Carlo Sforza

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Carlo Sforza in 1921

Carlo Graaf Sforza (Montignoso, 25 september 1873Rome, 4 september 1952) was een Italiaans diplomaat, staatsman en voorvechter van de Europese eenwording.

Afkomst[bewerken]

Carlo Sforza was afkomstig uit het adellijke geslacht Sforza, waarvan leden in de 16e eeuw over het hertogdom Milaan regeerden.

Diplomaat en minister[bewerken]

Nadat hij in 1896 was gepromoveerd aan de Universiteit van Pisa, trad hij toe tot de diplomatieke dienst. Hij was gestationeerd in Caïro, Parijs, Istanboel (toen: Constantinopel), Peking, Boekarest, Madrid, Londen en Belgrado. Hij was ook enige tijd onderstaatssecretaris van Buitenlandse Zaken.

Tijdens de Eerste Wereldoorlog was hij Italiaans gezant bij de Servische regering-in-ballingschap (Corfu). In 1919 werd hij senator voor de republikeinen (Partito Repubblicana Italiano) en staatssecretaris van Buitenlandse Zaken. Van 1920 tot 1921 was hij minister van Buitenlandse Zaken in het laatste kabinet van Giovanni Giolitti. In die functie zette hij zich in voor de ratificatie van het Verdrag van Rapallo. Hij trad af toen dit verdrag niet door de Italiaanse regering werd geratificeerd. Van 1921 tot 1922 was hij ambassadeur te Parijs. Hij trad echter af nadat Mussolini in 1922 minister-president werd.

Oppositieleider tegen de fascisten[bewerken]

Van 1922 tot 1926 leidde hij de republikeinse oppositie in de Senaat. In 1927 begaf hij zich in vrijwillige ballingschap. Hij trad sindsdien op als woordvoerder van de Italiaanse antifascistische emigranten, o.a. in de Verenigde Staten. In 1943 keerde hij naar Italië terug en werd minister zonder portefeuille in de kabinetten van Pietro Badoglio en Ivanoe Bonomi. Hij was belast met repressiemaatregelen tegen de fascisten.

Minister van Buitenlandse Zaken[bewerken]

Na de Tweede Wereldoorlog werd Sforza voorzitter van de Consultatieve Raad. Van februari 1947 tot juli 1951 was hij minister van Buitenlandse Zaken in het kabinet van minister-president Alcide De Gasperi. In 1951 werd hij ten slotte minister zonder portefeuille belast met Europese Aangelegenheden. Hij was een groot voorvechter voor de Europese eenwording.

Werken[bewerken]

  • Mazzini (1924)
  • European Dictatorships (1930)
  • Europe and the Europeans (1934)
  • Machiavelli (1941)
  • Pachitch et l'Union des Yougoslaves (1942)
  • Illusions et réalités de l 'Europe (1942)
  • Italia et Francia di domani (1944)
  • Panorama europeo (1944)
  • Construttori e distruttori (1946)

Literatuur[bewerken]

  • B.BAGNATO, Carlo Sforza, Passione e realismo di un diplomatico, in: La Politica estera dei Toscani- Ministri degli Esteri nel Novecento”, a cura di P.L. Ballini, ed. Polistampa, 2012.
  • Federico BARDANZELLU, L'ideale europeo nell'attività politica di Carlo Sforza, Rome, 1989.
  • Barbara BRACCO, Carlo Sforza e la questione adriatica: politica estera e opinione pubblica nell'ultimo governo Giolitti, Milaan, 1998.
  • A. BROGI, Il trattato di Rapallo del 1920 e la politica danubiano-balcanica di Carlo Sforza, in: Storia delle relazioni Internazionali, T. V, 1989
  • Alberto CAPPA, Le circostanze della situazione europea ed italiana e l'azione del conte Sforza, in: Carlo Sforza, Pensiero e azione di una politica estera italiana, Bari 1924}
  • Charles F. DELZELL, Mussolini's Enemies - The Italian Anti-fascist Resistance, Princeston University Press, 1961
  • Ennio DI NOLFO, Carlo Sforza, diplomatico e oratore, in: Carlo Sforza. Discorsi parlamentari, Bologna, 2006.
  • Giancardlo GIORDANO, Carlo Sforza: la diplomazia (1896-1921), Franco Angeli, Milaan, 1987.
  • Giuseppe LAMBERTI, Il conte Carlo Sforza: autoritratto di un uomo politico, Tipografia Elvetica, Capolago, 1944.
  • G.M. MELCHIONNI, La Politica estera di Carlo Sforza nel 1920-21, in: Rivista di studi politici internazionali, XXXVI, 1969.
  • Rinaldo MERLONE, L'unificazione europea nel pensiero e nell'azione di Carlo Sforza, Bologna, 2009.
  • J.E. MILLER, Carlo Sforza e l'evoluzione della politica americana verso l'Italia, 1940-1943, in: Storia contemporanea, 1976.
  • J.E.Miller, The United States and Italy, 1940-1950, The University of North Carolina Press, 1986
  • Egidio REALE, La pensee et l'action de Carlo Sforza, Neuchâtel, 1944.
  • M. SALVADORI, Croce, Sforza, De Gasperi e il pubblico americano, Roma, Edizioni di Panorama, 1956.
  • Enrico SERRA, Il governo Giolitti-Sforza : 15 giugno 1920 - 4 giugno 1921 ed il riconoscimento dell'URSS, in: Rivista Storica Italiana A. 105, 1993.
  • Antonio VARSORI, La politica inglese e il conte Sforza (1941-1943), in: Rivista di studi politici internazionali, 43, 1976.
  • Antonio VARSORI, Carlo Sforza e l'evoluzione della politica americana verso l'Italia, 1940-1943, in: Storia Contemporanea
  • Antonio VARSORI,De Gasperi, Nenni, Sforza and their Role in Post-War Italian Foreign Policy, in: Power in Europe ? Great Britain,France, Italy and Germany in a Postwar World, 1945-1950, Berlijn-New York, 1986.
  • B. VIGEZZI, De Gasperi, Sforza, la diplomazia italiana e la percezione della politica di potenza dal trattato di pace al Piano Marshall (1947-1950), in: Storia contemporanea, Bologna, 1985.
  • Zeno LIVIO, Carlo Sforza: ritratto di un grande diplomatico, Firenze, 1999.