D'Oultremont (geslacht)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Wapenschild van de familie d'Oultremont
Kasteel d'Oultremont in Drunen bij Nieuwkuijk
Kasteel van Warfusée
Kasteel van Duras bij Sint-Truiden
Kasteel van Duras bij Sint-Truiden
Het kasteel d'Oultremont in Ham-Sur-Heure
Kasteel d'Oultremont in Helissem
Zalige Emilie d'Oultremont
Mausoleum van de familie d'Oultremont

D'Oultremont is een Zuid-Nederlands adellijk geslacht, van historisch belang voor het prinsbisdom Luik. Het is ook bekend onder de namen d'Oultremont de Wégimont de Warfusée en d'Oultremont de Wégimont de Duras.

Geschiedenis[bewerken]

  • In 1731 werd door keizer Karel VI de titel graaf van het Heilige Roomse Rijk verleend aan Jean-François d'Oultremont en overdraagbaar op alle afstammelingen (zie hierna). Jean-François was de jongere broer van Jean-Baptiste d'Oultremont, zonder erfgenamen.
  • In 1816 werden drie achterkleinzoons van François d'Oultremont in de erfelijke adel van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden opgenomen.

Genealogie[bewerken]

  • Jean François Paul Emile d'Oultremont ((Luik, 20 april 1679 - Warfusée, 22 november 1737) was getrouwd met Maria Isabella van Beieren-Schagen (1677-1733). De opgang van de familie werd bekroond door de grafelijke titel toegekend in 1731.
    • Jean d'Oultremont (1715-1782), trouwde in Leiden in 1750 met Maria Jacoba Tiarck Waltha (1717-1802). Zij hadden negen kinderen, onder wie:
      • Charles-Ignace d'Oultremont (1753-1803), die trouwde met Anne de Neuf d'Aische (1757-1830).
        • Emile d'Oultremont (zie hierna).
      • Ferdinand d'Oultremont (1760-1799), die trouwde met de Haagse erfdochter en weduwe van bankier Dirck de Smeth, Russische rijksbaron, vrijheer van Deurne en Liesselt (1754-1779), Johanna-Suzanna Hartsinck (1759-1830).
    • Karel Nicolaas Alexander d'Oultremont (1716-1771), graaf van Oultremont, werd prins-bisschop van Luik. Hij was nog leek toen het kathedraalkapittel hem koos, en hij werd in ijltempo gewijd tot diaken, priester en bisschop. Hij legde zich toe op zijn geestelijke activiteiten en liet het politieke en ambtelijke bestuur van het prinsbisdom over aan zijn broer Jean. Dit was een hoogtepunt in de macht en invloed van de d'Oultremonts.

De revolutiejaren waren niet gunstig voor de familie d'Oultremont, van wie de meesten naar Duitse gebieden emigreerden, om onder het Franse Consulaat en keizerrijk stilaan weer hun eigendommen in de Zuidelijke Nederlanden in bezit te nemen.

Toen in 1815, ten tijde van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden, het adellijk statuut werd hersteld, werden een zoon van het echtpaar d'Oultremont-de Neuf en twee zoons van het echtpaar d'Oultremont-Hartsinck opnieuw in de adel opgenomen. De vrouwen die nog ongehuwd waren, zoals Henriette d'Oultremont de Wégimont, dochter van laatstgenoemden, werden niet formeel, maar als het ware vanzelfsprekend, mee in de adel opgenomen.

Emile d'Oultremont[bewerken]

  • Emile Charles Désiré Antoine Joseph d'Oultremont (Antwerpen, 21 juli 1787 - Saint-Georges-sur-Meuse, 4 augustus 1851) werd in 1816 erkend in de erfelijke adel, met de titel graaf, overdraagbaar op alle afstammelingen, zowel mannelijke als vrouwelijke. Hij werd vooral actief na de Belgische Revolutie, werd verkozen tot lid van het Nationaal Congres en werd Belgisch senator. Hij trouwde in 1814 met barones Marie-Françoise de Lierneux de Presles (1785-1850) en ze kregen vier kinderen.
    • Théodore d'Oultremont de Wégimont de Warfusée (1815-1875), burgemeester van Saint-Georges-sur-Meuse, provincieraadslid, trouwde met barones Apoline de Copis (1818-1875). Ze hadden afstammelingen tot heden, alhoewel het uitdoven in mannelijke lijnen in het vooruitzicht ligt.
    • Emilie d'Oultremont de Wégimont (1818-1878) was getrouwd met Victor van der Linden d'Hooghvorst (1813-1847), zoon van Emmanuel van der Linden d'Hooghvorst, lid van het Voorlopig Bewind. Nadat ze vroeg weduwe was geworden, stichtte ze de Congregatie van Maria Reparatrix. In 1997 werd ze door paus Johannes-Paulus II zalig verklaard.

Charles-Ferdinand d'Oultremont de Wegimont de Duras[bewerken]

  • Charles d'Oultremont (Rijsel, 18 juli 1789 - Parijs, 11 maart 1852) was een zoon van graaf Ferdinand d'Oultremont en Jeanne-Suzanne Hartsinck. Hij trouwde in 1814 met de weduwe van prins Louis-Eugène de Ligne, gravin Louise van der Noot de Duras (1785-1864) en ze kregen vijf kinderen. In 1816 werd hij erkend in de erfelijke adel met de titel graaf, overdraagbaar op alle afstammelingen en benoeming in de Ridderschap van Luik. Hij werd schildknaap van koning Louis Bonaparte en daarna kamerheer van Willem I der Nederlanden en ceremoniemeester aan het hof.
    • Octave d'Oultremont (1815-1898) trouwde met markiezin Marie-Rose d'Ennetières (1819-1876). Hij was burgemeester van Duras en grootmaarschalk in het huis van de graaf van Vlaanderen.
      • Adhémar d'Oultremont (1845-1910) werd volksvertegenwoordiger. Hij trouwde met prinses Clémentine de Croÿ (1857-1893). Er waren afstammelingen, maar deze familietak is in 2006 uitgedoofd.

Ferdinand-Joseph d'Oultremont de Wegimont[bewerken]

  • Joseph Ferdinand Emile d'Oultremont (Kleef, 27 februari 1797 - Brussel, 18 april 1868), heer van Drumen, was een broer van Charles d'Oultremont (hiervoor) en van Henriette d'Oultremont de Wégimont, de morganatische echtgenote van Willem I der Nederlanden. Hij trouwde in 1825 met de Engelse Isabelle Bonham (1808-1872) en ze kregen veertien kinderen. Vijf zoons zorgden voor een zeer talrijk nageslacht, tot heden. In 1816 werd hij zoals zijn neef en zijn broer in de erfelijke adel erkend, met de titel graaf overdraagbaar op alle afstammelingen. Hij was kamerheer van koning Willem I der Nederlanden en van zijn broer prins Frederic. Hij bleef na 1830 nog een paar jaar in Nederland, maar vanaf 1832 kwam hij naar België.
    • Emile Henri d'Oultremont (1831-1896) was burgemeester van Gondreghem en Belgisch senator. Hij trouwde met barones Juliette Tahon de la Motte (1837-1912) en ze hadden zeven kinderen, van wie talrijke afstammelingen, tot heden.
    • Théodore d'Oultremont (1839-1913) trouwde met gravin Marie de Robiano (1845-1917) en ze hadden zeven kinderen, met talrijke afstammelingen tot heden. Théodor werd generaal bij de cavalerie.
    • Adrien d'Oultremont (1843-1907) werd generaal-majoor en vervolgens volksvertegenwoordiger. Met zijn tweede vrouw barones Clotilde de Woelmont (1857-1943) had hij negen kinderen, met talrijke afstammelingen, tot heden.
    • Eugène d'Oultremont (1845-1916) trouwde met Henriette d'Oultremont (1856-1929) en ze hadden vijf kinderen, met afstammelingen tot heden. Hij was burgemeester van Presles.
    • John d'Oultremont (1848-1917) trouwde met gravin Renée de Merode (1859-1941) en ze hadden drie kinderen, met afstamming tot heden. Hij was grootmaarschalk van het hof onder koning Leopold II.

Verzet[bewerken]

Heel wat leden van de familie d'Oultremont hebben zich ingezet in het Verzet tijdens de Tweede Wereldoorlog. Zijn te vermelden:

  • Adrien d'Oultremont (1918-2005) trad toe tot de Nationale Belgische Beweging en vervolgens tot het Geheim Leger. Voerde opdrachten uit als verbindingsman met het hoofdkwartier en voor het organiseren van droppings in Brabant. Hij werd hierin bijgestaan door zijn broers André (1924-2002) en Thierry (°1920).
  • André d'Oultremont (°1922) verbleef in Wingene en werd medewerker van Christian Jooris voor het verzamelen van informatie, het coderen en per radio naar Londen doorseinen van boodschappen.
  • Georges d'Oultremont (1916-1993) was begeleider van personen naar de Spaanse grens, in het kader van het netwerk Comète (mei-november 1942). Bij een eerste ontmanteling van dit netwerk, vluchtte hij naar Engeland. Hij werd ingelijfd in de Britse geheime dienstenen in Frankrijk gedropt in 1943. Hij keerde naar Engeland terug in april 1944 en werd in Bayeux gedropt in juni 1944. Hij nam ontslag uit de geheime diensten en voegde zich bij het Belgisch eskadron SAS, waarvoor hij in augustus 1944 gedropt werd in de Ardennen.
  • Théodore d'Oultremont (1914-2010) was eveneens lid van het netwerk Comète. Hij vluchtte naar Engeland en werkte er in de Britse geheime diensten.
  • Edouard d'Oultremont (1916-1988) was eveneens lid van het netwerk Comète. Hij vluchtte naar Engeland en werkte er in de Britse geheime diensten.
  • Charles-Emile d'Oultremont (1915-1993) was lid van het Belgisch Legioen. Hij vluchtte in augustus 1943 naar Engeland en sloot er zich aan bij de Belgische strijdkrachten.
  • Raoul d'Oultremont (1915-1993) werd krijgsgevangen gemaakt in mei 1940. Hij slaagde erin te ontsnappen en onder te duiken.
  • Madeleine d'Ursel (1901-1994), weduwe van Paul d'Oultremont, was een actief lid van het verzet in het netwerk Comète en andere activiteiten. Ze werd gearresteerd in augustus 1944 en tijdens haar deportatie naar Duitsland kon ze op 3 september uit de trein ontsnappen.

Louis d'Oultremont (1887-1944) was niet in het verzet, maar werd als een toevallig slachtoffer van represailles neergeschoten door jonge rexisten in het park van zijn kasteel in Ham-sur-Heure op 12 augustus 1944.

Literatuur[bewerken]

  • Généalogie d'Oultremont, in: Annuaire de la noblesse de Belgique, 1884 (première partie) en 1885 (seconde partie).
  • H. HANS, Le château, les seigneurs et le couvent des Carmes de Wégimont, 1933.
  • Adelin D'OULTREMONT, Jean-François Georges, comte d'Oultremont et du Saint-Empire, chef de l'Etat noble du pays de Liège et président de la Souveraine cour féodale, in: Le Vieux Liège, 1940.
  • M. YANS, La mission de Charles d'Oultremont à Liège en 1790, in: Les CahiersLéopoldiens, 1960.
  • Louis ROPPE, Een omstreden huwelijk., 1962.
  • Baron DE VILLENFAGNE DE VOGELSANCK, Henriette d'Oultremont, comtesse de Nassau, in: Bulletin van de Koninklijke vereniging van de adel, 1963.
  • REMY, Réseau Comète, Parijs, 3 volumes, 1966, 1967, 1971.
  • Charles-Emile D'OULTREMONT, Généalogie succinte de la Maison d'Oultremont, 1990.
  • Oscar COOMANS DE BRACHÈNE, État présent de la noblesse belge, Annuaire 1995, Brussel, 1995.
  • Marie-Pierre D'UDEKEM D'ACOZ, Voor koning en vaderlaznd. De Belgische adel in het verzet, Tielt, 2003.
  • Humbert MARNIX DE SAINTE ALDEGONDE, État présent de la noblesse belge, Annuaire 2010, Brussel, 2010.
  • Philippe LE BLANC, Comète, le réseau derrière la ligne DD, Mémogrammes, Arquennes, 2015.