Colonne Henneicke

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

De Colonne Henneicke, officieel de Hausraterfassungsstelle, was een groep Nederlandse nazi-collaborateurs die actief waren als premiejagers in de periode tussen maart en oktober 1943.[1] De groep bestond uit ruim vijftig Nederlanders die tegen betaling jacht maakten op Joodse onderduikers. De groep stond onder leiding van Wim Henneicke. In het halve jaar dat de organisatie bestond was deze verantwoordelijk voor de deportatie van acht- tot negenduizend personen. Op 30 september 1943 werd de organisatie opgeheven, officieel omdat Amsterdam Judenfrei was, maar ook omdat de chef van de Sicherheitsdienst, Willy Lages, zich aan het ongedisciplineerde gedrag van de leden ergerde.

Ledenlijst[bewerken | brontekst bewerken]

De onderstaande lijst is onvolledig. In totaal werkten 53 Nederlanders en 1 Duitser voor de colonne.

  • Willem Christiaan Heinrich (Wim) Henneicke (Amsterdam, 19 maart 1909-1944), geliquideerd door het Amsterdamse verzet.
  • Willem Hendrik Benjamin (William) Briedé (Amsterdam, 5 april 1903-1962), bij verstek ter dood veroordeeld.
  • Hermanus Petrus Maria (Herman) Bartelsman (Amsterdam, 18 december 1881-1947), ter dood veroordeeld, geëxecuteerd door een vuurpeloton op 6 maart 1947.
  • Frederik Hendrik Meijer (Amsterdam, 8 oktober 1900-1947), ter dood veroordeeld, geëxecuteerd door een vuurpeloton op 28 maart 1947.
  • Bernardus Andreas (Dries) Riphagen (Amsterdam, 7 september 1909-1973), ontsnapt, nooit veroordeeld.
  • Sera de Croon (Amsterdam, 17 mei 1916-1990), ter dood veroordeeld, nadien gratie verleend.
  • Eduard Gijsbertus (Eddy) Moesbergen (Amsterdam, 26 juni 1902-1980), ter dood veroordeeld, nadien gratie verleend.
  • Christoffel (Chris) Bout (Amsterdam, 2 oktober 1906), ter dood veroordeeld, nadien gratie verleend.
  • Hendricus Christiaan (Henk) Saatrübe (Amsterdam, 24 januari 1909-1983) ter dood veroordeeld, nadien gratie verleend.
  • Hendrik (Henk) van der Kraan (Schiedam, 30 oktober 1897-1955), ter dood veroordeeld, nadien gratie verleend.
  • Martinus Hinse (Amsterdam, 14 november 1913), ter dood veroordeeld, nadien gratie verleend.
  • Hendrik Wouter Hofman (Rotterdam, 12 oktober 1892-1954), ter dood veroordeeld, nadien gratie verleend.
  • Diderik van der Kraan (1921), ter dood veroordeeld, nadien gratie verleend.
  • Jacob Rigter (Amsterdam, 5 januari 1912), ter dood veroordeeld, nadien gratie verleend.
  • Jan Jacobus Rutgers (Amsterdam, 6 november 1911), ter dood veroordeeld, nadien gratie verleend.
  • Hugo Berten Heinrich (Keulen, 3 september 1890), gevlucht, nooit veroordeeld.
  • Bruno Barend (Bob) Vlugt (Amsterdam, 15 maart 1917), veroordeeld tot levenslange celstraf.
  • Richard Albert Kop (Amsterdam, 1 juni 1910) [2]
  • Johan van Zeulen[bron?]
  • Lambert Hubert Jozef Schiffer (Heerlen, 16 Augustus 1889)
  • Hendricus Klinkenbijl (Arnhem 27 Maart 1892) ter dood veroordeeld, nadien gratie verleend.
  • Alexander Dirk Hogguer (Amsterdam, 11 juni 1898-1983), bij verstek ter dood veroordeeld, nadien gratie verleend.
  • Aalbert Anton Das (Amsterdam, 10 januari 1915) Heeft tot 1958 in diverse gevangenissen gezeten.
  • Bernardus Marinus Christiaan van Egmond (Amsterdam, 8 augustus 1914) Doodstraf geëist.
  • Jan Cassee (Amsterdam, 14 april 1904) Doodstraf geëist.
  • Jacobus Nicolaas Ramaker (Haarlem, 16 oktober 1904) gevlucht en bij verstek levenslang.
  • Gerrit Hendrik Mijnarends (Amsterdam, 16 april 1896) doodstraf omgezet in levenslang.
  • Egbertus Martinus Ellemers (Amsterdam, 4 augustus 1908) Doodstraf omgezet in levenslang.
  • Josef Nicolaas Zwager (Beverwijk, 29 november 1907)Doodstraf omgezet in levenslang.
  • Mattijs van de Werken (Nieuwer Amstel, 9 december 1883) 5 jaar gevangenis.
  • Johannes Wilhelmus Out (Haarlem, 30 augustus 1910) 8 jaar gevangenisstraf.