De avonturen van Kuifje

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
De avonturen van Kuifje
Les Aventures de Tintin
De avonturen van Kuifje
Land van oorsprong Vlag van België België
Oorspronkelijke taal Frans
Genre Avonturenstrip
Creatieteam
Schrijver(s) Hergé
Tekenaar(s) Hergé, met bijdragen van onder anderen Bob De Moor, Jacques Martin, Edgar P. Jacobs en Roger Leloup
Publicatie
Uitgever Le Vingtième Siècle
Casterman
Publicatie 1929–1983
Publicatiemedia Kranten, tijdschriften, stripboeken
Huidige status Gestopt
Eerste publicatie Kuifje in het land van de Sovjets
Laatste publicatie Kuifje en de Alfa-kunst
Voorafgegaan door Totor, P.L. van de Meikevers
Website
Portaal  Portaalicoon   Strip
Muurschildering in de Brusselse metrohalte Stockel, ontworpen door Hergé zelf.

De avonturen van Kuifje (Frans: Les Aventures de Tintin) is een stripreeks over de fictieve reporter Kuifje, getekend door de Belgische scenarist en striptekenaar Hergé (1907-1983). De reeks startte als krantenstrip in 1929 en het eerste album verscheen in 1930. De reeks verscheen ook in weekbladen. Het eerste Nederlandstalige album verscheen in 1946. Van een aantal albums werden in de loop der jaren vernieuwde versies uitgegeven. In 2019, bij het 90-jarig jubileum van de strip, waren Kuifje-albums verschenen in meer dan 110 talen en dialecten en waren er wereldwijd in totaal meer dan 275 miljoen albums verkocht.[1]

Geschiedenis[bewerken | brontekst bewerken]

Kuifje begon als stripverhaal in Le Petit Vingtième, de jongerenbijlage van de rooms-katholieke krant Le Vingtième Siècle, met het verhaal van Kuifje in het land van de Sovjets. Als rooms-katholiek dagblad was de Siècle sterk gekant tegen het communisme en de parodie op de Sovjets moet in dat licht gezien worden. Zo laat een Russische communist in het album aan westerse communisten zien hoe goed de fabrieken in de Sovjet-Unie draaien. Kuifje gaat de zaak van naderbij bekijken en ontdekt dat de rook uit de schoorstenen komt van gestapeld hooi dat verbrand wordt.

Hergés carrière als stripauteur werd in de beginjaren in grote mate aangestuurd door de Waalse priester en algemeen directeur van Le Vingtième Siècle, Norbert Wallez. Hij gaf Hergé de opdracht om een strip te maken over een deugdzame puber en zijn hond, en bepaalde dat het eerste verhaal zich diende af te spelen in de Sovjet-Unie en het tweede in Belgisch-Congo. Wallez, zichzelf als medeauteur beschouwend, streek de helft van de auteursrechten op van Hergés eerste albums.[2]

Hergé beweerde dat Kuifje in de beginjaren onbewust op zijn broer Paul gebaseerd was. Kuifje kreeg Pauls kuif, leeftijd (16-17), houdingen, gebaren en karakter. Het beroep van avontuurlijke reporter was geïnspireerd op de Franse journalist Albert Londres.[3] Al voor het ontstaan van Kuifje had de tekenaar een duo bedacht, bestaande uit een jongeman en een hondje. Er is slechts een klein verschil tussen de figuur en de naam van Totor, P.L. van de Meikevers, zijn allereerste ballonstrip die hij in december 1928 voor het Belgische satirische weekblad Le Sifflet maakte, en die van Kuifje (Tintin).

De eerste verhalen van Kuifje weerspiegelen in grote mate de denkbeelden van het katholieke burgerlijke milieu waarin Hergé zich destijds bevond met sterk stereotiepe karakters. Zo bevat het tweede en derde verhaal, respectievelijk Kuifje in Congo en Kuifje in Amerika, nog veel scènes en grappen die paternalistisch en/of racistisch overkomen. Het album De Blauwe Lotus is het eerste album waarvoor Hergé meer achtergrondstudie doet met het doel om een realistischer beeld te creëren van andere landen en volken, in dit geval China. Ook uit de tekenstijl blijkt dat Hergé met dit album een grote stap maakt in zijn artistieke ontwikkeling. De achtergronden zijn gedetailleerder en hij maakt meer gebruik van verschillende perspectieven. Hergé’s hang naar realistische achtergronden en kloppende details in de Kuifje-reeks zou gedurende de jaren alleen nog maar sterker worden. Deze zorgvuldigheid werd Hergés handelsmerk.[4]

In de verhalen voorafgaand aan de Tweede Wereldoorlog hanteerde Hergé doorgaans de stijlvorm van politieke satire. Onder de Duitse bezetting van België werd dit te gevaarlijk, waardoor Hergé het verhaal Kuifje en het Zwarte Goud halverwege moest afbreken. In 1940 werd Le Petit Vingtième opgeheven. Kuifje verscheen vanaf dat jaar in Le Soir, een krant die werd uitgegeven onder auspiciën van de bezetter. In de verhalen die Hergé in deze periode zou maken, moest hij zijn uiterste best doen om niemand tegen het hoofd te stoten. In de eerste krantenversie van het verhaal De geheimzinnige ster worden een aantal Joodse karakters opgevoerd die geheel in overeenstemming zijn met de antisemitische signatuur van de “gestolen Le Soir”.[5] De daaropvolgende verhalen hebben een meer neutrale uitstraling. Juist deze verhalen, waaronder Het geheim van de Eenhoorn en De schat van Scharlaken Rackham, waarin de politieke satire ontbreekt, behoren nog steeds tot de best verkochte Kuifje-albums.[6]

Met het einde van de oorlog werd de strip stopgezet. Hergé werd van collaboratie met de nazi's beschuldigd. Na de bevrijding van Brussel op 3 september 1944 werd hij door verschillende verzetsgroepen tot vier keer toe opgepakt en weer vrijgelaten. In 1946 werd Hergé min of meer gerehabiliteerd door uitgever en voormalig verzetsheld Raymond Leblanc die Kuifje opnieuw liet verschijnen, nu in een eigen stripblad.

Vanaf 1950, toen de strip in de details van de tekeningen steeds realistischer werd, liet Hergé zich assisteren door een aantal tekenaars en coloristen binnen een eigen studio (Studios Hergé) om zo voldoende pagina's per week te kunnen produceren. Hergé tekende nog wel alle personages.

Het album Kuifje in Tibet uit 1960 was Hergés meest persoonlijke album en tevens zijn persoonlijk favoriet.[7][8] Het daaropvolgende album De juwelen van Bianca Castafiore uit 1963 werd een meer volwassen Kuifje-verhaal zonder echte slechteriken, reis of avontuur. Toch beschouwen veel critici juist dit album als het beste in de reeks.[9] Vanaf de jaren zestig werd Hergé minder productief. Na 1963 zouden tot 1976 nog slechts twee nieuwe albums verschijnen.

Na Hergés overlijden in 1983 verschenen postuum de schetsen van een laatste onvoltooid album, Kuifje en de Alfa-kunst. Hergé had te kennen gegeven dat hij de wens had dat er geen nieuwe Kuifje-avonturen zouden verschijnen na zijn dood.

Inhoud en thema's[bewerken | brontekst bewerken]

Stripmuur in Brussel.

Hergé verwees in zijn Kuifje-albums vaak naar actuele gebeurtenissen. In De Blauwe Lotus wordt verwezen naar het spoorwegincident bij Moekden in augustus 1931, het bestaan van de Internationale Concessie van Shanghai en het vertrek van Japan uit de Volkenbond in 1933. Verder zijn de verhalen doorspekt met verwijzingen naar en parodieën op historische gebeurtenissen uit de twintigste eeuw. Zo is de oorlog om het gebied Gran Chapo tussen San Theodoros en Nuevo Rico in het album Het gebroken oor gebaseerd op de Chaco-oorlog tussen Bolivia en Paraguay. De scepter van Ottokar (1939) kan gelezen worden als een parodie op de Anschluss van Oostenrijk bij nazi-Duitsland. Onder meer de naam van de Bordurische leider, Müsstler, verwijst daar naar: het is een combinatie van Hitler en Mussolini.

Met De scepter van Ottokar oefende Hergé vooral onderhuidse kritiek uit op het Duitse rijk in wording. De geheimzinnige ster (1942) zorgde voor heel wat controverse. Het verscheen in volle oorlogstijd. De oorspronkelijke versie van het verhaal viel vooral op doordat de antagonisten oorspronkelijk onder de Amerikaanse vlag opereerden en geleid werden door een Jood genaamd Blumenstein. Bij een na de oorlog herziene versie van het verhaal werd Amerika vervangen door het fictieve São Rico. Ook de man achter de geldzuchtige operatie krijgt nu de in Hergés oren minder Joods klinkende naam Bohlwinkel (een verwijzing naar het Brusselse "bollewinkel", wat snoepwinkel betekent). Wat Hergé toen niet wist, is dat ook Bohlwinkel een veel voorkomende Joodse naam is.

In de allereerste versie van Kuifje en het Zwarte Goud werd verwezen naar de oorlogsdreiging in 1939. Toen Hergé dit verhaal na de Tweede Wereldoorlog voltooide, werd de plaats waar het conflict zich afspeelt verplaatst naar het Palestina van die tijd, waar destijds onder de ogen van het Britse mandaatbestuur, Joodse en Palestijnse verzetsgroepen elkaar bestreden. Later zijn er opnieuw aangepaste versies van dit verhaal uitgekomen, waarin alle verwijzingen naar het Joods-Palestijnse conflict zijn verwijderd.

Hergés visie op de ruimtevaart komt tot uiting in een lang verhaal dat de albums Raket naar de maan (1953) en Mannen op de maan (1954) beslaat. Aan de totstandkoming van dit verhaal ging een uitgebreide studie van de modernste wetenschappelijke inzichten vooraf. Het maken van de twee albums nam zes jaar in beslag. De raket waarmee de hoofdpersonen naar de maan reizen is gebaseerd op de door de Duitsers in de Tweede Wereldoorlog ontwikkelde V2-raket.

In De zaak Zonnebloem (1956) maakte Hergé een parodie op dictatoriale regimes in het algemeen, en op (de satellietstaten van) de Sovjet-Unie in het bijzonder. Bordurië, het fictieve land waar het voornoemde verhaal zich voor een deel afspeelt, wordt beheerst door uniformen met een rode schouderband met witte cirkel en zwart embleem in de vorm van een snor.

Het laatste voltooide album in de serie, Kuifje en de Picaro's, schetst een karikatuur van Zuid-Amerika en zijn kenmerkende revoluties. In dit verhaal weet Kuifje generaal Alcazar ertoe te bewegen geen executies te laten plaatsvinden als hij aan de macht komt. Alcazar laat duidelijk merken dat hij het hier niet mee eens is. Aan het eind geeft zelfs generaal Tapioca (die geëxecuteerd zou moeten worden) toe dat hij dit een belediging van de San-Theodoraanse cultuur vindt.

Afgezien van een aantal fictieve staten kent Kuifje ook enkele fictieve talen. Hiervan zijn vooral het Syldavisch en de taal van de Arumbaya-indianen vaandeldragers. In beide gevallen worden voortdurend elementen uit het Brusselse stadsdialect, het Marols, in een Slavisch respectievelijk indiaans jasje gestoken.

Albums[bewerken | brontekst bewerken]

Lijst van albums[bewerken | brontekst bewerken]

De hoofdreeks van De avonturen van Kuifje bestaat uit 24 albums, inclusief het pas laat in het Nederlands uitgegeven eerste verhaal Kuifje in het land van de Sovjets en het onvoltooide album Kuifje en de Alfa-kunst.

Nr. Originele Nederlandse titel Originele Franse titel Le Petit Vingtième Le Soir Weekblad Kuifje Album (eerste druk, Frans) Kleuren (eerste albumdruk) Vernieuwde versie
1 Kuifje in het land van de Sovjets Les aventures de Tintin, reporter du Petit "Vingtième", au pays des soviets[10] 1929-30 1930 zwart-wit 2017[11]
2 Kuifje in Congo[12] Les aventures de Tintin, reporter du Petit "Vingtième" au Congo[10] 1930-31 1931 zwart-wit 1946, 1975*
3 Kuifje in Amerika Les aventures de Tintin, reporter du Petit "Vingtième", en Amérique[10] 1931-32 1932 zwart-wit 1945, 1973*
4 De sigaren van de farao Les cigares du pharaon 1932-34 1934 zwart-wit 1955
5 De Blauwe Lotus Le Lotus Bleu 1934-35 1936 zwart-wit 1946
6 Het gebroken oor L'oreille cassée 1935-37 1937 zwart-wit 1943
7 De Zwarte Rotsen L'île noire 1937-38 1965-66 (3e versie) 1938 zwart-wit 1943, 1966
8 De scepter van Ottokar Le sceptre d'Ottokar 1938-39 1939 zwart-wit 1947
9 De krab met de gulden scharen Le crabe aux pinces d'or 1940-41 1941 zwart-wit 1943, 1963*
10 De geheimzinnige ster L'étoile mystérieuse 1941-42 (zwart-wit) 1991 (2e versie) 1942 kleur 1954*
11 Het geheim van de Eenhoorn Le secret de la Licorne 1942-43 1943 kleur
12 De schat van Scharlaken Rackham Le trésor de Rackham le Rouge 1943 1944 kleur
13 De 7 kristallen bollen Les 7 boules de cristal 1943-44 1948 kleur
14 De zonnetempel Le temple du soleil 1946-48 1949 kleur
15 Kuifje en het Zwarte Goud Tintin au pays de l'or noir 1939-40** 1948-50 1950 kleur 1972
16 Raket naar de maan Objectif lune 1950, 1952 1953 kleur
17 Mannen op de maan On a marché sur la lune 1952-53 1954 kleur
18 De zaak Zonnebloem L'affaire Tournesol 1954-56 1956 kleur
19 Cokes in voorraad Coke en stock 1956-58 1958 kleur
20 Kuifje in Tibet Tintin au Tibet 1958-59 1960 kleur
21 De juwelen van Bianca Castafiore Les bijoux de la Castafiore 1961-62 1963 kleur
22 Vlucht 714[13] Vol 714 pour Sydney 1966-67 1968 kleur
23 Kuifje en de Picaro's Tintin et les Picaros 1975-76 1976 kleur
24 Kuifje en de Alfa-kunst Tintin et l'Alph-art 1986 (onvoltooid) 2004

(*) Subtiele wijzigingen. (**) Niet afgemaakt in 1940.

  • Sinds 1976 wordt op de achterkant van elk album de verschillende kaften van de titels gedrukt. Voorheen was dit een lijst van de titels met daaromheen Kuifje, kapitein Haddock, professor Zonnebloem en andere bekende creaties van Hergé.
  • In de jaren 70 en 80 werd de nieuwe Nederlandse vertaling van de albums op de markt gebracht.
  • Naast Kuifje en de Alfa-kunst is er ook het onvoltooide verhaal Kuifje en de Thermozero. Dit verhaal is echter nooit als album uitgebracht.

Versies in Nederlandstalige dialecten[bewerken | brontekst bewerken]

Titel in het dialect Jaar Dialect Titel in het Algemeen Nederlands
De bijous van de Castafiore 2004 Brussels De juwelen van Bianca Castafiore
Et gehaaim van de Licorne 2005 Brussels Het geheim van de Eenhoorn
De schat van Rackham de ruue 2006 Brussels De schat van Scharlaken Rackham
Et doenker ejland 2007 Oostends De Zwarte Rotsen
De juwiejele van Bianca Castafiore 2008 Antwerps De juwelen van Bianca Castafiore
Et radsel van den Ainhoorn 2009 Oostends Het geheim van de Eenhoorn
De sjhat van sjhetterrooje Rackham 2009 Oostends De schat van Scharlaken Rackham
Manne obbe moan 2009 Hasselts Mannen op de maan
Eut gaaim van den Iejenoare 2011 Antwerps Het geheim van de Eenhoorn
De schat van roeie Rackham 2011 Antwerps De schat van Scharlaken Rackham
De biezjoes van Bianca Castafiore 2012 Gents De juwelen van Bianca Castafiore
Die krabbe met de goudne skoar'n 2013 Kortrijks De krab met de gulden scharen

Andere albums[bewerken | brontekst bewerken]

De volgende albums zijn niet zelf door Hergé gemaakt, maar door Studio Hergé (Hergé Foundation) samengesteld en ingedeeld op basis van de filmbeelden waar de albums op zijn gebaseerd.

Album Originele Franse titel Album (eerste druk) Kleuren (eerste albumdruk) Vernieuwde versie
Kuifje en het geheim van het Gulden Vlies* Tintin et le mystère de la Toison d'or 1962[14] kleur
Kuifje en de blauwe sinaasappels* Tintin et les oranges bleues 1965[15] kleur
Kuifje en het Haaienmeer Tintin et le Lac aux requins 1972[16] kleur 1973[17]
Kuifje naar de film De zonnetempel* Tintin et le temple du soleil 1976[18] kleur

(*) Uit de handel

Voor de film Het geheim van de Eenhoorn uit 2011 verschenen onder meer de volgende boeken:

Titel Verschenen Opmerking
Het geheim van de eenhoorn 2011 Spelletjes, raadsels en stickers.
Het geheim van de eenhoorn 2011 Roman.
Opgelet voor de pickpocket 2011 Een onderzoek uit de film.
De ontsnapping uit de Karaboudjan 2011 Een verhaal uit de film.
Het geheim van Kapitein Haddock 2011 Een verhaal uit de film.
Het album van de film 2011 Geïllustreerd met scenefoto's, waarbij het avontuur in tekstvorm kort wordt naverteld. Verkrijgbaar als paperback en hardcover.
MOVIeALBUM[19] 2012 Volledig album van de film met meer dan 700 originele beelden met tekstballonnen. Verkrijgbaar als paperback en hardcover.

Kuifjebewerkingen[bewerken | brontekst bewerken]

Titel Jaar Medium Nederlandse release Opmerking
Tintin aux Indes
(Kuifje in India)
1941 toneelstuk nooit vertoond Toneelstuk in drie aktes, geschreven door Hergé en Jacques van Melkebeke, opgevoerd vanaf 15 april 1941 in het Théâtre Royal des Galeries in Brussel (ook bekend als Het mysterie van de blauwe diamant)[20]
Monsieur Boullock a disparu
(Meneer Boullock is verdwenen)
1941 toneelstuk nooit vertoond Toneelstuk in drie aktes, geschreven door Hergé en Jacques van Melkebeke, opgevoerd op 26, 29 en 30 december 1941 en 3 en 8 januari 1942 in het Théâtre Royal des Galeries in Brussel[21]
Le Crabe aux pinces d'or[22] 1947 stop-motionfilm nooit vertoond Gebaseerd op het album De krab met de gulden scharen
Hergé's avonturen van Kuifje 1959-1964 tekenfilmserie 1977-1978 Zeven door Belvision verfilmde verhalen, elk in dertien afleveringen van telkens vijf minuten
Kuifje en het geheim van het Gulden Vlies 1961 liveaction 11 september 1975 Langspeelfilm, geregisseerd door Jean-Jacques Vierne
Kuifje en de blauwe sinaasappels 1964 liveaction 29 januari 1976 Langspeelfilm, geregisseerd door Philippe Condroyer
De zonnetempel 1969 tekenfilm 30 juli 1970 Lange tekenfilm door Belvision, gebaseerd op de albums De 7 kristallen bollen en De zonnetempel
Tintin et la SGM
(Kuifje en de SGM)[23]
1969 tekenfilm nooit vertoond Promotiemateriaal voor de Société Générale des Minerais
Kuifje en het Haaienmeer 1972 tekenfilm 27 juni 1974 Tweede lange tekenfilm door Belvision
Reclamecampagne voor Fruit d’Or[24] 1974-1989 tekenfilm nooit vertoond Serie van reclamespots voor zonnebloemolie, mayonaise en margarine van het merk Fruit d’Or met professor Zonnebloem in de hoofdrol
Tintin on the moon 1989 computerspel Computerspel voor Commodore 64, Amiga en Atari ST, gebaseerd op Raket naar de Maan
Kuifje in Tibet 1995 computerspel Computerspel voor Game Gear, Game Boy, Sega Game Gear, Sega Mega Drive, Super NES (1996) en Game Boy Color (2001).
De zonnetempel 1997 computerspel Computerspel voor Windows, MS-DOS, SNES (1997), Game Boy (1997), Game Boy Color (2000)
Kuifje avontuur onbekend 2001 computerspel Computerspel voor Windows, PlayStation.
Kuifje: De Zonnetempel 2001 en 2007 musical Gebaseerd op de albums De 7 kristallen bollen en De zonnetempel
The Adventures of Tintin: The Secret of the Unicorn 2011 3D-animatiefilm 26 oktober 2011 Animatiefilm, geregiseerd door Steven Spielberg en gebaseerd op de albums De krab met de gulden scharen en Het geheim van de Eenhoorn
The Adventures of Tintin: The Secret of the Unicorn 2011 computerspel Computerspel voor Windows, iOS, Google Android, Nintendo 3DS, PlayStation 3, Wii, Xbox 360.

Personages[bewerken | brontekst bewerken]

Stripmuur in het Brusselse metrostation Stokkel waar een aantal hoofd- en nevenpersonages uit de Kuifje-stripreeks zijn uitgebeeld.

Hoofdpersonages[bewerken | brontekst bewerken]

De hoofdpersonages zijn Kuifje, Bobbie, Kapitein Haddock, Jansen, Janssen en Professor Zonnebloem. Sommigen rekenen ook Bianca Castafiore tot de hoofdpersonages.

Belangrijke bijfiguren en terugkerende personages[bewerken | brontekst bewerken]

Vanaf het album De zeven kristallen bollen maakt Hergé regelmatig gebruik van terugkerende personages naast de hoofdpersonages. Soms werden personages met terugwerkende kracht toegevoegd aan aangepaste versies van eerdere verhalen, zoals Jansen en Janssen in Kuifje in Afrika en Allan Thompson in De sigaren van de farao. Belangrijke bijfiguren zijn Bianca Castafiore, Generaal Alcazar, Nestor, Roberto Rastapopoulos, Dokter Müller, Serafijn Lampion en Allan Thompson.

Andere terugkerende personages in de albums zijn Oliveira da Figueira, Tchang, J.M. Dawson, Pablo, Ridgewell, Kolonel Jorgen, Igor Wagner, professor Kwartier (professor Paul Cantonneau), Abdoellah, Emir Mohammed Ben Kalisj Ezab, Kolonel Sponsz, Irma en Pjotr Szut (Pjotr Sztick). Ivan Ivanovitch Sakharine uit Het geheim van de Eenhoorn, W.R. Gibbons uit De Blauwe Lotus en R.W. Chicklet uit Het gebroken oor keerden terug in het laatste (onafgemaakte) album van Kuifje. Generaal Tapioca speelt in enkele albums vooral een rol achter de schermen.

Overzicht van terugkerende personages in albums[bewerken | brontekst bewerken]

Een grijze ✓ slaat op een voorkomen vanaf een herziene uitgave.

Personage Albumnummer
1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24
Kuifje
Bobbie
Jansen en Janssen
Kapitein Haddock
Professor Zonnebloem
Bianca Castafiore
Nestor
Serafijn Lampion
Roberto Rastapopoulos
Igor Wagner
Allan Thompson
Generaal Alcazar
Oliveira da Figueira
Dokter Müller
Professor Kwartier
Emir Mohammed Ben Kalisj Ezab
Abdoellah
Irma
J.M. Dawson
Tchang
W.R. Gibbons
Pablo
Ridgewell
R.W. Chicklet
Kolonel Jorgen
Ivan Ivanovitch Sakharine
Kolonel Sponsz
Pjotr Szut

Historische personages[bewerken | brontekst bewerken]

Het enige historische personage dat voorkomt in de Kuifje-avonturen is de gangster Al Capone in Kuifje in Amerika.

In De Blauwe Lotus wordt de Belgische veldloper Victor Honorez geportretteerd in een fictief bioscoopjournaal. Hij krijgt van Hergé de naam Honorat.

De persoon Basil Bazaroff in Het gebroken oor is gebaseerd op de Griekse wapenhandelaar Basil Zaharoff (1849-1936).

Invloed[bewerken | brontekst bewerken]

Graffiti van Kuifje en Bobbie

De stripserie Kuifje is van grote invloed geweest op de ontwikkeling van de Europese strip en kent veel navolging. Enkele series die duidelijke overeenkomsten vertonen:

Verwijzingen in andere stripreeksen[bewerken | brontekst bewerken]

Personages uit De avonturen van Kuifje of verwijzingen naar de strip duiken af en toe in andere stripreeks:

Parodieën[bewerken | brontekst bewerken]

Er zijn vele parodieën op Kuifje gemaakt, meestal met een politieke of seksuele inhoud. Tegen deze parodieën wordt doorgaans sterk opgetreden door de erven Hergé. Een voorbeeld hiervan betreft een zaak tussen de Deense kunstenaar Ole Ahlberg en de erven Hergé, welke in 2010 tot bij het Hof van Cassatie werd uitgevochten.[27]

Enkele parodieën:

  • Filip Denis (als Efdé), Kuifje in Zwitserland (1978)
  • Jan Bucquoy, Een jonge reporter aan de rol (1982)
  • Martin Lodewijk (als W. Vandersteen), Kuifje in El Salvador (1983)
  • Anoniem, Kuifje en de vervalsers (1983)
  • Charles Callico en Claude Huart, Kuifje in Parijs (1984)
  • Jack Daniels (pseudoniem), Breaking free (1989)
  • Jan Bucquoy, Het Sexuele Leven Van Kuifje, deel 1 en 2 (1992)
  • Onbekend, Het geheim van Molensloot[28]

Erkenning[bewerken | brontekst bewerken]

  • Van 20 tot en met 23 juli 2005 werd in Brussel een Kuifje-festival gehouden. Ter gelegenheid hiervan werd in de Stoofstraat, nabij de Grote Markt, een fresco aangebracht.
  • Op 14 mei 2007 bracht bpost, het Belgisch postbedrijf, een vel postzegels uit met daarop de Kuifje-albums.
  • De Belgische staat heeft in 2007 een speciale munt van 20 euro uitgegeven, als eerbetoon aan de grootste succestekenaar die het land ooit kende.

Tintinofiel[bewerken | brontekst bewerken]

Experts van de avonturen van Kuifje, over zowel de inhoud als de achtergronden, worden tintinofielen genoemd. Wereldwijd zijn er diverse fanclubs van de avonturen van Kuifje. In Nederland is het Hergé Genootschap actief, in België is er Les Amis de Hergé. Een bekend Belgisch tintinofiel en Kuifje-verzamelaar was Stéphane Steeman.

Marktwaarde[bewerken | brontekst bewerken]

Eerstedrukuitgaven en originele tekeningen zijn begeerd bij verzamelaars en halen hoge prijzen. Zo ging in 2008 een originele gouache van de eerste Kuifje-cover voor 650.000 euro van de hand.[29] In juni 2009 werden twee originele zwart-wituitgaven van Kuifje voor elk 12.000 euro geveild. Het betrof exemplaren van Kuifje in het land van de Sovjets (1930) en De sigaren van de Farao (1942).[30] In 2015 bracht een exemplaar van Kuifje in het land van de Sovjets op een veiling 30.000 euro op.[31] In 2012 werd een gouache van de eerste omslag van Kuifje in Amerika verkocht voor meer dan 1,1 miljoen euro (met kosten meer dan 1,3 miljoen)[32][33] en in 2014 werd een door Hergé in 1937 getekende plaat van Kuifje geveild voor 2,5 miljoen euro, de hoogste prijs ooit betaald voor een stripobject. Het gaat om een dubbele pagina getekend in Oost-Indische inkt die werd gebruikt voor de binnenkant van de kaften van de Kuifje-albums die tussen 1937 en 1958 zijn verschenen. In 2018 werd een aquarel die dienstdeed als covertekening van Le Petit Vingtième in 1939 geveild voor 629.000 euro.[34] Een originele tekening die werd gebruikt in het album Kuifje in het land van de Sovjets, bracht op een veiling in 2019 1,12 miljoen Amerikaanse dollar op.[35] In januari 2021 werd een door uitgeverij Casterman afgewezen coverontwerp voor De Blauwe Lotus geveild voor 3,175 miljoen euro (inclusief veilingkosten), een wereldrecord binnen de Europese strip.[36]

Externe links[bewerken | brontekst bewerken]

Op andere Wikimedia-projecten