Christoph George Sigismund Sandberg
| Christoph George Sigismund Sandberg | ||
|---|---|---|
| Algemene informatie | ||
| Adellijke titel | jonkheer | |
| Geboortedatum | 22 maart 1866 | |
| Geboorteplaats | Magelang | |
| Overlijdensdatum | 13 maart 1954 | |
| Overlijdensplaats | Pretoria | |
| Werk | ||
| Beroep | geoloog,[1] schrijver, cartograaf[1] | |
| Werkplaats | Nederlands-Indië, Zuid-Afrikaansche Republiek | |
| Studie | ||
| School/ |
Universiteit van Parijs | |
| Politiek | ||
| Politieke partij | Nationaal-Socialistische Beweging | |
| Militair | ||
| Conflict | Tweede Boerenoorlog | |
| Familie | ||
| Vader | Johan Jacob Sandberg | |
| Moeder | Marianna Begemann | |
| Broers en zussen | Johannis Coenraad Cornelium Sandberg, Jacqueline Royaards-Sandberg | |
| Diversen | ||
| Lid van | Royal Society of South Africa | |
| De informatie in deze infobox is afkomstig van Wikidata. U kunt die informatie bewerken. | ||
Christoph George Sigismund Sandberg (Magelang, 22 maart 1866 – Pretoria (Zuid-Afrika)[noot 1], 13 maart 1954) is een Nederlandse geoloog, schrijver en ambtenaar. Hij was een telg van de adellijke familie Sandberg, met het predicaat jonkheer.
Sandberg maakte carrière in Zuid-Afrika, waar hij onder meer secretaris en adjudant was van generaal Louis Botha. Na de Tweede Boerenoorlog vertrok hij uit Zuid-Afrika en ging via Nederland naar Nederlands-Indië. In 1914 publiceerde hij een pamflet waarvan de titel Indië verloren, rampspoed geboren veel navolging kreeg.
Opleiding
[bewerken | brontekst bewerken]Hij volgde de vijfjarige hbs in Haarlem en behaalde in 1885 zijn diploma. In juni 1905 promoveerde aan de Sorbonne in Parijs op een geologische studie in de Zwitserse Alpen, getiteld Études géologiques sur le massif de la Pierre-à-voir (Bas Wallis).[2]
Tussen 1913 en 1916 deed Sandberg onder toezicht van Nobelprijswinnaar Hendrik Lorentz onderzoek in het Zuurhuisje van de Teylers Stichting in Haarlem naar 'vraagstukken der dynamische geologie'. In zijn proefschrift The masses and the muses. A history of Teylers Museum in the Nineteenth Century (2013) meldt Martin Paul Michael Weiss dat dit klaarblijkelijk niet heeft geleid tot een publicatie.[3] Daarbij zag Weiss wellicht over het hoofd dat Sandberg in 1924 bij de wetenschappelijke uitgeverij Gebrüder Borntraeger in Berlijn de tweedelige studie Geodynamische Probleme publiceerde.[4]
Loopbaan
[bewerken | brontekst bewerken]Kort na zijn aankomst in Pretoria in 1888 begon Sandberg zijn ambtelijke loopbaan in dienst van de Zuid-Afrikaansche Republiek (ZAR). Na eerst als klerk te hebben gewerkt, werd hij in 1890 aangesteld als claimsinspecteur, eerst in Witwatersrand en daarna in de Selati-goudvelden (in het huidige Mpumalanga).
Van 1894 tot 1899 was hij werkzaam als griffier bij de afdeling Buitenlandse Zaken van het ministerie van Buitenlandse Zaken. Van mei 1895 tot oktober 1899 was hij secretaris van de staatssecretaris, eerst onder dr. W.I. Leyds, net als Sandberg geboren Magelang, en daarna onder diens opvolger F.W. Reitz.[5] Zo was hij betrokken bij de strijd tegen de kaffers, bij het verstrekken van een lening van de Nederlandsch-Zuid-Afrikaansche Spoorwegmaatschappij aan de Boerenrepublieken en bij de aanleg van de spoorwegen zelf naar de Delagoabaai.
Bij het uitbreken van de Tweede Boerenoorlog (1899-1902) werd hij ingedeeld bij een boerencommando en bekleedde hij verschillende functies onder generaal Petrus Jacobus Joubert en als adjudant van generaal Louis Botha. Hij vocht mee bij de strijd rondom Ladysmith en de Slag bij Spionkop en was onderdeel van het driemanschap dat het militair gezag van Pretoria leidde, waardoor hij moest onderhandelen met generaal Frederick Sleigh Roberts over de capitulatie van de stad.
Na de val van Pretoria leidde hij een vertrouwelijke missie naar Leyds in Europa. In diens opdracht zocht hij in Suez heimelijk contact met de Boerenpresident Paul Kruger en vergezelde hij deze bij zijn triomftocht van Marseille naar Parijs, Keulen en Den Haag. Hierna werd hij in Frankrijk belast met de publiciteit voor de Boeren en het werven van fondsen, waarvoor hij een onderhoud had met de Franse minister van Buitenlandse Zaken Théophile Delcassé. Deze opdracht bracht hem ook in Nederland waar hij in maart 1901 lezingen gaf, onder meer over de zesdaagse Slag bij Spionkop. Zijn loopbaan voor de Zuid-Afrikaanse republiek eindigde op 31 mei 1902, toen de republiek de oorlog van de Britten verloor.[2]
Na een verblijf met zijn gezin in Parijs, waar hij geologie aan de Sorbonne studeerde, keerde hij in 1906 terug naar Zuid-Afrika en werkte de daaropvolgende drie jaar als consultant-geoloog in Johannesburg.
In 1910 werd hij door de Nederlandse regering naar Nederlands-Indië gestuurd om de geologie van de eilanden Sumatra, Borneo en Sulawesi te onderzoeken. In 1912 werd hij tot Nederlander genaturaliseerd.[noot 2] Hij woonde destijds in Weltevreden. Hij keerde in 1913 terug naar Nederland en werkte tot zijn pensionering in 1922 als directiesecretaris van de firma Lindeteves-Jacoberg in Rotterdam.
NSB
[bewerken | brontekst bewerken]In de jaren dertig en tijdens de Tweede Wereldoorlog was Sandberg actief, ook als schrijver, in de Nationaal-Socialistische Beweging (NSB). Hij was bij de NSB beland uit wrok tegen Engeland vanwege de Boerenoorlogen, veronderstelt de historicus Ivo Schöffer in zijn proefschrift Het nationaal-socialistische beeld van de geschiedenis der Nederlanden. Een historiografische en bibliografische studie (Arnhem, 1956, p. 233). Sandbergs zoon Edward Floris Sandberg (1898-1988) was van 1942 tot 1945 voor de NSB burgemeester van Kampen.
Memoires
[bewerken | brontekst bewerken]In 1943 publiceerde hij zijn herinneringen aan Zuid-Afrika in Twintig jaren onder Krugers Boeren in voor- en tegenspoed, dat is opgedragen aan zijn zoons Edward Floris en Louis Heribert. Het verscheen in 1943 in Amsterdam bij De Amsterdamsche Keurkamer, teven de uitgever van Mijn Kamp van Adolf Hitler. De historicus Ivo Schöffer is in zijn proefschrift Het nationaal-socialistische beeld van de geschiedenis der Nederlanden (Arnhem, 1956, p. 235) lovend over dit werk: 'Het is alles bijeen een zeer waardevol boek geworden, niet als overzicht van de geschiedenis der Boerenrepublieken van 1888-1902, die Sandberg zo van nabij, van te nabij zou men in dit geval wel moeten zeggen, had meegemaakt, maar als bron. De levendige, oprechte wijze, waarop hier Sandberg zijn ervaringen en beoordelingen weet samen te vatten, verhogen daarbij inderdaad de waarde van dit alleraardigst geschreven boek.' Maar Schöffer ziet ook dat de auteur niet alleen sterk anti-Brits is, maar bespeurt ook antisemitische gevoelens als Sandberg bijvoorbeeld spreekt van een 'Britsch-Joodsche samenzwering ter overweldiging van de Boerenrepublieken'. Ook merkt Schöffer dat 'ex-koningin’ Wilhelmina van Sandberg een reprimande krijgt omdat ze de Boerenleider Paul Kruger alleen officieus en niet officieel ontvangt.[6]
Persoonlijk
[bewerken | brontekst bewerken]Sandberg was een zoon van jhr. Johan Jacob Sandberg (1838-1905), majoor-ingenieur bij het KNIL, en Marianne Begemann (1843-1899). Het gezin kwam in 1882 naar Nederland waar het in Haarlem ging wonen. Hij was de oudere broer van de KNIL-kolonel jhr. Johannes Coenraad Cornelium Sandberg (1869-1942) en de actrice jkvr. Jacqueline Royaards-Sandberg (1876-1976), en oom van de voetballer jhr. Marius Sandberg (1896-1986).
Sandberg is op 7 januari 1897 bij volmacht getrouwd met Wilhelmina Elisabeth van Mansvelt (1872-1951). Ze kregen drie kinderen, te weten jhr. ir. Edward Floris Sandberg (1898-1988), die van 1942 tot 1945 voor de NSB burgemeester was van Kampen, Louis Heribert Sandberg (1902-1984) en Matilde Marianne Sandberg (1903-1937). Na het overlijden van zijn echtgenote in 1951 emigreerde hij naar Zuid-Afrika en vestigde zich in Pretoria, waar hij op 31 oktober 1953 trouwde met Hester Aletta van Heerden (1884-1963).
Bijnamen
[bewerken | brontekst bewerken]De Boeren gaven graag bijnamen en Sandberg noemden ze Sandjie, dat uitgesproken werd als Santjie.
Bibliografie (boeken)
[bewerken | brontekst bewerken]- 1912: Op de gevaarlijke helling (Haarlem, Tjeenk Willink & Zoon).
- 2013: De Redjang-Lebong goudmijn (Residentie Benkoelen, Zuid-Sumatra) (Haarlem, Tjeenk Willink & Zoon).
- 1914: Indië verloren, rampspoed geboren (’s Gravenhage, D.A. Daamen).
- 1915: Voordracht over de Nederlandsch-Indische mijnwet en hare toepassing (Amsterdam, De Bussy).
- 1916: De Nederlandsche koloniale politiek (Utrecht, Dietsche Stemmen).
- 1924: Geodynamische probleme (twee delen) Tl. 1: Isostasie u. die ursächliche Einheit von Gebirgsbildung u. Vulkanismus en Tl 2: Tektonik u. Metamorphose (Berlijn, Gebr. Borntraeger).
- 1936: Suid-Afrika en wij (Utrecht, Nenasu).
- 1937: Die Grundlagen der Eiszeittheorie. Das sogen. 'glaziale' Diluvium (Leiden, Sijthoff).
- 1940: Gesteinsströme : eine Studie über Wasserstrom, Schlammstrom, Lahar, Glutstrom (Leiden, Sijthoff).
- 1943: Ist der Gegensatz von 'Tiefen' - gegenüber 'Ergussgestein' berechtigt? (Leiden, Sijthoff).
- 1943: Twintig jaren onder Krugers Boeren in voor- en tegenspoed (Amsterdam, De Amsterdamsche Keurkamer). Opgedragen aan zijn zoons Edward Floris en Louis Heribert.
Tijdschriftartikelen
[bewerken | brontekst bewerken]- 'De zesdaagsche slag aan de Boven Tugela'(De Gids, 1901, p. 84-102).[7]
- 'Instantanés uit den Zuid-Afrikaanschen oorlog' (De Gids, 1901, p 265-276).[8]
- 'Tectonical Remarks on the Probable Big Tygerberg Inverted Fold' (Transactions of the Geological Society of South Africa, 1906).
- 'Notes on the structural geology of South Africa' (South African Mines, 1907).
- 'Petroleum prospects in South Africa' (South African Mines, 1907). Hierin voorspelde hij dat olie zou worden gevonden in de Karoo.
- Een artikel met tektonische kanttekeningen over de Tygerberg (zelfde onderwerp als het artikel in Transactions of the Geological Society of South Africa uit 1906) (Geological Magazine, 1908).
- 'The age of the 'Old or Gray Granite' of the Transvaal and Orange River Colony' (Geological Magazine, 1908).
- 'Buitenlanders in Nederlandsch-Indischen Staatsdienst' (Neerlandia, 1914, p. 136-17).[9]
- 'Over de waarschijnlijke oorsprong van de leden van het Bushveld-smeltovencomplex' (Geological Magazine, 1926).
- Een artikel in het Duits over de structurele geologie van het Bushveld-smeltovencomplex en de Vredefort-koepel (Zeitschrift für Vulkanologie, 1927).
- Twee artikelen over de oorsprong van het Dwyka-conglomeraat in Zuid-Afrika (Geological Magazine, 1928).
- 'Kritische Betrachtungen zum Caldera-Problem' (Zetischrift der Deutschen Geologischen Gesellschaft, Bnd. 82, jrg. 1930, heft 3).
- 'Nederland en Zuid-Afrika' (De Gids, 1931, p. 122-134).
Archief
[bewerken | brontekst bewerken]- Brieven van Sandberg zijn te vinden in de Sandberg Collection van de Universiteit van Pretoria.[10]
Bronnen
[bewerken | brontekst bewerken]- Georg Sigismund Sandberg in de S2A3 Biographical Database of Southern African Science
- C.G.S. Sandberg, Twintig jaren onder Krugers Boeren in voor- en tegenspoed, memoires (Amsterdam, De Amsterdamsche Keurkamer).
Noten
[bewerken | brontekst bewerken]- ↑ Nederlandse kranten meldden dat hij in Den Haag is overleden en geven als adres Smidswater 18.
- ↑ Waarschijnlijk was hij zijn Nederlandse nationaliteit verloren toen hij in Zuid-Afrika in vreemde krijgsdienst was getreden.
- ↑ a b Nationaal Normbestand van Tsjechië; geraadpleegd op: 8 juni 2022; NKC-identificatiecode: mub2010580881.
- ↑ a b https://www.s2a3.org.za/bio/Biograph_final.php?serial=2440
- ↑ https://scholarlypublications.universiteitleiden.nl/access/item%3A2877632/view
- ↑ https://d-nb.info/560878737
- ↑ C.G.S. Sandberg, Twintig jaren onder Krugers Boeren in voor en tegenspoed, 1943, p. 5.
- ↑ https://www.dbnl.org/tekst/scho122nati01_01/scho122nati01_01_0008.php
- ↑ https://www.dbnl.org/tekst/_gid001190101_01/_gid001190101_01_0037.php
- ↑ https://www.dbnl.org/tekst/_gid001190101_01/_gid001190101_01_0084.php
- ↑ https://www.dbnl.org/tekst/_nee003191401_01/_nee003191401_01_0153.php
- ↑ https://repository.up.ac.za/server/api/core/bitstreams/a9b7fc4f-7c09-4d62-a486-09e511adab1a/content