Burgerservicenummer

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Het burgerservicenummer (BSN) is een uniek persoonsgebonden nummer. Iedereen die zich bij een gemeente laat inschrijven in de Gemeentelijke basisadministratie van persoonsgegevens (GBA) krijgt zo'n nummer, als het niet al eerder is toegekend. Het is door de Nederlandse overheid in 2007 ingevoerd om, in combinatie met het DigiD, het elektronisch verkeer tussen overheid en burger in goede banen te leiden.

De tegenhanger van het BSN voor niet-natuurlijke personen (rechtpersonen zoals vennootschappen, verenigingen en stichtingen) is het RSIN. Met het burgerservicenummer of RSIN bepaalt de belastingdienst het btw-nummer en eventuele andere nummers, zoals een loonheffingennummer.

Eisen[bewerken]

Het nummer voldoet aan de volgende eisen:[1]

  • het moet uniek zijn;
  • het BSN bestaat uit 8[2] of 9 cijfers;
  • het BSN voldoet aan de 11-proef (zie hierna);
  • het moet informatieloos zijn;
  • er mag geen volgordelijkheid uit blijken;
  • het moet binnen een vooraf ingesteld interval liggen.

Wet algemene bepalingen burgerservicenummer[bewerken]

Op 12 september 2006 heeft de voltallige Tweede Kamer ingestemd met het Wetsvoorstel algemene bepalingen burgerservicenummer[3] (kortweg: Wabb). Op 11 juli 2007 heeft de Eerste Kamer het wetsvoorstel na stemming bij zitten en opstaan aangenomen. VVD, GroenLinks en PvdD stemden tegen.

Uitgangspunt van de wet zijn:

  • Indien bij de communicatie tussen burger en overheid een persoonsgebonden nummer wordt gebruikt dan mag dat alleen het BSN zijn.
  • Iedereen die een meervoudige relatie met de overheid heeft, goed te identificeren is en opgenomen is in de GBA of in de (nog te realiseren) Registratie Niet Ingezetenen (RNI) krijgt een BSN.
  • Bij gegevensuitwisseling tussen overheden mag alleen het BSN als persoonsnummer worden gebruikt (met uitzondering van het A-nummer bij de uitwisseling van GBA-gegevens)

Een uitbreiding van de Wabb is de Wbsn-z, de Wet gebruik burgerservicenummer in de zorg. Deze wet regelt het gebruik van het BSN in de medische zorg.

Toekenning en gebruik[bewerken]

Gemeenten zijn op twee manieren betrokken bij het BSN-stelsel: als toekennende instantie en als gebruiker:

  • Gemeente als toekennende instantie: Bij de invoering worden de sofinummers in de GBA omgezet in burgerservicenummers. Vanaf deze datum zullen gemeenten burgerservicenummers toekennen aan ingezetenen in het kader van de inschrijving in de GBA.
  • Gemeente als gebruiker: De gemeente is ook gebruiker van het BSN, bijvoorbeeld in de koppelingen tussen systemen en bij het verifiëren van de identiteit van een klant.

11-proef[bewerken]

Het burgerservicenummer bestaat uit (8 of) 9 cijfers en voldoet aan een variant op de zogenaamde elfproef. Het verschil in de berekening zit in het laatste cijfer, dat in plaats van met 1, met -1 wordt vermenigvuldigd. Dit verschil is er opzettelijk ingebracht zodat een abusievelijk ingevoerd bankrekeningnummer als foutief wordt aangemerkt. Als het burgerservicenummer wordt voorgesteld door ABCDEFGHI, dan moet:

(9 x A) + (8 x B) + (7 x C) + (6 x D) + (5 x E) + (4 x F) + (3 x G) + (2 x H) + (-1 x I) een veelvoud van 11 zijn. Er kunnen met deze combinatie bijna 91 miljoen nummers gecreëerd worden. Geldige voorbeelden zijn: 111222333 en 123456782.

Een makkelijke manier om testgetallen te genereren is om 4 willekeurige cijfers te kiezen (bijvoorbeeld 9413), deze omgekeerd aan het gekozen getal toe te voegen (omgekeerd: 3149, dus: 94133149), en er tot slot een 0 aan toe te voegen. Het resultaat van het gekozen voorbeeld: 941331490.

Een 8 cijferig BSN (een overblijfsel uit de tijd dat het sofinummer werd gebruikt) dient voor de controle te worden voorzien van een voorloop 0.

Overgang vanuit een sofi- of onderwijsnummer[bewerken]

  • Een sofinummer wordt toegekend door de Belastingdienst in het geval dat iemand nog geen vier maanden in Nederland is en (nog) niet in de GBA is ingeschreven. Het heeft een ander wettelijk kader. Als iemand al een sofinummer heeft, krijgt zo iemand geen nieuw nummer maar wordt het als BSN gebruikt. Het sofinummer is getalsmatig hetzelfde als het burgerservicenummer.
  • Het is noodzakelijk een alternatief te bieden ten behoeve van die leerlingen en studenten die geen burgerservicenummer hebben, bijvoorbeeld omdat zij uit het buitenland komen. Die krijgen ook geen burgerservicenummer, maar een eenmalig alternatief leerlinggebonden onderwijsnummer van de Dienst Uitvoering Onderwijs. Bij verdragen heeft Nederland geregeld dat elk kind in de leerplichtige leeftijd onderwijs krijgt, ongeacht de status van het kind. Dus ook kinderen in de leerplichtige leeftijd, die niet legaal in Nederland zijn, volgen onderwijs en krijgen daarvoor een alternatief leerlinggebonden onderwijsnummer. In de Wet op het voortgezet onderwijs, Artikel 103b Gebruik persoonsgebonden nummer door bevoegd gezag, 10e lid is nadrukkelijk opgenomen dat het onderwijsnummer niet gebruikt mag worden voor het opsporen van vreemdelingen. [4] Als iemand al een onderwijsnummer heeft, wordt wél een nieuw nummer toegekend.

Het aantal cijfers van het onderwijsnummer is gelijk aan dat van het burgerservicenummer, beide nummers bestaan uit (8 of) 9 cijfers. Het onderwijsnummer begint echter altijd met een 1 gevolgd door 1 of 2 nullen. Deze combinatie, begincijfer 1 gevolgd door 1 of 2 nullen, komt ook voor bij (oudere) burgerservicenummers. Hierdoor is het onderwijsnummer dus niet te onderscheiden van een burgerservicenummer. Dit kan wel door een andere controle, namelijk een andere 11-proef; deze is bij het onderwijsnummer vervangen door: MOD (9xA + 8xB + 7xC + 6xD + 5xE + 4xF + 3xG + 2xH):11)= I+5

Burgernummer[bewerken]

Bij de behandeling van het wetsvoorstel in de Eerste Kamer verklaarde staatssecretaris Bijleveld-Schouten, na een vraag van SGP-senator Gerrit Holdijk, dat het nummer "beter een burgernummer had kunnen heten" omdat het een "persoonsnummer" is, en niet specifiek voor "service" is bedoeld.[5]

Btw-nummer[bewerken]

Het btw-nummer voor een zzp'er is doorgaans zijn of haar BSN met de toevoeging B01 (of als het een tweede of derde bedrijf betreft B02, B03 etc.).[6]

Zie ook[bewerken]

  • Voor België, zie Rijksregisternummer
  • Voor het Verenigd Koninkrijk, zie National Insurance Number
  • Voor de Verenigde Staten, zie Social Security Number

Externe links[bewerken]

Referenties[bewerken]

  1. Logisch Ontwerp BSN
  2. Logisch ontwerp BSN, versie 1.3 (juli 2013), p. 38. Voor de elfproef en voor veel praktische doeleinden voegt men een voorloopnul toe aan het nummer om het negencijferig te maken.
  3. Wetsvoorstel algemene bepalingen burgerservicenummer
  4. Het bevoegd gezag verstrekt geen persoonsgebonden nummer van een leerling ter uitvoering van artikel 107, tweede en vijfde lid, van de Vreemdelingenwet 2000.
  5. Verslaglegging 10 juli 2007 van de 38e vergadering van de Eerste Kamer der Staten-Generaal, pag. 38-1192
  6. Antwoord op kamervragen 25 mei 2011