De graaf van Monte-Cristo

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
De graaf van Monte-Cristo
Louis Français-Dantès sur son rocher.jpg
Oorspronkelijke titel Le Comte de Monte-Cristo
Auteur(s) Alexandre Dumas
Vertaler Paul Schultink
Land Frankrijk
Taal Frans
Reeks/serie Historische roman
Uitgever Van Holkema & Warendorf, Bussum; Standaard Uitgeverij, Antwerpen
Pagina's 937
ISBN-code 9026978898
Portaal  Portaalicoon   Literatuur

De graaf van Monte-Cristo (originele Franse titel: Le Comte de Monte-Cristo) is een roman van Alexandre Dumas uit 1844. Centraal staan de lotgevallen van Edmond Dantès die, na eerst veertien jaar onschuldig opgesloten te hebben gezeten op grond van een valse verdachtmaking, een verborgen fortuin vindt op het eiland Montecristo waarna hij met zijn verworven rijkdom wraak neemt op degenen die hem dit leed hebben aangedaan.

Het verhaal begint ten tijde van de Honderd Dagen. Het bestaat uit zes afzonderlijke delen die in onderlinge samenhang dienen te worden gelezen. De rode draad door het hele verhaal heen is de gevangenneming van Dantès, gevolgd door zijn jarenlange verblijf in een kerker van het Château d'If, zijn ontsnapping en ten slotte de wraakneming. Daarnaast zijn er allerlei min of meer onderling samenhangende secundaire verhaallijnen met betrekking tot de overige personages.

Het verhaal is los gebaseerd op een waargebeurd verhaal over de lotgevallen van de Franse schoenmaker Pierre Picaud.[1]

Het verhaal[bewerken]

Leeswaarschuwing: Onderstaande tekst bevat details over de inhoud en/of de afloop van het verhaal.

Valse beschuldiging[bewerken]

De Zesde Coalitieoorlog is net afgelopen. Edmond Dantès is een levenslustige jongeman van 19 jaar, die nu al stuurman is op de driemaster le Pharaon. Het geluk lacht hem van alle kanten toe. Hij is een kundig zeeman, hij is geliefd bij de matrozen en reder Pierre Morrel is tevreden over hem en overweegt hem binnenkort tot kapitein te bevorderen. Bovendien gaat Dantès trouwen met de mooie en lieve Catalaanse Mercedes.

Het geluk van Edmond leidt inmiddels tot jaloezie bij zijn vrienden. De boekhouder van le Pharaon, Danglars, voelt zich vernederd door de aanstaande promotie van Edmond; hij had zelf graag kapitein willen worden. Het loon van Edmond, waarmee hij zijn oude vader onderhoudt, leidt tot jaloezie bij Gaspard Caderousse, de buurman van Edmonds vader. Edmonds relatie en het voorgenomen huwelijk leiden ook tot jaloezie bij Fernando Mondego, de volle neef van Mercedes. Fernando is zelf ook smoorverliefd op Mercedes, maar zij heeft haar hart aan Edmond gegeven. Danglars schrijft, in het bijzijn van Fernando en de dronken Caderousse, een anonieme brief aan procureur Gérard de Villefort waarin Dantès ervan wordt beticht een Bonapartist te zijn.

Château d’If, op een eiland voor de kust van Marseille

Dantès wordt op zijn huwelijksdag, 1 maart 1815, gearresteerd. Het blijkt dat hij een brief bij zich heeft die hij op Elba in ontvangst heeft genomen en die bij een zekere Noirtier in Parijs moet worden bezorgd, met het verzoek voorbereidingen te treffen voor de terugkeer van Napoleon. De Villefort voorziet dat de brief hem een glorieuze carrière kan bezorgen, maar dan moet Dantès uit de weg worden geruimd. Hij laat Dantès levenslang opsluiten in het Château d'If.

De cel van Edmond Dantès in Château d'If

In de gevangenis ontmoet Dantès de Italiaanse priester abbé Faria, die ook onschuldig gevangen zit. Faria is een zeer intelligente en ontwikkelde man. Uit de schaarse gegevens concludeert hij waarom Dantès gevangen zit. Edmond wordt intussen door Faria onderwezen in vreemde talen, geschiedenis, economie, filosofie en wiskunde. Ook leert Dantès de vigerende etiquette en hoe hij weer zelfvertrouwen moet krijgen en zich verder moet ontwikkelen. Maar Faria weet meer: kort voor zijn gevangenneming vond hij een 300 jaar oud document waarin stond dat op het eiland Montecristo een fabelachtige schat verborgen is. Die schat is ooit verborgen door de familie De Spade; die familie is nu uitgestorven en hun schat behoort daarom aan de eerste vinder.

1829[bewerken]

Faria overlijdt en Dantès slaagt erin te ontsnappen. Hij gaat naar Montecristo en graaft de schat op. Hij is nu puissant rijk.

Dantès gaat terug naar zijn geboorteplaats Marseille. Hij vermomt zich als priester en noemt zich abbé Busoni. In deze vermomming heeft hij een gesprek met Caderousse. Hij hoort dat de goede reder Morrel voor een pensioen en later de begrafenis van vader Dantès heeft gezorgd. Morrel staat nu op de rand van faillissement. Zijn schip le Pharaon is vergaan. Danglars, Fernando en De Villefort hebben fortuin gemaakt en wonen nu in Parijs. Fernando is getrouwd met Mercedes.

Enkele dagen later gaat Dantès naar Morrel. Hij zorgt ervoor dat Morrel een klein vermogen ontvangt van een onbekende gever, kennelijk als dank omdat Morrel de vader van Dantès heeft verzorgd. Bovendien laat hij een replica bouwen van le Pharaon, zodat het lijkt of het schip nooit vergaan is. Daarmee is Morrel gered. Morrel zal later, op zijn sterfbed, zeggen dat de weldoener alleen Edmond Dantès had kunnen zijn.

1838[bewerken]

Na negen jaar omzwervingen gaat Dantès naar Parijs. Na al die jaren herkent niemand hem meer. Hij noemt zich nu de graaf van Monte-Cristo, een mysterieuze edelman met een luxueuze levensstijl. Hij spreidt zijn rijkdom ten toon door twee paleizen te kopen die in korte tijd naar wens ingericht worden, door een diner te serveren waarbij vissen op tafel komen die alleen in verre landen voorkomen en door met recordsnelheid te reizen met langs de route ingerichte wisselplaatsen.

Danglars[bewerken]

De graaf gaat naar Danglars, die een succesvolle bankier is geworden. Hij toont kredietbrieven van de Romeinse bank Thomson & French en wenst een substantieel bedrag op te nemen. Danglars moet daar wel aan toegeven om zijn relatie met de Romeinse bank niet te schaden. Daarna koopt de graaf een telegrafist om zodat er een vals beursbericht wordt verstuurd. Danglars verliest op deze wijze een aanzienlijk gedeelte van zijn vermogen.

Fernando[bewerken]

Tijdens zijn omzwervingen heeft Dantès op de markt in Albanië een slavin gekocht. Hij behandelt haar echter allerminst als slavin. Ze heet Haydée en is de dochter van Ali Pasja, de pasja van Ioannina. Ali Pasja’s vertrouweling heette Fernando Mondego. Na een oorlog heeft Mondego Ali Pasja verraden. Ali Pasja werd vermoord en Haydée en haar moeder Vasiliki werden als slaaf verkocht, waarbij Fernando zich meester maakte van het vermogen van Ali Pasja. De graaf van Monte-Cristo verzamelt bewijzen van deze schanddaad en publiceert ze.

Albert, de zoon van Fernando en Mercedes, is woedend en daagt de graaf uit voor een duel. Mercedes komt bij de graaf, ze spreekt hem aan met Edmond (ze herkent hem dus) en smeekt hem het leven van Albert te sparen. De graaf vertelt haar het ware verhaal van de gevangenneming van Dantès. Albert trekt daarop de uitdaging in. Fernando pleegt zelfmoord. Mercedes en Albert vinden dat ze niet mogen leven van een vermogen dat op zo schandelijke manier verworven is. Ze geven hun rijkdom aan liefdadigheid. Albert besluit in Afrika in dienst te gaan en neemt de naam Herrera aan, de naam van zijn moeder. Mercedes gaat terug naar Marseille.

Caderousse[bewerken]

Monte-Cristo's intendant Bertuccio is bekend met een van de huizen van de graaf. Het was vroeger van markies en markiezin de Saint-Méran, de schoonouders van De Villefort, uit zijn eerste huwelijk. Bertuccio heeft toevallig gezien dat De Villefort daar in de tuin een buitenechtelijk kind heeft begraven. Bertuccio groef het kind weer op - het bleek nog te leven - en adopteerde het. Hij noemde hem Benedetto. Benedetto komt in de criminaliteit terecht en heeft nog samen met Caderousse in de gevangenis gezeten. Monte-Cristo geeft Benedetto een nieuwe identiteit - Andrea de Cavalcanti - en een riant inkomen.

Andrea vertelt Caderousse dat het geld bij Monte-Cristo voor het opscheppen ligt. Ze besluiten tot een inbraak. Caderousse zal inbreken terwijl Andrea op de uitkijk staat. Hij wordt betrapt door een oude bekende: pastoor Busoni. Caderousse vertrekt met lege handen en wordt neergestoken door zijn partner, die de buit voor zichzelf wil hebben. Terwijl Caderousse sterft maakt Busoni zijn ware identiteit bekend: Edmond Dantès.

De Villefort[bewerken]

In het huis van Gérard de Villefort slaat de dood toe. De markies en markiezin de Saint-Méran overlijden aan een vergiftiging en daarna is het de beurt aan de huisknecht Barrois, die een glas heeft leeggedronken dat bestemd was voor De Villeforts vader Noirtier. De Villeforts dochter Valentine wordt gered doordat Monte-Cristo het vergif door een slaapmiddel vervangen heeft. De Villefort stelt vast dat zijn vrouw Heloïse de gifmengster is, omdat zij de erfenis voor haar eigen zoontje Édouard veilig wil stellen. Hij geeft haar de keus tussen zelfmoord of de guillotine. Daarna vertrekt hij naar de rechtbank, waar de moord van Andrea op Caderousse behandeld zal worden. Tijdens de zaak maakt Andrea zich bekend: hij is een buitenechtelijk kind van De Villefort en dat toont hij aan. De Villefort gaat naar huis. Zijn vrouw Heloïse blijkt dood te zijn en zij heeft de kleine Édouard meegenomen. De Villefort wordt krankzinnig als hij de graaf van Monte-Cristo herkent als de man die hij meer dan twintig jaar geleden onschuldig heeft laten opsluiten. De Villefort confronteert Dantès met de lijken van zijn vrouw en zoon. Dantès probeert nog, tevergeefs, om Édouard te redden.

De zaken hebben inmiddels dus buitenproportionele gevolgen gehad, meer dan Dantès had voorzien. Hij begint te twijfelen of hij niet te ver is gegaan met zijn wraak nu er een kind is overleden. Tijdens deze periode van besluiteloosheid komt hij weer in evenwicht en vergeeft zichzelf en zijn vijanden.

Danglars[bewerken]

Danglars reist naar Rome om de schuld van Thomson & French te incasseren. Daarna wordt hij ontvoerd door de beruchte struikrover Luigi Vampa - die met Monte-Cristo in het complot zit. Om iets te eten moet hij een absurd hoge prijs betalen. Zo ervaart Danglars nu zelf, net als Dantès vroeger, hoe het is om eenzaam opgesloten te zijn en honger te hebben. Uiteindelijk kiest Danglars voor zijn leven en besluit te betalen in ruil voor een maaltijd. Monte-Cristo vertelt nu ook aan hem wie hij is. Danglars mag hierna vrijuit gaan.

Ontknoping[bewerken]

Voor Dantès is hiermee zijn missie voltooid; hij heeft enerzijds wraak genomen op degenen die hem vroeger zoveel kwaad hebben berokkend, maar ook een paar mensen gelukkig gemaakt. Dantès laat Valentine De Villefort, die inmiddels getrouwd is met Maximilien Morrel, de zoon van de reder, het eiland en zijn woningen na. Hij vertrekt met Haydée om met haar elders een nieuwe toekomst op te bouwen.

Publicatie[bewerken]

De graaf van Monte-Cristo werd oorspronkelijk gepubliceerd in het Journal des Débats in achttien delen. De publicatie liep van 28 augustus 1844 tot 15 januari 1846. Het verhaal werd voor het eerst in boekvorm gepubliceerd in Parijs door Pétion, in 18 volumes (1844-5).[2] Volledige versies van de roman werden in de 19e eeuw ook gedrukt, aanvankelijk alleen in de Franstalige versie.

Karakters[bewerken]

Heel typerend is de karakterverandering die Edmond Dantès doormaakt. Aan het begin van het verhaal is hij een heel vriendelijke, vrolijke en levenslustige jongeman. Tijdens zijn gevangenschap verandert hij volledig in het tegendeel: hij wordt een zwartgallige, cynische en in feite uiterst boosaardige, op wraak beluste persoon.

Vervolgen[bewerken]

Diverse schrijvers hebben vervolgen op het verhaal geschreven, met voor het merendeel dezelfde personages (voor zover die in leven zijn gebleven). Geen enkel vervolg of een van de bewerkingen is echter zo bekend geworden als het oorspronkelijke verhaal van Dumas.

De Franse schrijver Jules Lermina schreef aan het eind van de 19e eeuw Le Fils de Monte-Cristo (Parijs, 1881) – waarin Benedetto op zijn beurt wraak neemt op de graaf van Montecristo – en Le Trésor de Monte-Cristo (1885). In 1994 schreef ook François Tallandier een vervolg, Mémoires de Monte-Cristo. De Amerikaanse auteur Edmund Flagg schreef in 1884 twee vervolgen. De Italiaanse schrijver Italo Calvino maakte in 1967 een eigen bewerking van het oorspronkelijke verhaal.

Bewerkingen[bewerken]

De roman is meerdere malen bewerkt voor film en televisie. Enkele noemenswaardige verfilmingen zijn:

Behalve verfilmingen van het verhaal zelf, heeft het verhaal ook als basis gediend voor enkele andere films:

Een soortgelijke film:

Relaties tussen de belangrijkste personages[bewerken]

Voor de schuine balken, zie legenda bij de stamboom hieronder.

Graaf van Monte-Cristo Giovanni Bertuccio
smokkelaar
←adoptievader - adoptiezoon→ Benedetto
intendant→ ←zwager - schoonzus→ Assunta ←adoptiemoeder - adoptiezoon→
moordenaar→
← doet mislukte moordpoging (vendetta) op → Gérard de Villefort,
Procureur des konings
Edmond Dantès → laat ← levenslang opsluiten op Château d'If
Renée de Saint-Méran ← echtpaar, eerste huwelijk van Villefort →
Heloïse de Villefort, gifmengster ← echtpaar, tweede huwelijk van Villefort ←
Markies van Saint-Méran ←moeder - zoontje→ Édouard ←zoontje - vader→ dokter→ D'Avrigny
←dochter
vader→
←vergiftigd door→ kleinzoontje↑
grootvader↓
↑↓ echtpaar vergiftigd→
door←
Barrois ←huisknecht Noirtier de Villefort
graaf, senator
←vader - zoon→
←dochter
moeder→
Markiezin van Saint-Méran ←vergiftigd door→ ←schoondochter probeert schoonvader→ te vergiftigen ←doodt → in duel Generaal Flavien de Quesnel, baron van Épinay
grootvader↑
kleindochter↓
vader↑
zoon↓
←stiefmoeder, probeert stiefdochter→ te vergiftigen Valentine de Villefort ←uitgehuwelijkt→ Franz d'Épinay
←moeder - dochter→ ←dochter - vader→
Priester Busoni ←redder bij vergiftiging Barones Hermine Danglars-de Servières
←buitenechtelijke relatie→ ←biologische vader, zoon→
Edmond Dantès ←voorkomt zelfmoord Maximilien Morrel, onderluitenant, later kapitein van Spahis ←minnaars→
werkgever→ Pierre Morrel, reder ←vader
zoon→
←biologische moeder, zoon→
Lord Wilmore,
agent van Thomson&French
←bankier, schuldeiser Markies de Nargonne ←echtpaar, 1e huwelijk→ ←geheime relatie→ Lucien Debray, secretaris van binnenlandse zaken Andrea Cavalcanti
Simbad de zeeman ←redder bij faillissement,
←voorkomt zelfmoord
←vader
dochter→
Julie Herbault ←echtpaar→ Emmanuel Herbault ←moeder - dochter→ Eugénie, artieste
boekhouder→ Coclès Luigi Vampa, herder, bandiet ↑↓ echtpaar
←redder van doodstraf
slaaf→
Ali Teresa, herderin ←echtpaar→ ←ontvoerder Baron Danglars, boekhouder, bankier ←vader - dochter→ ←verloofd→
Graaf van Monte-Cristo ←redder van doodstraf Peppino ←bendelid ←ontvoerder Albert burggraaf de Morcerf Louise, muzieklerares ←vriendinnen→
uitdager in duel→ ←vrienden→ Beauchamp, journalist
knecht→ Jacopo Manfredi, smokkelaar ←verloofd→
intendant→ Baptistin Château-Renaud ←vrienden→ ←zoon - vader→ Fernando Mondego, visser, generaal, graaf van Morcerf
Nummer 43 ←celgenoten→
leraar→
Priester Faria zoon↑
moeder↓
Majoor Bartolomeo Cavalcanti ←fictieve ouders - fictieve zoon→
Edmond Dantès
stuurman van Le Pharaon
←verloofd→ Mercedes Herrera, gravin van Morcerf ←echtpaar→ Markiezin Leonora Corsinari
Vasiliki ←moeder
dochter→
Haydée ←dochter
vader→
Ali-Tebelin, pasja van Ioannina verrader→
Graaf van Monte-Cristo slavin→ Gaspard Caderousse, kleermaker, herbergier ←celgenoten, vrienden→ Benedetto
→ breekt in bij ← ←echtpaar→ La Carconte
Edmond Dantès ←zoon - vader→ Louis Dantès ←buren→ ←moordenaar
Priester Busoni ←vraagt aan → informatie over wat er intussen gebeurd is ←moordenaar Johannès, juwelier
Lord Wilmore ←helper bij ontsnapping uit bagno moordenaar→
←helper bij ontsnapping uit bagno

Stamboom[bewerken]

Louis Dantès
 
Ali Pasja
 
Vasiliki
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Rode streep: Personen waarop de wraak is gericht
 
Gele streep: Overige vijanden, slechteriken
 
Groene streep: Vrienden
 
Onderbroken stippellijn: Verbroken verloving
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Edmond Dantès, hoofdpersoon
 
Haydée
 
 
 
 
 
 
 
 
Marquis de St-Méran
 
Marquise de St-Méran
 
Noirtier de Villefort
 
 
 
Pierre Morrel
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Fernando Mondego
 
Mercedes
 
Baron Danglars
 
Hermine Danglars
 
Flavien de Quesnel
 
Renée de Saint-Méran
 
 
Gérard de Villefort
 
Héloïse
 
 
 
Gaspard Caderousse
 
La Carconte
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Albert
 
 
 
Eugénie
 
 
 
Benedetto
Andrea
 
Franz d'Épinay
 
 
 
Valentine
 
Maximilien Morrel
 
Édouard
 
Julie
 
Emmanuel Herbault
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Wikisource Meer bronnen die bij dit onderwerp horen, kan men vinden op de pagina Le Comte de Monte-Cristo op de Franstalige versie van Wikisource