie ook de Verkiezingen in Bulgarije

Bestuurlijke indeling[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Bestuurlijke indeling van Bulgarije voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Sinds 1999 bestaat Bulgarije uit 28 oblasten, die alle zijn genoemd naar de regionale hoofdstad. De nationale hoofdstad, Sofia, vormt een eigen district. Tussen 1987 en 1999 was het land onderverdeeld in negen grotere oblasten.

De oblasten zijn onderverdeeld in gemeenten (obsjtina, meervoud: obsjtini).

Onderwijs[bewerken]

De instellingen van hoger onderwijs zijn de universiteiten van Sofia, Plovdiv, Veliko Tarnovo en Varna.

Het percentage inwoners met een tertiaire opleiding bedraagt 19.6% in 2011. Onder vrouwen (22.3%) is dit percentage hoger dan onder mannen (16.7%). De stad Sofia heeft het hoogste percentage inwoners met een tertiaire opleiding, gevolgd door de oblasten Varna en Plovdiv. In Kardzjali, Targovisjte en Razgrad hebben inwoners het minst vaak een tertiaire opleiding gevolgd.

Volgens de nationale volkstelling van 2011 zijn ongeveer 112.800 inwoners, ofwel 1.7% van de bevolking, analfabeet. Dit percentage varieert enorm per etnische groep: onder Bulgaren is dit percentage 0.5%, onder Turken 5.2% en onder Roma is dit percentage 14.5%. Het percentage analfabeten verschilt ook per oblast: van 0,4% in de stad Sofia en in oblast Pernik tot 5.2% in oblast Kardzjali en 5.7% in oblast Sliven.

Verkeer en vervoer[bewerken]

Trakia Autosnelweg

Bulgarije is een belangrijk doorvoerland tussen Midden-Europa en Turkije. Het land ligt aan vier pan-Europese transportcorridors. Tot corridor nr. IX behoort de oudste van de twee bruggen over de Donau naar Roemenië, de Vriendschapsbrug uit 1954. De tweede brug, Brug van het nieuwe Europa, werd opgeleverd in 2013 en maakt deel uit van Corridor nr. IV.

Bulgarije beschikt over 4224 km spoorwegen: de eerste spoorlijn werd in 1866 aangelegd. De frequentie van de treinen is echter laag en voor het interlokale verkeer is de bus doorgaans sneller. Het plaatselijke busvervoer is in onafhankelijke stadsmaatschappijen ingedeeld; een kaartje van de ene stad is in de andere niet geldig.

Er zijn vier internationale luchthavens: in Sofia, Varna, Boergas en Plovdiv.

Bulgarije beschikt met Varna en Boergas over twee zeehavens aan de Zwarte Zee. De grootste binnenhaven bevindt zich bij Roese aan de Donau.

Bulgarije is op dit moment bezig met de aanleg van een autosnelwegennetwerk, dat alle grote steden met elkaar zal verbinden.

Externe links[bewerken]