Dekolonisatie van Afrika

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Volgorde van dekolonisatie van Afrikaanse landen

De Dekolonisatie van Afrika is een belangrijke gebeurtenis uit de geschiedenis van Afrika, welke plaatsvond in de decennia direct na de Tweede Wereldoorlog. In deze periode werden veel Afrikaanse landen die tot dusver kolonies waren van Europese grootmachten zelfstandig.

Veruit de meeste van deze dekolonisaties vonden plaats in het jaar 1960, waardoor dit jaar ook wel Het jaar van Afrika genoemd wordt.

Achtergrond[bewerken]

De twee belangrijkste overwinnaars van de Tweede Wereldoorlog, de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie, waren tegen het koloniale systeem gekant.

De Europese koloniale mogendheden kwamen verzwakt uit de oorlog. Onder andere die ontwikkeling droeg ertoe bij dat het merendeel van de koloniën onafhankelijk werd in de periode die op de Tweede Wereldoorlog volgde. Met uitzondering van enkele landen als Liberia en Ethiopië bestond Afrika na afloop van de Tweede Wereldoorlog vrijwel geheel uit kolonies.

Volgorde van de dekolonisatie[bewerken]

Libië werd in 1951 onafhankelijk van Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk

In 1952 werd Eritrea deel van Ethiopië (Libië en Eritrea waren beide voormalige Italiaanse koloniën die als trustgebied van de VN werden bestuurd).

Tussen 1955 en 1960 volgden Soedan, Marokko, Tunesië, Ghana en Guinee.

In 1960 werden de volgende Afrikaanse koloniën onafhankelijk:

Eveneens in 1960 hield Harold Macmillan, minister-president van het Verenigd Koninkrijk, na een tournee door Afrika in Ghana en Zuid-Afrika zijn bekende Wind of Change-speech, waarin hij zijn steun uitsprak voor de dekolonisatie van Afrika en opriep tot het afschaffen van het apartheidsbewind in Zuid-Afrika.

Zie ook[bewerken]