Catharina Wasa

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Catharina Wasa.

Catharina Wasa (Nyköping, 10 november 1584Västerås, 13 december 1638) was van 1615 tot aan haar dood vorstin van Palts-Kleeburg. Ze behoorde tot het huis Wasa.

Levensloop[bewerken]

Catharina was een dochter van koning Karel IX van Zweden en diens eerste echtgenote Anna Maria, dochter van keurvorst Lodewijk VI van de Palts. Na de troonsbestijging van haar halfbroer Gustaaf II Adolf in 1611 gold zij als een van zijn vertrouwelingen en trad ze in zeldzame gevallen ook op als adviseur van haar halfbroer.

Nadat enige huwelijksprojecten mislukten, huwde Catharina op 21 juni 1615 in Stockholm met vorst Johan Casimir van Palts-Kleeburg (1589-1652). Het was pas in januari 1618 dat Catharina bij haar echtgenoot in het Slot van Kleeburg kwam wonen. Wegens het oorlogsgeweld in de Dertigjarige Oorlog vluchtte het echtpaar naar Straatsburg, waarna ze in 1622 op verzoek van Catharina's halfbroer Gustaaf II Adolf in Zweden kwamen wonen. Daar resideerden ze in het Slot Stegeborg in Söderköping. Catharina bekommerde zich persoonlijk om de administratie van de landerijen in Zweden die Gustaaf II Adolf haar had toegewezen. Tevens was ze jarenlang troonopvolgster van Zweden, tot aan de geboorte van Gustaaf Adolfs dochter Christina in 1626.

In 1632 sneuvelde Gustaaf II Adolf in de Slag bij Lützen, waarna Christina koningin van Zweden werd. Op verzoek van kanselier Axel Oxenstierna nam Catharina de voogdij van Christina op zich. Wegens een uitbraak van de pest vluchtte het Zweedse koninklijk hof in 1638 naar Västerås, waar Catharina in december van dat jaar op 54-jarige leeftijd stierf.

Nakomelingen[bewerken]

Catharina en Johan Casimir kregen acht kinderen: