Croix-de-Feu

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Croix-de-feu)
Naar navigatie springen Jump to search
Symbool van de Croix-de-Feu

Les Croix-de-Feu ("De Vuurkruisen") waren een vereniging van Franse oud-strijders uit de Eerste Wereldoorlog die in de jaren 1930 uitgroeiden tot een politieke massabeweging onder leiding van kolonel François de La Rocque. Door hun uitgesproken nationalisme en hun paramilitaire organisatie werden ze door velen beschouwd als de belangrijkste extreemrechtse organisatie in Frankrijk.

In hoeverre de beweging als fascistisch moet worden bestempeld, is een punt van discussie.

Ontstaan[bewerken]

De Croix-de-Feu werden in 1927 opgericht door Maurice d'Hartoy onder de naam Association des combattants de l'avant et des blessés de guerre cités pour action d'éclat (wat kan worden vertaald als "Vereniging van strijders in de voorste linies en oorlogsgewonden die werden vermeld voor schitterende daden"). Ze groepeerden veteranen die tijdens de Eerste Wereldoorlog zich bijzonder hadden onderscheiden. Ze moesten het Croix de Guerre hebben gekregen en hebben gevochten "in het vuur van de vijand" . Het aantal leden was aanvankelijk dan ook beperkt tot enkele honderden.

Later stichtte d'Hartoy een aanverwante vereniging, de Association des Briscards ("briscard" betekent "oude rot", ervaren militair), voor veteranen die, zonder gedecoreerd te zijn geweest, minstens zes maanden in de voorste linies hadden gevochten. In 1929 werden de twee verenigingen samengevoegd tot de Croix-de-Feu et Briscards).

Aanvankelijk beperkte de vereniging zich tot ledenbijeenkomsten, deelnames aan herdenkingsplechtigheden en bedevaarten naar de slagvelden van de Grote Oorlog. Vanaf het begin werd ze gedomineerd door een nationalistische en antiparlementaire sfeer. Leidende politici werd verweten tijdens de oorlog niet vooraan te hebben gevochten.

De Croix-de-Feu kregen in het begin financiële steun van François Coty, een steenrijke parfumfabrikant en eigenaar van de gezaghebbende krant Le Figaro, die eerder al verschillende extreem-rechtse groepen had gesteund. De vereniging was toen gevestigd in de lokalen van Le Figaro.

Veranderingen onder kolonel de La Rocque[bewerken]

Toespraak van kolonel de La Rocque voor de Croix-de-Feu in 1936

In 1932 werd luitenant-kolonel buiten dienst François de La Rocque voorzitter van de Croix-du-Feu. Hij zou hun onbetwiste leider worden. Hij maakte een einde aan de invloed van Coty en gaf de beweging een eigen politiek en sociaal karakter.

La Rocque, die een groot organisatietalent had, stichtte een aantal nevenorganisaties, zoals een vereniging van zonen en dochters van de Croix-de-Feu en de Volontaires nationaux, een paramilitaire groep die voor iedereen open stond. Onder hen bevond zich de luchtvaartpionier Jean Mermoz en de latere socialistische president François Mitterrand.

Daarnaast richtte La Rocque een aantal sociale instellingen op, zoals vakantiehuizen voor kinderen, hulpdiensten voor leden, voor slachtoffers van rampen en behoeftigen, activiteiten voor sport en vrije tijd, enzovoort. Dit alles deed de invloed en de aanhang van de beweging sterk toenemen. Het aantal aanhangers steeg snel naar de tienduizenden.

Kenmerken[bewerken]

De Croix-du-Feu raakten vooral bekend door hun massa-optochten. De leden marcheerden zeer gedisciplineerd en droegen daarbij hun oorlogsdecoraties, insignes en een armband, maar ze droegen geen uniform of wapens.

De beweging beschikte wel over een echte militie, de Dispos, die regelmatig trainingen hielden en snel gemobiliseerd konden worden. Voor het transport stelden de leden auto's en zelfs vliegtuigen ter beschikking. Ook was er een inlichtingendienst. Dit alles op perfect militaire wijze georganiseerd onder leiding van La Rocque. Buitenstaanders vreesden dat de Croix-du-Feu de macht wilden overnemen naar het voorbeeld van Mussolini's Mars op Rome.

La Rocque formuleerde de ideologie van zijn beweging in het boek Service public (1934). Hij zag de kameraadschap van de oud-frontsoldaten als een model voor de samenleving. De klassentegenstellingen moesten worden verzoend door een corporatieve bedrijfsorganisatie. Hij hechtte veel aandacht aan betere sociale voorzieningen: minimumloon, betaalde vakantie en recreatiemogelijkheden voor de arbeiders.

La Rocque wilde ook de staat hervormen door een versterking van de uitvoerende macht om zo een einde te maken aan de politieke chaos veroorzaakt door het parlementair regime van de Derde Republiek.

Op internationaal vlak toonden de Croix-de-Feu zich zeer wantrouwig tegenover Duitsland. Ze hadden zich gekant tegen het voortijdig beëindigen van de bezetting van het Rijnland, zoals voorzien in de verdragen van Locarno.

Evolutie en ontbinding[bewerken]

Op 6 februari 1934 namen de Croix-de-Feu, die toen zowat 35.000 aanhangers telden, deel aan de grote betoging die in Parijs werd gehouden als protest tegen de regering als gevolg van het Stavisky-schandaal. Toen leiders van de extreemrechtse ligues aanzetten om het Palais Bourbon, de zetel van de Kamer van afgevaardigden, te bestormen, weigerde La Rocque daaraan mee te doen. De Croix-de-Feu, die wellicht de meerderheid van de betoging vormden, trokken zich terug, waardoor het voornemen van onder meer de Action française mislukte om een einde te maken aan het regime.

Een aantal leden scheurde zich af en trad toe tot meer extreme bewegingen. Toch bleef de aanhang van de Croix-de-Feu fel groeien. La Rocque breidde zijn netwerk nog uit door oprichting van een vrouwenorganisatie, een jongerenorganisatie en eigen vakbonden. Alles tezamen groepeerde de beweging in 1936 meer dan 700.000 mensen.

Voor links werd deze massabeweging als een bedreiging van de democratie beschouwd. Na de overwinning van het Volksfront bij de parlementsverkiezingen van 1936, besliste de regering van Léon Blum op 18 juni 1936 de Croix-de-Feu als een privé-militie te beschouwen en daarom te ontbinden.

Kolonel de La Rocque stichtte echter meteen daarop een politieke partij, de Parti Social Français, die de organisaties en het programma van de Croix-de-Feu zou voortzetten tot aan de Tweede Wereldoorlog.

Fascistisch?[bewerken]

Onder historici en politieke wetenschappers is gediscussieerd of de Croix-de-Feu (en hun opvolger, de Parti Social Français) al dan niet fascistisch waren.

Vast staat dat veel tijdgenoten hen als fascisten beschouwden en een grote gelijkenis zagen tussen de Croix-de-Feu-formaties en de fascistische milities in andere landen. Ook het corporatistisch programma deed aan het fascisme denken.

Anderzijds was La Rocque niet tegen het republikeins regime en hij wees ook het totalitarisme af. Evenmin waren de Croix-de-Feu antisemitisch.

De Duitse historicus Ernst Nolte beschouwt de Croix-de-Feu als een van de vormen van "Frans fascisme", maar hij erkent dat ze niet alle kenmerken hadden die men aan het fascisme toeschrijft.

Vooral Franse historici als René Rémond wijzen het fascistisch karakter af. Er is daarbij gewezen op hun gelijkenis met het latere gaullisme.