Denazificatie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
De Adolf-Hitler-Straße in Trier krijgt zijn oude naam Bahnhofstraße (Stationsstraat) terug

Denazificatie was het door de geallieerden ingezette proces in het bezette Duitsland en Oostenrijk waarbij deze landen 'gezuiverd' werden van nazi-elementen na de Tweede Wereldoorlog.

De middelen van denazificatie liepen uiteen van propaganda, bedoeld om de bevolking te confronteren met de misdaden van het naziregime, tot de liquidatie van kopstukken van paramilitaire naziorganisaties. Daarnaast werden in de Amerikaanse bezettingszone nazi's geïnterneerd in concentratiekampen en werden beroepsverboden tegen hen uitgevaardigd. Uit de Sovjet-zone werden vele nazi's naar kampen in de Sovjet-Unie gedeporteerd.

In de Britse en Amerikaanse bezettingszones waren er in totaal zes colleges, zgn. Spruchkammer, die beslisten, of een Duitser na de oorlog als nazi vervolgd moest worden. De Duitser zelf had de bewijslast. Alle Duitsers moesten, op grond van een wet uit 1946, voor zo'n college verschijnen. Er waren zes categorieën: categorie 1 was die van oorlogsmisdadigers (hoofdschuldigen), die de doodstraf konden krijgen, bijv. in de Neurenberger processen. Categorie 5 was die van meelopers, die meestal alleen een kort beroepsverbod kregen. De mensen in categorie 6, onder wie velen, die tevoren in hun vrienden- en kennissenkring voor getuigen à decharge hadden gezorgd, werden als niet of nauwelijks schuldig vrijgelaten. Zij kregen een aan de voorzijde geheel wit document als bewijs daarvoor. Door deze vrijbrief waren zij als het ware witgewassen van schuld aan de misdaden van het Derde Rijk. Naar een populair wasmiddel uit die tijd, werd zo'n vrijbrief Persilschein genoemd.

Zie de categorie Denazification van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.