Citadel van Diest

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Citadel van Diest
Citadel van Diest
Status en tijdlijn
Oorspr. functie citadel
Start bouw 1837
Bouw gereed 1844
Bouwinfo
Architect majoor Ch. G. A. Laurillard-Fallot
Erkenning
Monumentstatus beschermd sinds 1996
Binnengracht van de citadel
Portaal  Portaalicoon   Civiele techniek en bouwkunde

De citadel van Diest werd gebouwd in de eerste helft van de 19de eeuw. Toen België zich in 1830 afscheidde van de Nederlanden, werd de citadel gebouwd als een verdedigingsmechanisme voor deze nieuwe staat. Deze werd gebouwd om te voorkomen dat bij een eventuele aanval de vijand zou kunnen doorstoten naar de hoofdstad Brussel. De citadel maakte deel uit van de Vestingwerken van Diest.

Ligging en functies[bewerken | brontekst bewerken]

De citadel bevindt zich op de heuvels aan de Demer. Majoor Laurillard-Fallot (1787-1842) was verantwoordelijk voor het ontwerp. Het bouwwerk heeft de vorm van een gebastioneerde vijfhoek met zijden van circa 190 meter. Het geheel was omgeven met een droge gracht en voor de poort lag een ophaalbrug. De citadel bevindt zich op een terrein van 28ha en de gebouwen zelf hebben een oppervlakte van 10.200 m².[1] De citadel bleef erg goed bewaard en is het enige bewaarde exemplaar in Vlaanderen.[1]

Op 26 augustus 1895 verscheen het Koninklijk Besluit waarbij de kernvesting werden gedeclasseerd. De citadel deed nog enkele jaren dienst als sperfort ter bescherming van de spoorlijn, maar onderging hetzelfde lot op 20 april 1906.[2] Na de declassering werd in de citadel een tuchtcompagnie gelegerd.[2] In de periode 1930-1940 was er een depot van het Derde legerkorps gevestigd. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was de citadel in gebruik door de Duitsers en na de overgave gebruikten de geallieerden het voor korte tijd als gevangenis.[2] In 1946 stelde Landsverdediging de citadel ter beschikking van de stad die er 63 noodwoningen onderbracht. Drie jaar later startten allerhande verbouwingswerken om de citadel te prepareren als huisvesting voor het Eerste Bataljon Parachutisten. Zij arriveerden op 2 augustus 1953.[2] In 1968 werden de twee stadsfronten van de citadel gedeeltelijk gesloopt om plaats te maken voor nieuwe gebouwen.[2]

Sinds 1996 is de citadel een beschermd monument. Ze geeft samen met de andere delen van de Diestsesteenweg verdedigingswerken, het Fort Leopold, de Schaffensepoort, en de wachtsluizen van de Zichemse en de Leuvense poort een mooi beeld van de militaire architectuur van de tweede kwart van de 19de eeuw.[2] In 2011 kwam de citadel leeg te staan. De toekomst van de citadel is nog niet bepaald. De stad Diest ging op zoek naar een nieuwe bestemming voor de site.

In 2012 besloot de gemeenteraad van Diest op het domein een nieuw ziekenhuis te bouwen. Dit nieuwe gebouw had klaar moeten zijn tegen 2023, aldus afgesproken in een principeovereenkomst tussen de stad Diest en de vzw Vereniging Diestse Ziekenhuizen.[1] Deze plannen werden in 2017 afgevoerd en men zoekt een nieuwe bestemming voor deze geklasseerde site.[3]

In de citadel hebben diverse sportclubs, culturele verenigingen, onderwijsinstellingen en jeugdwerking een plaats gekregen.[4] De gemeente heeft plannen gemaakt voor een betere ontsluiting met een nieuwe trap en lift.[4] De citadel moet hiermee ook aantrekkelijker worden voor toeristen. In samenwerking met particuliere partijen gaat de gemeente plannen maken voor de verdere ontwikkeling van de citadel.[4]

Sport[bewerken | brontekst bewerken]

De citadel doet sinds 2016 ook dienst in het wielrennen als spectaculaire aankomstplaats voor de wielerwedstrijd Dwars door het Hageland. De renners klimmen dan langs de oude kasseiweg naar de Allerheiligenberg waar bovenaan de aankomst ligt.

De site wordt ook jaarlijks gebruikt als parcours voor de Combat Edition van de Gladiator Runs, een reeks obstakel-runs waarbij de deelnemers zware obstakels moeten overwinnen en hun conditie en kracht zwaar op de proef worden gesteld.

Galerij[bewerken | brontekst bewerken]

Zie de categorie Vesting Diest van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.