De Legende van de Bokkerijders

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
De Legende van de Bokkerijders
Genre Avontuur, Spanning
Speelduur 390 min. 24 minuten per aflevering
Hoofdrollen Lennert Hillege, Gene Bervoets, Joost Prinsen, John Leddy, Hugo Metsers
Regie Karst van der Meulen
Scenario Dick van den Heuvel naar het boek Ontsnapt aan de galg van Ton van Reen
Muziek Erik van der Wurff
Land van oorsprong Nederland
Taal Nederlands
Productie
Producent Frank Janssen
Uitzendingen
Start 1994
Einde 1994
Afleveringen 13 afleveringen
Netwerk of omroep Nederland 1 (KRO) en BRT 1
(en) IMDb-profiel
Portaal  Portaalicoon   Televisie

De Legende van de Bokkerijders is een televisieserie uit 1994. De serie is een Nederlandse, Belgische en Duitse coproductie. Het is gebaseerd op de boeken van Ton van Reen over de Bokkenrijders en dan vooral het eerste deel: Ontsnapt aan de galg (1986).

Verhaallijn[bewerken]

Leeswaarschuwing: Onderstaande tekst bevat details over de inhoud en/of de afloop van het verhaal.

De serie vertelt het verhaal over de Limburgse boerenfamilie Cremers. Het gezin, dat bestaat uit drie kinderen (Driek, Martien en Lotteke), heeft het niet makkelijk. Het heeft weinig geld en kan de schout niet betalen als hij de belastingen komt innen. Bovendien is Lotteke erg ziek. Martien vindt het onrechtmatig en wil zijn zieke zusje graag helpen. Zijn oom Lei vertelt dat dat alleen kan door een reis te maken 'naar de Witte Bergen'.
Martien besluit het door de schout ingezamelde belastinggeld te stelen om zo de reis te kunnen betalen. Het geld ligt in de kluis van de kerk opgeslagen en als hij bezig is al het geld te pakken, wordt hij betrapt door de pastoor. Die luistert naar het relaas van Martien en zegt dat hij het geld mag meenemen, op één voorwaarde: wat overblijft moet terug naar de boeren. Martien belooft het en gaat met het geld snel naar huis waar hij het verstopt.

De volgende dag komt de schout achter de roof en die besluit dat de pastoor de dader moet zijn. Martien schrikt hier erg van als hij het hoort en wil de roof bekennen. Oom Lei zegt dat hij zich geen zorgen hoeft te maken en dat de pastoor bevrijd zal worden.

De pastoor wordt schuldig bevonden en ter dood veroordeeld. Bij de terechtstelling krijgt Martien het moeilijk en wil bekennen. Juist als hij dat zal gaan doen verschijnt de Zwarte Kapitein van de Bokkenrijders ten tonele. Die bevrijdt de pastoor. Martien is opgelucht. Thuis blijkt echter dat het geld niet meer op de geheime plek ligt. Hij verdenkt zijn oom Lei ervan het te hebben meegenomen. Martien confronteert hem ermee, maar krijgt niks anders dan raadsels van zijn oom te horen: "Wat lood is zal goud worden, en wat goud is zal lood worden."

De Zwarte Kapitein heeft de pastoor naar een veilige schuilplaats gebracht, waar hij wordt verzorgd door de chirurg uit het dorp, dr. Kirchhoffs. De pastoor vertelt aan de Zwarte Kapitein dat hij het geld niet heeft, maar Martien en wat Martien ermee van plan is. De Kapitein besluit Martien te helpen, al houden de Bokkenrijders zelf ook een deel.

De Bokkenrijders gaan dus ook op zoek naar het geld, en als ze een gouden bok vinden bij Lei, lijkt het erop dat ze het gevonden hebben. Ze worden echter betrapt door de schout en een paar worden opgepakt, maar de Zwarte Kapitein kan gelukkig ontkomen.

De schout organiseert een grote terechtstelling, overtuigd dat de Zwarte Kapitein zal proberen zijn mannen van de galg te redden. Hij verdenkt dr. Kirchhoffs ervan de Kapitein te zijn en nodigt de dokter expliciet uit om de terechtstelling bij te wonen.

Als Kirchhoffs de pastoor weer gaat verzorgen, bekent hij hem inderdaad de Zwarte Kapitein te zijn en legt zijn dilemma uit. Hij bekent ook zijn identiteit aan Anna, een vrouw van wie hij kruiden krijgt voor zijn medicijnen en voor wie hij een zwak heeft. Anna besluit dat de pastoor zich moet vermommen als Zwarte Kapitein, zodat Kirchhoffs als gast van de schout er gewoon bij kan zijn. Het lukt ze de schout te overmeesteren en de gevangen Bokkenrijders te bevrijden.

Ze vinden uiteindelijk het geld bij de kanunnik. Lei heeft namelijk zijn klok gerepareerd en ondertussen de loden gewichten vervangen door gouden (het omgesmolten geld). De raadsels blijken waar te zijn: lood wordt goud en andersom en "Onder de vleugels van een engel, wacht het goud de uren af". De serie eindigt met Martien en zijn zusje, op weg naar de Witte Bergen, samen met de zigeuners. Ze krijgen nog een afscheidsgroet van de Zwarte Kapitein.

Rolverdeling[bewerken]