Vrouwelijke genitale verminking

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Clitoridectomie)
Naar navigatie springen Jump to search
Verzamelde gegevenskaart met het % vrouwen/meisjes van 15-49 jaar oud (tenzij anders aangegeven) die VGV ondergaan hebben. Bron: UNICEF (2016) een een aantal extra onderzoeken voor landen buiten Afrika. Voor grijzen landen geen gegevens.

Vrouwelijke genitale verminking (VGV, in het Engels female genital mutilation (FGM) of female genital cutting (FGC) genoemd) is het zonder medische noodzaak gedeeltelijk of volledig wegsnijden van de schaamlippen en/of de clitoris van meisjes en vrouwen. VGV werd en wordt door anderen vrouwenbesnijdenis genoemd.[1]

Deze praktijk is een schending van de fundamentele mensenrechten van vrouwen en meisjes, en verboden door verschillende internationale en regionale mensenrechtenverdragen,[2] die in vele landen ook zijn omgezet in nationale wetgeving.

VGV in de wereld[bewerken]

Het besnijden van vrouwen gebeurt vooral om culturele redenen in bepaalde delen van Afrika (Egypte, de Soedan en de zuidelijke Sahel inclusief Somalië), het Midden-Oosten (delen van Jemen en Oman) en Azië (Maleisië, Indonesië). De ingreep wordt vaak uitgevoerd terwijl het slachtoffer nog jong is: zo worden de meisjes geopereerd van direct na de geboorte tot aan de puberteit.

Deze extreme ingrepen gebeuren volgens de meeste medische rapporten op zeer grote schaal, in een aantal landen zelfs bij de meerderheid van de meisjes; in Somalië bijvoorbeeld bij 80 à 90%. Dit gaat dikwijls gepaard met levenslange gezondheidscomplicaties. In 2007 overleed een 12-jarig meisje in Egypte na een besnijdenis op de operatietafel. Hoewel besnijden van meisjes in Egypte sinds de jaren 50 bij wet verboden is, was het tot dit voorval mogelijk om 'in geval van ziekte' een meisje te laten besnijden in het ziekenhuis. In 2017 overleed in Tanzania enkele dagen na haar geboorte een baby nadat haar overgrootmoeder een besnijdenis bij het meisje had uitgevoerd. De vrouw voerde de ingreep vijf dagen na de geboorte van het kind uit. Enkele dagen later traden complicaties op. De zuigeling stierf in een ziekenhuis.

Tegenwoordig wordt vrouwelijke genitale verminking toegepast in islamitische, maar ook in christelijke en animistische bevolkingsgroepen in Oost-Afrika. In landen zoals Soedan en Jemen is het een wijdverspreid gebruik dat meisjes besneden worden. In de Hoorn van Afrika worden behalve de clitoris ook de schaamlippen geheel verwijderd. In delen van Somalië en Soedan wordt eveneens vaak de vulva dichtgenaaid op een kleine opening voor de menstruatie na.

Volgens de Duits-Koerdische organisatie Wadi komt vrouwelijke genitale verminking in islamitische landen in Azië veel meer voor dan tot nu toe gedacht: zo zou de overgrote meerderheid (80-100%) van de vrouwen in Iraaks Koerdistan[3], mogelijk meer dan 80% van de vrouwen in Oman en 94% van de vrouwen in Maleisië op enigerlei wijze zijn besneden. Naar verluidt zou de Zuidoost-Aziatische variant weliswaar minder ingrijpend zijn dan in Afrika, maar volgens vrouwenorganisaties zouden ook daar zwaardere vormen voorkomen.[4].

vooral de onderste reeks wordt door VGV-aanhangers als storend gezien omdat het middelste deel volgens hen te veel lijkt op een mannelijk, dus voor hen niet vrouwelijk, lichaamsdeel

Voorstanders van VGV gaan uit van een aantal vooronderstellingen namelijk dat de verminking ervoor zorgt dat vrouwen voor en tijdens het huwelijk rein zijn en gesteld wordt dat de vulva door besnijdenis mooier en schoner is. VGV zou ook de vruchtbaarheid bevorderen, daarnaast wordt voorkomen dat de vrouw plezier beleeft aan seksualiteit en geslachtsgemeenschap en het houdt een duidelijke verandering van meisje naar vrouw in. In verschillende culturen wordt de clitoris als een vrouwelijke penis gezien die een vrouw als iets onvrouwelijk niet behoort te hebben.

De praktijk van de genitale mutilatie is evenwel niet beperkt tot bepaalde ontwikkelingslanden. In Frankrijk zijn er reeds mededaders zwaar veroordeeld (wegens verminking). Deze praktijk lijkt moeilijk uitroeibaar.

UNICEF noemt in 2013 de 29 landen waar de praktijk meer algemeen verspreid is:[5] Benin, Burkina Faso, Centraal-Afrikaanse Republiek, Djibouti, Egypte, Eritrea, Ethiopië, Gambia, Ghana, Guinee, Guinee-Bissau, Irak, Ivoorkust, Jemen, Kameroen, Kenia, Liberia, Mali, Mauritanië, Niger, Nigeria, Oeganda, Senegal, Sierra Leone, Soedan, Somalië, Tanzania, Togo, en Tsjaad. De praktijk komt echter ook in andere Afrikaanse landen voor, in Azïe onder meer in Indonesië[6] en Iran[7], en intussen ook in Westerse landen, waarschijnlijk als gevolg van migratie.

Statistieken[bewerken]

Rapportage UNICEF 2014

Omdat vele betrokkenen de praktijk verborgen willen houden, is het niet gemakkelijk betrouwbare cijfers te verzamelen. De eerste statistieken werden opgesteld in de jaren 1990 onder impuls van het Amerikaans USAID-agentschap.[8] UNICEF raamde in 2013 het aantal getroffen vrouwen en meisjes op 125 miljoen in 29 landen.[5]

Geschiedenis[bewerken]

De oorsprong van vrouwelijke genitale verminking is niet met zekerheid te achterhalen. Volgens Gerry Mackie zou de traditie zijn oorsprong vinden in de slavernij in de historische stad Meroë in Soedan. De traditie stamt mogelijk uit Soedan ten tijde van het Faraonische Egypte. Maar het is ook mogelijk dat die traditie later samenviel met overgangsrites elders in Sub-Sahara Afrika.[9]

De Griekse geograaf Strabo en de eveneens Griekse filosoof Philo (beiden 1e eeuw) vermelden de praktijk zoals die voorkwam in het Oude Egypte.

Vrouwenbesnijdenis in de islam[bewerken]

In de Koran komt het begrip vrouwenbesnijdenis niet voor. Vrouwenbesnijdenis wordt wel genoemd in enkele uitspraken die aan de profeet Mohammed worden toegeschreven. De Hadith die besnijdenis bij mannen voorschrijft, zegt dat besnijdenis een "eer" zou zijn voor vrouwen. De authenticiteit van deze Hadith wordt echter betwist. Binnen de islam bestaan overigens diverse interpretaties omtrent de “wenselijkheid” van vrouwenbesnijdenis.[10]

Het laatste decennium namen steeds meer religieuze leiders er afstand van. Tekenend is de positie van de islamitische theoloog Yusuf al-Qaradawi: eerst raadde hij het in een fatwa aan,[11] maar vijf jaar later kwam hij daar expliciet op terug.[12][13]

Op 22 november 2006 veroordeelden talrijke islamitische leiders uit de wereld op een conferentie in Caïro vrouwenbesnijdenis. Onder hen waren de hoogste twee Egyptische moslimgeestelijken, de sjeik al-Azhar, die gezien wordt als de belangrijkste leider in de soennitische wereld, en de grootmoefti van Jeruzalem, wiens fatwa's groot gewicht in de schaal leggen. De sjeik al-Azhar, Mohammed Sayyed Tantawi, zei op de conferentie dat in de islam besnijdenis alléén voor mannen is. De grootmoefti, Ali Gomaa, wees erop dat Mohammed zijn dochters niet liet besnijden. Er is echter geen bewijs voor die uitspraak. Moslims uit Europa, die van mening zijn dat vrouwenbesnijdenis de islam een slechte naam bezorgt, voerden druk uit om de uitspraak in een fatwa te vervatten.

Methodes[bewerken]

De besnijdenis wordt doorgaans uitgevoerd door een traditionele besnijdster (exciseuse) bij het meisje thuis, met of zonder anesthesie, en vaak met niet-gesteriliseerd, soms zelfs primitief materiaal. In andere gevallen wordt de ingreep uitgevoerd door medisch geschoold personeel, vaak met als argument dat het proces dan veiliger verloopt, en complicaties vermeden worden. De Wereldgezondheidsorganisatie verwerpt echter die verantwoording.[14]

Bij vrouwelijke genitale verminking wordt meestal geheel of gedeeltelijk de clitoris van het meisje of de vrouw verwijderd. Daarnaast kunnen ook de kleine schaamlippen en in sommige gevallen naast de clitoris en kleine schaamlippen ook de grote schaamlippen worden verwijderd. In dit laatste geval wordt de vagina van het meisje of de vrouw vaak volledig dichtgenaaid. Er wordt slechts een kleine opening gemaakt voor urine en menstruatiebloed.

De Wereldgezondheidsorganisatie onderscheidt vier types van ingrepen:[14]

  • Type 1, ook wel de soenna-besnijdenis genoemd,[15] vaak aangeduid als clitoridectomie, namelijk het geheel of gedeeltelijk verwijderen van de clitoris, of in zeldzame gevallen enkel de clitorishoed.
  • Type 2, meestal omschreven als excisie, het geheel of gedeeltelijk wegsnijden van de clitoris en de labia minora (de binnenplooien van de vulva), met of zonder excisie van de labia majora (de buitenplooien of huid van de vulva)
  • Type 3, vaak aangeduid als infibulatie, dit is het vernauwen van de vaginale opening, bijvoorbeeld door het knippen, verplaatsen en hechten van de labia minora, of labia majora, met of zonder verwijderen van de clitoris (clitoridectomie). Ofwel[16] gaat het om het uitsnijden van de hele vulva; de benen van het meisje worden daarna samengebonden totdat de vulva is dichtgegroeid, of de vulva wordt dichtgenaaid, op een heel kleine opening na. 15% van alle besnijdenissen in Afrika behoort tot deze variant. Hierdoor wordt de maagdelijkheid van het meisje gegarandeerd. Deze vorm van besnijdenis wordt soms ook de 'faraonische besnijdenis' genoemd.[17]
  • Type 4 omvat alle andere schadelijke ingrepen in de vrouwelijke genitaliën om niet-medische redenen, zoals prikken, piercing, insnijden, schrapen en schroeien van de genitale streek.

De-infibulatie is dan een ingreep om de door infibulatie afgesloten vaginale opening opnieuw open te snijden. Vaak is dit nodig om de gezondheid en het welzijn van de vrouw te herstellen, en om seksueel verkeer en geboortes mogelijk te maken. (dan alles over de diverse types VGV)

Het gebruik van de term 'besnijdenis' is verwarrend vanwege de uiteenlopende aard van de ingreep in de bedoelde landen (die niet uitsluitend islamitisch zijn). Voor meisjes varieert het echter van een gehele tot gedeeltelijke verwijdering van volledige organen (clitoris en/of vulva), al dan niet gepaard met dichtnaaien. Al deze vormen komen neer op een ingreep en beperking van de lichaamsfuncties.

Misdrijf[bewerken]

Tegenwoordig wordt voor meisjesbesnijdenis vaak de afkorting VGV, die staat voor vrouwelijke genitale verminking, gebruikt, omdat vrouwenbesnijdenis in alle westerse landen expliciet is verboden, strafbaar is als misdrijf en in de meeste westerse landen ook actief wordt vervolgd. Vrees voor besnijdenis onder dwang bij dochters van islamitische ouders is in sommige landen (waaronder Canada) ook een voldoende grond voor toekenning van politiek asiel.

Internationale verdragen[bewerken]

Hoewel de oudste mensenrechtenverdragen niet uitdrukkelijk spreken over deze vormen van verminking, wordt meer en meer aangenomen dat VGV een inbreuk is op de fundamentele rechten van meisjes en vrouwen, zoals vervat in historische mensenrechten, en zeker op grond van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens uit 1948.[2]

Recentere en meer expliciete rechtsgronden zijn onder meer het Verdrag inzake de uitbanning van alle vormen van discriminatie van vrouwen, dat begin 2018 door alle landen ter wereld is geratificeerd, met uitzondering van Iran, Niue, Soedan, Somalië, Tonga en de Heilige Stoel (Vaticaanstad).[18] Andere toepasselijke mensenrechtenverdragen, geratificeerd door meer dan 150 van de bijna 200 VN-lidstaten zijn het Internationaal Verdrag inzake economische, sociale en culturele rechten (sectie gezondheidsrechten), het Internationaal verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten, en het Verdrag inzake de rechten van het kind. Verdere verduidelijkingen en oproepen zijn te vinden in een reeks resoluties van de Verenigde Naties en rapporten van de VN-Commissie voor vrouwenrechten (United Nations Commission on the Status of Women), een afdeling van de Economische en Sociale Raad van de Verenigde Naties.[2][19]

Nederland[bewerken]

In Nederland is vrouwenbesnijdenis in het wetboek expliciet strafbaar gesteld als verminking. De maximumstraf in Nederland is 12 jaar gevangenisstraf, daar kan nog een strafverzwaring bovenop komen indien de dader(s) familieleden zijn. In België bestaat een afzonderlijk artikel (art. 409) voor vrouwenbesnijdenis.

Ook hulp bij een besnijdenis en een besnijdenis laten uitvoeren in het buitenland zijn tegenwoordig in Nederland strafbaar. Kennis hebben van een VGV zonder dit te melden is eveneens strafbaar. Bij VGV hoeft geen aangifte gedaan te worden om een justitieel onderzoek te starten (al kan aangifte er wel toe leiden). Voor artsen geldt een verbod op het uitvoeren van VGV. Het plegen van een VGV levert een arts minimaal een berisping via het tuchtrecht op, maar kan ook een reden zijn voor gevangenisstraf.

Omdat de besnijdenis van vrouwen in Nederland en België bij wet verboden is, worden sommige Nederlandse meisjes met immigrantenachtergrond, afkomstig uit desbetreffende culturen, vaak tijdens de vakantie in het land van oorsprong besneden. In 2003 was dit in het nieuws omdat men ook déze praktijk in Nederland wilde aanpakken. In januari 2009 liet staatssecretaris Bussemaker weten deze praktijk aan te willen pakken naar Frans voorbeeld, door ouders uit risicogroepen een contract te laten ondertekenen en na de vakantie de meisjes op VGV te controleren.

Pharos[bewerken]

In Nederland zet onder andere kenniscentrum Pharos zich in tegen vrouwelijke genitale verminking, in opdracht van het Ministerie van Volksgezondheid. Pharos maakt onder meer gebruik van een fatwa tegen dit gebruik, uitgevaardigd door de hoogste Egyptische moslimgeestelijke, de grootmoefti prof. dr. Ali Gomaa. Ook in Iran is een fatwa uitgevaardigd tegen dit gebruik (dat daar overigens weinig voorkomt). Ook is Pharos een van de organisatoren van de Zero Tolerance Dag, die elk jaar op 6 februari plaatsvindt en tot doel heeft bij te dragen aan de volledige uitbanning van alle vormen van vrouwelijke genitale verminking.

België[bewerken]

In België is sedert november 2000 een nieuw artikel 409 toegevoegd aan het strafwetboek dat genitale verminking van vrouwen, of pogingen daartoe, strafbaar stelt met opsluiting tot vijf jaar, of tot vijftien jaar in geval van complicaties of de dood. Sinds 12 juli 2014 zijn ook personen die aanzetten tot de praktijk of er reclame voor maken strafbaar.[20]

Volgens een onderzoek in opdracht van de overheid telde België eind 2012 vermoedelijk 48.092 vrouwen uit landen waar besnijdenis courant wordt toegepast. 13.112 van hen zouden 'zeer waarschijnlijk al besneden' zijn, en 4.084 'riskeren besneden te worden'. Einde 2008 ging het nog om respectievelijk 6.260 ('VGV zeer waarschijnlijk') en 1.975 ('riskeren VGV')[21] Het onderzoek noemt als landen met het hoogste risico (meer dan 75%) Burkina Faso, Djibouti, Egypte, Eritrea, Guinee, Mali, Sierra Leone en Somalië, en als risicoperiode de vakanties in land van herkomst. Een vervolgstudie uit 2018, in opdracht van de overheid uitgevoerd door de studie- en actiegroep GAMS,[22] voegt Soedan toe aan de risicolanden, en kwam op veel hogere aantallen uit van zowel VGV als risico op VGV.[23] Als oorzaken voor de markante stijging worden de toegenomen migratie genoemd, en de geboortes in België uit moeders met roots in landen waar de praktijk courant voorkomt.[24]

Raming van het aantal vrouwen, slachtoffer van VGV (of hoog risico), in België:[21][23]

Jaartal VGV waarschijnlijk Risico op VGV
2008 6260 1975
2012 13112 4084
2016 17273 8644

Het in 2002 opgerichte Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen is de onafhankelijke federale overheidsinstelling voor onderzoek en sensibilisering rond VGV in België.

Campagnes en kritiek[bewerken]

Over de hele wereld werden talrijke campagnes opgezet om de praktijken van VGV tegen te gaan, voornamelijk door informatie te verspreiden, bij voorrang in de gemeenschappen waar de tradities nog sterk leven. De campagnes worden gevoerd door een hele reeks NGO’s,[25] ondersteund door internationale instellingen als UNICEF.[1] en de Wereldgezondheidsorganisatie,[14] hierin bijgetreden door prominente feministen en activisten als Josephine Kulea, Keniaans activist, Nawal el Saadawi, Egyptisch activist en feminist, Waris Dirie, Somalisch mensenrechtenactivist en voormalig model, en Ayaan Hirsi Ali.

Toch stuiten westerlingen die zich in het debat mengen, of samenwerkingsverbanden zoeken in de strijd tegen vrouwenbesnijdenis, op flinke tegenstand van met name de Afrikaanse gemeenschap, die dit als kritiek ervaren op een praktijk die voor hen deel uitmaakt van hun rijke traditie.[26] Ook de Amerikaanse hoogleraar en feministe Obioma Nnaemeka, zelf een hevig tegenstander van VGV, vindt het woordgebruik “verminking” in plaats van “besnijdenis” getuigen van een Westers- kolonialistische houding.[27] UNICEF hanteert overigens in haar recente communicatie eveneens de term “vrouwenbesnijdenis”.[1]

Aziatische anti-VGV-organisaties hebben geklaagd dat de wereldwijde aandacht op het uitroeien van VGV vrijwel geheel naar Afrika gaat.[28][29] Dientengevolgen zijn er maar weinig VGV-studies gedaan in Aziatische landen, hetgeen campagnes tegen VGV bemoeilijkt door een gebrek aan gegevens over het fenomeen. Indiase activist Masooma Ranalvi, die als 7-jarige VGV onderging, merkte op: "Het volledige discours over VGV heeft zich tot nu toe gecentreerd op Afrika. Natuurlijk heeft Afrika aandacht nodig, maar misschien zijn er ook andere plekken waarnaar de focus zich kan verspreiden."[28]

Externe links[bewerken]

Referenties[bewerken]

  1. a b c Vrouwenbesnijdenis. UNICEF. Geraadpleegd op 6 maart 2018.
  2. a b c (en) Sources of international human rights law on Female Genital Mutilation. endvaw.org. Geraadpleegd op 6 maart 2018.
  3. Female Genital Mutilation in Iraqi-Kurdistan – An Empirical Study by Wadi.
  4. Vrouwenbesnijdenis komt wereldwijd veel vaker voor De Volkskrant, 6 februari 2014.
  5. a b Female Genital Mutilation/Cutting: A statistical overview and exploration of the dynamics of change. UNICEF (juli 2013). Geraadpleegd op 6 maart 2018.
  6. (en) The custom of female circumcision remains good business in Indonesia. Geraadpleegd op 6 maart 2018.
  7. Female genital mutilation practised in Iran, study reveals. The Guardian (4 juni 2015). Geraadpleegd op 6 maart 2018.
  8. (en) DHS Overview. DHS. Geraadpleegd op 6 maart 2018.
  9. Bettina Shell-Duncan (red.), Female “circumcision” in Africa. Culture, controversy and change (2000). Geraadpleegd op 6 maart 2018.
  10. (en) FGM — a Muslim and cultural requirement (7 december 2014). Geraadpleegd op 6 maart 2018.
  11. (en) Brett Lock, The Odd Couple: Red Ken and the Conservative Cleric. What Next Journal (30 juli 2004). Geraadpleegd op 20 mei 2015.
  12. (en) Rüdiger Nehberg, Sheik Prof. Dr. Yusuf Al-Qaradawi Issued Fatwa "Female Genital Mutilation Is A Work Of The Devil". TARGET (2 maart 2009). Geraadpleegd op 20 mei 2015.
  13. (en) Mostafa Radwan, Qaradawi Calls On Ending Female Circumcision, Considers It Banned In Islamic Law. IKhwanweb (23 maart 2009). Geraadpleegd op 20 mei 2015.
  14. a b c (en) Female genital mutilation – Fact sheet. Wereldgezondheidsorganisatie (januari 2018). Geraadpleegd op 6 maart 2018.
  15. De WHO gebruikt deze omschrijving niet
  16. Deze laatste vorm komt niet voor in de definitie van de WHO
  17. Bogaert, Linda, Koran-notities, Islamitische Kwesties, Besnijdenis, 2005
  18. STATUS OF RATIFICATION INTERACTIVE DASHBOARD. Hoog Commissariaat voor de Mensenrechten van de Verenigde Naties. Geraadpleegd op 6 maart 2018.
  19. (en) Commission on the Status of Women. VN. Geraadpleegd op 6 maart 2018.
  20. 5 MEI 2014. - Wet tot wijziging van artikel 409 van het Strafwetboek, houdende de strafbaarstelling van het aanzetten tot genitale verminking bij vrouwen. FOD Justitie (5 mei 2014). Geraadpleegd op 6 maart 2018.
  21. a b Studie over de prevalentie van en het risico op vrouwelijke genitale verminking in België. FOD Volksgezondheid (2014). Geraadpleegd op 6 maart 2018.
  22. GAMS Team Members. Geraadpleegd op 6 maart 2018.
  23. a b Schatting van de prevalentie van in België wonende vrouwen en meisjes die vrouwelijke genitale verminking ondergingen of het risico lopen om verminkt te worden, 2018. FOD Volksgezondheid (3 maart 2018). Geraadpleegd op 6 maart 2018.
  24. 8.600 meisjes in België lopen risico op genitale verminking. De Standaard (3 maart 2018). Geraadpleegd op 6 maart 2018.
  25. (en) The Pixel Project's "16 For 16" Campaign. Geraadpleegd op 6 maart 2018.
  26. Els Leye & Marleen Bosmans, Vrouwenbesnijdenis in Europa en België (2001) Gearchiveerd op 19 maart 2009. Geraadpleegd op 6 maart 2018.
  27. (en) Obioma Nnaemeka, Female Circumcision and the Politics of Knowledge, p. 33.. Geraadpleegd op 6 maart 2018.
  28. a b Emma Batha. "In parts of Asia and Middle East, female genital mutilation a hidden ritual", Reuters, 30 januari 2017. Geraadpleegd op 4 augustus 2018.
  29. Oliver M. Piecha, No “African problem”. Stop FGM Middle East (1 december 2013). Geraadpleegd op 5 augustus 2018.